< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak




U dient ingelogd te zijn om favorieten te kunnen toevoegen aan Mijn Jure
U kunt zich hier gratis registreren
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Vindplaatsen:

Inhoudsindicatie:

Suwas-I. Vut. Uitleg bep.

Uitspraak



RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector kanton

Locatie Delft

SG

Rolnr. 881889 CV EXPL 09-8615

18 maart 2010

Vonnis in de zaak van:

[eiser],

wonende te [woonplaats],

eisende partij,

gemachtigde: mr. P.J.L.J. Duijsens,

tegen

1. de stichting Stichting Uittreding Werknemers Agrarische Sectoren,

2. de stichting Stichting Colland Arbeidsmarktbeleid,

3. de stichting Stichting Bedrijfspensioenfonds voor de Landbouw BPL,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Interpolis Mens en Werkverzekeringen (SGG Collectief) B.V.,

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Interpolis Pensioenbeheer B.V.,

alle gevestigd te Zoetermeer,

gedaagde partij,

gemachtigde: PVF Nederland N.V., namens deze mr. Th.D.D. de Vries,

rolgemachtigde: dw. E. Van Mastrigt.

Partijen worden aangeduid als enerzijds [eiser] en anderzijds respectievelijk SUWAS, SCA, BPF Landbouw, Interpolis SGG en Interpolis Pensioenbeheer.

Procedure

De kantonrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken:

- de dagvaarding van 14 augustus 2009, met producties;

- de conclusie van antwoord, met producties;

- de conclusie van repliek, met producties;

- de conclusie van dupliek.

1 Feiten

De kantonrechter gaat uit van de navolgende feiten.

1.1 SUWAS is ingevolge artikel 3 van de huidige CAO Agrarische Sectoren inzake Vervroegde Uittreding (hierna te noemen "VUT-CAO Agrarische Sectoren"), met een looptijd van 1 januari 2006 tot en met 31 december 2010, belast met de uitvoering van de regeling vervroegd uittreding.

1.2 Ingevolge het Uitkeringsreglement SUWAS-I (bijlage III bij de VUT-CAO Agrarische Sectoren), geeft deelneming in het fonds, onder de daarin genoemde voorwaarden, een voorwaardelijk recht op een VUT-uitkering bij het bereiken van een in artikel 3 van het Uitkeringsreglement aangegeven leeftijd.

De SUWAS-regeling geldt alleen voor werknemers die vóór 1 januari 1950 geboren zijn en gaat - afhankelijk van de leeftijd - tussen 60 en 62 jaar in. Daarnaast gelden bepaalde voorwaarden om in aanmerking te kunnen komen voor een uitkering. Zo zal een deelnemer zelf de uitkering moeten aanvragen. Verder geldt dat de werknemer direct voorafgaand aan de uitkering 10 jaar in dienstverband binnen de agrarische sector heeft gewerkt (waarvan in het laatste kalenderjaar ten minste 26 weken).

In artikel 1 sub n van het Uitkeringsreglement SUWAS-I wordt het begrip loon omschreven als: "Het loon, zoals gedefinieerd in de dagloonregels SUWAS, dat de deelnemer gemiddeld per dag heeft verdiend in het derde kalenderjaar voorafgaande aan het jaar waarin het recht op uitkering ontstaat. Bij de berekening van dat loon wordt de inkomensafhankelijke premie van de werkgever in de kosten voor de zorgverzekering , alsmede een eventuele bijdrage van de werkgever in de particuliere ziektekostenverzekering buiten beschouwing gelaten."

Artikel 12 van het Uitkeringsreglement SUWAS-I bepaalt (voor zover hier van belang) dat geen uitkering wordt toegekend indien en zolang de deelnemer in het genot is van een uitkering ingevolge de WW en dat indien uit enig dienstverband een pensioenuitkering aan een deelnemer plaatsvindt, voordat de leeftijd van 65 jaar is bereikt, het bestuur bevoegd is de uitkering krachtens dit reglement zodanig te korten, dat de pensioenuitkering plus de SUWAS-uitkering niet meer bedraagt dan het uit te keren SUWAS bedrag.

Artikel 21 van het Uitkeringsreglement SUWAS-I bepaalt dat het bestuur de bevoegdheid heeft te beslissen, indien toepassing van het in het reglement bepaalde kennelijk onredelijke uitkomsten tot gevolg heeft. Indien het loon naar boven of naar beneden afwijkt ten opzichte van het loon in de daarvoor gelegen periode, rekening houdend met eventuele loonstijgingen op grond van de CAO in de overeenkomstige periode, kan het bestuur beslissen de uitkering te baseren op het loon in een andere periode dan het kalenderjaar bedoeld in artikel 1 sub n.

De SUWAS-I regeling wordt ingevolge artikel 1 van het Algemeen Reglement SUWAS-I (bijlage II bij de VUT-CAO Agrarische Sectoren), namens het bestuur van SUWAS (en onder verantwoordelijkheid van SUWAS), uitgevoerd door gedaagde sub 5, Interpolis Pensioenbeheer (de administrateur).

1.3 Naast de SUWAS-I regeling bestaat een aparte regeling voor een specifieke groep oudere werklozen en arbeidsongeschikten. Het betreft de zogenaamde SUWAS-II regeling. Deze regeling wordt uitgevoerd door een andere stichting, de Stichting Uitvoering WW-aanvulling Agrarische Sectoren (hierna te noemen "SUWAS-II"). Deze regeling biedt (o.a.) aan werknemers die op of na de 55-jarige leeftijd zijn ontslagen vanwege bedrijfsbeëindiging, faillissement, duurzame bedrijfsinkrimping of vanwege omstandigheden die hiermee gelijk zijn te stellen, aanspraak op een aanvulling van hun WW-uitkering. De SUWAS-II regeling wordt, net als SUWAS-I, geadministreerd door Interpolis Pensioenbeheer.

Ingevolge artikel 4c van het Uitkeringsreglement SUWAS-II wordt de hoogte van de aanvulling op WW-uitkering als volgt bepaald:

a. Volgens de daarvoor in artikel 5 van het Uitkeringsreglement SUWAS-I opgenomen berekeningswijze wordt vastgesteld wat de SUWAS- uitkering zou zijn geweest, indien de bedoelde werknemer hierop recht zou hebben gehad, met dien verstande dat bij de berekening van de hoogte van de aanvulling het dagloon WW van de deelnemer als basis zal gelden.

b. Het bedrag van de aanvulling wordt zodanig vastgesteld dat de WW-uitkering van de bedoelde werknemer en de aanvulling samen op het niveau van de onder a. bepaalde SUWAS-uitkering komen. Ingeval de maximale uitkeringsperiode van de WW eerder eindigt dan op de 65-jarige leeftijd wordt de uitkering ineens verstrekt berekend op basis van de volgende uitgangspunten:

- de periode die na de maximale WW-periode nog rest tot aan het bereiken van de 65- jarige leeftijd;

- het verschil in de hoogte van de IOAW-uitkering voor een alleenverdiener zonder ander inkomen en met een partner en het niveau van de onder a. bepaalde SUWAS-uitkering;

- de hoogte van IOAW-uitkering op het tijdstip dat ligt twee maanden voor het einde van de maximale uitkeringperiode van de WW.

1.4 De SUWAS-I regeling voorziet dus in vervroegde uittreding uit dienstverband en de SUWAS-II regeling in een aanvulling op de uitkering van die (oudere) deelnemers die bij het bereiken van de VUT-gerechtigde leeftijd, als gevolg van bepaalde omstandigheden buiten hun schuld, niet meer in dienstverband werkzaam zijn (en dus niet voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de VUT).

1.5 [eiser] is geboren op [[geboortedatum 1947]] en heeft bijna zijn gehele werkzame leven fulltime in de tuinbouwsector gewerkt. [eiser] zou in beginsel bij het bereiken van de leeftijd van 60,5 jaar [op datum 2008] in aanmerking kunnen komen voor een SUWAS-I (VUT) uitkering.

[eiser] raakte op 1 juli 2006 echter volledig werkloos als gevolg van de bedrijfsbeëindiging van zijn werkgever ([werkgever I] te [vestigingsplaats]). Begin 2007 heeft [eiser] weer werk gevonden. Over het tijdvak van 19 januari 2007 tot en met 30 juni 2007 is [eiser] voor 15 uur per week werkzaam geweest bij [werkgever II] te [vestigingsplaats] en vervolgens met ingang van 1 juli 2007 bij [werkgever III] te [vestigingsplaats], eveneens voor 15 uur per week.

1.6 Met ingang van [datum] 2007 (de datum waarop hij 60 jaar werd) heeft [eiser] van SUWAS-II een aanvulling tot VUT-niveau op zijn WW-uitkering ontvangen. Gezien het feit dat [eiser] met ingang van 19 januari 2007 (weer) voor 15 uur per week een dienstbetrekking in de agrarische sector heeft kunnen aanvaarden, is de aanvulling tot VUT-niveau ingevolge de SUWAS-II regeling gebaseerd op de gedeeltelijke Werkloosheidsuitkering. Met ingang van [datum] 2007 bestond het inkomen van [eiser] dus uit inkomsten uit arbeid, een WW-uitkering en een aanvulling op zijn WW-uitkering.

1.7 Bij het bereiken van de 60,5 jarige leeftijd op [datum] 2008 is aan [eiser] op diens verzoek een SUWAS-I VUT-uitkering verstrekt. De SUWAS-I uitkering is gebaseerd op het dienstverband van [eiser] direct voorafgaand aan de VUT-uitkering, een dienstverband van 15 uur per week. Conform de SUWAS-I wordt de VUT-uitkering van 15 uur per week betaald en daarnaast wordt op grond van de pensioenregeling SUWAS II [eiser] een aanvulling op zijn uitkering toegekend.

2 Vordering

[eiser] vordert dat de kantonrechter bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

A. zal verklaren voor recht dat [eiser] alsnog een VUT-uitkering toekomt op basis van het loon wat hij verdiend heeft in het derde kalenderjaar, voorafgaande aan het jaar waarin het recht op uitkering ontstaat, derhalve gebaseerd op een fulltime baan en in ieder geval voor recht zal verklaren dat gedaagden ten onrechte geen rekening gehouden hebben met artikel 21 van de collectieve arbeidsovereenkomst, met veroordeling van gedaagden om alsnog voor het geval zich het laatste geval voordoet een nieuw besluit te nemen waarbij alsnog rekening gehouden wordt met artikel 21 en met de bijzondere omstandigheden van het geval.

B. gedaagden zal veroordelen tot betaling aan [eiser] van het volledige bedrag terzake van de VUT.

C. gedaagden zal veroordelen tot betaling, tegen behoorlijk bewijs van kwijting, van een somma van € 785,00 exclusief BTW wegens buitengerechtelijke incassokosten;

D. gedaagden zal veroordelen in de kosten van het geding, met het salaris van de gemachtigde van [eiser] daaronder begrepen.

[eiser] legt aan de vordering voormelde vaststaande feiten ten grondslag, alsmede de navolgende stellingen.

2.1 Nadat gedaagden positief hadden gereageerd op daaromtrent ingewonnen informatie heeft [eiser] op zijn VUT-gerechtigde leeftijd het aanvraagformulier ingevuld om aanspraak te maken op de SUWAS regeling. Gedaagden hebben [eiser] expliciet een (volledige) VUT toegezegd.

Tot verbazing van [eiser] werd hem echter een VUT-uitkering van 15 uur per week toegekend. Daar hadden gedaagden [eiser] nimmer op gewezen.

[eiser] heeft gedaagden diverse malen aangegeven dat dit niet correct was, doch gedaagden hebben vervolgens een formeel standpunt ingenomen dat [eiser] geen volledige VUT-uitkering toekwam.

[eiser] heeft bij brief van 7 oktober 2008 gedaagden verzocht het standpunt te heroverwegen. Gedaagden hebben vervolgens het standpunt ingenomen dat niet van de SUWAS regeling afgeweken werd.

2.2 Gezien de omstandigheden van het geval is het jegens [eiser] onredelijk om uit te gaan van 15 uren en hebben gedaagden niet alle mogelijkheden uitgeprobeerd om [eiser] ter wille te zijn.

Uitgaande van het loonbegrip zoals omschreven in het Uitkeringsreglement SUWAS-I, dat in de ogen van [eiser] niet naar redelijkheid, maar grammaticaal moet worden gelezen, had voor de berekening van de hoogte van de VUT-uitkering van [eiser] uitgegaan moeten worden van het loon drie jaar geleden.

Voorts hadden gedaagden rekening kunnen houden met artikel 21 van de betreffende regeling. Die regeling bevat een soort hardheidsclausule. Ten onrechte hebben gedaagden geen acht geslagen op de mogelijkheid om af te wijken. Ten onrechte is daarvan geen gebruik gemaakt.

2.3 Onjuist is de veronderstelling dat toewijzing van de vordering zou betekenen dat [eiser] meer inkomsten krijgt dan nu het geval is. Dit is onjuist, aangezien daar immers in elk geval een korting van de WW-uitkering tegenover staat.

2.4 Om vorenstaande reden wenst [eiser] in deze een verklaring voor recht te vragen dat zijn standpunt juist is en dat alsnog gedaagden het aanvankelijke verzoek dienen te bewilligen.

2.5 Daar niet geheel duidelijk is wie in deze de uitkerende instantie is, heeft [eiser] het zekere voor het onzekere genomen en alle betrokken partijen maar in rechte betrokken. [eiser] heeft in verband met de VUT met alle gedaagden gecorrespondeerd en gesproken. Alle gedaagden werpen zich in de met [eiser] gevoerde correspondentie op als degene op wie de verantwoordelijkheid rust om de regeling met betrekking tot de VUT uit te voeren. Zij hebben daarmee zelf de onduidelijkheid veroorzaakt en het mag [eiser] niet worden aangerekend dat hij alle gedaagden in rechte betrekt.

2.6 [eiser] maakt aanspraak op vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten ex artikel 6:96 lid 2 sub b en c BW. [eiser] heeft immers eerst zelf uit den treure getracht onderhavige kwestie buiten rechte af te doen en als gevolg van de nalatigheid van gedaagden rechtsbijstand moeten inroepen. [eiser] stelt met nadruk dat de in deze aangelegenheid gemaakte buitengerechtelijke kosten betrekking hebben op werkzaamheden die niet kunnen worden beschouwd als werkzaamheden ter voorbereiding van de onderhavige procedure. De kosten daarvan komen voor rekening van gedaagden die deze hebben veroorzaakt. Deze kosten zijn te stellen op € 785,00 exclusief BTW.

3 Verweer

Gedaagden verweren zich tegen de vordering en concluderen dat [eiser] niet ontvankelijk dient te worden verklaard in zijn vorderingen, althans dat deze vorderingen dienen te worden afgewezen, met veroordeling van [eiser] in de kosten van dit geding welke veroordeling uitvoerbaar bij voorraad dient te worden verklaard. Gedaagden voeren daartoe, zakelijk weergegeven, het navolgende aan.

3.1 Omdat [eiser] ten tijde van de aanvraag vanaf februari 2007 voor 15 uur per week werkzaam was in de agrarische sector, voldeed hij aan de voorwaarden als genoemd in artikel 3 van het Uitkeringsreglement SUWAS-I. Hij was gedurende 10 jaar werkzaam geweest in de agrarische sector en had het laatste kalenderjaar vóór de uittreedleeftijd (derhalve 2007) tenminste 26 weken in de agrarische werkgever gewerkt. Voorts was sprake van een beëindiging van het dienstverband per datum ingang van de uitkering. Om die reden is hem bij het bereiken van de 60,5 jarige leeftijd op [datum] 2008 een SUWAS-I VUT-uitkering verstrekt. De SUWAS-I uitkering is gebaseerd op het dienstverband van [eiser] direct voorafgaand aan de VUT-uitkering, derhalve een dienstverband van 15 uur per week.

3.2 [eiser] miskent dat de SUWAS-I en SUWAS-II regelingen in onderlinge samenhang moeten worden bezien. De SUWAS-II regeling is bedoeld voor die werknemers die als gevolg van faillissement, bedrijfbeëindiging etcetera, dus volledig buiten hun schuld, op latere leeftijd werkloos zijn geraakt. Gedachtegang is deelnemers, die geen arbeid meer (kunnen) verrichten en om die reden niet voldoen aan de voorwaarden voor een VUT-uitkering, toch een inkomen tot VUT-niveau te garanderen. Daarbij is echter niet, althans niet expliciet, voorzien in de situatie van gedeeltelijke werkloosheid. De regelingen zijn zo geredigeerd, dat samenloop van SUWAS-I en SUWAS-II uitkeringen in beginsel niet mogelijk is. In artikel 12 van het Uitkeringsreglement SUWAS-I is immers bepaald dat geen VUT-uitkering wordt toegekend indien en zolang de deelnemer in het genot is van een uitkering ingevolge de WW. Strikte toepassing van het uitkeringsreglement zou er derhalve toe leiden dat werknemers zoals [eiser], die nog slechts gedeeltelijk werkzaam zijn en voor het overige een WW-uitkering ontvangen, niet vervroegd zouden kunnen uittreden uit hun bestaande (gedeeltelijke) dienstverband. Gelet op de strekking van de regelingen dienen deze in redelijkheid echter zo te worden uitgelegd, dat ook oudere werknemers die nog gedeeltelijk in dienstverband werkzaam zijn (en - om die reden - voldoen aan de voorwaarden zoals genoemd in artikel 3 lid 3 van het SUWAS-I reglement ) en voor het overige een WW-uitkering genieten, vervroegd kunnen uittreden uit hun bestaande dienstverband en daarmee, tezamen met hun WW-uitkering en SUWAS-II aanvulling, een inkomen tot VUT-niveau kunnen genieten.

3.3 De SUWAS-I regeling wordt door SUWAS ook overeenkomstig deze redelijke uitleg uitgevoerd. Het feit dat aan [eiser] de mogelijkheid is geboden om vervroegd uit te treden uit zijn parttime dienstverband, hoewel hij daartoe bij een strikte uitleg van de SUWAS-I regeling geen recht op heeft omdat hij nu eenmaal een WW-uitkering ontvangt, impliceert uiteraard niet dat [eiser], enkel omdat bij het loonbegrip in de regeling wordt uitgegaan van een refertejaar waarin [eiser] nog volledig aan het werk was (2005), dus aanspraak zou kunnen maken op een VUT-uitkering op basis van een (vorig) fulltime dienstverband. De voorwaarde dat de deelnemer op de dag van ingang van de SUWAS-I uitkering het dienstverband heeft beëindigd impliceert immers dat bij de berekening van de hoogte van de uitkering, reglementair moet worden uitgegaan van het laatste (en in geval van [eiser] derhalve een parttime) dienstverband. Toewijzing van de vordering van [eiser] zou bovendien volstrekt onredelijk zijn omdat dit, tezamen met zijn WW-uitkering en SUWAS-II aanvulling, tot een veel hoger inkomen dan het VUT-niveau zou leiden dan wel (de facto) tot een volledige korting op de WW-uitkering, waarmee het werkloosheidsrisico feitelijk bij SUWAS-I komt te liggen. En daarvoor is VUT -regeling uiteraard niet bedoeld.

3.4 Voor zover [eiser] zijn vordering baseert op het bepaalde in artikel 1 sub n van het Uitkeringsreglement, wijst SUWAS-I er op dat het bestuur op grond van het bepaalde in artikel 21 van het Uitkeringsreglement de bevoegdheid heeft om van het reglement af te wijken indien toepassing daarvan tot een kennelijk onredelijke uitkomst zou leiden. In het onderhavige geval is deze kennelijke onredelijkheid reeds gelegen in de excessieve verlaging van het loon ten opzichte van het refertejaar en in het bijzonder in de hier bovengenoemde omstandigheden, zodat het bestuur in het onderhavige geval bevoegd is af te wijken van het bepaalde in artikel 1 sub n van het Uitkeringsreglement. Ook om deze reden dient de vordering van [eiser] derhalve te worden afgewezen. SUWAS-I wijst er daarbij - ten overvloede - op dat het hier een discretionaire bevoegdheid van het bestuur betreft, welke in rechte slechts marginaal kan worden getoetst.

3.5 Concluderend stelt SUWAS-I dat [eiser] recht op noch belang heeft bij zijn vordering en dat de vordering derhalve dient te worden afgewezen.

3.6 Ook de gevorderde buitengerechtelijke kosten dienen te worden afgewezen nu de primaire vordering van [eiser] dient te worden afgewezen en subsidiair omdat van reële buitengerechtelijke activiteiten c.q. kosten niet is gebleken. In het dossier bevinden zich twee brieven (één inhoudelijke en één kort rappel) van een rechtsbijstandverzekeraar. SUWAS-I betwist dan ook dat door [eiser] daadwerkelijke buitengerechtelijke kosten zijn gemaakt tot het gevorderde bedrag.

3.7 Niet duidelijk is waarom [eiser] de vordering jegens SCA en BPF Landbouw heeft ingesteld. De VUT-regeling waarop [eiser] aanspraak meent te hebben, wordt ingevolge artikel 3 van de VUT-CAO Agrarische Sectoren uitgevoerd door SUWAS-I en niet door SCA of BPF Landbouw. Er bestaat geen enkele (voor deze procedure relevante) juridische relatie tussen [eiser] en SCA en/of BPF Landbouw. [eiser] kan jegens SCA en/of BPF Landbouw geen aanspraken op een VUT-uitkering doen gelden. De vorderingen zoals door eiser ingesteld kunnen dan ook alleen jegens SUWAS-I worden ingesteld. [eiser] dient in zijn vorderingen jegens SCA en BPF Landbouw dan ook niet ontvankelijk te worden verklaard.

3.8 Interpolis is administrateur van een groot aantal pensioenfondsen, waaronder gedaagden sub 1, 2 en 3. SGG Collectief BV treedt op als administrateur van een geheel andere stichting (dus niet de gedaagden sub 1, 2 en 3). Interpolis Pensioenbeheer BV treedt op als administrateur van SUWAS-I. Interpolis sluit in eigen naam geen verzekeringsovereenkomsten en voert in eigen naam geen pensioenregelingen uit. Interpolis treedt krachtens volmacht op namens de stichtingen voor wie zij de administratie voert, zulks op basis van overeenkomsten tussen Interpolis en het betreffende fonds. Dit betekent dat er nimmer enige overeenkomst tussen een deelnemer/werknemer met Interpolis wordt gesloten, dan wel enige andere juridische relatie tussen Interpolis en deelnemer/werknemer ontstaat, maar alleen met het betreffende pensioenfonds. Aanspraken op uitkeringen en dergelijke worden uitsluitend door de pensioenfondsen toegekend dan wel afgewezen en hierop betrekking hebbende vorderingen zullen dan ook jegens het betreffende pensioenfonds (i.c. gedaagde sub 1) ingesteld moeten worden. Interpolis Pensioenbeheer heeft in haar hoedanigheid van administrateur telkens namens gedaagde sub 1 gehandeld. Vorderingen tot nakoming zoals door [eiser] ingesteld kunnen dan ook alleen tegen het betreffende pensioenfonds worden ingesteld. [eiser] dient derhalve in zijn vorderingen jegens gedaagden sub 4 en 5 eveneens niet ontvankelijk te worden verklaard.

4 Beoordeling

4.1 Door SUWAS is in deze procedure gesteld en door [eiser] niet weersproken, dat volgens een strikte (grammaticale) lezing van het Uitkeringsreglement SUWAS-I geen uitkering wordt toegekend indien en zolang de deelnemer in het genot is van een uitkering ingevolge de WW. De stellingname van [eiser] valt aldus te vertalen dat als het bestuur van SUWAS met toepassing van het bepaalde in artikel 21 van dat reglement besluit van de regeling af te wijken omdat de uitkomst volgens de strikte lezing in een specifiek geval kennelijk onredelijk is, het bestuur dan niet anders zou kunnen dan de betreffende regel buiten werking te stellen, maar gehouden zou zijn om alle overige artikelen onverkort en strikt toe te passen.

4.2 De aldus vertaalde stellingname vindt geen steun in de reglementaire bepalingen. Veeleer valt aan te nemen dat het bestuur de bevoegdheid heeft om een zodanige beslissing te nemen dat de deelnemer, die bij een strikte toepassing van de regels onredelijk benadeeld wordt, een zodanige uitkering wordt toegekend dat deze benadeling zoveel mogelijk wordt weggenomen. De inhoud van het reglement daarbij in ogenschouw nemend valt daarbij te verwachten dat de uitkomst van de door het bestuur dan te nemen beslissing zodanig is, dat de deelnemer in het genot wordt gesteld van een zodanige uitkering of samenstel van uitkeringen, dat deze in totaal uitkomt rond het VUT-niveau.

4.3 De ten aanzien van [eiser] door het bestuur gegeven beslissing is naar het oordeel van de kantonrechter in lijn met de hiervoor beschreven redelijke verwachting. Door [eiser] is niet gesteld en evenmin is gebleken dat de uitkomst van de door [eiser] bestreden beslissing van het bestuur voor hem andere consequenties heeft dan hiervoor beschreven of dat hij daardoor anderszins onredelijk wordt benadeeld. Dat [eiser], die ook nog aanspraak maakt en heeft op een SUWAS-II aanvulling, een hoger inkomen dan het VUT-niveau misloopt leidt niet tot de conclusie dat [eiser] benadeeld wordt, mede gelet op het doel van de VUT-regeling.

4.4 Aan de stellingen van [eiser] omtrent aan hem gedane toezeggingen wordt voorbij gegaan. Niet is immers gesteld of gebleken dat [eiser] thans in totaal een inkomen van onder het VUT-niveau geniet en er is niet gesteld dat er concrete en ongeclausuleerde toezeggingen voor een (in totaal) betere inkomenspositie van [eiser] zijn gedaan door of namens een van de gedaagde partijen.

4.5 De conclusie van het vorenstaande is dat de vorderingen van [eiser] dienen te worden afgewezen. Dat geldt voor de vorderingen die [eiser] jegens SUWAS heeft ingesteld, maar ook voor de vorderingen jegens de andere gedaagden. Ten aanzien van die laatste vorderingen geldt dat naast hetgeen hiervoor reeds is besproken door [eiser] geen andere (rechts)gronden heeft gesteld om een aanspraak jegens die gedaagden te rechtvaardigen.

4.6 [eiser] dient als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten te worden veroordeeld.

Beslissing

De kantonrechter:

1 wijst de vorderingen af;

2 veroordeelt [eiser] in de kosten van de procedure tot hiertoe aan de zijde van gedaagden vastgesteld op € 400,00 als het aan de gemachtigde van gedaagden toekomende salaris, onverminderd de eventueel over deze kosten verschuldigde BTW;

3 verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.H. Geerars, kantonrechter, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 18 maart 2010, in tegenwoordigheid van de griffier.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature