< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Vindplaats:

Inhoudsindicatie:

Afwijzing aanvraag om toegelaten te worden tot de vrijwillige verzekering. Appellant is met ingang van 31 juli 1997 niet langer als ingezetene voor de volksverzekeringen aan te merken, waarmee hij ingaande die datum op grond van zijn ingezetenschap niet langer als verzekerd voor de ANW valt aan te merken, en dat hij voorts met ingang van 1 januari 2000 ook niet langer verzekeringsplicht voor die wet kon ontlenen aan KB 746. De Raad komt derhalve niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de daarop gerichte beroepsgronden van appellant.

Uitspraak



10/4981 ANW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

U I T S P R A A K

op het hoger beroep van:

[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 11 augustus 2010, 09/5468 (hierna: aangevallen uitspraak),

in het geding tussen:

appellant

en

de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: Svb).

Datum uitspraak: 1 april 2011

I. PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. A.C.S. Grégoire, advocaat te Beek, hoger beroep ingesteld.

De Svb heeft een verweerschrift ingediend.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 18 februari 2011. Appellant noch zijn gemachtigde is, zoals aangekondigd, verschenen. De Svb was vertegenwoordigd door J.Y. van den Berg.

II. OVERWEGINGEN

1.1.1. Appellant ontvangt een pensioen op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) en kinderbijslag op grond van de Algemene Kinderbijslagwet (AKW). Gegeven de bevindingen van door de Svb ingesteld onderzoek heeft de Svb bij besluit van 12 juni 2004 aan appellant meegedeeld dat hij sinds 31 juli 1997 niet meer verzekerd is voor de volksverzekeringen en de Ziekenfondswet (ZFW), aangezien het middelpunt van zijn maatschappelijk leven ten minste sedert die datum niet meer in Nederland maar in Marokko ligt.

1.1.2. Bij besluit van 13 december 2004, voor zover van belang, heeft de Svb het bezwaar van appellant tegen het besluit van 12 juni 2004 ongegrond verklaard.

1.1.3. De rechtbank heeft het beroep van appellant tegen het besluit van 13 december 2004 bij uitspraak van 13 april 2006, 05/172, ongegrond verklaard.

1.1.4. Bij zijn uitspraak van 1 maart 2007, 06/2972 AOW, heeft de Raad de uitspraak van de rechtbank, voor zover aangevochten, vernietigd, het beroep gegrond verklaard en het besluit van 13 december 2004, voor zover aangevochten, vernietigd. Daarbij is overwogen dat de Svb het besluit van 13 december 2004 in verband met een motiveringsgebrek niet langer heeft gehandhaafd.

1.2.1. Ter uitvoering van de uitspraak van de Raad heeft de Svb het besluit van 4 juni 2007 genomen. Bij dat besluit is het bezwaar tegen het besluit van 12 juni 2004 wederom ongegrond verklaard. Aan dat besluit is ten grondslag gelegd dat appellant naar de omstandigheden beoordeeld ten minste sinds 31 juli 1997 niet meer in Nederland, maar in Marokko woont, zodat hij met ingang van die datum niet meer verzekerd is voor de AKW en de Algemene nabestaandenwet (ANW).

1.2.2. Bij uitspraak van 21 februari 2008, 07/1415, heeft de rechtbank het beroep tegen het besluit van 4 juni 2007 ongegrond verklaard.

1.2.3. Bij zijn uitspraak van 18 december 2008, 08/1802 AOW, waarin de Raad voorop heeft gesteld dat in hoger beroep uitsluitend in geding is de vraag of appellant met ingang van 31 juli 1997 terecht niet langer als verzekerd is beschouwd voor de ANW en de AKW, heeft de Raad de uitspraak van de rechtbank vernietigd, het beroep tegen het besluit van 4 juni 2007 gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de Svb een nieuw besluit op bezwaar neemt met inachtneming van zijn uitspraak.

1.2.4. Daartoe heeft de Raad, voor zover van belang, overwogen dat genoegzaam is komen vast te staan dat appellant vanaf ten minste 31 juli 1997 niet meer als ingezetene van Nederland kan worden aangemerkt, daar op grond van de beschikbare gegevens moet worden geoordeeld dat appellant het middelpunt van zijn sociale leven van Nederland naar Marokko heeft verlegd. Vanaf laatstgenoemde datum is appellant derhalve niet op basis van ingezetenschap verzekerd voor de volksverzekeringswetten.

1.2.5. Tevens heeft de Raad evenwel overwogen dat de Svb zich bij de beantwoording van de vraag of appellant verzekerd was gebleven ten onrechte uitsluitend heeft gericht op het ingezetenschap van appellant en eraan heeft voorbijgezien dat hij op grond van artikel 8 van het Besluit uitbreiding en beperking kring van verzekerden volksverzekeringen 1989 (Stb. 1989, 164), en vanaf 1 januari 1999 op grond van artikel 26, eerste lid, aanhef en onder d, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (Stb. 1998, 746), hierna: KB 746, vanaf 31 juli 1997 tot 1 januari 2000 verzekerd is gebleven voor de ANW en de AKW en daarna op grond van artikel 27, eerste lid, van dat besluit verzekerd is gebleven voor de AKW. Deze vaststelling heeft de Raad geleid tot het oordeel dat het besluit van 4 juni 2007 in strijd is met artikel 3:2 en artikel 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht .

1.3. Ter uitvoering van de uitspraak van de Raad heeft de Svb bij besluit van 5 november 2009, hierna: het bestreden besluit, appellants bezwaar tegen het besluit van 12 juni 2004 gedeeltelijk gegrond verklaard en overeenkomstig de uitspraak van de Raad beslist.

2.1. In de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank in de eerste plaats vastgesteld dat appellant opnieuw heeft aangevoerd dat het middelpunt van zijn maatschappelijk leven niet in Marokko ligt, zodat hij verzekerd is gebleven voor de ANW, AOW en AKW.

2.2. De rechtbank heeft overwogen dat met de uitspraak van de Raad van 18 december 2008 in rechte vaststaat dat appellant met ingang van 31 juli 1997 niet langer als ingezetene kan worden aangemerkt. Voorts heeft de rechtbank overwogen dat de Svb in het bestreden besluit heeft geoordeeld dat appellant met ingang van 1 januari 2000, nadat KB 746 is komen te vervallen, niet langer verzekerd is voor de ANW, en dat appellant recht behoudt op kinderbijslag zolang hij aan de voorwaarden van artikel 27 van KB 746 voldoet.

2.3. Ten slotte heeft de rechtbank overwogen dat, voor zover appellant stelt dat hij alsnog gebruik wenst te maken van de mogelijkheid voor vrijwillige verzekering, als bedoeld in de artikelen 63 en 63a van de ANW , de Svb bij besluit van 27 december 2004 de aanvraag van appellant om toegelaten te worden tot de vrijwillige verzekering reeds heeft afgewezen. Tegen dat besluit is door appellant geen rechtsmiddel aangevoerd, terwijl van een nieuwe aanvraag door appellant niet is gebleken.

2.4. De rechtbank heeft aldus het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard.

3. In hoger beroep heeft appellant aangegeven dat hij wenst staande te houden hetgeen hij reeds in beroep heeft aangevoerd. Daarnaast heeft hij naar voren gebracht dat de Svb in strijd met de door de Raad in zijn uitspraak van 18 december 2008 gegeven opdracht tot het nemen van een nieuw besluit op bezwaar, bij het bestreden besluit ten onrechte niet heeft beslist omtrent zijn toelating tot de vrijwillige verzekering. Appellant kan zich niet verenigen met het oordeel van de rechtbank in de aangevallen uitspraak dat voor toelating tot de vrijwillige verzekering geen mogelijkheid meer bestond.

4.1. De Raad overweegt in de eerste plaats dat, gelet op hetgeen van de zijde van appellant naar voren is gebracht, in hoger beroep nog slechts in geding is of appellant met ingang van 1 januari 2000 terecht niet langer als verzekerd is beschouwd ingevolge de ANW en voorts of de Svb gehouden was bij het bestreden besluit tevens te beslissen omtrent appellants toelating tot de vrijwillige verzekering voor de ANW.

4.2. De Raad overweegt met de rechtbank dat met de uitspraak van de Raad van 18 december 2008 reeds in rechte is komen vast te staan dat appellant met ingang van 31 juli 1997 niet langer als ingezetene voor de volksverzekeringen valt aan te merken, waarmee hij ingaande die datum op grond van zijn ingezetenschap niet langer als verzekerd voor de ANW valt aan te merken, en dat hij voorts met ingang van 1 januari 2000 ook niet langer verzekeringsplicht voor die wet kon ontlenen aan KB 746. De Raad komt derhalve niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de daarop gerichte beroepsgronden van appellant.

4.3. Ook met betrekking tot de kwestie van toelating van appellant tot de vrijwillige verzekering voor de ANW komt de Raad niet toe aan een inhoudelijk oordeel. Anders dan appellant kennelijk meent, omvatte de door de Raad bij zijn uitspraak van 18 december 2008 aan de Svb gegeven opdracht tot het nemen van een nieuw besluit op bezwaar niet tevens de opdracht te beslissen omtrent toelating tot de vrijwillige verzekering. Met het bestreden besluit heeft de Svb op juiste en volledige wijze uitvoering gegeven aan de door de Raad verstrekte opdracht.

4.4. Overigens stelt de Raad vast, gelijk ook de rechtbank in de aangevallen uitspraak heeft gedaan, dat de Svb na het nemen van de primaire beslissing van 12 juni 2004 bij afzonderlijke beslissing van 27 december 2004 reeds in afwijzende zin heeft beslist over toelating van appellant tot de vrijwillige verzekering voor de ANW en dat appellant tegen die beslissing geen rechtsmiddelen heeft aangewend.

4.5. Het hoger beroep van appellant slaagt aldus niet. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

5. Er bestaat geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door J.W. Schuttel, in tegenwoordigheid van M.A. van Amerongen als griffier. Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar op 1 april 2011.

(get.) J.W. Schuttel.

(get.) M.A. van Amerongen.

JL


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature