< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Zittingsplaats:

Inhoudsindicatie:

Afwijzing verzoek om de hypothecaire geldlening voort te zetten na het aangaan van een nieuw dienstverband. De Raad is evenals de rechtbank van oordeel dat het college op goede gronden heeft vastgesteld dat het dienstverband van appellant bij de gemeente Dordrecht is beëindigd en dat de hypotheek op grond van artikel 5, eerste lid, aanhef en onder a2, van de Woningfinancieringsregeling gemeentepersoneel opeisbaar is geworden. Geen sprake van een bijzonder geval.

Uitspraak



10/2875 AW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats], (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Dordrecht van 9 april 2010, 08/1390, (hierna: aangevallen uitspraak)

in het geding tussen:

appellant

en

het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht (hierna: college)

Datum uitspraak: 29 september 2011

I. PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 augustus 2011. Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. drs. C.J.M. Scheen, werkzaam bij CNV Publieke Zaak te Rotterdam. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. A. Brugman, werkzaam bij de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht.

II. OVERWEGINGEN

1. Voor een uitgebreidere weergave van de in dit geding van belang zijnde feiten en omstandigheden wordt verwezen naar de aangevallen uitspraak. De Raad volstaat met het volgende.

1.1. Appellant was werkzaam bij de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht. Het college heeft appellant tijdens zijn dienstverband een hypothecaire geldlening verstrekt op grond van de Woningfinancieringsregeling gemeentepersoneel (hierna: Regeling). Met ingang van

1 februari 2007 heeft het college appellant ontslag verleend en per diezelfde datum is appellant aangesteld bij de gemeente Dordrecht. De hypothecaire geldlening is door het college gecontinueerd na 1 februari 2007. De aanstelling van appellant bij de gemeente Dordrecht is per 1 april 2008 beëindigd en per diezelfde datum is hij in dienst getreden bij het Servicecentrum Drechtsteden (hierna: SCD).

1.2. Appellant heeft het college verzocht om de hypothecaire geldlening voort te zetten na zijn indiensttreding bij het SCD. Het college heeft dat verzoek afgewezen bij besluit van 18 februari 2008. Appellant heeft tegen dat besluit bezwaar gemaakt. Het college heeft de afwijzing gehandhaafd bij besluit van 15 oktober 2008 (hierna: bestreden besluit). Aan dat besluit heeft het college ten grondslag gelegd dat de hypothecaire geldlening op grond van artikel 5, eerste lid, en onder a2, van de Regeling opeisbaar is geworden omdat de aanstelling van appellant bij de gemeente Dordrecht is beëindigd en hij aansluitend een nieuw dienstverband is aangegaan. Volgens het college was er geen sprake van een bijzonder geval op grond waarvan de geldlening zou moeten worden gecontinueerd.

2. De rechtbank heeft het beroep van appellant tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard.

3. Appellant heeft zich in hoger beroep op het standpunt gesteld dat zijn aanstelling bij de gemeente Dordrecht is beëindigd als gevolg van een reorganisatie en dat zijn dienstverband per 1 april 2008 feitelijk is voortgezet bij de SCD. In wezen was dit volgens appellant een overgang van onderneming en kan niet worden gezegd dat het dienstverband is geëindigd. Volgens appellant is er sprake van een bijzonder geval waarmee geen rekening is gehouden in de Regeling en had de hypothecaire lening moeten worden voorgezet met toepassing van artikel 5, tweede lid, van de Regeling. Appellant vordert een schadevergoeding ter hoogte van het bedrag dat hij heeft betaald voor het afsluiten van de nieuwe hypotheek.

4. De Raad overweegt als volgt.

4.1. In artikel 5, eerste lid, aanhef en onder a2, van de Regeling is bepaald dat de geldlening na het verstrijken van een termijn van zes maanden onmiddellijk opeisbaar zal zijn zonder dat enige waarschuwing is vereist als ”het dienstverband dat de (gewezen) ambtenaar, direct na beëindiging van het dienstverband met de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht is aangegaan eindigt anders dan door overlijden, toekenning van pensioen volgens ABP /WIA, toekenning van wachtgeld/WW zolang dit wordt genoten”.

4.2. De Raad is evenals de rechtbank van oordeel dat het college op goede gronden heeft vastgesteld dat het dienstverband van appellant bij de gemeente Dordrecht is beëindigd en dat de hypotheek op grond van artikel 5, eerste lid, aanhef en onder a2, van de Regeling opeisbaar is geworden. Dat er volgens appellant sprake was van een feitelijk voortzetten van zijn dienstverband, kan aan het vorenstaande niet afdoen. Voorts heeft het college naar het oordeel van de Raad in redelijkheid geoordeeld dat de omstandigheid dat de Regeling niet in een dergelijke situatie voorziet, niet met zich brengt dat sprake is van een bijzonder geval op grond waarvan een uitzondering gemaakt zou moeten worden. De Raad merkt daarbij op dat het ontslag bij de gemeente Dordrecht een gevolg is van een reorganisatie bij die gemeente waarop het college geen enkele invloed heeft gehad. Bovendien heeft de directeur van het SCD ter compensatie van de negatieve gevolgen voor de hypothecaire lening van appellant, het negatieve verschil aan rente dat appellant moet betalen voor zijn nieuw af te sluiten hypotheek volledig gecompenseerd.

5. Gelet op het vorenoverwogene slaagt het hoger beroep niet en moet de aangevallen uitspraak worden bevestigd.

6. De Raad acht tot slot geen termen aanwezig toepassing te geven aan artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht inzake vergoeding van proceskosten.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door M.C. Bruning, in tegenwoordigheid van S. Werensteijn als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 29 september 2011.

(get.) M.C. Bruning.

(get.) S. Werensteijn.

HD


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde wetgeving

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature