< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak




U dient ingelogd te zijn om favorieten te kunnen toevoegen aan Mijn Jure
U kunt zich hier gratis registreren
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Zaaknummer:
Soort procedure:

Inhoudsindicatie:

Moeder wordt van het gezag over haar kinderen ontheven. Voldoende is gebleken dat de moeder duurzaam bereid is de kinderen te laten opgroeien in de pleeggezinnen/instantie waar zij thans verblijven. Dit betekent echter niet zonder meer dat niet is voldaan aan de gestelde voorwaarden voor gedwongen ontheffing (zie Hr 4 april 2008, ljn: bc5726). Gebleken is dat de minderjarigen en de pleegouders ernstig behoefte hebben aan duidelijkheid over en rust ten aanzien van de verblijfssituatie van de kinderen. Voorts hebben de kinderen recht op een persoon die weloverwogen beslissingen kan nemen ten aanzien van hun verzorging en opvoeding. De rechtbank is niet gebleken dat de moeder, gezien haar verstandelijke beperking, daartoe in staat is. Rechten kinderen wegen in het onderhavige geval zwaarder dan belangen moeder.

Uitspraak



RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector familie- en jeugdrecht

Meervoudige kamer

Rekestnummer: FA RK 08-5867

Zaaknummer: 316157

Datum beschikking: 13 november 2008

Gezag

Beschikking op het op 23 juli 2008 ingekomen verzoek van:

de Raad voor de Kinderbescherming, Regio Haaglanden en Z-H Noord, locatie Den Haag (hierna te noemen de raad).

Als belanghebbenden worden aangemerkt:

[de moeder]

wonende te [woonplaats]

advocaat: mr. M.J. Zennipman,

[de vader]

wonende te [woonplaats],

advocaat: --,

[mevrouw A.] en [de heer B.],

de pleegouders van [minderjarige 1] en mevrouw [A.] tevens de beoogd voogdes van [minderjarige 1],

wonende op een voor de rechtbank bekend adres,

advocaat: --,

[mevrouw C.] en [de heer D.],

de pleegouders van [minderjarige 2] en mevrouw [C.] tevens de beoogd voogdes van [minderjarige 2],

wonende op een voor de rechtbank bekend adres,

advocaat: --,

[De heer E.] en [mevrouw F.],

hierna: de pleegouders van [minderjarige 3] en [minderjarige 4], de heer [E.] tevens de beoogd voogd van [minderjarige 3] en [minderjarige 4],

wonende op een voor de rechtbank bekend adres,

advocaat: --,

[de heer G.] en [mevrouw H.],

de (weekend)pleegouders van [minderjarige 5],

wonende op een voor de rechtbank bekend adres,

advocaat: --,

Stichting Bureau Jeugdzorg Haaglanden,

vestiging Den Haag Centrum/Scheveningen,

de gezinsvoogdij-instelling en beoogd voogdes van [minderjarige 5] (hierna te noemen Bureau Jeugdzorg).

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:

- het verzoekschrift met bijlagen;

- de brief van 7 augustus 2008 van de zijde van de vader;

- de brief van 24 september 2008 van de pleegouders van [minderjarige 3] en [minderjarige 4];

- het faxbericht van 13 oktober 2008 van de zijde van de vader.

Op 16 oktober 2008 is de zaak ter terechtzitting van deze rechtbank behandeld door

rechter-commissaris mr. H.A.G. Nijman. Hierbij zijn verschenen: de heer Cuvulay namens de raad, de moeder met een begeleider, de heer Nelisse, en bijgestaan door haar advocaat, mevrouw Duklo namens Bureau Jeugdzorg en mevrouw [A.], de heer [D.] en mevrouw [C.]. Zowel de vader als de pleegouders van [minderjarige 3] en [minderjarige 4] zijn, zoals voor de zitting reeds door hen meegedeeld, niet ter terechtzitting verschenen.

De minderjarigen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben zich schriftelijk uitgelaten over het verzoek.

Feiten

De rechtbank stelt het volgende vast:

- De moeder en de vader zijn gewezen echtgenoten, van wie het huwelijk door echtscheiding is ontbonden en ouders van de minderjarigen:

[minderjarige 1], geboren op [datum] te Gabes (Tunesië);

[minderjarige 2], geboren op [datum] 1995 te ’s-Gravenhage;

[minderjarige 3], geboren op [datum] 1997 te Delft;

[minderjarige 4], geboren op [datum] 1999 te Delft;

[minderjarige 5], geboren op [datum] 2000 te Delft;

- Na de echtscheiding van de vader en de moeder is het gezag over de minderjarigen alleen aan de moeder toegekend;

- De minderjarigen zijn sinds 2002 onder toezicht gesteld, welke ondertoezichtstelling laatstelijk bij beschikking van deze rechtbank van 9 september 2008 is verlengd tot

12 september 2009;

- Ten aanzien van de minderjarigen is een machtiging tot uithuisplaatsing afgegeven, welke machtiging laatstelijk bij laatstgenoemde beschikking is verlengd tot

12 september 2009;

- [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] verblijven bij voormelde pleegouders. [minderjarige 5] verblijft doordeweeks in een voorziening van de Stichting Horizon, locatie Bergse Bos. In de weekenden en vakanties verblijft hij bij voormelde pleegouders.

Verzoek, grondslag en verweer

De raad heeft verzocht de moeder gedwongen te ontheffen van het gezag over de minderjarigen, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

De raad heeft aan het verzoek ten grondslag gelegen dat de moeder ongeschikt of onmachtig is haar plicht tot verzorging en opvoeding van de minderjarigen te vervullen.

Het belang van de minderjarigen verzet zich volgens de raad niet tegen een ontheffing. Weliswaar verzet moeder zich tegen de ontheffing, maar de minderjarigen zijn sinds 2002 onder toezicht gesteld en uit huis geplaatst en er bestaat gegronde vrees dat deze maatregelen door de onmacht van moeder om haar plicht tot verzorging en opvoeding te vervullen onvoldoende zijn om de dreiging waarvoor de maatregelen destijds zijn toegepast af te wenden. De raad is van oordeel dat de pleegouders van [minderjarige 1], [minderjarige 2], [minderjarige 3] en [minderjarige 4] met de voogdij over hen belast dienen te worden, hetgeen de pleegouders en de minderjarigen ook willen. De raad is van oordeel dat Bureau Jeugdzorg met de voogdij over [minderjarige 5] belast dient te worden.

De moeder heeft verweer gevoerd tegen het verzoek. Zij verzoekt het verzoek af te wijzen.

De vader heeft verklaard in te stemmen met het verzoek.

Bureau Jeugdzorg heeft zich ter terechtzitting bereid verklaard de voogdij van de minderjarige [minderjarige 5] te aanvaarden.

De familie [E.]-[F.] heeft schriftelijk verklaard in te stemmen met het verzoek en zich bereid verklaard de voogdij van de minderjarigen [minderjarige 3] en [minderjarige 4] te aanvaarden.

De families [B.]-[A.] en [D.]-[C.] hebben bij monde van mevrouw [A.] en de heer [D.] ter terechtzitting ingestemd met het verzoek en zich bereid verklaard de voogdij van respectievelijk [minderjarige 1] en [minderjarige 2] op zich te nemen.

De familie [G.]-[H.] heeft bij monde van mevrouw [H.] ter terechtzitting verklaard in te stemmen met het verzoek. Zij acht het in het belang van [minderjarige 5] als Bureau Jeugdzorg de voogdij over [minderjarige 5] krijgt en zij mede, in de weekenden en de vakanties, de zorg over [minderjarige 5] draagt.

Beoordeling

Gelet op het bepaalde in artikel 1:268 lid 2 onder a van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan, gezien het verzet van de moeder, de ontheffing van het gezag slechts worden uitgesproken indien de maatregelen van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing, door de ongeschiktheid of onmacht van de moeder om haar plicht tot verzorging en opvoeding te vervullen, onvoldoende zijn om de dreiging als bedoeld in artikel 1:254 BW af te wenden.

Ten aanzien van de onmacht van de moeder om haar plicht tot verzorging en opvoeding van de minderjarigen te vervullen is uit de stukken en het verhandelde ter terechtzitting in ieder geval het volgende gebleken.

De moeder heeft een verstandelijke beperking en onvoldoende pedagogische vaardigheden en -inzicht in de behoeften van de minderjarigen. De moeder heeft in het verleden niet kunnen voorzien in de basisbehoeften van de minderjarigen. De minderjarigen zijn voorts bloot gesteld aan ernstige spanningen en conflicten. De moeder wordt in beslag genomen door haar eigen problematiek en is daardoor afhankelijk van hulpverlening.

Het vorenstaande in aanmerking nemende staat naar het oordeel van de rechtbank vast dat de moeder onmachtig is om haar plicht tot verzorging en opvoeding van de minderjarigen te vervullen. De rechtbank overweegt ten overvloede dat ook geen der partijen gemotiveerd heeft gesteld dat aan dit vereiste niet is voldaan.

De rechtbank dient vervolgens te beoordelen of de maatregelen van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing onvoldoende zijn om de dreiging als bedoeld in artikel 1:254 BW af te wenden.

De raad heeft hieromtrent aangevoerd dat een terugplaatsing van de minderjarigen bij de moeder niet tot de mogelijkheden behoort. Dit zou ernstig nadeel opleveren voor de ontwikkeling van de minderjarigen. Het perspectief van de minderjarigen ligt duidelijk binnen de pleeggezinnen, respectievelijk de instelling het Bergse Bos. Voortzetting van de verzorging en opvoeding van de minderjarigen in de huidige setting is volgens de raad noodzakelijk om een positieve ontwikkeling van de minderjarigen te garanderen. De jaarlijkse verlenging van de maatregelen zorgt daarnaast telkens weer voor onrust bij de minderjarigen. De minderjarigen hebben een problematische hechting doorgemaakt en het is in hun belang dat er thans duidelijkheid komt in de vorm van een definitieve gezagsvoorziening zoals verzocht.

Met uitzondering van de moeder hebben alle belanghebbenden zich verenigd met het door de raad gestelde.

Hetgeen de raad naar voren heeft gebracht vindt ook bevestiging in hetgeen door de minderjarigen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] schriftelijk is verklaard. [minderjarige 1] heeft verder nog gewezen op de kans dat er een situatie ontstaat waarin snel een belangrijke beslissing moet worden genomen. Zij vermoedt dat de moeder de situatie dan niet goed genoeg kan beoordelen en mogelijk verkeerde beslissingen neemt.

De moeder heeft bij monde van haar advocaat verweer gevoerd tegen de verzochte maatregel. De moeder betwist niet hetgeen de raad over de toekomstperspectief van de minderjarigen heeft opgemerkt. Zij heeft hieromtrent verklaard zich ook niet te verzetten tegen de ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing. Dit dient volgens de moeder echter te leiden tot afwijzing van het verzoek, omdat zij duurzaam bereid is de minderjarigen op te laten groeien in de gezinnen, respectievelijk de instelling waar zij thans verblijven. Gelet hierop is niet voldaan aan de voorwaarden voor gedwongen ontheffing. De duidelijkheid voor de minderjarigen is er volgens de moeder al doordat zij zich nergens tegen verzet. Daarom dient aan dit argument van de raad voorbij te worden gegaan.

De moeder heeft ter zitting verklaard het gezag over de minderjarigen graag te willen behouden. Dit is volgens haar een laatste stukje van haar moederschap en haar band met de minderjarigen en dat wil ze niet verliezen. De moeder wil ook graag nog betrokken worden in beslissingen over de minderjarigen. Ze merkt op dat ze een goed contact met de pleegouders heeft, omgang met de minderjarigen heeft en overal aan meewerkt. Ze is ook bezig zichzelf te ontwikkelen en kan goed aangeven wat ze vindt.

Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende gebleken van de duurzame bereidheid van de moeder om de minderjarigen te laten opgroeien in de pleeggezinnen/instantie waar zij thans verblijven. Onder verwijzing naar de uitspraak van de Hoge Raad van 4 april 2008 (LJN: BC5726) overweegt de rechtbank dat dit echter niet betekent dat zonder meer niet is voldaan aan de gestelde voorwaarden voor gedwongen ontheffing.

De rechtbank neemt bij haar beoordeling voormelde duurzame bereidheid van de moeder in aanmerking. De rechtbank neemt echter tevens in aanmerking het feit dat naar haar oordeel duidelijk is gebleken dat zowel de minderjarigen als de pleegouders ernstig behoefte hebben aan duidelijkheid over en rust ten aanzien van de verblijfssituatie van de minderjarigen. Dit ontbreekt nu vanwege de jaarlijkse verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing, waarbij alle belanghebbenden én de minderjarigen ouder dan twaalf jaar telkens weer naar hun mening wordt gevraagd. De minderjarigen [1] en [minderjarige 2] hebben dit in vorenvermelde verklaringen ook uitdrukkelijk aan de orde gesteld.

De rechtbank overweegt voorts dat het zeer wel denkbaar is dat er in het kader van de gezagsuitoefening complexe vraagstukken ter beoordeling komen van degene die met het gezag of de voogdij is belast. Het is de rechtbank niet gebleken dat de moeder, gezien haar verstandelijke beperking, in dergelijke situaties in staat is voortvarende en weloverwogen beslissingen te nemen.

De rechtbank kent zwaarwegende betekenis toe aan het recht van de minderjarigen op duidelijkheid en rust, alsmede op een persoon die weloverwogen beslissingen kan nemen ten aanzien van hun verzorging en opvoeding. Deze rechten dienen in het onderhavige geval naar het oordeel van de rechtbank zwaarder te wegen dan de belangen van de moeder.

Gelet op het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat de bereidheid van de moeder niet in de weg staat aan toewijzing van het verzoek. De maatregelen van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing zijn naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende om de dreiging als bedoeld in artikel 1:254 BW af te wenden.

Nu gezien het vorenstaande aan de voorwaarden voor een gedwongen ontheffing van het gezag is voldaan, zal de rechtbank het verzoek toewijzen.

Beslissing

De rechtbank:

ontheft [de moeder] wonende te [woonplaats], van het gezag over de minderjarigen:

[minderjarige 1], geboren op [datum] te Gabes (Tunesië),

[minderjarige 2], geboren op [datum] 1995 te ’s-Gravenhage,

[minderjarige 3], geboren op [datum] 1997 te Delft,

[minderjarige 4], geboren op [datum] 1999 te Delft,

[minderjarige 5], geboren op [datum] 2000 te Delft,

benoemt tot voogdes over de minderjarige [minderjarige 1]: [mevrouw A.],

benoemt tot voogdes over de minderjarige [minderjarige 2]: [mevrouw C.],

benoemt tot voogd over de minderjarigen [minderjarige 3] en [minderjarige 4]: [de heer E.],

benoemt tot voogdes over de minderjarige [minderjarige 5]: Stichting Bureau Jeugdzorg Haaglanden,

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mrs. J.A. van Steen, H.A.G. Nijman en

M. van Loenhoud, tevens kinderrechters, bijgestaan door mr. T.A.E. Scheers als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 november 2008.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde jurisprudentie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature