E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:RBSGR:2006:AY0295
LJN AY0295, Rechtbank 's-Gravenhage, AWB 05/49013

Inhoudsindicatie:

Guinee / traumatabeleid / substantiële niet-strafrechtelijke detentie / motivering.

Niet ter discussie staat dat eiser niet-strafrechtelijk gedetineerd heeft gezeten. Verweerder stelt zich op het standpunt dat eiser niet onder het traumatabeleid valt, aangezien de detentie geen substantiële niet-strafrechtelijke detentie was. Daartoe heeft verweerder overwogen dat uit de verklaringen van eiser dat hij geen littekens of blijvend letsel heeft opgelopen tijdens zijn arrestatie, dat hij nimmer is ondervraagd, noch mishandeld, noch in staat van beschuldiging gesteld, geen traumatiserende omstandigheden zijn af te leiden. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder hiermee in redelijkheid onvoldoende gemotiveerd waarom eiser niet in aanmerking zou komen voor een verblijfsvergunning asiel op de c-grond van artikel 29, eerste lid, Vw 2000. Hiertoe overweegt de rechtbank dat verweerder niet inzichtelijk heeft gemaakt dat alle gestelde traumatiserende omstandigheden zijn meegewogen. Zo blijkt uit het bestreden besluit niet op welke wijze de minderjarigheid van eiser ten tijde van zijn detentie, de wekenlange geïsoleerde opsluiting in een cel zonder daglicht, alsmede het getuige zijn bij de mishandeling van zijn vader voorafgaand aan zijn detentie, zijn meegewogen bij de toepassing van het traumatabeleid. Voorts overweegt de rechtbank dat het gegeven dat eiser nimmer is ondervraagd, noch in staat van beschuldiging is gesteld, veeleer voortvloeit uit het feit dat de detentie niet-strafrechtelijk was, dan dat hieruit zou blijken dat de detentie niet traumatiserend zou zijn. De rechtbank volgt de stelling van verweerder ter zitting dat het trauma gerelateerd moet worden aan de gebruiken in een bepaald land evenmin. Niet valt in te zien dat een detentie, mishandeling, verkrachting of andere traumatiserende gebeurtenis voor de ene persoon minder traumatiserend zou zijn dan voor de andere, enkel omdat degelijke gebeurtenissen vaker voorkomen in een land. De rechtbank kan wel inzien dat een detentie in het ene land sneller traumatiserend kan zijn dan in het andere, indien de detenties in meer of mindere erbarmelijke omstandigheden plaatsvinden. Nu verweerder niet inzichtelijk heeft gemaakt dat alle gestelde traumatiserende gebeurtenissen bij zijn beoordeling zijn betrokken, heeft verweerder in strijd gehandeld met het motiveringsvereiste, zoals neergelegd in artikel 3:46 Awb . Beroep gegrond.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie