< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Verdachte heeft een juwelier opgelicht door een valse voorstelling van zaken te schetsen en door zich voor te doen als een betrouwbare relatie. Daarmee is vertrouwen gewekt en zijn hem voor korte tijd vier horloges met een zeer hoge totale verkoopwaarde van €44.120,- in bruikleen gegeven. De horloges zijn vervolgens nimmer terug gebracht.

Uitspraak



RECHTBANK UTRECHT

Sector strafrecht

parketnummer: 16/440058-11 [P]

vonnis van de meervoudige kamer d.d. 22 mei 2012

in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren op [1981] te [geboorteplaats],

wonende te [adres], [woonplaats],

raadsman mr. J.P.M. Denissen, advocaat te Utrecht

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de terechtzittingen van 17 januari 2012 en 8 mei 2012, waarbij de officier van justitie en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:

in de periode van 23 augustus 2010 tot en met 26 augustus 2010 juwelier Schaap en Citroen BV heeft opgelicht en/of vier horloges met een totale verkoopwaarde van € 44.120,- heeft verduisterd.

3 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1 Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte Schaap en Citroen BV heeft opgelicht en baseert zich daarbij op de aangifte, de verklaring van mevrouw [getuige 3], de verklaring van verdachte, de camerabeelden van juwelier Schaap en Citroen BV, de pasfoto uit het paspoort van verdachte, het handschriftvergelijkend onderzoek en het nagekomen proces-verbaal van bevindingen waaruit blijkt dat verdachte in ieder geval op 12 januari 2010 de beschikking had over zijn paspoort.

4.2 Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft, conform de overgelegde pleitnota, het verweer gevoerd dat verdachte van zowel het impliciet primair als het impliciet subsidiair tenlastegelegde dient te worden vrijgesproken, wegens het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs.

De verdediging voert aan dat nu de getuigen [getuige 1] en [getuige 2] niet nader gehoord kunnen worden, hun getuigenverklaringen niet meegenomen kunnen worden voor het bewijs.

Zelfs als de rechtbank anders denkt over deze bewijsuitsluiting, dan nog is er in deze zaak onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat zijn cliënt de dader is.

4.3 Het oordeel van de rechtbank

Niet verschenen getuigen

Op 31 januari 2012 heeft de rechtbank in onderhavige zaak een tussenvonnis gewezen.

In dit tussenvonnis heeft de rechtbank het onderzoek heropend en beslist dat het dossier op een aantal punten aangevuld dient te worden.

De rechtbank heeft – zakelijk weergegeven – noodzakelijk geacht dat aan het dossier wordt gevoegd:

- aanvullende getuigenverklaringen van [getuige 2] en [getuige 1];

- een aanvullend proces-verbaal omtrent het paspoort waarmee verdachte zich gelegitimeerd zou hebben bij zijn aanhouding d.d. 12 januari 2010;

- een aanvullend proces-verbaal omtrent een uittreksel verstrekt door de politie ten behoeve van legitimatie;

- de foto’s behorende bij het proces-verbaal ‘tonen selectie bij sequentiële fotobewijsconfrontatie’.

De rechter-commissaris heeft getuigen [getuige 2] en [getuige 1] opgeroepen om op 18 april 2012 te verschijnen en gehoord te worden als getuigen. Beiden hebben geen gehoor gegeven aan deze oproep. Het openbaar ministerie heeft beide getuigen wederom opgeroepen om op de terechtzitting van 8 mei 2012 te verschijnen. Wederom zijn beide getuigen niet verschenen. De oproepen aan de getuigen zijn retour gezonden aan het openbaar ministerie.

[getuige 2] is opgeroepen op het adres [adres] in [woonplaats]. De brief is retour gezonden met de tekst: ‘persoon zwerft’. De oproep aan getuige [getuige 1] is retour gezonden met het opschrift ‘woont hier niet’. Daarnaast heeft verdachte ter terechtzitting aangegeven dat hij geen contact meer met de getuigen heeft en hun woon- of verblijfplaats niet kent.

Gelet op het bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat het onaannemelijk is dat de getuigen binnen een aanvaardbare termijn ter terechtzitting zullen verschijnen. De rechtbank ziet op grond van het bepaalde in artikel 288 lid 1 sub a van het Wetboek van Strafvordering af van het nader oproepen van de niet verschenen getuigen. Nu de rechtbank, evenals de officier van justitie, geen gebruik zal maken van de reeds door getuige [getuige 2] en

[getuige 1] afgelegde verklaringen, zal de rechtbank geen standpunt innemen over het verzoek van de raadsman om deze verklaringen uit te sluiten voor het bewijs.

De overige stukken zijn aan het dossier gevoegd.

Bewijsmiddelen

De rechtbank acht de oplichting van Schaap en Citroen BV wettig en overtuigend bewezen en heeft daarbij gelet op het volgende.

Op 30 augustus 2010 doet mevrouw [aangeefster] aangifte bij de politie. Zij verklaart in haar aangifte dat zij werkzaam is bij de firma Schaap en Citroen te Diemen en dat zij gemachtigd is tot het doen van aangifte. Op 19 augustus 2010 werd zij gebeld door een persoon welke op gaf te zijn [alias verdachte], werkzaam bij TeVe-Holland. Hij gaf aan dat hij voor een fotoshoot voor de Veronicagids, een verslag wilde doen waarin twee bekende Nederlanders de producten van Schaap en Citroen zouden tonen. De man gaf aan dat het om horloges moest gaan. De man zou vier horloges afhalen bij het filiaal in Utrecht. Op 23 augustus 2010 zijn deze opgehaald en daarbij is een bruikleenovereenkomst ingevuld en is een kopie van het door de man overgelegde paspoort gemaakt. De horloges zijn nooit teruggebracht. Daarvan is aangifte gedaan door mevrouw [aangeefster]. De horloges hebben een winkelwaarde van € 44.120,-.

Op 23 augustus 2010 zijn de vier horloges opgehaald bij het filiaal van Schaap en Citroen BV te Utrecht.

Winkelmedewerkster [getuige 3] heeft hierover verklaard dat zij op 20 augustus 2010 door mevrouw [aangeefster] gebeld werd met de mededeling dat er iemand op 23 oktober (de rechtbank begrijpt 23 augustus 2010) een viertal horloges zou afhalen. Dit zou gaan in de vorm van een bruikleenovereenkomst. De horloges zouden gebruikt worden in een fotoshoot met bekendheden. Op 23 augustus 2010 werd getuige [getuige 3] gebeld door een persoon die opgaf te zijn genaamd de heer [alias verdachte]. Hij vertelde dat hij zelf in België zat en dat zijn assistent genaamd [naam] de horloges kwam ophalen. Op 23 augustus 2010 ontmoette mevrouw [getuige 3] de man in het filiaal van Schaap en Citroen te Utrecht. Hij stelde zich voor als [naam]. Hij vertelde dat hij voor het bedrijf waar hij voor werkte allerlei klusjes deed zoals mensen van het vliegtuig afhalen. Hij vertelde verder dat hij van beroep vloerenlegger was geweest maar dat hij vanwege een blessure dit werk niet meer kon doen. Hij vertelde dat zijn baas in België was. Hij vertelde dat ze zoveel fotoshoots deden dat hij niet wist voor welke shoot deze horloges waren. De man en mevrouw [getuige 3] hebben toen samen het bruikleencontract doorgenomen en de man heeft het contract ondertekend. Van deze man zijn door Schaap en Citroen BV camerabeelden gemaakt die aan het dossier zijn toegevoegd.

De horloges moesten op 26 augustus 2010 weer geretourneerd worden. Toen op 27 augustus 2010 bleek dat de horloges niet terug waren gegeven, heeft mevrouw [getuige 3] alarm geslagen.

In een aanvullende verklaring heeft mevrouw [getuige 3] gezegd dat zij extra scherp was op de man die de horloges kwam halen, omdat zij het niet vertrouwde. Hierdoor heeft zij de foto in het paspoort van deze man extra goed vergeleken met zijn gezicht. De foto op het paspoort leek sprekend op de man die zich uitgaf voor [alias 2 verdachte].

Op 24 september 2010 is verdachte gehoord over onderhavige zaak. Hij verklaart dat hij parketvloeren legt. Voorts zegt verdachte dat hij geen paspoort heeft, omdat dit in 2009 gestolen is bij een inbraak op de [adres] in [woonplaats].

Uit aanvullend onderzoek is gebleken dat verdachte op 12 januari 2010 is aangehouden in zijn woning op de [adres] te [woonplaats]. Verdachte heeft zich toen met een geldig paspoort gelegitimeerd. Tijdens zijn fouillering is bij verdachte toen eveneens een paspoort aangetroffen.

Door het NFI is onderzoek gedaan naar de handtekening die door de bruiklener onder het bruikleencontract is gezet. Deze handtekening is vergeleken met handtekeningen die verdachte onder zijn processen-verbaal van verhoor heeft gezet. Het resultaat van het wetenschappelijk onderzoek is – zakelijk weergegeven – dat de bevindingen van het onderzoek waarschijnlijker zijn wanneer hypothese 1 juist is (de handtekening onder het bruikleencontract is van verdachte) dan wanneer hypothese 2 juist is (de handtekening onder het bruikleencontract is een vervalsing).

Bewijsoverweging

Verdachte heeft ter terechtzitting – kort gezegd – verklaard dat hij niet degene is geweest die op 23 augustus 2010 vier horloges heeft opgehaald bij juwelier Schaap en Citroen BV te Utrecht. Hij heeft daartoe aangevoerd dat hij misschien wel lijkt op de man die op de camerabeelden staat, maar dat hij die dag niet in Utrecht is geweest. Bovendien loopt hij anders dan de man op de beelden. Ook had hij op 23 augustus 2010 geen geldig paspoort in zijn bezit, waardoor de man op de camerabeelden iemand moet zijn geweest die zich bewust voor verdachte heeft willen uitgeven. Zijn paspoort zou namelijk gestolen zijn bij een inbraak in een woning aan de [adres] te [woonplaats]. Hiervan heeft verdachte op 30 november 2009 aangifte gedaan.

De rechtbank stelt echter vast dat weliswaar van de inbraak in genoemde woning aangifte is gedaan maar dat verdachte zich nadien op 12 januari 2010 bij een aanhouding in die woning aan de [adres] te [woonplaats] met een geldig paspoort heeft gelegitimeerd. Dat de verbalisant de paspoortgegevens niet zorgvuldig heeft overgeschreven, neemt niet weg dat het onaannemelijk is dat een ander dan verdachte op 12 januari 2010 in de woning van verdachte door de politie is aangehouden. De rechtbank stelt vast dat verdachte op 12 januari 2010 in het bezit was van een geldig paspoort.

Getuige [getuige 3] heeft het paspoort van verdachte gekopieerd en de foto grondig vergeleken met de persoon die het paspoort aan haar overhandigde. De foto kwam overeen met de man in haar winkel. De rechtbank concludeert dat het niet anders kan dan dat verdachte op 23 augustus 2010 de vier horloges van Schaap en Citroen BV heeft meegenomen. Daarnaast constateert de rechtbank dat de man op de camerabeelden zeer veel lijkt op verdachte.

De rechtbank concludeert dat het verdachte moet zijn geweest die de horloges heeft meegenomen. Dat getuige [getuige 3] verdachte bij de fotoconfrontatie twee maanden na het gepleegde misdrijf niet herkend heeft, doet daaraan niet af. Uit het niet 100% herkennen van de dader tijdens een fotoconfrontatie volgt niet per definitie dat verdachte de dader niet geweest kan zijn. Het geeft slechts aan dat de getuige de dader op dat moment niet met zekerheid herkent.

4.4 De bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van hetgeen hiervoor is vastgesteld en overwogen wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

in de periode van 23 augustus 2010 tot en met 26 augustus 2010 te Utrecht met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en van een valse hoedanigheid en door een listige kunstgreep en door een samenweefsel van verdichtsels medewerkers van Schaap en Citroen heeft bewogen tot de afgifte van vier horloges (met een totale waarde van 44.120 euro), hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid

- telefonisch contact opgenomen met een medewerkster van Schaap en Citroen, zich voordoend als [alias verdachte] en als werkzaam bij TeVe-Holland te Hilversum en

- een afspraak gemaakt om voornoemde horloges voor vier dagen in bruikleen te nemen en

- medegedeeld dat de assistent van voornoemde [alias verdachte], genaamd [alias 2 verdachte], voornoemde horloges zou komen ophalen en

- naar Schaap en Citroen gegaan en zich geïdentificeerd en zich voorgesteld als [alias 2 verdachte], waardoor een medewerkster van Schaap en Citroen werd bewogen tot bovenomschreven afgifte.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5 De strafbaarheid

5.1 De strafbaarheid van het feit

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

Het bewezenverklaarde levert het navolgende strafbare feit op:

Oplichting.

5.2 De strafbaarheid van verdachte

Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6 De strafoplegging

6.1 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft op grond van hetgeen zij bewezen heeft geacht gevorderd aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 10 maanden.

6.2 Het standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte vordert vrijspraak voor het ten laste gelegde feit.

6.3 Het oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de op te leggen straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van de verdachte.

Ten aanzien van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is gepleegd is de rechtbank van oordeel dat het een zeer kwalijk feit betreft. Verdachte heeft een juwelier opgelicht door een valse voorstelling van zaken te schetsen en door zich voor te doen als een betrouwbare relatie. Daarmee is vertrouwen gewekt en zijn hem voor korte tijd vier horloges met een zeer hoge totale verkoopwaarde van €44.120,- in bruikleen gegeven. De horloges zijn vervolgens nimmer terug gebracht. Door dit handelen van verdachte is aan het slachtoffer financiële schade toegebracht. Ook is daarbij het door de aangeefster [aangeefster] en getuige [getuige 3] in verdachte gestelde vertrouwen ernstig misbruikt.

Oplichting werkt naar de overtuiging van de rechtbank ontwrichtend op het maatschappelijk bestel. In een open samenleving moeten mensen elkaar kunnen vertrouwen en ook het economisch verkeer is gediend door het vertrouwen dat bedrijven in elkaar moeten kunnen stellen bij het maken van afspraken en het aangaan van verplichtingen. Aan deze maatschappelijke belangen is door verdachte uit puur winstbejag volledig voorbij gegaan.

De rechtbank houdt ten nadele van verdachte ook rekening met de gewetenloosheid en het gemak waarmee verdachte de oplichting heeft verricht.

Blijkens het hem betreffende uittreksel uit het algemeen documentatieregister d.d. 28 maart 2012 is de verdachte reeds eerder voor oplichting en andere vermogensdelicten veroordeeld. Deze veroordelingen hebben kennelijk op hem onvoldoende indruk gemaakt en hem er niet van weerhouden zich wederom met vergelijkbare praktijken bezig te houden en slachtoffers te maken.

Ten voordele van verdachte is rekening gehouden met de toepassing van artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht en met het feit dat de strafzaak ruim anderhalf jaar oud is.

Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van zes maanden passend en geboden is.

7 De benadeelde partij

De benadeelde partij Schaap en Citroen BV vordert een schadevergoeding van € 20.436,-.

De officier van justitie acht de vordering in het geheel toewijsbaar.

De raadsman heeft de vordering tot schadevergoeding niet betwist.

De rechtbank is van oordeel dat de schade een rechtstreeks gevolg is van dit bewezen verklaarde feit en acht verdachte aansprakelijk voor die schade.

Het gevorderde is voldoende aannemelijk gemaakt zodat de vordering zal worden toegewezen.

Met betrekking tot de toegekende vordering van de benadeelde partij zal de rechtbank tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen.

8 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 63 en 326 van het Wetboek van Strafrecht zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezen verklaarde het volgende strafbare feit oplevert:

oplichting;

- verklaart verdachte strafbaar;

Strafoplegging

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van zes maanden;

Benadeelde partijen

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij Schaap en Citroen BV van

€ 20.436,- ter zake van materiële schade en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 26 augustus 2010 tot aan de dag der algehele voldoening.

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer

Schaap en Citroen BV, € 20.436,- te betalen, bij niet betaling te vervangen door 137 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;

- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd;

Dit vonnis is gewezen door mr. P.W.G. de Beer, voorzitter, mr. J.M. Bruins en

mr. J.P. Killian, rechters, in tegenwoordigheid van mr. P. Groot-Smits, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 22 mei 2012.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature