E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:RBNHO:2022:4316
Rechtbank Noord-Holland, HAA 20/5968

Inhoudsindicatie:

Eiseres heeft twee soorten aandelen. Aandelen van de categorie A geven de houder ervan stem- en winstrechten. Aandelen van de categorie B geven de houder ervan winstrechten. Eiseres heeft drie statutair bestuurders: A Holding B.V. en de heer X en de heer Y. De holding houdt alle aandelen van categorie A. De aandelen van A Holding B.V. worden gehouden door de moeder van de heren X en Y. In geschil is of de heren X en Y verzekeringsplichtig zijn voor de werknemersverzekeringen en of eiseres als inhoudingsplichtige premies werknemersverzekeringen had moeten afdragen in de onderhavige jaren. Volgens eiseres dienen de heren X en Y, op grond van artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel b van de Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder 2016, te worden aangemerkt als directeur- grootaandeelhouders, zodat zij zijn uitgezonderd van verzekeringsplicht voor de werknemersverzekeringen. Eiseres leidt uit de voornoemde bepaling af dat – om als dga te worden aangemerkt – de bestuurder zelf geen houder hoeft te zijn van aandelen die stemrecht vertegenwoordigen. De rechtbank volgt eiseres niet in haar uitleg van de Regeling. De rechtbank is evenwel van oordeel dat de heren X en Y op grond van de statuten doorslaggevende invloed hebben op besluiten over hun ontslag of schorsing en dat in dat kader de verdeling van de aandeelhoudersstemrechten binnen de familie geen enkele betekenis heeft. De rechtbank is van oordeel dat de voor een dienstbetrekking vereiste gezagsverhouding ontbreekt, zodat dat X en Y in de onderhavige periode niet verplicht verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen en eiseres derhalve geen premies werknemersverzekeringen is verschuldigd.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie