< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Instantie:
Vindplaats:

Inhoudsindicatie:

Bij besluit van 16 juni 2009 heeft de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: de staatssecretaris) goedkeuring verleend aan verlenging van de tijdelijke licentie havo van 1 augustus 2009 tot 1 augustus 2010 voor de nevenvestiging van de Scholengroep Wolfert van Borselen (hierna: de Scholengroep) aan de Argonautenweg 55 te Rotterdam.

Uitspraak



200905299/1/H2.

Datum uitspraak: 24 februari 2010

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

de stichting Stichting voor R.K. Voorbereidend Hoger- en Middelbaar Onderwijs voor noordelijk Rotterdam, gevestigd te Rotterdam,

appellante,

en

de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 16 juni 2009 heeft de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: de staatssecretaris) goedkeuring verleend aan verlenging van de tijdelijke licentie havo van 1 augustus 2009 tot 1 augustus 2010 voor de nevenvestiging van de Scholengroep Wolfert van Borselen (hierna: de Scholengroep) aan de Argonautenweg 55 te Rotterdam.

Tegen dit besluit heeft de stichting Stichting voor R.K. Voorbereidend Hoger- en Middelbaar Onderwijs voor noordelijk Rotterdam (hierna: SRKOR) bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 21 juli 2009, beroep ingesteld.

De staatssecretaris heeft een verweerschrift ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 12 januari 2009, waar SRKOR, vertegenwoordigd door mr. M.S. van Hien, werkzaam bij de Bond Katholiek Primair Onderwijs, en [rector] van het Sint-Laurenscollege, en de minister, vertegenwoordigd door mr. M.Y. van Hattum, werkzaam bij de Centrale Financiën Instellingen, en E. Luinge zijn verschenen.

Voorts is ter zitting het bevoegd gezag van de Scholengroep, het Bestuur Openbaar Onderwijs Rotterdam (hierna: het BOOR), vertegenwoordigd door G. Millekamp, als partij gehoord.

2. Overwegingen

2.1. Ingevolge artikel 72, tweede lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs (hierna: de WVO) stellen samenwerkende bevoegde gezagsorganen voor hun regio een regionaal plan onderwijsvoorzieningen vast.

Ingevolge het derde lid, aanhef en onder d, voor zover hier van belang, brengt de minister voor bekostiging in aanmerking onderwijs vanaf het vierde leerjaar op een nevenvestiging als bedoeld in artikel 16 aan een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7, of aan een school voor hoger algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 8, indien de voorziening is opgenomen in een regionaal plan onderwijsvoorzieningen als bedoeld in het tweede lid.

Ingevolge het zesde lid wordt een aanvraag als bedoeld in het derde of vierde lid afgewezen indien de onderwijsvoorziening leidt tot meer dan tien procent leerlingverlies bij een vestiging van een school of scholengemeenschap van een bevoegd gezag dat niet deelneemt aan de samenwerking, tenzij dat bevoegd gezag heeft verklaard daarmee in te stemmen.

2.2. De SRKOR betoogt dat de staatssecretaris ten onrechte goedkeuring heeft verleend voor verlenging van de tijdelijke licentie havo van 1 augustus 2009 tot 1 augustus 2010 voor de nevenvestiging van de scholengroep aan de Argonautenweg 55. Daartoe voert zij aan dat sprake is van een leerlingverlies bij het Sint-Laurenscollege van meer dan tien procent. In 2005 heeft de staatssecretaris goedkeuring verleend voor de tijdelijke licentie tot 1 augustus 2009 wegens huisvestingsproblemen van de Scholengroep. De SRKOR heeft daartegen toen geen bezwaar gemaakt wegens het tijdelijke karakter van de licentie in het kader van nieuwbouw voor de Scholengroep. Door de verlenging van de licentie is evenwel leerlingverlies te verwachten omdat het BOOR thans een permanente openstelling van de nevenvestiging aan de Argonautenweg 55 beoogt, aldus de SRKOR.

2.2.1. Bij de beoordeling van de aanvraag voor de verlenging van de tijdelijke licentie havo van 1 augustus 2009 tot 1 augustus 2010 voor de nevenvestiging van de Scholengroep, die in het regionaal plan onderwijsvoorzieningen Rotterdam is voorzien, is slechts van belang of die verlenging als zodanig met één jaar leidt tot een leerlingverlies van ten minste tien procent. Wanneer de aanvraag voor een definitieve licentie voorligt, zal de staatssecretaris dienen te beoordelen of de daarmee beoogde permanente openstelling zal leiden tot een leerlingverlies van tien procent of meer. Daarbij kan de staatssecretaris alsdan niet betrekken dat de Scholengroep reeds een al dan niet verlengde tijdelijke licentie heeft, nu deze licentie op de einddatum is geëindigd.

2.2.2. De SRKOR heeft haar stelling dat het Sint-Laurenscollege door de verlenging van de tijdelijke openstelling van de nevenvestiging aan de Argonautenweg een leerlingverlies van tien procent of meer lijdt, toegelicht met een berekening die betrekking heeft op het verlies dat is ontstaan door de besluiten tot goedkeuring in 2005 van de nieuwe nevenvestigingen van de Scholengroep en het Melanchtoncollege in Berschenhoek en van de tijdelijke licentie voor havo-onderwijs voor de nevenvestiging van de Scholengroep aan de Argonautenweg. Deze besluiten zijn hier niet aan de orde. De SRKOR stelt dat deze besluiten volgens haar tezamen hebben geleid tot een leerlingverlies van ruim dertig procent en dat naar schatting ten minste tien procent leerlingverlies kan worden toegerekend aan de tijdelijke licentie voor havo-onderwijs aan de Argonautenweg. Wat van die berekening ook zij, de SRKOR heeft daarmee niet aannemelijk gemaakt dat de verlenging van die licentie met één jaar leidt tot een leerlingverlies van ten minste tien procent.

De staatssecretaris heeft, uitgaande van de telgegevens op 1 oktober 2008, berekend dat thans twintig leerlingen onderwijs volgen aan de nevenvestiging aan de Argonautenweg voor wie het Sint-Laurenscollege op basis van de afstand tussen woonadres en school de voor de hand liggende keuze is wanneer geen havo-onderwijs wordt aangeboden op die nevenvestiging. Het aantal leerlingen op het Sint-Laurenscollege bedraagt ruim zevenhonderd. Deze berekening is door de SRKOR niet weersproken.

Gelet hierop heeft de staatssecretaris zich op het standpunt kunnen stellen dat niet aannemelijk is dat verlenging van de tijdelijke licentie met één jaar leidt tot een leerlingverlies van ten minste tien procent voor het Sint-Laurenscollege. De staatssecretaris heeft de in het regionaal plan onderwijsvoorzieningen voorziene aanvraag voor verlenging van de licentie voor havo-onderwijs aan de Argonautenweg dan ook terecht ingewilligd.

2.3. Het beroep is ongegrond.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. J.E.M. Polak, voorzitter, en mr. A.W.M. Bijloos en mr. C.J.M. Schuyt, leden, in tegenwoordigheid van mr. M.R. Poot, ambtenaar van Staat.

w.g. Polak w.g. Poot

voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 24 februari 2010

362.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature