< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak




U dient ingelogd te zijn om favorieten te kunnen toevoegen aan Mijn Jure
U kunt zich hier gratis registreren
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Zittingsplaats:

Inhoudsindicatie:

Luchtvaartzaak. Beroep op (doorwerking van) buitengewone omstandigheden verworpen. Slechts klein deel van de vertraging veroorzaakt door opgelegde CTOT's. Dat de luchtvaartmaatschappij genoodzaakt was gedwongen uit te wijken naar andere luchthaven lijkt in dit geval een gevolg van haar eigen strakke planning.

Uitspraak



RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 8188041 \ CV EXPL 19-18251

Uitspraakdatum: 16 september 2020

Vonnis in de zaak van:

[de passagier]

wonende te [woonplaats]

eiser

hierna te noemen de passagier

gemachtigde mr. D.E. Lof

tegen

de buitenlandse vennootschap

EasyJet Switzerland S.A.

gevestigd te Genève (Zwitserland)

gedaagde

hierna te noemen EasyJet

gemachtigde mr. J. Kumar

1 Het procesverloop

1.1.

De passagier heeft bij dagvaarding van 30 oktober 2019 een vordering tegen EasyJet ingesteld. EasyJet heeft schriftelijk geantwoord.

1.2.

De passagier heeft hierop schriftelijk gereageerd, waarna EasyJet een schriftelijke reactie heeft gegeven. De passagier heeft vervolgens nog een akte genomen.

2 De feiten

2.1.

De passagier heeft met EasyJet een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan EasyJet de passagier diende te vervoeren van Amsterdam naar Genève (Zwitserland) op 7 juni 2019 met vlucht EZY 1360, hierna: de vlucht.

2.2.

Volgens de planning zou vlucht EZY 1360 naar Genève om 19:20 uur lokale tijd vertrekken vanuit Amsterdam en om 23:05 uur lokale tijd arriveren. De vlucht is vertrokken om 21:18 uur lokale tijd en omgeleid naar de luchthaven van Lyon, in verband met de nachtsluiting van de luchthaven van Genève om 22:00 uur lokale tijd. De vlucht is vervolgens geannuleerd. De passagier heeft met alternatief vervoer de eindbestemming Genève bereikt. De passagier stelt dat de vlucht niet is geannuleerd, maar dat deze vertraagd is uitgevoerd met een omleiding naar Lyon tot gevolg.

2.3.

De passagier heeft compensatie van EasyJet gevorderd in verband met voornoemde vertraging.

2.4.

EasyJet heeft geweigerd tot betaling over te gaan.

3 De vordering

3.1.

De passagier vordert, na vermindering van eis, dat EasyJet, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 250,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 7 juni 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;

- de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf veertien dagen na dagtekening van het vonnis, indien voldoening niet binnen die termijn plaatsvindt.

3.2.

De passagier heeft aan de vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagier stelt dat EasyJet vanwege de vertraging van de vlucht gehouden is de passagier te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 250,00.

4 Het verweer

4.1.

EasyJet betwist de vordering. Allereerst heeft EasyJet aangevoerd dat de gemachtigde van de passagier niet bevoegd is om namens de passagier op te treden. Daarvoor is een volmacht vereist die door beide partijen ondertekend dient te zijn, aldus EasyJet. EasyJet heeft in deze zaak een dergelijke volmacht niet ontvangen. EasyJet doet daarnaast een beroep op (doorwerking van) buitengewone omstandigheden.

4.2.

EasyJet voert aan dat de vlucht is geannuleerd doordat voorgaande vluchten vertraagd zijn uitgevoerd als gevolg van een besluit van de luchtverkeersleiding. EasyJet geeft hierover de volgende voorstelling van zaken. De vlucht is onderdeel van de rotatievlucht EZY 1359/EZY 1360 en wordt uitgevoerd met hetzelfde toestel als de voorgaande rotatievlucht EZY 1365/EZY 1366. Vlucht EZY 1365 had te kampen met ATC slotrestricties en meermaals gewijzigde slottijden, waardoor de vlucht met 65 minuten vertraging is uitgevoerd. Ook de erop volgende vlucht EZY 1366 kreeg te maken met ATC slotrestricties en meermaals gewijzigde slottijden, hetgeen een vertraging in de uitvoering van 90 minuten opleverde. Hierna werd de vlucht voorafgaand aan de onderhavige geannuleerde vlucht uitgevoerd. Deze vlucht, EZY 1359, werd vanwege ATC slotrestricties en wijzigende slottijden met een vertraging van 103 minuten uitgevoerd. Door deze opgelopen vertraging, concludeert EasyJet, alsmede wijzigende slottijden vanuit de luchtverkeersleiding, zou de onderhavige vlucht de nachtsluiting van de luchthaven van Genève overtreden. De vlucht zou daar om 22:48 uur lokale tijd arriveren; te laat voor de nachtsluiting om 22:00 uur lokale tijd. De vlucht is omgeleid naar de luchthaven van Lyon en vervolgens geannuleerd. Volgens EasyJet was in het onderhavige geval sprake van buitengewone omstandigheden, omdat vanuit de luchtverkeersleiding een besluit voor specifieke vluchten op een specifieke dag vertraging veroorzaakte op drie voorgaande vluchten en de onderhavige geannuleerde vlucht.EasyJet voert aan dat zij de keuze had tussen annuleren of nachtelijk vertragen. Zij koos ervoor te annuleren en vervolgens vanaf de luchthaven van Lyon de passagiers per taxi naar Genève te vervoeren. EasyJet stelt daarmee alle redelijke maatregelen te hebben getroffen om de vertraging als gevolg van de buitengewone omstandigheid in kwestie te beperken.

5 De beoordeling

5.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

5.2.

Allereerst zal de kantonrechter het verweer van EasyJet ten aanzien van de ontvankelijkheid van de passagier beoordelen. Zoals de passagier terecht stelt bij repliek, is het in onderhavige geval niet noodzakelijk voor de gemachtigde van de passagier om een volmacht van de passagier te overleggen. EasyJet heeft het verweer niet nader onderbouwd, waardoor haar verweer aangaande de ontvankelijkheid van de passagier niet slaagt.

5.3.

Voorts zal worden beoordeeld of sprake is van een annulering dan wel een vertraging van de onderhavige vlucht. Naar het oordeel van de kantonrechter is geen sprake van een annulering, maar is er sprake van een vertraging in de uitvoering, nu de vlucht wel is uitgevoerd, maar niet volledig. Alle passagiers zijn ingecheckt en aan boord gegaan, het toestel is vertrokken van luchthaven Amsterdam en is richting Genève gevlogen. De vlucht is, vanwege de nachtsluiting van Genève, omgeleid naar Lyon; een luchthaven op circa 150 kilometer van de eindbestemming. Vanuit daar zijn de passagiers met alternatief vervoer naar de eindbestemming vervoerd. De passagier is, op het laatste gedeelte na, het overgrote deel van de reis vervoerd met de vlucht waar de oorspronkelijke vervoersovereenkomst betrekking op had en is vertraagd op zijn eindbestemming gearriveerd. Hetgeen EasyJet aanvoert als verweer met betrekking tot de annulering van de vlucht zal derhalve worden beoordeeld als ware het een verweer betreft met betrekking tot vertraging van de vlucht.

5.4.

Daarmee staat vast dat de passagier met een vertraging van meer dan drie uur is aangekomen op de eindbestemming Genève, zodat EasyJet op grond van de Verordening in beginsel gehouden is de compensatie als bedoeld in de Verordening te voldoen. Dit is anders indien zij kan aantonen dat de annulering het gevolg is van buitengewone omstandigheden als bedoeld in artikel 5 lid 3 van de Verordening. Gelet op het arrest Wallentin-Hermann (C-549/07) van het Hof van 22 december 2008 dient een luchtvaartmaatschappij in het voorkomende geval aan te tonen dat zij zelfs met de inzet van alle beschikbare materiële en personeelsmiddelen de buitengewone omstandigheden kennelijk niet had kunnen vermijden – behoudens indien zij op het relevante tijdstip onaanvaardbare offers uit het oogpunt van de mogelijkheden van haar onderneming had gebracht – dat de buitengewone omstandigheden waarmee zij werd geconfronteerd tot de vertraging van de vlucht leidden.

5.5.

De kantonrechter oordeelt als volgt. EasyJet heeft aangevoerd dat de vlucht is geannuleerd door de doorwerking van verscheidene vertragingen op de voorgaande (rotatie) vluchten, welke veroorzaakt zouden zijn door het opleggen van nieuwe CTOT’s (Calculated Take Off Time) vanuit de luchtverkeersleiding. Uit de door EasyJet overgelegde stukken blijkt inderdaad dat voorgaande vluchten, zijnde de rotatievlucht EZY 1365/EZY 1366, meermaals nieuwe tijdslots toegewezen kregen. Hoewel de passagier terecht opmerkt dat EasyJet door elkaar heen verwijst naar verschillende staartregistraties (HB-JZY en HB-JXD), wordt uit de producties duidelijk op welke vluchten de nadere informatie betrekking heeft. In de flight logs schetsen de vertragingscodes een ander beeld dan EasyJet uiteen heeft gezet. De eerstgenoemde vlucht, EZY 1365, vermeldt slechts 14 minuten vertraging uit een opgelegde CTOT (code 84, ‘weather at destination’). De erop volgende vlucht, EZY 1366, vermeldt enkel vertragingsoorzaken ongerelateerd aan instructies vanuit de luchtverkeersleiding. De direct voorgaande vlucht EZY 1359, waarmee de onderhavige vlucht een rotatievlucht vormt, vermeldt 18 minuten vertraging gerelateerd aan een opgelegde CTOT (code 84, ‘weather at destination’). Voor de overige 90 minuten vertraging wordt code 93 genoemd (‘late arrival of aircraft from another flight’). Voor de onderhavige vlucht liep de vertraging veroorzaakt door code 93 op tot 103 minuten. Er kwamen 6 minuten bij door een CTOT op grond van vertragingscode 81 (‘standard demand capacity problems’).

5.6.

Hieruit concludeert de kantonrechter het volgende. Een CTOT is niet inherent aan de normale bedrijfsuitvoering, ligt buiten de macht van een luchtvaartmaatschappij en kan derhalve een buitengewone omstandigheid opleveren. Ook kan een buitengewone omstandigheid tijdens de uitvoering van een voorgaande vlucht doorwerken naar een latere vlucht. In dit geval is er, indien wij alle genoemde voorgaande vluchten in overweging nemen, een vertraging van 40 minuten te wijten aan de oplegging van CTOT’s. Voor 14 minuten daarvan moeten we liefst 3 vluchten ‘terugkijken’. Bij de voorgaande vluchten zijn de vertragingen die te wijten zijn aan opgelegde CTOT’s allen van korte duur. De totale vertraging loopt bij elke vlucht zichtbaar verder op ten gevolge van de strakke planning van EasyJet. Er lijkt onvoldoende tijd ingepland tussen de vluchten om vertraging van een voorgaande vlucht op te vangen of in te halen. Dat EasyJet uiteindelijk genoodzaakt was om uit te wijken naar Lyon lijkt in dit geval een gevolg van haar eigen planning. Zelfs aangenomen dat eerdergenoemde 14 minuten vertraging van vlucht EZY 1365 zou doorwerken naar de onderhavige vlucht, zou slechts 40 minuten van de totale vertraging, verspreid over vier vluchten, te wijten zijn aan het opleggen van een CTOT vanuit de luchtverkeersleiding. In deze voor EasyJet meest gunstige lezing zou de vlucht, gepland te landen om 20:50 uur lokale tijd, met 40 minuten vertraging arriveren om 21:30 uur lokale tijd; ruim op tijd voor de nachtsluiting van Genève. Gelet op het voorgaande wordt het beroep door EasyJet op (doorwerking van) buitengewone omstandigheden verworpen.

5.7.

Nu geen sprake is van (doorwerking van) een buitengewone omstandigheid komt de kantonrechter niet toe aan de beantwoording van de vraag of EasyJet voldoende redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging te voorkomen.

5.8.

De gevorderde hoofdsom van € 250,00 zal derhalve worden toegewezen. De gevorderde wettelijke rente over de hoofdsom is als onvoldoende gemotiveerd weersproken toewijsbaar.

5.9.

Als de in het ongelijk gestelde partij zal EasyJet worden veroordeeld in de kosten van de procedure.

6 De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

veroordeelt EasyJet tot betaling aan de passagier van € 250,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 7 juni 2019;

6.2.

veroordeelt EasyJet tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagier tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 99,01;griffierecht € 83,00;salaris gemachtigde € 144,00vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

6.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

6.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature