Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Zittingsplaats:

Inhoudsindicatie:

Zorgregeling. Gevolgen van de zorgregeling na toestemming verhuizing.

Uitspraak



GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE

Familiesector

Uitspraak : 16 maart 2011

Zaaknummer : 200.061.268/01

Rekestnrs. rechtbank : FA RK 09-9027 en FA RK 09-9028

[de vader],

wonende te [woonplaats],

verzoeker in hoger beroep,

hierna te noemen: de vader,

advocaat mr. M.J.A. van der Burg te Ridderkerk,

tegen

[de moeder],

wonende te [woonplaats], gemeente [naam],

verweerster in hoger beroep,

hierna te noemen: de moeder,

advocaat mr. G.A.H. Wiekamp te Hendrik-Ido-Ambacht.

Op grond van het bepaalde in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend:

de raad voor de kinderbescherming,

regio Zuid-Holland Zuid en Zeeland,

locatie Dordrecht,

hierna te noemen: de raad.

PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP

De vader is op 29 maart 2010 in hoger beroep gekomen van een beschikking van 17 maart 2010 van de rechtbank Dordrecht en heeft daarbij tevens een incidenteel verzoek tot schorsing van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad ingediend.

De moeder heeft op 25 mei 2010 een verweerschrift ingediend.

Bij het hof zijn voorts de volgende stukken ingekomen:

van de zijde van de vader:

- op 15 april 2010 een brief van 14 april 2010 met bijlage;

- op 11 februari 2011 een (fax)brief van diezelfde datum met bijlagen.

Van de zijde van de raad is bij het hof op 16 april 2010 een brief van 15 april 2010 ingekomen, waarbij is medegedeeld dat de raad geen bemoeienis heeft gehad met de onderhavige zaak.

Het verzoek tot schorsing van de uitvoerbaar bij voorraad verklaring van de bestreden beschikking is op 17 september 2010 mondeling behandeld.

Bij beschikking van 3 november 2010 heeft het hof het verzoek van de vader tot schorsing van de uitvoerbaarverklaring bij voorraad afgewezen.

De hoofdzaak is op 24 februari 2011 mondeling behandeld.

Ter zitting waren aanwezig:

- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;

- de moeder, bijgestaan door haar advocaat.

De advocaat van de vader heeft ter zitting een pleitnotitie overgelegd.

PROCESVERLOOP IN EERSTE AANLEG EN VASTSTAANDE FEITEN

Voor het procesverloop en de beslissing in eerste aanleg verwijst het hof naar de bestreden beschikking.

Bij die beschikking is - uitvoerbaar bij voorraad - bepaald dat met ingang van de dag dat de moeder is verhuisd een zorgregeling tussen de vader en de minderjarige [naam], geboren op [datum in] 2003 te [geboorteplaats] (verder: de minderjarige) zal gelden als volgt:

- één weekend per veertien dagen van vrijdag 17.00 uur tot zondag 17.00 uur;

- de helft van de (school)vakanties en de feestdagen.

Het meer of anders verzochte is afgewezen.

Het hof gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde feiten, voor zover daar in hoger beroep geen grief tegen is gericht. In hoger beroep is voorts komen vast te staan dat de moeder op 6 april 2010 is verhuisd van [plaats I] (de voormalige gezamenlijke woonplaats van partijen) naar [plaats II].

BEOORDELING VAN HET HOGER BEROEP

1. In geschil zijn de hoofdverblijfplaats van de minderjarige en daarmee samenhangend de regeling inzake de toedeling van de zorg- en opvoedingstaken aan ieder der ouders (verder: de zorgregeling), die gezamenlijk het gezag over de minderjarige uitoefenen.

2. De vader verzoekt het hof de bestreden beschikking (het hof begrijpt:) voor wat betreft de hoofdverblijfplaats van de minderjarige te vernietigen en, in zoverre opnieuw beschikkende, te bepalen dat de minderjarige, mocht de moeder verhuizen naar [plaats II] dan wel een andere plaats niet in de directe omgeving van [plaats I], zijn hoofdverblijfplaats bij de vader zal hebben.

Ter terechtzitting heeft de vader - zonder procesrechtelijk bezwaar van de kant van de moeder – zijn verzoek aangevuld, in die zin dat hij het hof subsidiair, in het geval het hof bepaalt dat de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij de moeder zal zijn, verzoekt te bepalen dat er een zorgregeling zal zijn waarbij de minderjarige één keer in de twee weken op vrijdag om 12.30 uur door de vader uit school wordt opgehaald en de moeder de minderjarige bij de vader ophaalt op zondag om 17.00 uur. Verder verzoekt de vader het hof te bepalen dat de minderjarige de helft van de vakanties en de helft van de feestdagen bij de vader zal verblijven, waarbij de vader de minderjarige ophaalt en de moeder de minderjarige weer bij de vader ophaalt.

3. De moeder bestrijdt het beroep.

Hoofdverblijfplaats

4. De vader stelt in zijn beroepschrift – kort samengevat – dat de rechtbank ten onrechte en onvoldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij de moeder dient te blijven. De vader voert daartoe het volgende aan. Partijen hebben zowel tijdens de samenleving als ook na hun uiteengaan een gelijk aandeel in de verzorging en opvoeding van de minderjarige gehad. De conclusie van de rechtbank, inhoudende dat de moeder tot het einde van de samenleving de verzorgende ouder is geweest, is derhalve niet correct. Het is vaste jurisprudentie dat in een geval van co-ouderschap geen toestemming wordt gegeven voor een verhuizing. Daarbij komt dat er voor de moeder geen enkele noodzaak bestaat om te verhuizen naar [plaats II]. Van een weloverwogen beslissing is geen sprake. Voorts stelt de vader dat de rechtbank ten onrechte geen rekening heeft gehouden met de belangen van de minderjarige alsmede met zijn eigen belangen. Een verhuizing naar [plaats II] brengt volgens de vader te veel wijzigingen voor de minderjarige met zich mee. Daarnaast kan bij een verhuizing van de moeder en de minderjarige de huidige zorgregeling, te weten het co-ouderschap, niet worden voortgezet.

5. De moeder stelt zich in haar verweerschrift op het standpunt dat de rechtbank op juiste gronden heeft beslist zoals deze heeft gedaan. Zij voert daartoe het volgende aan. De beslissing van de rechtbank is wel voorzien van een heldere motivering. De rechtbank heeft alle belangen van partijen afgewogen. Het belang van de moeder, inhoudende haar leven niet te hoeven beperken tot de omgeving van [plaats I], en het welzijn van de minderjarige hebben daarbij zwaarder gewogen. De belangen van de vader heeft de rechtbank ook in ogenschouw genomen. De rechtbank heeft immers geoordeeld dat de reisafstand voor de vader niet onoverkomelijk zou moeten zijn. Voorts stelt de moeder dat zij in hoofdzaak de zorg voor de minderjarige heeft gehad. Van co-ouderschap is nimmer sprake geweest, aldus de moeder. De moeder woont sinds 6 april 2010 met de minderjarige en haar partner in een ruime eengezinswoning in een kindvriendelijke wijk te [plaats II]. De minderjarige heeft op school en in de buurt al snel vriendjes gemaakt. Daarnaast woont de moeder in de directe omgeving van haar familie. De moeder heeft een nieuwe start gemaakt en daarbij de belangen van de minderjarige voorop gesteld. Zij bestrijdt dan ook de stelling van de vader dat zij geen weloverwogen beslissing zou hebben genomen ten aanzien van haar verhuizing naar [plaats II]. Daarbij komt dat zij aan de vader al in december 2008 kenbaar heeft gemaakt dat zij het voornemen had om in [plaats II] te gaan wonen.

6. Het hof overweegt als volgt. Op grond van artikel 1:253a van het Burgerlijk Wetboek kunnen geschillen omtrent de gezamenlijke uitoefening van het gezag, waaronder geschillen omtrent de bepaling van de hoofdverblijfplaats van het kind, op verzoek van de ouders of één van hen aan de rechter worden voorgelegd. De rechter neemt een zodanige beslissing als hem in het belang van het kind wenselijk voorkomt.

7. Gelet op de overgelegde stukken en het verhandelde ter terechtzitting is het hof van oordeel dat de rechtbank op goede gronden het verzoek van de vader, inhoudende de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij hem te bepalen indien de moeder naar [plaats II] dan wel een andere plaats niet in de directe omgeving van [plaats I] verhuist, heeft afgewezen. Inmiddels zijn de moeder en de minderjarige verhuisd naar [plaats II] en gaat de minderjarige sinds april 2010 in die omgeving naar school. De moeder vormt met de minderjarige en haar partner (en de dochter van haar partner) een gezin. Niet is gebleken dat de minderjarige als gevolg van de verhuizing problemen heeft of dat het met hem op zijn huidige school niet goed gaat. Gelet op voormelde omstandigheden alsmede de jonge leeftijd van de minderjarige, acht het hof het in het belang van de minderjarige dat zijn verblijf bij de moeder wordt voortgezet. In hetgeen de vader heeft aangevoerd, ziet het hof geen aanleiding anders te beslissen dan de rechtbank heeft gedaan. Het hof zal de bestreden beschikking dan ook bekrachtigen voor zover het de hoofdverblijfplaats van de minderjarige betreft.

8. Nu de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij de moeder zal zijn, zal het hof in het navolgende het subsidiaire verzoek van de vader beoordelen.

De zorgregeling

9. Namens de vader is ter terechtzitting (aanvullend) verzocht de zorgregeling tussen hem en de minderjarige te wijzigen. De door de rechtbank vastgestelde regeling verloopt volgens de vader goed. De vader heeft de minderjarige een aantal keren al om 12.30 uur op vrijdag uit school gehaald. Onlangs heeft de moeder echter bij monde van haar advocaat te kennen gegeven de minderjarige niet meer op te zullen halen bij de vader omdat er bij de alimentatiebeslissing van de rechtbank ’s-Hertogenbosch van 6 december 2010 geen rekening is gehouden met haar reiskosten. De vader merkt op dat er bij hem evenmin rekening is gehouden met zijn reiskosten. Naar de mening van de vader hecht de moeder meer belang aan haar financiën dan aan het belang van de minderjarige om contact te hebben met de vader.

10. Namens de moeder is ter terechtzitting verklaard dat het niet haar bedoeling is de vader te beperken in zijn vaderrol. Zij heeft echter niet genoeg draagkracht om de kosten te kunnen dragen voor de zorgregeling. Voorts merkt de moeder op dat zij het geen probleem vindt als de vader de minderjarige al op vrijdag om 12.30 uur uit school komt ophalen. Echter, indien het de moeder niet uitkomt of zij andere afspraken heeft op die dag, dient de vader daar rekening mee te houden en de minderjarige derhalve pas om 17.00 uur op te halen.

11. Het hof overweegt als volgt. Op basis van de overgelegde stukken en het verhandelde ter terechtzitting is het hof van oordeel dat de door de rechtbank vastgestelde zorgregeling met de vader dient te worden uitgebreid in die zin, dat de vader de minderjarige al op vrijdag direct na school kan ophalen. Op die wijze kunnen de vader en de minderjarige meer tijd met elkaar doorbrengen, hetgeen naar het oordeel van het hof in het belang van de minderjarige is. Ten aanzien van het halen en brengen van de minderjarige overweegt het hof dat het de keuze van de moeder is geweest om op grotere afstand van de vader te gaan wonen. Naar het oordeel van het hof is het daarom ook redelijk dat ook zij een deel van de (financiële) gevolgen draagt.

12. Mitsdien wordt als volgt beslist.

BESLISSING OP HET HOGER BEROEP

vernietigt de bestreden beschikking ten aanzien van de in het kader van de toedeling van de zorg- en opvoedingstaken vastgestelde regeling tussen de vader en de minderjarige en, in zoverre opnieuw beschikkende:

bepaalt dat de minderjarige:

- eenmaal per veertien dagen één weekend bij de vader zal zijn, waarbij de vader de minderjarige op vrijdag direct na school zal ophalen en de moeder de minderjarige op zondag om 17.00 uur bij de vader zal ophalen;

- de helft van de vakanties en de helft van de feestdagen bij de vader zal verblijven, waarbij de vader de minderjarige ophaalt bij de moeder en de moeder de minderjarige ophaalt bij de vader;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

bekrachtigt de bestreden beschikking voor het overige;

wijst het in hoger beroep meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mrs. Mos-Verstraten, Van Dijk en Hulsebosch, bijgestaan door mr. Dooting als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 maart 2011.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde wetgeving

Gerelateerde advocaten

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature