< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:

Inhoudsindicatie:

Verdachte wordt vrijgesproken van bedreiging, nu het hof de ten laste gelegde schietbeweging niet overtuigend bewezen acht en de ten laste gelegde bewoordingen, zonder de context van die schietbeweging, te onbepaald en onvoldoende concreet zijn om te worden aangemerkt als bedreiging in de zin van artikel 285, 1e lid, van het Wetboek van Strafrecht.

Uitspraak



Gerechtshof Leeuwarden

Sector strafrecht

Parketnummer: 24-000143-11

Uitspraak d.d.: 14 september 2011

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Groningen van 24 november 2010 in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [1959],

wonende te [woonplaats], [adres].

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 31 augustus 2011 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde en veroordeling van verdachte tot een geldboete van € 720,-, subsidiair 14 dagen vervangende hechtenis. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.

Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw,

mr. M.R.M. Schaap, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen en opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 31 december 2009, in de gemeente [gemeente], [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend een schietbeweging met zijn hand gemaakt in de richting van die [slachtoffer] en/of (daarbij) deze dreigend de woorden toegevoegd: "Ik weet wie je bent, je komt nog wel aan de beurt" en/of "ik wacht je wel op", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

Verdachte wordt verweten dat hij op 31 december 2009 een beveiligingsbeambte, op dat moment als zodanig werkzaam bij [bedrijf] te [plaats], heeft bedreigd in de zin van artikel 285, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht. Verdachte zou daartoe een schietbeweging met zijn hand hebben gemaakt in de richting van aangever en zich daarbij (be)dreigend hebben uitgelaten.

Het wettig bewijs dat verdachte met zijn hand de ten laste gelegde beweging heeft gemaakt en (daarbij) de ten laste gelegde bewoordingen, althans soortgelijke bewoordingen, heeft gebezigd, kan worden verkregen uit de aangifte en uit de verklaring van een collega van aangever, getuige [getuige 1].

Het hof heeft op grond van deze bewijsmiddelen evenwel niet de overtuiging gekregen dat verdachte daadwerkelijk een schietbeweging heeft gemaakt. Verdachte zelf heeft verklaard slechts te hebben gewezen naar aangever, hetgeen wordt bevestigd door de getuige [getuige 2], een toevalligerwijs ter plaatse aanwezige politieagent, van wie het hof aanneemt dat zijn waarneming betrouwbaar is. De voorhanden zijnde prints van de camerabeelden van het incident geven geen uitsluitsel over de aard van het door verdachte gemaakte gebaar.

Nu de ten laste gelegde pistoolbeweging niet overtuigend bewezen wordt geacht, zijn de ten

laste gelegde bewoordingen op zichzelf, zonder de context van de schietbeweging, naar het oordeel van het hof te onbepaald en onvoldoende concreet om te worden aangemerkt als bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, dan wel met zware mishandeling.

Het hof zal verdachte daarom vrijspreken van de gehele tenlastelegging.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Aldus gewezen door

mr. J. Dolfing, voorzitter,

mr. J. Hielkema en mr. T.H. Bosma, raadsheren,

in tegenwoordigheid van J.B. Schwerzel, griffier,

en op 14 september 2011 ter openbare terechtzitting uitgesproken,

zijnde mr. Dolfing voornoemd buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature