Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Voortzetting procedure na Europees Betalingsbevel (EBB). Vonnis op tegenspraak.

Uitspraak



vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 366805 / HA ZA 10-3385

Vonnis van 6 april 2011

in de zaak van

POWERGEN S.R.L.,

gevestigd te Chiusi della Vergna, Arezzo, Italië,

eiseres,

advocaat mr. R. de Falco,

tegen

[gedaagde], h.o.d.n. ACCU-SST (SAFE, SALES EN TRAIN),

wonende te [woonplaats],

gedaagde,

niet vertegenwoordigd door een advocaat.

Partijen zullen hierna worden aangeduid als “Powergen” en “[gedaagde]”.

1. Het verloop van het geding

1.1. De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:

- Europees betalingsbevel d.d. 2 augustus 2010;

- verweerschrift d.d. 30 augustus 2010;

- beschikking van de rechtbank Rotterdam, nevenzittingsplaats ’s-Gravenhage

d.d. 28 september 2010;

- oproepingsexploot d.d. 2 november 2010;

- akte na verwijzing, houdende conclusie van eis, met producties.

1.2. De procedure is aanhangig gemaakt door middel van een Europees betalingsbevel op grond van de Verordening (EG) nr. 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure (hierna: de Verordening). [gedaagde] heeft verweer gevoerd. Overeenkomstig artikel 17 van de Verordening jo. artikel 6 van de Uitvoeringswet verordening Europese betalingsbevelprocedure jo. artikel 69 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is de zaak in de stand waarin deze zich bevond verwezen naar de rolzitting van deze rechtbank van 24 november 2010 om op tegenspraak te worden voortgezet. Daarbij is vermeld dat partijen niet in persoon maar vertegenwoordigd door een advocaat dienen te verschijnen.

1.3. Powergen heeft [gedaagde] bij exploot van 2 november 2010 opgeroepen voor de rolzitting van 24 november 2010. Voor [gedaagde] heeft zich, ondanks dat daartoe (nader) de gelegenheid is gegeven, geen advocaat gesteld. Powergen heeft op

12 januari 2011 een akte genomen, waarna vonnis is bepaald.

2. Het geschil en de beoordeling daarvan

2.1. De rechtbank ontleent bevoegdheid aan artikel 2 EEX-Verordening, nu [gedaagde] in Nederland woont.

2.2. Op (de totstandkoming van) een tussen eiseres en gedaagde gesloten koopovereenkomst is het Weens Koopverdrag van toepassing. Nu Powergen niet in Nederland is gevestigd en desondanks haar vordering heeft toegespitst op Nederlands recht, veronderstelt de rechtbank een rechtskeuze voor Nederlands recht voor zover het onderwerpen betreft die niet zijn geregeld in het Weens Koopverdrag.

2.3. De vordering luidt - verkort weergegeven - om bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad [gedaagde] te veroordelen tot betaling van het bedrag van € 8.652,--, vermeerderd met rente en kosten. Powergen legt aan de vordering ten grondslag dat zij in 2010 goederen aan [gedaagde] heeft geleverd en daarvoor op 24 februari en 26 maart 2010 facturen heeft verzonden.

2.4. [gedaagde] heeft in zijn verweerschrift - kort gezegd - aangevoerd dat hij geen opdracht heeft gegeven voor levering van de goederen, maar dat is afgesproken dat hij goederen voor Powergen in consignatie zou verkopen. Daarnaast heeft hij aangevoerd dat Powergen zou zorgen voor vertaling van haar folders in het Nederlands en dat hij deze niet heeft ontvangen. Ten slotte voert hij aan dat is afgesproken dat als meer dan 18 producten in één lading zouden worden gekocht, er geen transportkosten zouden hoeven te worden betaald, zodat deze ten onrechte op de factuur staan.

2.5. Powergen heeft bij haar akte betwist dat de levering in consignatie is geschied. Zij verwijst daartoe naar een orderbevestiging van 5 februari 2010, waaruit blijkt dat de goederen aan [gedaagde] werden verkocht en dat hij binnen 30 dagen diende te betalen. Zij stelt dat [gedaagde] niet heeft gemeld dat hij hiermee niet akkoord was. Nu [gedaagde] niet meer op deze gemotiveerde stellingen van Powergen heeft gereageerd, heeft hij zijn verweer onvoldoende gemotiveerd gehandhaafd, zodat dit zal worden gepasseerd. Er wordt derhalve vanuit gegaan dat [gedaagde] de goederen van Powergen heeft gekocht.

2.6. [gedaagde] heeft aan zijn stelling ten aanzien van het vertalen van de folders geen juridische gevolgen verbonden, zodat daaraan reeds om die reden voorbij zal worden gegaan.

2.7. Powergen heeft niet gereageerd op de stelling van [gedaagde] dat ten onrechte transportkosten in rekening zijn gebracht. Daarmee heeft zij de vordering voor zover het deze kosten betreft onvoldoende gemotiveerd gehandhaafd, zodat deze in zoverre dient te worden afgewezen. Op de vordering zal het bij de factuur van 24 februari 2010 in rekening gebrachte bedrag van € 510,-- aan transportkosten in mindering worden gebracht.

2.8. De vordering tot betaling van wettelijke rente over de gefactureerde bedragen als bedoeld in artikel 6:119a van het Burgerlijk Wetboek van af 30 dagen na de factuurdata zal als onbetwist worden toegewezen.

2.9. De gevorderde buitengerechtelijke kosten als bedoeld in artikel 6:96 lid 2 Burgerlijk Wetboek zullen overeenkomstig de aanbevelingen van het rapport Voorwerk II worden begroot op € 768,--, omdat de daarin gehanteerde tarieven in zijn algemeenheid redelijk worden geacht en Powergen onvoldoende heeft gesteld waaruit blijkt dat meer werkzaamheden zijn verricht dan in het forfaitaire tarief besloten.

2.10. [gedaagde] zal, als de overwegend in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de proceskosten.

4 De beslissing

De rechtbank,

veroordeelt [gedaagde] om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Powergen te betalen het bedrag van € 8.910,-- (zegge: negenduizend vierhonderdtwintig euro), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:120 lid 2 Burgerlijk Wetboek over € 7.605,-- vanaf 27 maart 2010 en over € 537,-- vanaf 26 april 2010, tot aan de dag der voldoening;

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten tot aan deze uitspraak aan de zijde van Powergen bepaald op € 314,-- aan vast recht, € 71,12 aan overige verschotten en € 384,-- aan salaris voor de advocaat;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.J. Visser.

Uitgesproken in het openbaar.

2120/1346/1884


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature