< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:

Inhoudsindicatie:

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan vijf strafbare feiten, waaronder meerdere bedreigingen met een misdrijf tegen het leven gericht en voorbereidingshandelingen ten aanzien van een door hem voorgenomen moord op zijn ex-partner en haar nieuwe vriend. De verdachte is dagenlang op zoek geweest naar zijn ex-partner en haar vriend met een doorgeladen jachtgeweer, daarbij behorende patronen, een kruisboog met pijlen, tie wraps en ducktape in zijn auto. Ook nadat hij voor deze feiten in voorlopige hechtenis is gesteld, is de verdachte doorgegaan met het uiten van doodsbedreigingen in de richting van zijn ex-vriendin en haar nieuwe vriend. Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan oplichting. De rechtbank heeft voorbereiding van moord bewezen verklaard en komt daarmee tot bewezenverklaring van een veel ernstiger strafbaar feit dan door de officier van justitie en de raadsman is bepleit. Het is op deze grond dat de rechtbank een aanzienlijk zwaardere gevangenisstraf oplegt dan door de officier van justitie gevorderd. Gevangenisstraf voor de duur van 5 jaren, met aftrek.

Gepubliceerde uitspraken in deze zaak:

Uitspraak



RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector Strafrecht

Meervoudige strafkamer

Parketnummers: 09/758727-11; 09/665404-11 (ter terechtzitting gevoegd)

Datum uitspraak: 23 februari 2012

Tegenspraak

(Promis)

De rechtbank 's-Gravenhage heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1963 te [geboorteplaats],

adres: [adres],

thans gedetineerd in de penitentiaire inrichting Midden Holland,

HvB De Geniepoort te Alphen aan den Rijn.

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden ter terechtzittingen van 21 november 2011 en 9 februari 2012.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie

mr. M.A. Fikenscher en van hetgeen door de raadsman van de verdachte mr. J.M. Wigman, advocaat te 's-Gravenhage, en door de verdachte naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

ten aanzien van de dagvaarding met parketnummer 09/758727-11

1.

hij te Zoetermeer en/of Delft en/of Rotterdam en/of elders in Nederland, in of omstreeks de periode van 1 juli tot en met 9 augustus 2011

- een (gewijzigd) vuurwapen van catgegorie II sub 3, te weten een jachtgeweer, met ingekorte loop en kolf en/of

- (daarbij behorende) munitie van categorie III, te weten patronen geschikt om met dat jachtgeweer af te vuren,

voorhanden heeft gehad;

De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover daaraan in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde betekenis te zijn gebezigd;

art 26 lid 1 Wet wapens en munitie

2.

hij op een of meer tijdstippen in de periode van 1 mei 2011 tot en met 9 augustus 2011 te Zoetermeer en/of elders in Nederland [X] en/of haar (nieuwe) partner en/of haar zoon heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [X] SMS-berichten en/of brieven gestuurd met teksten van dreigende aard of strekking, te weten (onder meer) op

6 juni 2011 een SMS-bericht met de tekst: "Dus je wil me niet helpen, geef niet, lees me brief goed. ik accepteer je dood, dan dat je met een ander ben. als ik dat hoor verbarnd ik je levend, ik zou zeggen, daag me uit, dan heb ik geestelijke rust, als je me op een feest ziet, dan heb ik mijn 9mm, nu moet ik het maar met benzine doen"

en/of

op 7 juni 2011 een SMS-bericht met de tekst: "dus al die tijd dat het niet ging tussen ons, had je een ander, een bakra, dus je heb me uitgedaagd, ik brand je leven en je zoon, al die jaren heb je me voor de gek gehouden, je wil aandacht die krijg je ook"

en/of

op 16 juni 2011 een SMS-bericht met de tekst: "fase 3. uiterlijk 23 juni als ik niks van je hoor, gaat fase 2 en 3 in werking, na deze datum is niks meer mogelijk, want mijn spullen worden 25 opgehaald door mensen die nodig hebben"

en/of

op 31 juli 2011 een SMS-bericht met de tekst: "ik heb niks van je gehoord. Ik ga een keus voor die bakra maken. het wordt kaliber 12 hagelpatroon. Blijf niks van over." en/of

een brief met onder meer de tekst: "ik zou zeggen regel jouw dingetjes, ik heb de mijne alles bijna gedaan. waarom denkt je dat ik al 4 maanden mij familie niet heb gezien, ik heb al afscheid van hun genomen. jouw leugens van toen en nu kom ik altijd erachter. regel huisvesting voor [dochtertje], want jij kan haar niet verzrogen. mik a bakra naai yu boeng, want a poentje fi, kan je strak niet meer gebruiken. wat mij nu op de been houd, is ieder dag foto te kijken van [....], het pep me op. dat wou je toch. nogmaals je me vernederd bij de gemeenschap. en nu gaan we rollen omdraaien, wat ik van plan met jou bij de gemeenschap, je zal me smeken. ik heb altijd al tegen jou gezegd, er komt niemand in mijn plaats";

art 285 lid 1 Wetboek van Strafrecht

3.

hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2011 tot en met 9 augustus 2011 te Zoetermeer en/of Delft en/of Rotterdam en/of Nederland ter voorbereiding van het met anderen of een ander te plegen misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten moord en/of doodslag en/of vrijheidsberoving, althans een met anderen of een ander te plegen misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, opzettelijk een doorgeladen jachtgeweer met afgezaagde kolf en loop (zijnde een vuurwapen van categorie II sub 3 WWM) en/of (daarbij behorende) patronen en/of tie wraps en/of ducktape kennelijk bestemd tot het in vereniging begaan van dat/die misdrijven, heeft verworven en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en/of voorhanden heeft gehad;

art 46 lid 1 Wetboek van Strafrecht

4.

hij in of omstreeks de periode van 19 juli 2011 tot en met 02 augustus 2011 te Delft en/of elders in Nederland met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [Z] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van Euro 800,-, in elk geval van enig geldbedrag, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of

listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid

- op Marktplaats een advertentie gezet voor de huur van een woning (studio/appartement) aan de [adres] en/of

heeft verdachte (vervolgens):

- met die [Z] een afspraak gemaakt dat die [Z] die woning voor een periode van 6 maanden kon huren en/of

- een betaling gevraagd van Euro 800,-, althans een geldbedrag en/of

- een contract opgesteld voor de huur door die [Z] van die woning,

waardoor genoemde [Z] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

art 326 lid 1 Wetboek van Strafrecht

ten aanzien van de dagvaarding met parketnummer 09/665404-11

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 10 augustus 2011 tot en met 02 november 2011 te Zoetermeer en/of Alphen aan den Rijn, althans in Nederland, [X] en/of [Y] (telkens) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte (telkens) opzettelijk dreigend die [X] een (aantal) brief/brieven met dreigende taal gestuurd, waarbij deze dreigende taal bestond uit (onder meer) de woorden:

- "Als je niet akkoord gaat met betrekking [dochtertje] zijn de gevolgen voor jou: huur dan alvast 2 kamers bij Kamperfoelie, ééntje voor mij en één voor die bakra. Jij hebt er al ééntje bij [....]" en/of

- "Wees een keer eerlijk en laat die bakra ook weten, dan weet hij wat er te wachten staat voor hem. Binnen komt de feestdagen. Mijn dochter komt niet in de buurt van die bakra, of optreden's, enz. Als ik dit hoort, maak ik mijn

doel als nog af" en/of

- "Geen enkele vent komt in de buurt van mijn dochter, dat wil zeggen geen enkele contact, ook de familie van die vent niet" en/of

- "Als ik hoor dat die bakra in de buurt van mijn dochter komt heeft hij een groot probleem" en/of

- "Mocht ik het horen, dan hebben jullie echt een probleem. je weet nu waar ik aan toe bent, al moet ik 12 jaar wachten" en/of

- "Als je niet komt beloofd ik je één ding, als ik vrij kom dan is het voor korte tijd, dan pas heb ik mijn geestelijke rust" en/of

- "Ik heb je altijd gezegd, wie aan mijn dochter komt, zal het niet overleven, dan ben ik zelf de rechter" en/of

- "Ik zal met die pijn leven, maar nogmaals, ik kom je halen" en/of

- Er komt geen ander vent in de buurt van mijn dochtertje. Dus geen opvoeding door een ander vent door aanraking. Als ik dit hoor of ziet, is de gevolgen voor jou",

althans woorden van soortgelijke aard en/of strekking;

art 285 lid 1 Wetboek van Strafrecht

3. Bewijsoverwegingen

3.1. Inleiding

De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat de verdachte een aantal bedreigende sms-berichten en brieven heeft gestuurd aan zijn ex-vriendin [X] (hierna: [X]) en haar nieuwe partner [Y] (hierna: [Y]). Voorts zou de verdachte een verboden jachtgeweer inclusief patronen en daarnaast nog enige andere voorwerpen, zoals ducktape en tie wraps, voorhanden hebben gehad, met het voornemen om zijn ex-partner en/of haar nieuwe partner om het leven te brengen, danwel wederrechtelijk van hun vrijheid te beroven. Ten slotte zou hij [Z] (hierna: [Z]) hebben opgelicht.

3.2. Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft - zoals verwoord in haar schriftelijke requisitoir1 - gevorderd dat het ten laste gelegde verboden wapenbezit, de bedreigingen en de oplichting wettig en overtuigend bewezen worden verklaard. Ten aanzien van de voorbereidingshandelingen acht zij wettig en overtuigend bewezen dat dit om voorbereidingshandelingen van het misdrijf wederrechtelijke vrijheidsberoving gaat. Zij heeft partiële vrijspraak gevorderd van het bestanddeel 'moord en/of doodslag'.

3.3. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich ten aanzien van het verboden wapenbezit, de bedreigingen en de oplichting - zoals verwoord in zijn pleitnotitie2 - gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Ten aanzien van de voorbereidingshandelingen onderschrijft hij het standpunt van de officier van justitie en heeft hij eveneens partiële vrijspraak bepleit van het bestanddeel 'moord en/of doodslag'.

3.4. De beoordeling van de tenlastelegging3

ten aanzien van de dagvaarding met parketnummer 09/758727-11

Feit 1, 2 en 4:

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van de ten laste gelegde feiten op grond van de volgende bewijsmiddelen, waarbij zij - nu de verdachte een bekennende verdachte is als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en zijn raadsman geen vrijspraak heeft bepleit - zal volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen, te weten:

Feit 1

* de verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012;

* het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 10 augustus 2011, p. 126-129;

* het proces-verbaal van Bureau Forensische Opsporing, Ploeg Wapens, Explosieven en Narcotica, opgemaakt op 11 augustus 2011, p. 161-164.

Feit 2

* de verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012;

* het proces-verbaal van aangifte van [X], opgemaakt op 17 juni 2011, p. 108-112;

* het proces-verbaal van verhoor van aangeefster [X], opgemaakt op 9 augustus 2011, p. 115-117;

* een schriftelijk stuk, te weten een brief gericht aan [X], ongedateerd en ongetekend, als bijlage bij de aangifte van [X], opgemaakt op 17 juni 2011, p. 113-114.

Feit 4

* de verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012;

* het proces-verbaal van aangifte van [Z], opgemaakt op 8 augustus 2011, p. 187-189;

* een schriftelijk stuk, te weten een huurovereenkomst ondertekend door aangever [Z] en door de verdachte, p. 201.

Feit 3

De verdachte heeft, zoals hiervoor onder feit 2 reeds is vastgesteld, zijn ex-vriendin [X] bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht. Hij heeft haar immers tussen 6 juni 2011 en 31 juli 2011 sms-berichten en een brief gestuurd met -onder meer- de volgende inhoud:4

- "Dus je wil me niet helpen, geef niet, lees me brief goed. ik accepteer je dood, dan dat je met een ander ben. als ik dat hoor verbrand ik je levend, ik zou zeggen, daag me uit, dan heb ik geestelijke rust, als je me op een feest ziet, dan heb ik mijn 9mm, nu moet ik het maar met benzine doen";

- "dus al die tijd dat het niet ging tussen ons, had je een ander, een bakra, dus je heb me uitgedaagd, ik brand je leven en je zoon, al die jaren heb je me voor de gek gehouden, je wil aandacht die krijg je ook";

- "fase 3. uiterlijk 23 juni als ik niks van je hoor, gaat fase 2 en 3 in werking, na deze datum is niks meer mogelijk, want mijn spullen worden 25 opgehaald door mensen die nodig hebben";

- "ik heb niks van je gehoord. Ik ga een keus voor die bakra maken. het wordt kaliber 12 hagelpatroon. Blijf niks van over."

- "ik zou zeggen regel jouw dingetjes, ik heb de mijne alles bijna gedaan. waarom denkt je dat ik al 4 maanden mij familie niet heb gezien, ik heb al afscheid van hun genomen. jouw leugens van toen en nu kom ik altijd erachter. regel huisvesting voor [dochtertje], want jij kan haar niet verzorgen. (...) nogmaals je me vernederd bij de gemeenschap. en nu gaan we rollen omdraaien, wat ik van plan met jou bij de gemeenschap, je zal me smeken. ik heb altijd al tegen jou gezegd, er komt niemand in mijn plaats".

[zoon], de zoon van de verdachte, heeft verklaard dat hij van zijn moeder had gehoord dat de verdachte het plan had om [X] en haar nieuwe vriend [Y] neer te schieten. Tijdens een ontmoeting bij de Mac Donalds heeft [zoon] de verdachte hierover bevraagd. De verdachte heeft tegen zijn zoon gezegd dat hij niet van plan was om een einde aan zijn leven te maken, maar dat het hem er vooral om ging om [X] en [Y] wat aan te doen. De verdachte heeft hem ook een jachtgeweer en een daarbij behorende patroon heeft laten zien.5

Op 9 augustus 2011 heeft de politie in de auto van de verdachte te Rotterdam een doorgeladen jachtgeweer met afgezaagde kolf en loop en daarbij behorende patronen, een kruisboog met pijlen alsmede een rugzak met daarin onder meer 'tie wraps' en 'ducktape' aangetroffen. In dezelfde rugzak zijn foto's van aangeefster [X] en haar nieuwe vriend [Y] alsmede een aantal brieven bevattende soortgelijke bedreigingen gericht aan [X] aangetroffen.6 De verdachte heeft verklaard dat deze voorwerpen van hem zijn.7 Hij heeft het jachtgeweer en de munitie circa twee weken voor zijn aanhouding gekocht en heeft toen de loop en de kolf van het jachtgeweer afgezaagd. Hij heeft het wapen en de munitie in de auto gelaten. De drie tot vier dagen voor zijn aanhouding heeft hij met zijn auto rondgereden naar plaatsen waar hij [X] zou kunnen aantreffen. Hij heeft ook enige tijd gewacht op dat soort plaatsen, bijvoorbeeld bij haar woning.8

De verdachte heeft verklaard dat hij ontzettend boos en gekrenkt was nadat hij er achter was gekomen dat [X] een nieuwe vriend had. Hij wilde met haar praten en heeft met het oog daarop de doodsbedreigingen geuit; hij wilde "de waarheid" van haar horen.9 De verdachte heeft tijdens de verhoren bij de politie en ter zitting niet duidelijk gemaakt wat hij dan precies wilde horen en wanneer hij tevreden zou zijn; hij heeft steeds herhaald dat hij de waarheid van haar wilde horen en heeft (omstandig) uitgelegd hoeveel leed zij hem heeft berokkend.

Op enig moment heeft de verdachte het plan opgevat om in de armen van [X] te sterven, nadat zij hem "de waarheid" had verteld. Hij zou, terwijl zij met hem sprak, cocaïne gaan roken. Om zeker te stellen dat zij met hem zou spreken en dat hij in haar armen zou sterven, had hij de tie wraps en de duck tape meegenomen. Met het oog hierop heeft hij het geweer en de munitie gekocht en het geweer ingekort.10 De verdachte heeft verklaard dat de kruisboog ook in het plan paste. Ter zitting heeft hij beaamd dat een kruisboog een minder voor de hand liggen zelfmoordwapen is en veeleer geschikt is om een ander mee te doden. Verdachte heeft bovendien verklaard dat hij [X] misschien wel iets had aangedaan als zij hem niet de waarheid zou hebben verteld.11 Ter terechtzitting heeft hij verklaard dat hij, toen hij aan [X] schreef "Mijn dochter komt niet in de buurt van die bakra of optreden s enz Als ik dit hoort maak ik mijn doel alsnog af" misschien wel 'doodslag, op mijzelf maar ook op [X] en [Y]' doelde.12

Uit de combinatie en onderlinge samenhang van de hiervoor vermelde aangetroffen voorwerpen, de grote hoeveelheid zeer concrete door de verdachte geuite doodsbedreigingen aan zijn ex-partner en haar nieuwe vriend en de hiervoor weergegeven verklaringen van de verdachte zelf en die van zijn zoon wordt afgeleid dat de verdachte deze wapens voorhanden heeft gehad met het voornemen om daarmee [X] en [Y] van het leven te beroven.

Nu de verdachte in ruime mate de gelegenheid heeft gehad om zich te bezinnen op zijn handelen en de eventuele gevolgen die dit handelen met zich mee kon brengen, nu hij naar eigen zeggen al twee weken over het jachtgeweer beschikte en al dagenlang naar [X] op zoek was, acht de rechtbank bewezen dat er sprake is van 'voorbedachte raad' en derhalve van voorbereiding van moord op zowel [X] als [Y].13

Het voorgaande wordt bevestigd door de doodsbedreigingen die verdachte gedurende zijn voorlopige hechtenis heeft geuit aan het adres van [X] en [Y] (en die in de dagvaarding met parketnummer 09/665404-11 zijn opgenomen):14

- "Als je niet akkoord gaat met betrekking [dochtertje] zijn de gevolgen voor jou: huur dan alvast 2 kamers bij Kamperfoelie, ééntje voor mij en één voor die bakra. Jij hebt er al ééntje bij [....]"

- "Wees een keer eerlijk en laat die bakra ook weten, dan weet hij wat er te wachten staat voor hem. Binnen komt de feestdagen. Mijn dochter komt niet in de buurt van die bakra, of optreden's, enz. Als ik dit hoort, maak ik mijn

doel als nog af"

-"Waarvoor denk je dat ik in Jail bent, niet voor dreigement. Je had gewoon geluk deze keer"

- "Als ik hoor dat die bakra in de buurt van mijn dochter komt heeft hij een groot probleem" en/of

- "Mocht ik het horen, dan hebben jullie echt een probleem. je weet nu waar ik aan toe bent, al moet ik 12 jaar wachten"

- "Als je niet komt beloofd ik je één ding, als ik vrij kom dan is het voor korte tijd, dan pas heb ik mijn geestelijke rust"

- "Ik heb je altijd gezegd, wie aan mijn dochter komt, zal het niet overleven, dan ben ik zelf de rechter"

- "Ik zal met die pijn leven, maar nogmaals, ik kom je halen"

- Er komt geen ander vent in de buurt van mijn dochtertje. Dus geen opvoeding door een ander vent zeker niet door aanraking. Als ik dit hoor of ziet, is de gevolgen voor jou",

Ter zitting heeft de verdachte het door [X] tegenover de politie geuite vermoeden, dat Kamperfoelie ziet op een begraafplaats, bevestigd. Hij heeft verklaard dat hij nog steeds boos en gekrenkt was en nog steeds de waarheid van haar wilde horen.15

Het verweer van de raadsman dat voorwaardelijk opzet slecht past bij voorbereidingshandelingen en dat opzet op moord en doodslag mitsdien niet bewezen kan worden, stuit af op het voorgaande.

ten aanzien van de dagvaarding met parketnummer 09/665404-11

De rechtbank komt tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit op grond van de volgende bewijsmiddelen, waarbij zij - nu de verdachte een bekennende verdachte is als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en zijn raadsman geen vrijspraak heeft bepleit - zal volstaan met een opsomming van de bewijsmiddelen, te weten:

* de verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012;

* het proces-verbaal van aangifte van [X], opgemaakt op 2 november 2011, p. 227-230;

* schriftelijke stukken, te weten brieven gericht aan [X], p. 231-239.

3.5. De bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat:

ten aanzien van de dagvaarding met parketnummer 09/758727-11

1.

hij te Zoetermeer en Delft en Rotterdam, in de periode van 1 juli tot en met 9 augustus 2011

- een (gewijzigd) vuurwapen van catgegorie II sub 3, te weten een jachtgeweer, met ingekorte loop en kolf en

- (daarbij behorende) munitie van categorie III, te weten patronen geschikt om met dat jachtgeweer af te vuren,

voorhanden heeft gehad;

2.

hij in de periode van 1 mei 2011 tot en met 9 augustus 2011 te Zoetermeer [X] en haar (nieuwe) partner heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [X] SMS-berichten en een brief gestuurd met teksten van dreigende aard of strekking, te weten (onder meer) op

6 juni 2011 een SMS-bericht met de tekst: "Dus je wil me niet helpen, geef niet, lees me brief goed. ik accepteer je dood, dan dat je met een ander ben. als ik dat hoor verbrand ik je levend, ik zou zeggen, daag me uit, dan heb ik geestelijke rust, als je me op een feest ziet, dan heb ik mijn 9mm, nu moet ik het maar met benzine doen"

en

op 7 juni 2011 een SMS-bericht met de tekst: "dus al die tijd dat het niet ging tussen ons, had je een ander, een bakra, dus je heb me uitgedaagd, ik brand je leven en je zoon, al die jaren heb je me voor de gek gehouden, je wil aandacht die krijg je ook"

en

op 16 juni 2011 een SMS-bericht met de tekst: "fase 3. uiterlijk 23 juni als ik niks van je hoor, gaat fase 2 en 3 in werking, na deze datum is niks meer mogelijk, want mijn spullen worden 25 opgehaald door mensen die nodig hebben"

en

op 31 juli 2011 een SMS-bericht met de tekst: "ik heb niks van je gehoord. Ik ga een keus voor die bakra maken. het wordt kaliber 12 hagelpatroon. Blijf niks van over."

en

een brief met onder meer de tekst: "ik zou zeggen regel jouw dingetjes, ik heb de mijne alles bijna gedaan. waarom denkt je dat ik al 4 maanden mij familie niet heb gezien, ik heb al afscheid van hun genomen. jouw leugens van toen en nu kom ik altijd erachter. regel huisvesting voor [dochtertje], want jij kan haar niet verzorgen. mik a bakra naai yu boeng, want a poentje fi, kan je strak niet meer gebruiken. wat mij nu op de been houd, is ieder dag foto te kijken van [....], het pep me op. dat wou je toch. nogmaals je me vernederd bij de gemeenschap. en nu gaan we rollen omdraaien, wat ik van plan met jou bij de gemeenschap, je zal me smeken. ik heb altijd al tegen jou gezegd, er komt niemand in mijn plaats";

3.

hij in de periode van 1 juli 2011 tot en met 9 augustus 2011 te Zoetermeer en Delft en Rotterdam ter voorbereiding van het te plegen misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten moord op [X] en [Y], opzettelijk een doorgeladen jachtgeweer met afgezaagde kolf en loop (zijnde een vuurwapen van categorie II sub 3 WWM) en (daarbij behorende) patronen en tie wraps en ducktape kennelijk bestemd tot het begaan van dat misdrijf, voorhanden heeft gehad;

4.

hij in de periode van 19 juli 2011 tot en met 2 augustus 2011 te Delft met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door een of meer listige kunstgrepen

[Z] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van Euro 800,-, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk, listiglijk, bedrieglijk en in strijd met de waarheid

op Marktplaats een advertentie gezet voor de huur van een woning (studio/appartement) aan de [adres] en heeft verdachte (vervolgens):

- met die [Z] een afspraak gemaakt dat die [Z] die woning voor een periode van 6 maanden kon huren en

- een betaling gevraagd van Euro 800,-, en

- een contract opgesteld voor de huur door die [Z] van die woning,

waardoor genoemde [Z] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

ten aanzien van de dagvaarding met parketnummer 09/665404-11

hij in de periode van 10 augustus 2011 tot en met 2 november 2011 te Zoetermeer en/of Alphen aan den Rijn, [X] en [Y] (telkens) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte (telkens) opzettelijk dreigend die [X] een aantal brieven met dreigende taal gestuurd, waarbij deze dreigende taal bestond uit (onder meer) de woorden:

- "Als je niet akkoord gaat met betrekking [dochtertje] zijn de gevolgen voor jou: huur dan alvast 2 kamers bij Kamperfoelie, ééntje voor mij en één voor die bakra. Jij hebt er al ééntje bij [....]" en

- "Wees een keer eerlijk en laat die bakra ook weten, dan weet hij wat er te wachten staat voor hem. Binnen komt de feestdagen. Mijn dochter komt niet in de buurt van die bakra, of optreden's, enz. Als ik dit hoort, maak ik mijn

doel als nog af" en

- "Geen enkele vent komt in de buurt van mijn dochter, dat wil zeggen geen enkele contact, ook de familie van die vent niet" en

- "Als ik hoor dat die bakra in de buurt van mijn dochter komt heeft hij een groot probleem" en

- "Mocht ik het horen, dan hebben jullie echt een probleem. je weet nu waar ik aan toe bent, al moet ik 12 jaar wachten" en

- "Als je niet komt beloofd ik je één ding, als ik vrij kom dan is het voor korte tijd, dan pas heb ik mijn geestelijke rust" en

- "Ik heb je altijd gezegd, wie aan mijn dochter komt, zal het niet overleven, dan ben ik zelf de rechter" en

- "Ik zal met die pijn leven, maar nogmaals, ik kom je halen" en

- Er komt geen ander vent in de buurt van mijn dochtertje. Dus geen opvoeding door een ander vent door aanraking. Als ik dit hoor of ziet, is de gevolgen voor jou".

4. De strafbaarheid van de feiten

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.

5. De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is eveneens strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6. De strafoplegging

6.1. De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, onder de bijzondere voorwaarden van reclasseringstoezicht, behandeling bij GGZ Palier en een contactverbod met [X].

6.2. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft voorgesteld om een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen gelijk aan de periode die de verdachte reeds in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht en daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf.

6.3. Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf en maatregel zijn in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in acht genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan vijf strafbare feiten, waaronder meerdere bedreigingen met een misdrijf tegen het leven gericht en voorbereidingshandelingen ten aanzien van een door hem voorgenomen moord op zijn ex-partner en haar nieuwe vriend. De verdachte is dagenlang op zoek geweest naar zijn ex-partner en haar vriend met een doorgeladen jachtgeweer, daarbij behorende patronen, een kruisboog met pijlen, tie wraps en ducktape in zijn auto. Ook nadat hij voor deze feiten in voorlopige hechtenis is gesteld, is de verdachte doorgegaan met het uiten van doodsbedreigingen in de richting van zijn ex-vriendin en haar nieuwe vriend.

Zeer ernstige feiten als deze versterken gevoelens van onveiligheid en angst in de samenleving. Dergelijke feiten zijn buitengewoon ingrijpend in het leven van de direct betrokkenen, hetgeen ook blijkt uit het feit dat [X] en haar dochtertje gedurende een periode van twee maanden hebben moeten onderduiken vanwege de doodsbedreigingen van de verdachte. [X], [Y] en alle direct betrokkenen moeten doodsangsten hebben uitgestaan.

Het is een feit van algemene bekendheid dat deze angsten een traumatiserend effect kunnen hebben op de slachtoffers. De verdachte heeft zich aan dit alles weinig gelegen laten liggen. De rechtbank rekent dit de verdachte zeer zwaar aan.

Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan oplichting. De verdachte heeft daarbij in het geheel geen oog gehad voor de financiële schade van het slachtoffer, maar heeft uitsluitend belang gehecht aan zijn eigen financieel gewin. Ook dit rekent de rechtbank verdachte aan.

De rechtbank acht in beginsel dan ook geen andere straf gepast dan een gevangenisstraf van aanzienlijke duur.

Bij het bepalen van de duur van de op te leggen straf is in aanmerking genomen dat de verdachte blijkens het op zijn naam gestelde uittreksel uit het Justitieel Documentatieregister d.d. 14 november 2011 niet eerder wegens misdrijven is veroordeeld.

De rechtbank heeft kennis genomen van een rapportage psychologisch onderzoek van 21 januari 2012 van W.J.L. Lander en een rapportage psychiatrisch onderzoek van 20 december 2011 van B.A. Blansjaar. Beide deskundigen hebben geconcludeerd dat bij de verdachte sprake is van een depressieve stoornis die thans overigens is verminderd door een ambulante behandeling bij GGZ Delfland en medicamenteuze behandeling middels antidepressiva. Door deze stoornis, die is ontstaan als reactie op de verlating door [X] en het feit dat zij een nieuwe partner heeft, werd het algehele functioneren beperkt en werden ook de gedragskeuzes en gedragingen van de verdachte ten tijde van de gepleegde feiten beïnvloed. De deskundigen achten de verdachte dan ook verminderd toerekeningsvatbaar ten tijde van de gepleegde feiten.

De deskundigen zijn verder van oordeel dat de recidivekans weer reëel aanwezig is, wanneer de verdachte na detentie opnieuw wordt geconfronteerd met de verlating door [X] en de naar verwachting zeer problematische, hun dochtertje betreffende, contacten tussen hen. De psycholoog en psychiater hebben beiden een voorwaardelijk strafdeel geadviseerd, onder de bijzondere voorwaarden van een behandeling bij GGZ Delfland. Psycholoog Lander heeft daarnaast een behandelverplichting voor het problematische cocaïnegebruik van de verdachte geadviseerd.

Tegen deze achtergrond overweegt de rechtbank ten aanzien van de straftoemeting als volgt.

De rechtbank heeft voorbereiding van moord bewezen verklaard en komt daarmee tot bewezenverklaring van een veel ernstiger strafbaar feit dan door de officier van justitie en de raadsman is bepleit. Het is op deze grond dat de rechtbank de hierna te vermelden aanzienlijk zwaardere gevangenisstraf zal opleggen dan door de officier van justitie gevorderd.

Aan de ernst van de feiten wordt onvoldoende recht gedaan wanneer aan de verdachte een straf zou worden opgelegd met een voorwaardelijk deel, zoals geadviseerd door de psycholoog en psychiater; dat impliceert immers dat een gevangenisstraf van maximaal vier jaar zou kunnen worden opgelegd. De geadviseerde bijzondere voorwaarden bij een deels voorwaardelijke straf kunnen ook worden gesteld in het kader van een eventuele voorwaardelijke invrijheidstelling.

Gelet op de thans uit voornoemde rapporten gebleken noodzaak daartoe, gaat de rechtbank er ook vanuit dat, met het oog op mogelijk aan de verdachte op te leggen bijzondere voorwaarden voor zijn eventuele voorwaardelijke invrijheidstelling, tegen het einde van zijn detentie opnieuw wordt beoordeeld in hoeverre de actuele recidivekans aanleiding geeft tot een verplichte behandeling bij GGZ Delfland en een verplicht contact met de verslavingsreclassering Palier, of een soortgelijke instelling.

Voorts zal, vanwege het gegeven dat de verdachte en [X] contact zullen moeten hebben omtrent hun dochtertje [dochtertje], de moeizame verhouding tussen de verdachte een bijzonder aandachtspunt bij een eventuele voorwaardelijke invrijheidstelling moeten vormen.

7. De inbeslaggenomen goederen

7.1. De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen (beslaglijst, die als bijlage A aan dit vonnis is gehecht) onder 1 tot en met 3 genummerde voorwerpen, te weten een geweer, negen patronen en een kruisboog inclusief zeven pijlen, zullen worden onttrokken aan het verkeer en dat het onder 4 genummerde voorwerp, te weten een telefoontoestel, zal worden teruggegeven aan de verdachte.

7.2. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich niet uitgelaten over het beslag.

7.3. Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de op de beslaglijst onder 1 tot en met 3 genummerde voorwerpen, te weten een geweer, negen patronen en een kruisboog inclusief zeven pijlen, onttrekken aan het verkeer. Deze voorwerpen zijn voor onttrekking aan het verkeer vatbaar, aangezien met behulp van de voorwerpen onder 1 en 2 genummerd de bewezenverklaarde bedreigingen en voorbereidingshandelingen zijn begaan of voorbereid en het onder 3 genummerde voorwerp bij gelegenheid van het onderzoek naar de door hem begane feiten is aangetroffen, terwijl het voorwerp kan dienen tot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke feiten dan wel tot de belemmering van de opsporing daarvan en deze voorwerpen van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of met het algemeen belang.

Nu het belang van de strafvordering zich daartegen niet meer verzet, zal de rechtbank de teruggave aan de verdachte gelasten van het op de beslaglijst onder 4 genummerde voorwerp, te weten een mobiele telefoon van het merk LG.

8. De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf en maatregel zijn gegrond op de artikelen:

- 46, 57, 285, 289 en 326 van het Wetboek van Strafrecht;

- 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9. De beslissing

De rechtbank,

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte de bij dagvaarding 09/758727-11 onder 1 tot en met 4 tenlastegelegde feiten en het bij dagvaarding 09/665404-11 ten laste gelegde feit heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:

ten aanzien van dagvaarding 09/758727-11, feit 1:

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II en munitie van categorie III;

ten aanzien van dagvaarding 09/758727-11, feit 2 en dagvaarding 09/665404-11:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd;

ten aanzien van dagvaarding 09/758727-11, feit 3:

voorbereiding van moord, meermalen gepleegd;

ten aanzien van dagvaarding 09/758727-11, feit 4:

oplichting;

verklaart het bewezen verklaarde en de verdachte deswege strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

veroordeelt de verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 5 (VIJF) JAREN;

bepaalt dat de tijd, door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

verklaart onttrokken aan het verkeer de op de beslaglijst onder 1 tot en met 3 genummerde voorwerpen, te weten 1.00 STK geweer, 9.00 STK munitie en 1.00 STK kruisboog inclusief 7 pijlen;

gelast de teruggave aan de verdachte van het op de beslaglijst onder 4 genummerde voorwerp, te weten: 1.00 STK telefoontoestel.

Dit vonnis is gewezen door

mr. L. Alwin, voorzitter,

mrs. O.F. Bouwman en G.M.G. Hink, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. F.X. Cozijn, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 23 februari 2012.

1 Het schriftelijke requisitoir van de officier van justitie, dat aan de griffier is overgelegd en waarvan de inhoud aan het proces-verbaal ter terechtzitting d.d. 9 februari 2012 zal worden gehecht.

2 De pleitnotitie van de raadsman van de verdachte, die aan de griffier is overgelegd en waarvan de inhoud aan het proces-verbaal ter terechtzitting d.d. 9 februari 2012 zal worden gehecht.

3 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Waar wordt verwezen naar dossierpagina's, betreft dit de pagina's van het doorgenummerde proces-verbaal met het nummer PL1551 2011167979, van de regiopolitie Haaglanden, met bijlagen.

4 De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012; het proces-verbaal van aangifte van [X], opgemaakt op 17 juni 2011, met bijlage, p. 108-114; het proces-verbaal van verhoor aangeefster, opgemaakt op 9 augustus 2011, p. 115-117.

5 Proces-verbaal van verhoor getuige [zoon], opgemaakt op 9 augustus 2011, p. 167-168.

6 Proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 10 augustus 2011, p. 127-128; het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 10 augustus 2011, met bijlagen p.144-156.

7 De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012.

8 Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] d.d. 9 augustus 2011, p. 79-84.

9 De verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012.

10 Proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] d.d. 9 augustus 2011, p. 202-210.

11 Proces-verbaal verhoor verdachte inbewaringstelling, vastgesteld en opgemaakt op 12 augustus 2011 door de rechter-commissaris mr. V.F. Milders en de griffier M. Treebusch.

12 Verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012.

13 Verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012.

14 de verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012; het proces-verbaal van aangifte van [X], opgemaakt op 2 november 2011, met bijlagen door de politie Haaglanden, kenmerk PL1551 201123196-1, als bijlage gevoegd bij het proces-verbaal met kenmerk PL1551 201123196, p. 227-239. , opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar

15 Verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 9 februari 2012.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde wetgeving

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature