< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak




U dient ingelogd te zijn om favorieten te kunnen toevoegen aan Mijn Jure
U kunt zich hier gratis registreren
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Zittingsplaats:
Vindplaats:

Inhoudsindicatie:

De rechtbank Noord Nederland, locatie Leeuwarden, heeft een man veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf en oplegging van TBS met voorwaarden. De man heeft zich schuldig gemaakt aan vijf ernstige zedendelicten. Hij heeft gedurende een lange periode zijn twee, toen minderjarige, (pleeg)zusjes misbruikt. Daarnaast heeft hij zich jaren later vergrepen aan zijn driejarige nichtje, dat aan zijn zorg was toevertrouwd. De man is daarbij zeer berekenend te werk gegaan door zijn nichtje te verwennen met cadeaus en zich bij zijn, mede door zijn toedoen, kwetsbare zusje voor te doen als betrouwbare en behulpzame broer. Ook dat ernstige en frequente misbruik heeft jaren voortgeduurd, waarbij hij zijn nichtje bovendien heeft blootgesteld aan de lusten van derden die hij speciaal met dat doel bij hem thuis had uitgenodigd op de dagen dat hij de zorg had voor zijn nichtje. Daarnaast had verdachte extreem grote hoeveelheden kinderpornografie in zijn bezit en maakte hij zelf ook kinderpornografische foto's en filmpjes van zijn nichtje. De rechtbank acht de man verminderd toerekeningsvatbaar. Hij is gediagnosticeerd met een ziekelijke stoornis in de vorm van pedofilie en een gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met borderline en dient lange tijd klinisch behandeld te worden. De vorderingen tot schadevergoeding van zijn slachtoffers zijn toegewezen tot bedragen van € 15.042,28, € 12.500,00 en € 12.500,00.

Uitspraak



RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling strafrecht

Locatie Leeuwarden

parketnummer 18/730209-19

Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 23 oktober 2020 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1979 te [geboorteplaats] ,

wonende te [woonplaats] , [straatnaam] ,

thans gedetineerd te [instelling] .

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 9 oktober 2020.

Verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. R.P. Snorn, advocaat te Heerenveen. Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. E.R. Jepkema.

Tenlastelegging

Aan verdachte is, na nadere omschrijving van de tenlastelegging en wijziging van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat:

1. Primair

hij in of omstreeks de periode van 21 april 2013 tot en met 30 september 2019, in elk geval in het jaar 2013 en/of het jaar 2014 en/of het jaar 2015 en/of het jaar 2016 en/of het jaar 2017 en/of het jaar 2018 en/of het jaar 2019 (tot en met 30 september 2019) te Leeuwarden, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal, met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] 2011, die toen de leeftijd van twaalfjaren nog niet had bereikt, (telkens) een of meer handelingen heeft gepleegd, die (telkens) bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten het meermalen, althans eenmaal,

- met verdachtes penis en/of tong en/of vinger(s) binnendringen/binnengaan van de vagina van die [slachtoffer 1] en/of

- met verdachtes penis binnendringen/binnengaan van de mond van die [slachtoffer 1]

- betasten/aanraken van de vagina [slachtoffer 1] en/of

- likken, althans met de tong aanraken, van die vagina van die [slachtoffer 1] en/of

- kussen van de vagina en/of de billen van die [slachtoffer 1] en/of

- met verdachtes penis langs/tegen de vagina bewegen van die [slachtoffer 1] ,

zulks terwijl die [slachtoffer 1] (telkens) al dan niet aan zijn zorg en/of waakzaamheid was toevertrouwd;

Subsidiair zo het vorenstaande niet mocht leiden tot schuldigverklaring van en strafoplegging aan verdachte

hij in of omstreeks de periode van 21 april 2013 januari tot en met 30 september 2019, in elk geval in het jaar 2013 en/of het jaar 2014 en/of het jaar 2015 en/of het jaar 2016 en/of het jaar 2017 en/of het jaar 2018 en/of het jaar 2019 (tot en met 30 september 2019) te Leeuwarden, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal, ontucht heeft gepleegd met de (telkens) aan zijn zorg en/of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] 2011, en bestaande die ontucht (telkens) uit het

- met verdachtes vinger(s) betasten/aanraken van de vagina [slachtoffer 1] en/of

- likken, althans met de tong aanraken, van die vagina van die [slachtoffer 1] en/of

- kussen van de vagina en/of de billen van die [slachtoffer 1] en/of

- met verdachtes penis langs/tegen de vagina bewegen van die [slachtoffer 1] ;

Meer subsidiair zo het vorenstaande niet mocht leiden tot schuldigverklaring van en strafoplegging aan verdachte

hij in/of omstreeks de periode van 21 april 2013 januari tot en met 30 september 2019, in elk geval in het jaar 2013 en/of het jaar 2014 en/of het jaar 2015 en/of het jaar 2016 en/of het jaar 2017 en/of het jaar 2018 en/of het jaar 2019 (tot en met 30 september 2019) te Leeuwarden, in elk geval in Nederland, met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] 2011, die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, meermalen, althans eenmaal, buiten echt, (telkens) een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten het (telkens)

- het met verdachtes vinger(s) betasten/aanraken van de vagina [slachtoffer 1] en/of

- likken, althans met de tong aanraken, van die vagina van die [slachtoffer 1] en/of

- kussen van de vagina en/of de billen van die [slachtoffer 1] en/of

- met verdachtes penis langs/tegen de vagina bewegen van die [slachtoffer 1] ,

zulks terwijl die [slachtoffer 1] (telkens) al dan niet aan zijn zorg en/of waakzaamheid was toevertrouwd;

2.

hij in of omstreeks de periode van 23 oktober 1997 tot en met 16 april 2002 te Leeuwarden, in elk geval in de provincie Fryslân, althans in Nederland, (in de periode van 23 oktober 1997 tot 26 april 1998) met [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum] 1986), die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, een of meer handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] , hebbende verdachte in voornoemde periode meermalen, althans eenmaal,

- zijn penis en/of tong en/of vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 2] gebracht en/of

- zijn penis in de mond van die [slachtoffer 2] gebracht en zodoende zich zogenoemd doen of laten pijpen door die [slachtoffer 2] en/of

- de vagina van die [slachtoffer 2] betast en/of aangeraakt en/of gelikt, althans met verdachtes tong aangeraakt, en/of

- zijn, verdachtes, penis langs/tegen de vagina van die [slachtoffer 2] bewogen en (vervolgens) al dan niet op haar lichaam klaargekomen en/of (in de periode van 26 april 1998 tot en met 16 april 2002) met [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum] 1986), die de leeftijd van twaalfjaren maar nog niet die van zestienjaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] , hebbende verdachte in voornoemde periode meermalen, althans eenmaal,

- zijn penis en/of tong en/of vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 2] gebracht en/of

- zijn penis in de mond van die [slachtoffer 2] gebracht en zodoende zich zogenoemd doen of laten pijpen door die [slachtoffer 2] en/of

- de vagina van die [slachtoffer 2] betast en/of aangeraakt en/of gelikt, althans met de verdachtes tong aangeraakt, en/of

- zijn, verdachtes, penis langs/tegen de vagina van die [slachtoffer 2] bewogen en (vervolgens) al dan niet op haar lichaam klaargekomen;

3.

hij in of omstreeks de periode van 23 oktober 1997 tot en met 16 april 2002 te Leeuwarden, in elk geval in de provincie Fryslân, althans in Nederland, (in de periode van 23 oktober 1997 tot 26 april 1998) met [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum] 1986), die toen de leeftijd van twaalfjaren nog niet had bereikt, een of meer handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3] , hebbende verdachte in voornoemde periode meermalen, althans eenmaal,

- zijn penis en/of tong en/of vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 3] gebracht en/of

- zijn penis in de mond van die [slachtoffer 3] gebracht en zodoende zich zogenoemd doen of laten pijpen door die [slachtoffer 3] en/of

- de vagina van die [slachtoffer 3] betast en/of aangeraakt en/of gelikt, althans met verdachtes tong aangeraakt, en/of

- zijn, verdachtes, penis langs/tegen de vagina van die [slachtoffer 3] bewogen en/of

(in de periode van 26 april 1998 tot en met 16 april 2002)

met [slachtoffer 3] (geboren op [geboortedatum] 1986), die de leeftijd van twaalfjaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3] , hebbende verdachte in voornoemde periode meermalen, althans eenmaal,

- zijn penis en/of tong en/of vinger(s) in de vagina van die [slachtoffer 3] gebracht en/of

- zijn penis in de mond van die [slachtoffer 3] gebracht en zodoende zich zogenoemd doen of laten pijpen door die [slachtoffer 3] en/of gelikt, althans met de verdachtes tong aangeraakt, en/of

- de vagina van die [slachtoffer 3] betast en/of aangeraakt en/of

- zijn, verdachtes, penis langs/tegen de vagina van die [slachtoffer 3] bewogen;

4.

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2010 tot en met 1 oktober 2019, althans het jaar 2010 en/of het jaar 2011 en/of het jaar 2012 en/of het jaar 2013 en/of het jaar 2014 en/of het jaar 2015 en/of het jaar 2016 en/of het jaar 2017 en/of het jaar 2018 en/of het jaar 2019 (tot en met 1 oktober 2019) te Leeuwarden, in de gemeente Leeuwarden, in elk geval in de provincie Fryslân, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, telkens

- een of meer afbeeldingen en/of

- een of meer gegevensdragers, bevattende afbeeldingen en/of videofragmenten, te weten een of meer (externe) harde schijven van een of meer computers en/of usb-sticks en/of telefoontoestel(len) een en/of meer ander(e) gegevensdragers, van seksuele gedragingen, waarbij (telkens) iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, (telkens) heeft verspreid, openlijk tentoongesteld, vervaardigd, ingevoerd, doorgevoerd, uitgevoerd, verworven en/of (telkens) in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst (telkens) de toegang heeft verschaft

en welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - (telkens) bestonden uit:

het met de/een penis en/of mond/tong en/of vinger/hand oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het met de/een penis en/of mond/tong en/of vinger/hand oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het met de/een vinger/hand/voorwerp vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt bij zichzelf

(Bestandsnaam: [bestandsnaam] )

en/of

het met de/een penis en/of mond/tong en/of vinger/hand betasten en/of aanraken van het/de geslachtsde(e)l(en) van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en/of het met de/een vinger/hand betasten en/of aanraken van het/de geslachtsde(e)l(en) van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het met de/een vinger/hand/voorwerp betasten en/of aanraken van het/de geslachtsde(e)l(en) van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt bij zichzelf

(Bestandsnaam: [bestandsnaam] )

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of met (een) onnatuurlijk voorwerp(en), en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/films nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die persoon in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

(Bestandsnaam: [bestandsnaam] )

en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

(Bestandsnaam: [bestandsnaam] )

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf al dan niet een gewoonte heeft gemaakt;

5.

hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 21 april 2013 tot en met 30 september 2019 te Leeuwarden, gemeente Leeuwarden, althans in Nederland, meermalen gegevensdragers, bevattende afbeeldingen, te weten en of meer (externe) harde schijven van een of meer computers en/of usb-sticks en/of telefoontoestel(len) een en/of of meer ander(e) gegevensdragers van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] 2011 is betrokken, heeft vervaardigd, welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven – bestonden uit: het met betasten met de vingers van de vagina en/of het likken van de vagina van die [slachtoffer 1] , althans een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

(video bestandsnaam [bestandsnaam] )

Beoordeling van het bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geconcludeerd dat de feiten 1. primair, 2., 3., 4. en 5. kunnen worden bewezen. Hij heeft daartoe verwezen naar het dossier en de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich eveneens op het standpunt gesteld dat de feiten 1. primair, 2., 3., 4. en 5. bewezen kunnen worden verklaard.

Oordeel van de rechtbank

ten aanzien van feit 3 tweede gedachte streepje

Verdachte heeft ontkend dat hij zijn penis in de mond van [slachtoffer 3] heeft gebracht en dat hij zich door haar heeft laten pijpen. [slachtoffer 3] heeft over deze handeling ook niets verklaard. De rechtbank acht deze handeling daarom niet wettig en overtuigend bewezen en zal verdachte ten aanzien van deze handeling vrijspreken.

De rechtbank acht de feiten 1. primair, 2., 3., 4. en 5. wettig en overtuigend bewezen, zoals hierna opgenomen in de bewezenverklaring. Nu verdachte deze duidelijk en ondubbelzinnig heeft bekend, volstaat de rechtbank met een opgave van de bewijsmiddelen overeenkomstig artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering .

Ieder bewijsmiddel is -ook in onderdelen- slechts gebruikt voor het feit waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft.

Deze opgave luidt als volgt:

1. de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 9 oktober 2020;

2. een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van 17 januari 2020, opgenomen op pagina 210 e.v. van het dossier van Politie Noord-Nederland met proces-verbaalnummer 2019260077 en onderzoeksnummer BANDVINK / NNRBC19155 van 5 maart 2020, inhoudend het relaas van verbalisant [verbalisant 1] (Studioverhoor [slachtoffer 1] );

3. een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte van 27 november 2019, opgenomen op pagina 176 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend de verklaring van [slachtoffer 2] ;

4. een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte van 28 februari 2020, opgenomen op pagina 258 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend de verklaring van [slachtoffer 3] ;

5. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal van 25 februari 2020, opgenomen op pagina 275 e.v. van voornoemd dossier inhoudende het relaas van verbalisant [verbalisant 2] ;

6. een als bijlage II bij het onder 5. vermelde proces-verbaal gevoegde zogenaamde "collectiescan aangetroffen kinderpornografisch materiaal", opgenomen op pagina 396 e.v. van voornoemd dossier;

7. een als bijlage III bij het onder 5. vermelde proces-verbaal gevoegde zogenaamde "Evidence Overview", opgenomen op pagina 400 e.v. van voornoemd dossier;

8. een naar wettelijke voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen onderzoek overige (internet)gegevens van 5 februari 2020, opgenomen op pagina 408 e.v. van voornoemd dossier inhoudende het relaas van verbalisant [verbalisant 3] .

Bewezenverklaring

De rechtbank acht de feiten 1. primair, 2., 3., 4. en 5. wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat:

1. primair

hij in de periode van 21 april 2013 tot en met 30 september 2019, te Leeuwarden, meermalen met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] 2011, die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] , te weten het meermalen,

- met verdachtes penis en tong en vingers binnendringen van de vagina van die [slachtoffer 1] en

- met verdachtes penis binnendringen van de mond van die [slachtoffer 1] en

- betasten van de vagina [slachtoffer 1] en

- likken van die vagina van die [slachtoffer 1] en

- kussen van de vagina en de billen van die [slachtoffer 1] en

- met verdachtes penis langs en tegen de vagina bewegen van die [slachtoffer 1] ,

zulks terwijl die [slachtoffer 1] telkens al dan niet aan zijn zorg was toevertrouwd;

2.

hij de periode van 23 oktober 1997 tot en met 16 april 2002 te Leeuwarden, in de periode van 23 oktober 1997 tot 26 april 1998 met [slachtoffer 2] , geboren op [geboortedatum] 1986, die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] , hebbende verdachte in voornoemde periode meermalen,

- zijn penis en tong en vingers in de vagina van die [slachtoffer 2] gebracht en

- zijn penis in de mond van die [slachtoffer 2] gebracht en zodoende zich zogenoemd doen of laten pijpen door die [slachtoffer 2] en

- de vagina van die [slachtoffer 2] betast en aangeraakt en gelikt en

- zijn penis langs en tegen de vagina van die [slachtoffer 2] bewogen en vervolgens al dan niet op haar lichaam klaargekomen en in de periode van 26 april 1998 tot en met 16 april 2002, met [slachtoffer 2] , geboren op [geboortedatum] 1986, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 2] , hebbende verdachte in voornoemde periode meermalen

- zijn penis en tong en vingers in de vagina van die [slachtoffer 2] gebracht en

- zijn penis in de mond van die [slachtoffer 2] gebracht en zodoende zich zogenoemd doen of laten pijpen door die [slachtoffer 2] en

- de vagina van die [slachtoffer 2] betast en gelikt en

- zijn penis langs en tegen de vagina van die [slachtoffer 2] bewogen en vervolgens al dan niet op haar lichaam klaargekomen;

3.

hij in de periode van 23 oktober 1997 tot en met 16 april 2002 te Leeuwarden, in de periode van 23 oktober 1997 tot 26 april 1998 met [slachtoffer 3] , geboren op [geboortedatum] 1986, die toen de leeftijd van twaalf jaren nog niet had bereikt, handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3] , hebbende verdachte in voornoemde periode meermalen,

- zijn penis en tong en vingers in de vagina van die [slachtoffer 3] gebracht en

- de vagina van die [slachtoffer 3] betast en gelikt en

- zijn penis langs en tegen de vagina van die [slachtoffer 3] bewogen en in de periode van 26 april 1998 tot en met 16 april 2002, met [slachtoffer 3] , geboren op [geboortedatum] 1986, die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 3] , hebbende verdachte in voornoemde periode meermalen

- zijn penis en tong en vingers in de vagina van die [slachtoffer 3] gebracht en

- de vagina van die [slachtoffer 3] betast en

- zijn, verdachtes, penis langs en tegen de vagina van die [slachtoffer 3] bewogen;

4.

hij op meer tijdstippen in de periode van 1 januari 2010 tot en met 1 oktober 2019 te Leeuwarden, in de gemeente Leeuwarden, meermalen, telkens

- afbeeldingen en

- gegevensdragers, bevattende afbeeldingen en videofragmenten, te weten externe harde schijven van computers en usb-sticks en telefoontoestellen en meer andere gegevensdragers, van seksuele gedragingen, waarbij telkens iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, telkens heeft verspreid, verworven en telkens in bezit gehad en zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en met gebruikmaking van een communicatiedienst telkens de toegang heeft verschaft

en welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - telkens bestonden uit:

het met de/een penis en/of mond/tong en/of vinger/hand oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het met de/een penis en/of mond/tong en/of vinger/hand oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het met de/een vinger/hand/voorwerp vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt bij zichzelf

Bestandsnaam: [bestandsnaam]

en

het met de/een penis en/of mond/tong en/of vinger/hand betasten en/of aanraken van het/de geslachtsde(e)l(en) van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en/of het met de/een vinger/hand betasten en/of aanraken van het/de geslachtsde(e)l(en) van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het met de/een vinger/hand/voorwerp betasten en/of aanraken van het/de geslachtsde(e)l(en) van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt bij zichzelf

Bestandsnaam: [bestandsnaam]

en

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of opgemaakt is en/of poseert in een omgeving en/of met (een) onnatuurlijk voorwerp(en), en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/films nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die persoon in beeld gebracht worden (waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

Bestandsnaam: [bestandsnaam]

en

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht en/of lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

Bestandsnaam: [bestandsnaam]

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt;

5.

hij in de periode van 21 april 2013 tot en met 30 september 2019 te Leeuwarden, gemeente Leeuwarden, een gegevensdrager, bevattende afbeeldingen, te weten een telefoontoestel, van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, te weten [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] 2011 is betrokken, heeft vervaardigd, welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven – bestonden uit: het met betasten met de vingers van de vagina en het likken van de vagina van die [slachtoffer 1] .

Video bestandsnaam [bestandsnaam]

Verdachte zal van het meer of anders ten laste gelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde levert op:

1. primair.

met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die

bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, terwijl

de schuldige het feit begaat tegen een aan zijn zorg toevertrouwde minderjarige,

meermalen gepleegd;

2. met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit

of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam en

met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft

bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;

3. met iemand beneden de leeftijd van twaalf jaren handelingen plegen die bestaan uit

of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam en

met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft

bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd;

4. een gegevensdrager, bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij

iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken

of schijnbaar is betrokken, verspreiden, in bezit hebben, zich door middel van een

geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang

daartoe verschaffen, terwijl van het plegen van dit misdrijf een beroep of gewoonte

wordt gemaakt;

5. een gegevensdrager, bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij

iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken

of schijnbaar is betrokken, vervaardigen.

Deze feiten zijn strafbaar nu geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid uitsluiten.

Strafbaarheid van verdachte

De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken.

Strafmotivering

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van de feiten 1. primair, 2., 3., 4. en 5. wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vier jaar met aftrek van voorarrest. Daarnaast heeft de officier van justitie gevorderd dat aan verdachte de maatregel terbeschikkingstelling met voorwaarden (hierna: TBS met voorwaarden) zal worden opgelegd met daaraan gekoppeld de voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering.

De officier van justitie heeft daarbij gelet op de hoge frequentie van het misbruik, de omstandigheden waaronder het misbruik is begaan en de lange periode waarin het misbruik heeft plaatsgevonden. Verder heeft de officier van justitie rekening gehouden met het advies van de psycholoog en de psychiater om het ten laste gelegde in verminderde mate aan verdachte toe te rekenen. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de door de reclassering geadviseerde gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel (hierna: GVM) niet kan worden opgelegd, omdat de feiten (deels) voor de inwerkingtreding van deze wettelijke maatregel zijn gepleegd.

Standpunt van de verdediging

De raadsman heeft gepleit voor een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden met aftrek en oplegging van de maatregel TBS met voorwaarden, met daarop aansluitend de GVM. De raadsman stelt zich op het standpunt dat de oplegging van de GVM een lagere gevangenisstraf rechtvaardigt. In dat geval is de wetswijziging gunstig voor verdachte en kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd. Bovendien speelt feit 4. zich ook voor een deel af na de inwerkingtreding van de GVM in 2018.

Oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de straf en de maatregel heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek ter terechtzitting, de rapportages van de psychiater, psycholoog en reclassering en de milieurapportage, het uittreksel uit de justitiële documentatie, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de verdediging.

De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan vijf ernstige zedendelicten. Verdachte heeft gedurende een lange periode zijn twee, toen minderjarige, (pleeg)zusjes misbruikt. Uit hun slachtofferverklaringen blijkt hoezeer zij tot op de dag van vandaag ernstig lijden onder de psychische gevolgen van zijn handelen. Daarnaast neemt de rechtbank het verdachte in het bijzonder kwalijk dat hij zich jaren later opnieuw heeft vergrepen aan een klein meisje. Hij heeft zijn lusten gebotvierd op zijn driejarige nichtje, dat aan zijn zorg was toevertrouwd. Verdachte is daarbij zeer berekenend te werk gegaan door zijn nichtje te verwennen met cadeaus en zich bij zijn, mede door zijn toedoen, kwetsbare zusje voor te doen als betrouwbare en behulpzame broer. Ook dat ernstige en frequente misbruik heeft jaren voortgeduurd, waarbij hij zijn nichtje bovendien heeft blootgesteld aan de lusten van derden die hij speciaal met dat doel bij hem thuis had uitgenodigd op de dagen dat hij de zorg had voor zijn nichtje. Verdachte heeft hiermee op zeer grove wijze inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit en persoonlijke levenssfeer van zijn slachtoffers, dit alles ter bevrediging van zijn eigen lustgevoelens en die van derden. Daarnaast had verdachte extreem grote hoeveelheden kinderpornografie in zijn bezit en maakte hij zelf ook kinderpornografische foto's en filmpjes van zijn nichtje. Met zijn handelen heeft verdachte een bijdrage geleverd aan de instandhouding van de markt voor kinderpornografische afbeeldingen en is hij daarmee indirect verantwoordelijk voor de beschadiging van de betrokken jeugdige personen door het seksueel misbruik dat zij moeten ondergaan voor het vervaardigen van foto’s of films. Ook die slachtoffers kunnen hierdoor nog jarenlang (psychische) schade ondervinden.

Uit het uittreksel uit het justitieel documentatieregister blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld wegens zedendelicten.

De rechtbank zal in strafverminderende zin rekening houden met de bekennende en open proceshouding van verdachte en zijn verminderde toerekeningsvatbaarheid.

Alles overwegend acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van vier jaren passend en geboden.

Motivering van de maatregel

De rechtbank beschikt over een psychiatrisch rapport van 8 april 2020, opgemaakt door D.T. van der Werf, psychiater, en een psychologisch rapport van 8 april 2020, opgemaakt door H.A. de Jonge, psycholoog.

Beide deskundigen komen tot de conclusie dat verdachte lijdt aan een ziekelijke stoornis in de vorm van pedofilie (exclusief voor pre-puberale meisjes) en een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met borderline en ontwijkende trekken. Verder is er sprake geweest van een kortdurende psychotische stoornis, mogelijk als gevolge van het gebruik van middelen. Van de pedofilie en de borderline-stoornis was ook sprake tijdens het plegen van de feiten. Zijn gewetensfunctie is gebrekkig ontwikkeld en er is sprake van een gebrek aan empathie waardoor verdachte niet voelt wat hij aanricht. Beide deskundigen hebben geadviseerd om verdachte in verminderde mate toerekeningsvatbaar te achten.

De rechtbank kan zich met deze conclusies verenigen en concludeert dat de bewezen verklaarde feiten aan verdachte in verminderde mate kunnen worden toegerekend

De psychiater schat de kans op herhaling van een zedendelict in als hoog. De psycholoog acht die kans matig tot hoog. Door zijn gebrekkige gewetensontwikkeling, zijn sociale isolement, zijn beïnvloedbaarheid en zijn impulsieve gedrag kan verdachte makkelijk weer ontsporen. Daar staat tegenover dat verdachte van goede wil is en gemotiveerd is om zich (klinisch) te laten behandelen. Beide deskundigen hebben geadviseerd tot oplegging van TBS met voorwaarden, eventueel gevolgd door een GVM.

De psychiater rapporteert hieromtrent dat verdachte een jarenlang (klinisch) behandeltraject dient te doorlopen binnen een Forensisch Psychiatrische Kliniek (hierna: FPK) met deskundigheid op het gebied van pedo-seksuele delicten, waarbij na twee jaar afgeschaald kan worden naar een Forensische Psychiatrische Afdeling (hierna: FPA). Verdachte kan dan stapsgewijs resocialiseren middels beschermd of begeleid zelfstandig wonen met ambulante behandeling en toezicht.

De psycholoog rapporteert dat verdachte intensief moet worden behandeld voor zijn pedofiele stoornis én zijn persoonlijkheidsproblematiek. De klinische behandeling dient te starten in een kliniek met expertise op het gebied van seksueel grensoverschrijdend gedrag en persoonlijkheidsproblematiek. Daarna kan een geleidelijke resocialisatie plaatsvinden. Het veiligheidsniveau van een FPK volstaat.

De reclassering schat de kans op herhaling van een zedendelict in als hoog. De reclassering deelt de mening van de psychiater en de psycholoog dat een intensief klinisch behandeltraject nodig is, gevolgd door een ambulant hulpverleningstraject en verblijf in een beschermd-wonenvoorziening met toezicht en aandacht voor vroegsignalering. Dit traject kan worden vormgegeven binnen de kaders van de maatregel TBS met voorwaarden en daaropvolgend een GVM. Verdachte staat open voor een behandeling en een gedragsverandering. Hij wil zich houden aan de voorwaarden.

De rechtbank overweegt dat blijkens de hiervoor genoemde rapportages bij verdachte tijdens het begaan van het bewezen verklaarde een gebrekkige ontwikkeling en ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens bestond. De door verdachte begane feiten zijn misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld. Het gaat bovendien om misdrijven die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van personen. Verder eist de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de oplegging van die maatregel.

De rechtbank neemt de onderbouwde conclusies van de deskundigen en de reclassering over en maakt deze tot haar eigen oordeel. De rechtbank zal derhalve aan verdachte de maatregel van terbeschikkingstelling met de hierna te noemen voorwaarden opleggen.

De rechtbank zal de reclassering opdracht geven verdachte bij naleving van de gestelde voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Verdachte heeft zich ter zitting bereid verklaard tot naleving van voornoemde voorwaarden.

Met betrekking tot het advies van de reclassering om opvolgend op de maatregel TBS met voorwaarden een GVM aan verdachte op te leggen overweegt de rechtbank het volgende. De rechtbank is met de officier van justitie van oordeel dat de GVM niet opgelegd kan worden, omdat GVM ten tijde van het plegen (van het grootste deel) van de feiten nog niet bestond.

Benadeelde partijen

1. [benadeelde partij] heeft zich namens benadeelde partij [slachtoffer 1] gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Gevorderd wordt een bedrag van € 542,28 ter zake van materiële schade, bestaande uit reis- en parkeerkosten en € 22.200,00 ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan.

Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie vordert toewijzing van de gehele vordering, alsmede oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt van de raadsman

De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat het materiële deel van de vordering, bestaande uit reis- en parkeerkosten, en het immateriële deel van de vordering dat ziet op de schending van het recht op privacy geheel kan worden toegewezen. Ten aanzien van het immateriële deel van de vordering dat ziet op de door het misbruik geleden schade

(€ 20.000,00) is in de onderbouwing verwezen naar een uitspraak in een soortgelijke misbruikzaak met een pleegperiode van circa drie jaar waarin een bedrag van € 10.000 is toegewezen. De raadsvrouw van de benadeelde partij komt tot een hoger schadebedrag, omdat in het geval van de benadeelde partij sprake zou zijn van een langere pleegperiode. De raadsman stelt zich op het standpunt dat het feitelijke misbruik in de zaak van de benadeelde partij ook niet langer dan drie jaar heeft geduurd en heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering gematigd dient te worden tot een bedrag van € 10.000,00.

Oordeel van de rechtbank

Reiskosten behandeling € 497,28 en parkeerkosten behandeling € 45,00

Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk dat de benadeelde partij deze gestelde schade heeft geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het onder feit 1. primair bewezen verklaarde. Dit deel van de vordering, waarvan de hoogte niet is betwist, zal daarom worden toegewezen.

Immateriële schade ten gevolge van de schending van de privacy € 2.000,00

Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk dat de benadeelde partij deze gestelde schade heeft geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het onder feit 1. primair bewezen verklaarde. Dit deel van de vordering, waarvan de hoogte niet is betwist, zal daarom worden toegewezen.

Immateriële schade ten gevolge van misbruik

Het is aannemelijk dat de benadeelde partij immateriële schade heeft geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het onder feit 1. primair bewezen verklaarde. De rechtbank zal de vordering tot een bedrag van € 12.500 toewijzen. De rechtbank heeft daarbij uitdrukkelijk de duur, aard en frequentie van het misbruik meegewogen. De rechtbank zal de benadeelde partij voor het overige deel niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering. Het staat de benadeelde partij vrij dat deel van de vordering bij de burgerlijke rechter aan te brengen.

Totaal zal worden toegewezen een bedrag van € 15.042,28, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 30 september 2019.

Nu de aansprakelijkheid van verdachte vaststaat, zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel opleggen om te bevorderen dat verdachte de schade zal vergoeden.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten die de benadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met de vordering heeft gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.

2. [slachtoffer 2]heeft zich als benadeelde partij gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Gevorderd wordt een bedrag van € 12.500,00 ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan.

3. [slachtoffer 3]heeft zich als benadeelde partij gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Gevorderd wordt een bedrag van € 12.500,00 ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan.

Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie vordert gehele toewijzing van beide vorderingen, alsmede oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunt van de raadsman

De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat aansluiting moet worden gezocht bij de jurisprudentie waar in de onderbouwing van de vorderingen naar wordt verwezen. De raadsman vraagt beide vorderingen te matigen tot een bedrag van € 10.000,00.

Oordeel van de rechtbank

Het is aannemelijk dat de benadeelde partijen [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] immateriële schade hebben geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het bewezen verklaarde. De vorderingen zullen daarom worden toegewezen.

Totaal zal worden toegewezen aan [slachtoffer 2] € 12.500,00 vermeerderd met wettelijke rente vanaf 16 april 2002.

Totaal zal worden toegewezen aan [slachtoffer 3] € 12.500,00 vermeerderd met wettelijke rente vanaf 16 april 2002 .

Nu de aansprakelijkheid van verdachte vaststaat, zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel opleggen om te bevorderen dat verdachte de schade zal vergoeden.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten die de benadeelde partij [slachtoffer 2] en de benadeelde partij [slachtoffer 3] tot aan deze uitspraak in verband met de vordering hebben gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten die de benadeelde partij [slachtoffer 2] en de benadeelde partij [slachtoffer 3] ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moeten maken.

Toepassing van wetsartikelen

De rechtbank heeft gelet op de artikelen 36f, 37 a, 38, 38a, 57, 240b, 244, 245, 248, van het Wetboek van Strafrecht. Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.

Uitspraak

De rechtbank

Verklaart het onder 1. primair, 2., 3., 4. en 5. ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar.

Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij.

Veroordeelt verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van vier jaren.

Beveelt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en/of voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf, geheel in mindering zal worden gebracht.

Gelast dat verdachte ter beschikking zal worden gesteld en stelt daarbij de volgende voorwaarden dat de:

1. veroordeelde maakt zich gedurende de maatregel niet schuldig aan een strafbaar feit;

2. veroordeelde werkt mee aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder andere in dat:

veroordeelde meldt zich op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat nodig is;

veroordeelde laat een of meer vingerafdrukken nemen en laat een geldig identiteitsbewijs zien. Dit is nodig om de identiteit van veroordeelde vast te stellen;

veroordeelde houdt zich aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om veroordeelde te helpen bij het naleven van de voorwaarden;

veroordeelde helpt de reclassering aan een actuele foto waarop zijn gezicht herkenbaar is. Deze foto is nodig voor opsporing bij ongeoorloofde afwezigheid;

veroordeelde werkt mee aan huisbezoeken;

veroordeelde geeft de reclassering inzicht in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners;

veroordeelde vestigt zich niet op een ander adres zonder toestemming van de reclassering;

veroordeelde werkt mee aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die contact hebben met veroordeelde als dat van belang is voor het toezicht;

veroordeelde geeft inzicht in alle leefgebieden waarvan de reclassering dat noodzakelijk acht;

3. veroordeelde laat zich opnemen in Forensisch Psychiatrische Kliniek (FPK) Assen of een soortgelijke zorginstelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Het innemen van medicijnen kan onderdeel zijn van de behandeling. Indien nodig werkt veroordeelde mee aan overbruggingszorg;

4. veroordeelde werkt mee aan ambulante behandeling bij de (forensische) instelling voor geestelijke gezondheidszorg in aansluiting op het klinische behandeltraject. Dit traject duurt zolang de reclassering dat nodig acht;

5. veroordeelde werkt mee aan een traject voor beschermd of begeleid wonen. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig acht. Veroordeelde houdt zich aan het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering heeft opgesteld;

6. veroordeelde werkt, indien de reclassering dat nodig acht, mee aan ambulante begeleiding bij een instelling voor (forensische) ambulante begeleiding en/of woonondersteuning;

7. veroordeelde werkt mee aan het vinden en behouden van passende dagbesteding;

8. veroordeelde gebruikt geen alcohol en drugs en werkt mee aan controle op dit verbod. De reclassering bepaalt hoe vaak en op welke wijze veroordeelde wordt gecontroleerd;

9. veroordeelde heeft of zoekt op geen enkele wijze - direct of indirect - contact met de slachtoffers [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] . Eventueel contactherstel vindt plaats in overleg met en na toestemming van de reclassering. Tevens heeft of zoekt hij op geen enkele wijze - direct of indirect - contact met medeverdachten;

10. veroordeelde zoekt op geen enkele wijze contact met minderjarigen. Hij vermijdt locaties waar zich minderjarigen ophouden;

11. veroordeelde onthoudt zich op welke wijze dan ook van:

het seksueel getint communiceren met minderjarigen;

gedrag dat is gericht op een digitale omgeving waarin kinderpornografisch materiaal kan worden verkregen;

gedrag dat is gericht op een digitale omgeving waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt gecommuniceerd;

Veroordeelde bespreekt tijdens de gesprekken met de reclassering hoe hij denkt dit gedrag te voorkomen. Het toezicht op deze voorwaarde kan onder andere bestaan uit controles van computers en andere apparatuur. Veroordeelde werkt mee aan controle op digitale gegevensdragers. Indien geïndiceerd kan deze controle plaatsvinden door de politie;

12. veroordeelde houdt zich aan afspraken met het behandelteam en de reclassering ten aanzien van zijn internetgebruik en social media en werkt mee aan controles hierop;

13. veroordeelde geeft openheid over zijn sociale netwerk. Bij het aangaan van een relatie stelt hij de reclassering hiervan direct in kennis en neemt hij indien geïndiceerd deel aan systeemgerichte interventies;

14. veroordeelde werkt mee aan een time-out in een Forensisch Psychiatrische Kliniek (FPK) of ander instelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing, als de reclassering dat nodig vindt. Deze time-out duurt maximaal 7 weken, met de mogelijkheid van verlenging met nog eens maximaal 7 weken, tot maximaal 14 weken per jaar;

15. de veroordeelde werkt na afloop van de detentieperiode mee aan vervoer middels de Dienst Vervoer en Ondersteuning (DV&O) naar de kliniek waar hij in het kader van de TBS met voorwaarden opgenomen wordt.

Draagt de reclassering op de veroordeelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Ten aanzien van 18/730209-19, feit 1.:

Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van

€ 15.042,28 (zegge: vijftienduizendtweeënveertig euro en achtentwintig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 30 september 2019.

Verklaart de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] voor het overige niet ontvankelijk. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot heden begroot op nihil.

Legt aan verdachte de verplichting op aan de staat, ten behoeve van het slachtoffer

[slachtoffer 1] te betalen een bedrag van € 15.042,28 (zegge: vijftienduizendtweeënveertig euro en achtentwintig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 30 september 2019, bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling voor de duur van 110 dagen worden toegepast, met dien verstande dat de toepassing van de gijzeling de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft. Dit bedrag bestaat uit

€ 542,28 aan materiële schade en € 14.500,00 aan immateriële schade.

Bepaalt daarbij dat, indien verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 1] daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.

Ten aanzien van 18/730209-19, feit 2.:

Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 12.500,00 (zegge: twaalfduizendvijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 april 2002.

Verklaart de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] voor het overige niet ontvankelijk. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot heden begroot op nihil.

Legt aan verdachte de verplichting op aan de staat, ten behoeve van het slachtoffer

[slachtoffer 2] te betalen een bedrag van € 12.500 (zegge: twaalfduizendvijfhonderd euro, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 april 2002, bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling voor de duur van 97 dagen worden toegepast, met dien verstande dat de toepassing van de gijzeling de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft. Dit bedrag bestaat uit immateriële schade.

Bepaalt daarbij dat, indien verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 2] daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.

Ten aanzien van 18/730209-19, feit 3.:

Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 12.500,00 (zegge: twaalfduizendvijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 april 2002.

Verklaart de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] voor het overige niet ontvankelijk. Dit deel van de vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.

Veroordeelt verdachte in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot heden begroot op nihil.

Legt aan verdachte de verplichting op aan de staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 3] te betalen een bedrag van € 12.500 (zegge: twaalfduizendvijfhonderd euro, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 april 2002, bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling voor de duur van 97 dagen worden toegepast, met dien verstande dat de toepassing van de gijzeling de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft. Dit bedrag bestaat uit immateriële schade.

Bepaalt daarbij dat, indien verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 3] daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. Dölle, voorzitter, mr. B.F. Hammerle en mr. J.H.S. Kroeze, rechters, bijgestaan door K. de Ruiter, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 23 oktober 2020.

Mr. Kroeze en mr. Hammerle zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature