< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Zittingsplaats:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

7 jaar gevangenisstraf voor gewoonteheling, gewoontewitwassen en (poging tot) afpersing

Uitspraak



RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht

Strafrecht

Parketnummer: 03/720560-13 (hoofdzaak)

Parketnummers gevoegde zaken: 03/720001-14, 03/661197-13, 03/700206-16, 03/700284-16, 03/866302-16

Tegenspraak

Vonnis van de meervoudige kamer d.d. 8 oktober 2019

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,

wonende te [adresgegevens verdachte] .

De verdachte wordt bijgestaan door mr. R.A. van der Horst, advocaat kantoorhoudende te Amsterdam.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zittingen van 9 en 10 juli 2019. De verdachte en zijn raadsman zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt. Het onderzoek ter terechtzitting is formeel gesloten op 24 september 2019.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt erop neer dat de verdachte:

Zaak met parketnummer 03/661197-13

in de periode van 16 maart 2011 tot en met 24 januari 2012 samen met anderen of alleen motorvoertuigen heeft gestolen, in één geval met geweld, dan wel die motorvoertuigen heeft geheeld;

Zaak met parketnummer 03/720560-13

in de periode van 4 april 2013 tot en met 17 juni 2013 samen met anderen of alleen motorvoertuigen heeft gestolen dan wel geheeld en dat hij deel heeft uitgemaakt van een criminele organisatie;

Zaak met parketnummer 03/720001-14

in de periode van 15 januari 2008 tot en met 17 juni 2013 samen met anderen of alleen motorvoertuigen heeft gestolen, in één geval met geweld, dan wel die motorvoertuigen en/of andere goederen heeft geheeld en dat hij motorvoertuigen heeft witgewassen;

Zaak met parketnummer 03/700206-16

in de periode van 3 september 2015 tot en met 1 maart 2016 motorvoertuigen heeft geheeld;

Zaak met parketnummer 03/700284-16

op of omstreeks 26 mei 2016 [benadeelde 3] heeft afgeperst en geprobeerd heeft [benadeelde 3] af te persen;

Zaak met parketnummer 03/866302-16

op 24 januari 2012 samen met anderen of alleen hennep heeft geteeld en in de periode van 1 november 2011 tot en met 24 januari 2012 energie heeft gestolen van [benadeelde 1] .

3 De voorvragen

Het standpunt van de raadsman

De raadsman heeft naar voren gebracht dat een aantal verwijten te onduidelijk is tenlastegelegd. Dat betreft verwijten in de dagvaardingen die betrekking hebben op delictdossiers 7 en 15 (parketnummer 03/720001-14) en het verwijt van deelname aan een criminele organisatie (parketnummer 03/720560-13 onder feit 4). De dagvaardingen moeten daarom nietig worden verklaard ten aanzien van die feiten. De beschuldigingen zijn niet concreet genoeg geformuleerd en voldoen daarom volgens de raadsman niet aan het vereiste van artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie is van mening dat er geen reden is de dagvaardingen op die punten nietig te verklaren.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank verwerpt het verweer. De verwijten zijn naar het oordeel van de rechtbank voldoende feitelijk omschreven. Bestendige rechtspraak is dat de inhoud van het dossier mag worden betrokken bij de beoordeling van de stelling dat de beschuldiging te vaag is. De dossiers bevatten duidelijke processen-verbaal en kennisgevingen van inbeslagneming, gerangschikt per gestolen voertuig/gestolen voorwerp. In de dagvaarding met parketnummer 03/720001-14 is door de officier van justitie ook verwezen naar door hem relevant geachte pagina’s uit het dossier. Daaruit valt voldoende op te maken waar de verwijten betrekking op hebben.

Verder worden in het dossier andere verdachten genoemd, die met de verdachte zouden hebben samengewerkt, onder andere beschreven in delictdossier 13. Het zou wenselijk geweest zijn als de officier van justitie in de tenlastelegging van de criminele organisatie (parketnummer 03/720560-13 onder feit 4) ”namen en rugnummers” zou hebben vermeld, maar het is in deze zaak niet zo dat het ontbreken van details in de tenlastelegging de verdediging onmogelijk maakt. De raadsman heeft daarvan blijk gegeven door in zijn pleidooi aan te geven waarom het verwijt in zijn optiek niet hard gemaakt kan worden. Dat betekent dat de tenlastelegging ook op dit punt voldoet aan het vereiste van artikel 261 van het Wetboek van Strafvordering.

De dagvaardingen zijn op alle onderdelen geldig.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht bewezen dat de verdachte zich op grote schaal, in meerdere tijdvakken, schuldig heeft gemaakt aan voertuigcriminaliteit. In loodsen die de verdachte gebruikte, zijn veel gestolen motorvoertuigen aangetroffen, dan wel onderdelen van gestolen voertuigen. Ook werden losse autoradio’s aangetroffen en andere goederen die de eigenaren van gestolen auto’s in hun auto of bestelbus hadden achtergelaten, zoals identiteitspapieren, onderhoudsboekjes of gereedschap. De auto’s zelf waren dan kennelijk al overgedragen door de verdachte. De verdachte moet ofwel als dief van de voertuigen (inclusief goederen) worden aangemerkt dan wel als heler en/of als witwasser.

De diefstallen werden in samenwerking met andere daders gepleegd. In twee gevallen is de diefstal gepaard gegaan met geweld. Er is geen bewijs dat de verdachte zelf geweld heeft toegepast. Wellicht moet op enkele onderdelen een deelvrijspraak gegeven worden. Alles overziend acht de officier van justitie alle feiten bewezen.

Enkele feiten konden direct door de politie worden geobserveerd. Er was sprake van een goed geoliede criminele organisatie, waarin de verdachte een centrale rol speelde. Deze organisatie heeft gedurende een langere periode voertuigen gestolen, vaak meerdere voertuigen per etmaal. Die voertuigen werden vervolgens “koud gezet” door ze onder te brengen in een loods van de verdachte. Daarna werden de voertuigen in razend snel tempo gestript of van een valse identiteit voorzien en doorverkocht. De verdachte heeft zich zo schuldig gemaakt aan diefstal, gewoonteheling, gewoontewitwassen en lidmaatschap van een criminele organisatie.

In een loods werd ook nog een hennepplantage aangetroffen die de officier van justitie aan de verdachte koppelt. Die hennepplantage werd van stroom voorzien via een illegale elektriciteitsaansluiting.

Tot slot is er volgens de officier van justitie voldoende bewijs dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan afpersing en een poging tot afpersing van de verhuurder van één van de loodsen, genaamd [benadeelde 3] .

4.2

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft volledige vrijspraak bepleit. Er is volgens hem hoe dan ook geen bewijs dat de verdachte zelf auto’s of andere voertuigen heeft gestolen. Heling, witwassen en hennepteelt kunnen evenmin bewezen worden. Er is onvoldoende bewijs om de verdachte als exclusieve gebruiker aan te merken van de loodsen waar gestolen voertuigen, voertuigonderdelen, persoonlijke spullen van slachtoffers en hennep zijn aangetroffen.

Mocht de rechtbank de verdachte wel als gebruiker van de loodsen beschouwen, dan nog geldt dat de verdachte geen wetenschap had van de aanwezigheid van de goederen in de loodsen, laat staan dat hij wist van de foute herkomst van die goederen. In de dossiers figureren vele andere personen die de in beslaggenomen goederen in de loodsen kunnen hebben geplaatst. Er is dus geen sprake van een crimineel samenwerkingsverband.

Tot slot heeft de raadsman betoogd dat de verdachte zich niet schuldig heeft gemaakt aan (een poging tot) afpersing van [benadeelde 3] . [benadeelde 3] werd afgeperst door iemand anders. De verdachte was daar alleen zijdelings bij betrokken, omdat hijzelf bedreigd werd door die ander. [benadeelde 3] heeft een dubieuze en zelfs leugenachtige verklaring over de betrokkenheid van de verdachte afgelegd. Die verklaring vindt geen steun in andere bewijsmiddelen.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

4.3.1.

De vrijspraak van het primair tenlastegelegde: overwegingen en conclusie van de rechtbank inzake de voertuigdiefstalzaken

Steler of heler?

De verdachte is in beeld gekomen bij de politie in meerdere opsporingsonderzoeken, in begin 2012, in april 2013 en in maart 2016. In deze onderzoeken zijn vervolgens doorzoekingen verricht in loodsen en in de woning van de verdachte. Er werden complete gestolen auto’s aangetroffen, onderdelen van gestolen auto’s, zoals motorblokken en chassisdelen, airbags, autoradio’s en spullen die de eigenaren in hun auto of bestelbus hadden liggen ten tijde van de diefstallen.

De rechtbank is van oordeel dat het dossier voldoende bewijs bevat om de verdachte als heler en/of witwasser van vrijwel al die goederen te veroordelen. Kort samengevat zal de rechtbank hierna bewezen achten dat de verdachte op grote schaal goederen heeft verworven, overgedragen of voorhanden heeft gehad, terwijl hij wist dat die goederen van diefstal afkomstig waren. Die criminele herkomst werd ook nog verhuld, doordat bijvoorbeeld identificerende gegevens waren weggeslepen en/of opnieuw vals ingeslagen. Dat alles levert de misdrijven (gewoonte)heling en gewoontewitwassen op. Bewijs dat de verdachte zelf auto’s gestolen heeft, ontbreekt.

De officier van justitie heeft in veel gevallen de diefstal wél bewezen geacht. Hij heeft daarbij gewezen op de modus operandi en de kenmerkende werkwijze van meerdere daders, die met name uit de zaken uit 2013 en 2016 naar voren komt, maar waarvan ook de zaak uit 2012 een afspiegeling vormt. De verdachte moet als medepleger van de diefstallen worden beschouwd, aldus de officier van justitie.

De modus operandi bestond hierin dat door anderen auto’s gestolen werden, veelal net over de grens in Duitsland of België, waarna de auto’s op openbare plaatsen werden neergezet om te zien of er een volgsysteem actief werd. Korte tijd later werden de auto’s dan weer opgehaald en ondergebracht bij de verdachte in een loods. De auto’s werden vervolgens uit elkaar gehaald (strippen) of kregen een andere identiteit (omkatten). Voor dit laatste werden dan weer schade-auto’s opgekocht.

De verdachte werkte nauw samen met de stelers van de auto’s. In januari 2012 is dat nog niet zo duidelijk, maar in april 2013 kan de politie dat vastleggen met behulp van bijzondere opsporingsmethoden. De verdachte geldt niet als medepleger van de diefstallen, maar als een typische heler: hij neemt de gestolen auto’s over van de dieven ter verdere verwerking. Het stelen liet hij aan anderen over. Op dit punt kijkt de rechtbank juridisch anders tegen de feiten aan dan de officier van justitie. De verdachte werkte wel nauw samen met anderen, maar had juridisch een andere rol. Dat betekent dat de rechtbank de verdachte van de primaire verwijten, het stelen in vereniging, zal vrijspreken, in alle zaken. Voor zover bij de diefstal van een voertuig geweld is gebruikt, kan dat geweld dus ook niet op het conto van de verdachte worden geschreven.

De nauwe samenwerking tussen de verdachte en anderen verliep, zo blijkt verderop, geroutineerd. Men verrichtte kennelijk al eerder met elkaar vergelijkbare criminele activiteiten. Maar de rechtbank acht onvoldoende bewijs aanwezig voor het bestaan van een criminele organisatie. Dat vindt zijn oorzaak in het feit dat het dossier met betrekking tot dat verwijt per saldo slechts een momentopname bevat in april 2013 en geen bewijs hoe lang de verdachte met de overige betrokkenen actief is geweest. Voor een veroordeling op basis van artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht is vereist dat het bewijs de conclusie toelaat dat de groep gestructureerd en duurzaam opereerde, over langere tijd dan enkele dagen derhalve. Op basis van het dossier kan daarover echter niets gezegd worden. Uit het gegeven dat er een grote hoeveelheid gestolen auto’s in handen van de verdachte is gekomen, volgt hooguit dat híj al veel langer bezig was. Aan het vereiste van een duurzame samenwerking is daarom niet voldaan, zodat de verdachte zal worden vrijgesproken van het verwijt van deelname aan een criminele organisatie.

Hierna zal de rechtbank het bewijs beschrijven ter zake van de heling en het witwassen en uiteenzetten waarom zij de verdachte daaraan schuldig acht.

De rechtbank komt nog terug op de modus operandi bij de gevoegde zaken met parketnummers 03/720560-13, 03/720001-14 en 03/700206-16 die zoals gezegd betrekking hebben op feiten in 2013 en 2016. De rechtbank zal het redengevende bewijs chronologisch weergeven en dus beginnen in 2012.

4.3.2

Overige vrijspraken

De rechtbank zal de verdachte ook vrijspreken van het telen van hennep en het stelen van elektriciteit (feiten met parketnummer 03/866302-16). De loods waarin een hennepplantage werd aangetroffen, betreft een andere loods dan de loods waarin op 24 januari 2012 gestolen auto’s werden aangetroffen. Er zijn aanwijzingen in het dossier dat de verdachte toegang had tot de loods met de hennepplantage, met nummer [adres 4] , maar de hennepplantage was ondergebracht in een aparte, goed verborgen ruimte en het dossier bevat geen bewijs dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van de plantage, anders dan de verklaring van een getuige, genaamd [getuige 3] . Die enkele belastende verklaring levert onvoldoende bewijs op om de verdachte te veroordelen. Er zijn weliswaar door de politie bij het fouilleren van de verdachte notities aangetroffen die betrekking hebben op hennepteelt, maar die leveren geen directe link op met de aangetroffen hennepplantage. Bij gebrek aan wettig bewijs moet de verdachte dus worden vrijgesproken van het telen van hennep en het stelen van elektriciteit.

Tot slot zal de rechtbank de verdachte vrijspreken van het helen van een bromfiets (feit 4 op de dagvaarding met parketnummer 03/720001-14). Bij de doorzoeking van de woning van de verdachte op 17 juni 2013 is een rijbewijs aangetroffen op naam van een persoon die aangifte had gedaan van de diefstal van haar bromfiets. Dit document werd aangetroffen in de slaapkamer van een van de kinderen van de verdachte op de zolder van de woning. Omdat het dossier de verdachte verder niet koppelt aan het stelen/helen van bromfietsen, maar alleen van (bestel)auto’s, is er onvoldoende bewijs om het helen van deze bromfiets en/of dit rijbewijs bewezen te achten.

4.3.3. Januari 2012: Gevoegde zaak met parketnummer 03/661197-13

Inleiding

Op 24 januari 2012 werd de verdachte aangehouden in verband met een verdenking van betrokkenheid bij ladingdiefstallen. Tevens was er anonieme informatie die door het Team Criminele Inlichtingen betrouwbaar werd geacht. De verdachte zou volgens die informatie in een loods op het industrieterrein Haefland, in het complex [adres 2] te Brunssum, werken aan gestolen auto’s. Daarop heeft de politie een doorzoeking verricht in het bedrijfspand van de verdachte op het adres [adres 1] en loodsen doorzocht, gelegen aan [adres 2] , met nummers [adres 3] en [adres 4] . Tijdens het onderzoek werd bij toeval een relatie ontdekt tussen een inbeslaggenomen autosleutel en een auto die in beslag genomen was in een loods aan de [adres 6] te Brunssum.

Inbeslaggenomen auto bij het bedrijf [adres 1] en de herkomst van die auto: diefstal

Een Volkswagen Golf met chassisnummer [VIN-nummer 1], toebehorende aan [benadeelde 5]

Op het bedrijfsterrein bij het bedrijf van de verdachte, genaamd [bedrijf verdachte 2] , gelegen op het adres [adres 1] in Brunssum, werd een personenauto in beslag genomen, een Volkswagen Golf met het kenteken [kenteken 1] en met chassisnummer [VIN-nummer 2] . Het chassisnummer is een voertuigidentificatienummer, hierna afgekort met “VIN”.

In deze auto werden diverse bescheiden aangetroffen. Onder meer een afschrift van een brief van een verzekeringsmaatschappij en een groene kaart, op naam van [naam 1] , alsmede twee rekeningen gericht aan [bedrijf verdachte 1] , [adres 1] te Brunssum. Die laatste twee geschriften brengen deze auto in verband met de verdachte. De rekeningen/betalingsbewijzen waren aan de verdachte verstrekt door de eigenaar/verhuurder van het bedrijfspand, aldus de eigenaar die als getuige is gehoord.

De relatie tussen de auto en de verdachte blijkt ook uit andere getuigenverklaringen. Zo heeft een werkneemster van [bedrijf verdachte 2] verklaard dat de Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 1] van haar baas, de verdachte, was. Zij heeft steeds de verdachte in deze auto zien rijden en eenmaal zijn vrouw. Een tweede getuige heeft verklaard dat de verdachte altijd in de Golf reed. Volgens deze getuige zou de verdachte de auto sinds half december 2011 in zijn bezit hebben. De getuige en de verdachte hebben toen de vering van de auto verlaagd. Voor zover de getuige wist, had de verdachte de auto met voorschade gekocht. Maar de getuige had die schade nooit gezien.

Wat was er nu aan de hand met de Golf? Aantreffen van een autowrak uit Duitsland

Uit het onderzoek naar de identiteit van de auto bleek dat het aangetroffen VIN niet door de fabrikant was aangebracht en dat het volledige VIN valselijk was ingeslagen. Tijdens het onderzoek is het oorspronkelijke door de fabrikant aangebrachte VIN zichtbaar geworden: [VIN-nummer 1] . Voor dit vervoermiddel was het Nederlandse kenteken [kenteken 2] afgegeven. Het gevoerde Duitse kenteken stond op naam van voornoemde [naam 1] . De auto was dus met andere woorden omgekat. Dat moest verhullen dat de auto eerder gestolen was. Namens de leasemaatschappij [benadeelde 5] was aangifte gedaan van diefstal. De diefstal van de auto met het Nederlandse kenteken [kenteken 2] en bijbehorend VIN [VIN-nummer 1] had plaatsgevonden op 27 oktober 2011 in Rotterdam. De auto was toen pas een paar maanden oud. Van enige (voor)schade aan die auto, waar voornoemde getuige van rept, blijkt uit het dossier en de aangifte niet.

Het VIN dat valselijk was ingeslagen was afkomstig van een zwaar beschadigde Volkswagen Golf. Dit wrak werd op 24 januari 2012 op het buitenterrein van het perceel [adres 2] te Brunssum aangetroffen. De zwaar beschadigde Volkswagen Golf met VIN [VIN-nummer 2] betrof een vrij nieuwe auto, die voor het eerst toegelaten was op 27 januari 2011 en op 10 september 2011 beschadigd was ten gevolge van een ongeval. Volgens opgave had de auto 8.000 km gelopen. De reparatiekosten overtroffen de nieuwprijs van de auto, zodat die auto total loss was verklaard.

De auto bleek door een Duitse verzekeringmaatschappij verkocht te zijn aan een bedrijf in Kerpen (Duitsland) voor een restwaardebedrag van 2.110 euro. De opkoper heeft het wrak vervolgens op 10 november 2011 verkocht aan de verdachte voor 3.200 euro. Het kenteken [kenteken 1] werd in opvolging van het oorspronkelijke kenteken ( [kenteken 3] ) toegekend op 21 december 2011, op naam van [naam 1] .

Waarom heeft de verdachte dat wrak gekocht en kwamen er twee auto’s op naam van [naam 1] ? Overwegingen en conclusies van de rechtbank ten aanzien van het bewijs

De rechtbank stelt vast dat de verdachte gebruikmaakte van een gestolen auto. Die auto stond niet op zijn naam. De tenaamgestelde, [naam 1] , bleek feitelijk twee auto’s te hebben: een omgekatte auto en een wrak. [naam 1] was echter niet degene die de auto’s in bezit had. Het wrak is immers aangetroffen nabij de loods [adres 2] , waar de verdachte ook in andere opzichten aan gekoppeld kan worden, waarover verderop in dit vonnis meer. De identiteit van het wrak was aangebracht in de auto die de verdachte gebruikte. Híj is degene die dit wrak gekocht heeft. Die koop vond plaats na de diefstal van een Golf in Rotterdam. Voor het wrak viel geen andere functie meer te bedenken, omdat het voertuig total loss was. Bij de koop kan de verdachte dus geen ander doel voor ogen hebben gehad dan het voor 3.200 euro kopen van een identiteit om een vergelijkbare, gestolen, gave auto in gebruik te kunnen nemen.

Daarbij werd een extra dwaalspoor gecreëerd door niet het oorspronkelijke kenteken te gebruiken, maar een nieuw kenteken in Duitsland aan te vragen en [naam 1] naar voren te schuiven. Als namens [naam 1] later via een advocaat geprobeerd wordt de auto terug te krijgen van het openbaar ministerie zou de auto 26.000 km gereden hebben. Dat is een onmogelijk aantal kilometers, omdat het wrak geen 18.000 km gereden kan hebben na het ongeluk waarbij de schade was ontstaan. Bij die claim werd ook geen bewijs van aankoop overgelegd, alleen het kentekenbewijs op naam van [naam 1] . De rechtbank acht het dan ook onaannemelijk dat [naam 1] op enig moment feitelijk in bezit is geweest van de auto: noch van het wrak, noch van de gestolen auto.

Dat levert voor de rechtbank voldoende bewijs op dat de verdachte wist dat hij een gestolen auto voorhanden had. Dat levert het misdrijf opzetheling op. Verder is nog van belang, wat de overtuiging van de rechtbank sterkt, dat in de door de verdachte gebruikte gestolen Golf in de middenconsole een sleutel werd aangetroffen van weer een ander gestolen voertuig, waarover verderop in dit vonnis meer.

De Golf was ook niet de enige omgekatte auto in deze zaak. In de loods [adres 3] werd nog een voertuig aangetroffen dat voorzien was van een nieuwe identiteit, waarbij de auto ook op naam van [naam 1] was gezet.

Inbeslaggenomen bestelbus in de loods [adres 3] en de herkomst van dat voertuig: diefstal. Weer een omgekat voertuig: een Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken 4]

In de loods [adres 3] werd een Volkswagen Transporter in beslag genomen met het kenteken [kenteken 5] en het VIN [VIN-nummer 3] . Tevens werd het kentekenbewijs in beslag genomen. Uit het onderzoek naar de identiteit van de bestelauto bleek dat het aangetroffen VIN niet door de fabrikant was aangebracht. Het gehele nummer was valselijk ingeslagen. Tevens was het VIN afwijkend van de identificatiesticker die in de motorruimte was geplakt. Tijdens het onderzoek is het door de fabrikant aangebrachte VIN zichtbaar geworden, te weten [VIN-nummer 4] . Voor dit vervoermiddel was het kenteken [kenteken 4] afgegeven. Deze bestelauto was volgens de aangever in Hogeloon gestolen tussen 27 en 28 april 2011.

De Transporter was dus omgekat. Kort voordat de verdachte werd aangehouden, werd door de politie gezien dat de verdachte inzittende was van de omgekatte bestelauto, met als bestuurder een persoon genaamd [getuige 1] . [getuige 1] heeft verklaard dat de auto eigendom was van de ex-vrouw van [getuige 1] , [naam 2] . Kort voor nieuwjaar 2011/2012 had [getuige 1] de auto gekocht van de verdachte, die eerst zelf met deze auto gereden had. De auto had toen een Duits kenteken.

Het omkatproces van de Transporter: de aankoop van een schadeauto

De verdachte heeft dus wederom de beschikking gehad over een gestolen, omgekatte auto. Ook hier is er bewijs dat de verdachte betrokken is geweest bij het verwerven van een nieuwe, legale identiteit waarmee de criminele herkomst van de gestolen bestelauto verhuld kon worden. Dat baseert de rechtbank op het volgende.

De bestelauto met chassisnummer [VIN-nummer 3] stond van 30 oktober 2008 tot 24 november 2010 op naam van de [bedrijf 2] . Vervolgens is de bestelauto na een totaalschade verkocht aan de [bedrijf 3] te Meschede. De bestelauto had toen een restwaarde van 3.168,- euro. Hierna is de (schade)bestelauto verkocht aan het bedrijf [bedrijf 5] te Brunssum op 8 maart 2011 voor 1.932,77 euro.

Na een buitengebruikstelling op 24 november 2010 (als gevolg van de schade derhalve) is de bestelauto op 16 mei 2011 weer toegelaten, op naam van [naam 1] . De bestelauto had toen het Duitse kenteken [kenteken 6] . Het oorspronkelijke kenteken op naam van de oorspronkelijke eigenaar [bedrijf 2] is overgezet naar het kenteken op naam van [naam 1] . Vanaf 21 december 2011 stond de bestelauto, nu met kenteken [kenteken 5] , op naam van voornoemde [naam 2] .

Op de rekening van [bedrijf 3] aan [bedrijf 5] staat als identiteitsnummer van de koper [bedrijf 5] : [identiteitsnummer 1] . Het vermelde burgerservicenummer [identiteitsnummer 1] behoort toe aan [naam broer verdachte] , zijnde de broer van de verdachte. Het bedrijf [bedrijf 5] houdt zich bezig met internationale beurs- en tentoonstellingsdeelnames en andere projecten/events.

De broer van de verdachte is bij de rechter-commissaris gehoord en heeft verklaard dat deze Volkswagen hem niets zegt, dat hij deze auto nooit gekocht heeft en niet verklaren kan waarom zijn burgerservicenummer gebruikt is bij de koop.

Overwegingen en conclusies van de rechtbank ten aanzien van het bewijs

Hier is dus opnieuw sprake van de aankoop van een wrak, waarvan de identiteit is overgebracht naar een gestolen voertuig. Opnieuw kan de aankoop van het wrak gekoppeld worden aan de verdachte. Van een relatie van [naam 1] met [bedrijf 5] is niet gebleken, waar die relatie met de verdachte er wel is. Zijn eigen broer, eigenaar van [bedrijf 5] , wist kennelijk van niets. Diens bedrijf heeft ook niets van doen met auto’s. De rechtbank komt daarom tot de conclusie dat de verdachte het wrak heeft aangekocht: een onbruikbaar voertuig ten gevolge van totaalschade. De bestelauto komt echter, net zoals bij de Golf, niet op zijn naam te staan, maar op naam van [naam 1] , nadat het VIN van de schadeauto is overgeslagen in de gestolen bestelauto. [getuige 1] neemt de auto niet van [naam 1] over, maar van de verdachte. Dat alles betekent voor de rechtbank dat, net als bij voornoemde Golf, [naam 1] gefungeerd heeft als een schijnrechthebbende, waar de verdachte de feitelijke bezitter was. In samenhang bezien met het bewijs in het kader van de Volkswagen Golf dat hiervoor besproken is, levert dat voor de rechtbank voldoende bewijs op dat de verdachte wist dat hij een gestolen auto voorhanden had. Dat levert het misdrijf opzetheling op.

De koppeling van de verdachte aan de loods [adres 3]

Hiervoor blijkt al van aanwijzingen die de verdachte koppelen aan de loods met nummer [adres 3] gelegen aan [adres 3] . Er stond een wrak op het terrein bij de loods, dat de verdachte gekocht heeft en gebruikt heeft om een gestolen auto van een valse identiteit te voorzien. In de loods stond een bestelauto die op een vergelijkbare manier was omgekat. Er is bovendien meer bewijs dat maakt dat de rechtbank de verdachte als gebruiker van deze loods beschouwt.

Wie had de loods gehuurd?

De verhuurder van de loods met nummer [adres 3] , die de loods op zijn beurt weer gehuurd had van de eigenaar, heeft verklaard dat de verdachte de feitelijke huurder was. De verdachte is op 1 oktober 2011 bij de verhuurder gekomen met een persoon genaamd [aangever 2] , op wiens naam de huurovereenkomst gesloten werd. De verdachte had extra ruimte nodig om aan auto’s te sleutelen, maar het contract moest op naam van [aangever 2] worden gezet, die zich legitimeerde en zijn Duitse legitimatie en rijbewijs overhandigd had, maar die vervolgens nooit meer had opgehaald. De sleutel werd aan de verdachte overhandigd en de verhuurder had hem vaker gezien in de loods. “ [aangever 2] ” heeft de verhuurder nooit meer gezien.

Dat een huurder zijn originele identiteitsbewijzen achterlaat en niet meer ophaalt, is hoogst ongebruikelijk. Deze documenten zijn bij de doorzoeking van de loods door de politie aangetroffen. Onderzoek van de politie naar deze identiteitsdocumenten liet zien dat die op 26 juli 2011 in Aken (Duitsland) samen met de bestelauto van aangever [aangever 2] gestolen waren. De aangever is vervolgens door de rechter-commissaris gehoord en heeft verklaard dat hij niet degene is geweest die zich als huurder van de loods had gemeld en een huurovereenkomst had getekend.

Overig bewijs en overige bewijsoverwegingen van de rechtbank

Er is gelet op het voorgaande voldoende wettig bewijs dat de verdachte gebruikt gemaakt heeft van identiteitspapieren van een ander om te verhullen dat hij degene was die de loods feitelijk in gebruik had: een dwaalspoor. De raadsman heeft de rechtbank verzocht de verklaring van voornoemde verhuurder uit te sluiten van het bewijs, omdat die verklaring niet betrouwbaar zou zijn en het gebruik ervan ertoe zou leiden dat een bewezenverklaring in overwegende of zelfs uitsluitende mate zou komen te rusten op die verklaring, terwijl de verdediging niet in de gelegenheid is geweest die getuige nader te horen. Dat zou strijd opleveren met de relevante jurisprudentie op dit punt van de Hoge Raad en van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

De rechtbank is echter van oordeel dat die situatie zich niet voordoet. Zij heeft al geconstateerd dat de verdachte dwaalsporen creëerde met betrekking tot twee gestolen auto’s. Daar sluit de verklaring van de verhuurder bij aan. De rechtbank ziet ook niet waarom die verklaring als onbetrouwbaar zou moeten worden aangemerkt. Enige relatie tussen deze verhuurder en autodiefstal is niet gebleken, dus er is geen reden aan te nemen dat de verhuurder geprobeerd heeft gestolen goederen aan de verdachte toe te schrijven om zo zelf buiten schot te blijven. De eigenaar van de loods, die niet wist dat de loods was onderverhuurd, heeft bovendien verklaard dat de verhuurder bij zijn weten niets met auto’s deed, daar waar de verdachte kennis had van Volkswagens en de eigenaar hielp bij een klus aan een Alfa . Er is dus geen reden de verhuurder te koppelen aan voertuigen en diens verklaring buiten beschouwing te laten. Daar komt nog het volgende bij.

De verklaring van de verhuurder vertoont weer overeenkomsten met de verklaring van een tweede getuige, [getuige 2] , die eveneens verklaard heeft over een door de verdachte geïnitieerd dwaalspoor. Deze getuige heeft de verdachte in een, volgende, gestolen auto gezien: een Volkswagen Tiguan, waarvan de autosleutel is aangetroffen in voornoemde omgekatte Golf van [benadeelde 5] . Deze auto komt hierna nog aan de orde. Volgens deze getuige was de verdachte hem op 10 december 2011 komen ophalen met de Tiguan. Ze hebben de Tiguan vervolgens samen in de loods aan de [adres 6] in box 2 ondergebracht. De getuige [getuige 2] heeft het huurcontract getekend op initiatief van de verdachte en met de verdachte afgesproken wat hij moest zeggen als de politie zou komen. De getuige moest dan zeggen dat hij de loods onderverhuurd had aan een persoon genaamd [naam 3] .

Er is tot slot nog een derde getuige, [getuige 4] , die naar aanleiding van de inval in de loods [adres 7] in april 2013 iets relevants heeft verklaard dat de verdachte aan de loods met nummer [adres 3] koppelt. Deze getuige heeft gezien dat de verdachte een zwarte Ferrari had, die de politie volgens de getuige vervolgens aantrof in de loods [adres 3] bij een inval, waarbij de getuige doelde op de inval op 24 januari 2012. Die Ferrari komt hierna in het vonnis aan de orde. Ook had deze getuige gezien dat de verdachte een autowrak heeft afgeladen. Dat betrof een Volkswagen Golf, wat weer past bij de praktijk van het omkatten van voornoemde Golf van [benadeelde 5] .

Uit alle puzzelstukken tezamen komt bewijs naar voren over het gedrag van de verdachte. Daaruit blijkt van een patroon. De verdachte trekt een rookgordijn op, niet alleen ten aanzien van de auto’s waarin hij rijdt, maar ook ten aanzien van de plaatsen waar die auto’s worden ondergebracht. Wanneer de rechtbank het bewijs, dat in onderlinge samenhang moet worden bezien, bij elkaar optelt, is er geen sprake van het trekken van een conclusie uit slechts de niet getoetste verklaring van één getuige. De conclusie dat de verdachte de loods met nummer [adres 3] feitelijk in gebruik had én dat hij daar gestolen voertuigen in aanwezig had, is gebaseerd op meer bewijs.

Dat alles betekent dat de rechtbank voldoende materiaal aanwezig acht om de opzetheling door de verdachte bewezen te achten van voornoemde goederen, alsmede van de overige aangetroffen goederen (auto’s en auto-onderdelen). De verdachte had willens en wetens gestolen zaken voorhanden. Daaraan kan niet afdoen dat andere personen, zoals de verhuurder, toegang hadden tot de loods, waarop de raadsman nog een verweer baseert.

Tot slot zij nog vermeld dat de rechtbank ervan uitgaat dat, voor zover er slechts onderdelen werden aangetroffen in de loods, de verdachte op enig moment de gehele auto moet hebben verworven. Ook wanneer er slechts een motorblok of dashboard werd gevonden, neemt de rechtbank aan dat de verdachte het gehele voertuig heeft geheeld.

Hierna zal de rechtbank nog de overige bewijsmiddelen weergeven per gestolen voertuig.

Vervolg inbeslaggenomen goederen in de loods [adres 3] en de herkomst van die goederen: diefstal

Een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 7]

In de loods werd een Volkswagen Golf inbeslaggenomen met het VIN [VIN-nummer 5] . Van de aangetroffen auto waren het contactslot en de originele computer verwijderd. Uit het onderzoek naar de identiteit bleek dat het aangetroffen VIN door de fabrikant was aangebracht en in het nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Voor deze personenauto was het Belgische kenteken [kenteken 7] afgegeven. De auto met dit kenteken en voornoemd VIN was volgens de aangeefster op 20 januari 2012 gestolen in Lummen (België).

Een Ferrari Mondial met kenteken [kenteken 8]

In de loods werd een zwarte Ferrari Mondial inbeslaggenomen met het VIN [VIN-nummer 6] . Van deze auto waren beide portiersloten geforceerd. Het contactslot was afgebroken en de bedrading van het slot was ‘kortgesloten’. Uit het onderzoek naar de identiteit van deze auto bleek dat het aangetroffen VIN door de fabrikant was aangebracht. In het nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Voor deze personenauto was het kenteken [kenteken 8] afgegeven. De auto met dit kenteken en voornoemd VIN was volgens de aangever gestolen in Düsseldorf (Duitsland) in de periode van 21 juli 2011 tot en met 15 augustus 2011. Dit is de Ferrari waarop de verklaring van de getuige [getuige 4] betrekking heeft.

Een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 9]

In de loods werd een Volkswagen Golf inbeslaggenomen met het VIN [VIN-nummer 7] . Onder de bestuurdersstoel van deze auto lagen twee Duitse kentekenplaten, voorzien van het kenteken [kenteken 9] . De cilinder was uit het contactslot van deze auto verwijderd. Uit het onderzoek naar de identiteit van deze auto bleek dat het aangetroffen VIN door de fabrikant was aangebracht. In het nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Voor deze personenauto was het kenteken [kenteken 9] afgegeven. De auto met dit kenteken en voornoemd VIN was volgens de aangever op 14 januari 2012 gestolen in Selfkant (Duitsland).

Een Volkswagen Multivan met kenteken [kenteken 10]

In de loods werd een Volkswagen Multivan inbeslaggenomen met het VIN [VIN-nummer 8] . In de laadruimte van deze auto werden twee Poolse kentekenplaten aangetroffen, voorzien van het kenteken [kenteken 10] . In het contactslot van de auto stak een speciaal nagemaakte sleutel. Uit het onderzoek naar de identiteit van deze auto bleek dat het aangetroffen VIN door de fabrikant was aangebracht. In het nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Voor dit vervoermiddel was het Poolse kenteken [kenteken 10] afgegeven. Volgens de aangever was de auto met voornoemd kenteken en VIN gestolen in Eindhoven tussen 28 november 2011 en 29 november 2011.

Een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 11]

In de loods werd een Volkswagen Golf inbeslaggenomen met het VIN [VIN-nummer 9] . Uit het onderzoek naar de identiteit van de auto bleek dat het aangetroffen VIN door de fabrikant was aangebracht. In het nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Voor dit vervoermiddel was het Belgische kenteken [kenteken 11] afgegeven. Volgens de aangever was de auto met voornoemd kenteken en VIN in Antwerpen (België) gestolen tussen 23 november 2011 en 24 november 2011.

Een Jaguar met kenteken [kenteken 12]

In de loods werd een auto van het merk Jaguar inbeslaggenomen, met het VIN [VIN-nummer 10] . Het contactslot van deze personenauto was afgebroken en de bedrading was ‘kortgesloten’. De portiersloten en het slot van het dashboardkastje waren geforceerd. Uit het onderzoek naar de identiteit bleek dat het aangetroffen VIN door de fabrikant was aangebracht. In het nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Voor deze personenauto was het Duitse kenteken [kenteken 12] afgegeven. Volgens de aangever was de auto met voornoemd kenteken en VIN in Roermond gestolen op 15 januari 2012.

Een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 13]

In de loods werd een Volkswagen Golf inbeslaggenomen met het VIN [VIN-nummer 11] . Uit het onderzoek naar de identiteit van deze auto bleek dat het aangetroffen VIN door de fabrikant was aangebracht. In het nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Voor deze personenauto was het Duitse kenteken [kenteken 13] afgegeven. Volgens de aangever was de auto met voornoemd kenteken en VIN op 1 oktober 2011 in Aken (Duitsland) gestolen.

Een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 14]

In de loods werd een motorblok inbeslaggenomen van een Volkswagen met registratienummer [VIN-nummer 12] . Op de dag van de inbeslagneming werden op het terrein, in een kamer tegenover de ingang van het perceel [adres 4] , onderdelen inbeslaggenomen, waaronder vijf portieren, een dashboard en een computerklok van een Volkswagen. Uit het onderzoek naar de identiteit van deze goederen bleken die van dezelfde auto afkomstig te zijn. Het nummer van het motorblok was door de fabrikant aangebracht. Er werden geen veranderingen in geconstateerd. In de andere onderdelen is een specifiek door de fabrikant aangebracht nummer aangetroffen. Alle goederen waren door de fabrikant ingebouwd in een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 14] en het VIN [VIN-nummer 13] . Volgens de aangever was de auto met voornoemd kenteken en VIN op 29 mei 2011 in Aken (Duitsland) gestolen.

Een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken 15]

In de loods zijn inbeslaggenomen een motorblok van een Volkswagen met registratienummer [VIN-nummer 14] , een dashboard met bijrijdersairbag, een radio-/CD-speler, twee portieren en een achterklep van een Volkswagen Polo. Uit het onderzoek naar de identiteit van deze goederen bleek dat volgens mededeling van de fabrikant/importeur de motor en het dashboard met airbag geplaatst waren in een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken 15] en met chassisnummer [VIN-nummer 15] . Volgens de aangever was de auto met dit kenteken en VIN op 15 of 16 juni 2011 in Urmond gestolen.

Inbeslaggenomen auto in de loods [adres 6] 16-18-181 en de herkomst van die auto: diefstal

Een Volkswagen Tiguan met kenteken [kenteken 16]

In een loods op het adres [adres 6] te Brunssum werd een Volkswagen Tiguan inbeslaggenomen met kenteken [kenteken 16] en het VIN [VIN-nummer 16] . De inbeslagneming vond plaats in het onderzoek naar ladingdiefstallen en de auto werd ondergebracht in de loods van het bergingsbedrijf waarin de politie ook onderzoek verrichte naar de auto die in beslag was genomen op het terrein [adres 1] , de Volkswagen Golf van [benadeelde 5] , omgekat en voorzien van het Duitse kenteken [kenteken 17] . Tijdens dat onderzoek werd in de Golf een autosleutel aangetroffen. De Tiguan die in de loods stond kon worden geopend met deze autosleutel.

Uit het onderzoek naar de identiteit van de Tiguan bleek dat het aangetroffen VIN door de fabrikant was aangebracht en in het nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Voor deze personenauto was het Duitse kenteken [kenteken 16] afgegeven. Beide kentekenplaten, voorzien van het kenteken [kenteken 16] werden in de kofferruimte van de auto aangetroffen.

Volgens aangever [aangever 1] was de auto met voornoemd kenteken en VIN tussen 16 en 17 maart 2011 in Erkelenz (Duitsland) gestolen.

Verder is er voornoemde getuige [getuige 2] , die de verdachte in deze Tiguan heeft gezien. Dat was op 10 december 2011, toen de verdachte de getuige kwam ophalen. Ze hebben de Tiguan samen in de loods aan de [adres 6] in box 2 ondergebracht. De getuige heeft het huurcontract getekend op initiatief van de verdachte en met de verdachte afgesproken wat hij moest zeggen als de politie zou komen. De getuige moest dan zeggen dat hij de loods onderverhuurd had aan een persoon genaamd [naam 3] .

4.3.4. April en juni 2013 Zaken met parketnummers 03/720560-13 (hoofdzaak) en 03/720001-14 (gevoegde zaak)

Inleiding

Begin april 2013 deed de politie onderzoek naar een verdachte genaamd [medeverdachte 3] . [medeverdachte 3] werd ervan verdacht ramkraken gepleegd te hebben. In dit onderzoek werd gebruikgemaakt van bijzondere opsporingsbevoegdheden. De verdachte kwam op 3 en 4 april 2013 in beeld, toen een gestolen BMW door [medeverdachte 3] werd opgehaald uit een parkeergarage in Heerlen en werd overgebracht naar een loods gelegen aan [adres 2] te Brunssum. Op 5 april 2013 werd opnieuw gezien dat twee BMW’s werden overgebracht, waarop de politie de loods, met nummer [adres 7] , is binnengevallen. De BMW van 4 april 2013 werd niet meer teruggevonden, maar de andere twee BMW’s werden in de loods aangetroffen.

Naar aanleiding van de onderzoeksbevindingen van april 2013 besloot de politie om de verdachte op 17 juni 2013 aan te houden, waarna een doorzoeking is gevolgd van zijn woning aan de [adres 8] te Brunssum en het bedrijfspand van de verdachte, gelegen op het adres [adres 1] te Brunssum.

De resultaten van het opsporingsonderzoek, de doorzoekingen en het onderzoek naar de in beslaggenomen goederen, zal de rechtbank hierna beschrijven. Zij begint met de diefstal van de drie BMW’s. Hieruit kan namelijk een duidelijke werkwijze worden opgemaakt, waaruit de rechtbank ook andere conclusies kan trekken ten aanzien van de relatie tussen het beslag uit de loods en de verdachte.

Drie BMW’s: modus operandi

4 april 2013: een BMW met kenteken [kenteken 18]

De diefstal

In de periode van 3 tot en met 4 april 2013 werd volgens de aangever een BMW gestolen in Würselen (Duitsland), met het kenteken [kenteken 18] . De aangever had de auto op 3 april achtergelaten en trof hem op 4 april om 8:00 uur ‘s morgens niet meer aan.

Wat gebeurde er vervolgens na de diefstal op 4 april 2013?

4 april 2013

12:55 uur: De politie zag dat een BMW met het kenteken [kenteken 18] in een parkeergarage stond, gelegen aan de Henri Dunantstraat in Heerlen. De auto stond geparkeerd in een hoek van de garage. De portieren waren niet afgesloten en de handgreep van het bestuurdersportier was beschadigd.

16:23 uur: [medeverdachte 3] maakte een afspraak met de verdachte. Ze zouden elkaar om half negen treffen: “gewoon op de ouwe plaats of anders op die andere plek, als het moest”. De verdachte zou nog laten weten waar.

18:59 uur: De verdachte belde met een onbekend gebleven Duitssprekende man. De verdachte gaf aan dat hij een 6er had, een diesel met leder en navi van het jaar 09 of 10.

De politie relateerde dat de gestolen BMW met het kenteken [kenteken 18] een type X6 betrof, voorzien van een dieselmotor, lederen bekleding en navigatie. Gelet op de datum waarop de auto voorzien werd van een kenteken, zal het productiejaar 2010 zijn geweest.

19:57 uur: [medeverdachte 3] maakte met de verdachte een afspraak om negen uur. [medeverdachte 3] maakte op zijn beurt weer een afspraak met een derde, [medeverdachte 2] .

20:52 uur: Gezien werd dat de BMW uit de parkeergarage reed. De BMW werd vergezeld door een Volkswagen Golf waarin voornoemde [medeverdachte 3] als bestuurder herkend werd.

20:53 uur: [medeverdachte 3] belde de verdachte en zei dat ze om negen uur hadden afgesproken. De verdachte dacht dat ze om half tien hadden afgesproken. [medeverdachte 3] gaf aan dat hij niet kon wachten, waarop de verdachte aangaf dat [medeverdachte 3] dan terug moest rijden naar Brunssum en dat hij, de verdachte, hem dan hier moest overpakken. [medeverdachte 3] zei dat hij kwam.

21:00 uur: De auto’s verplaatsten zich van Kerkrade naar Brunssum en stopten bij een Mercedes Sprinter (kenteken [kenteken 19] ). Deze bus was geleased door [bedrijf verdachte 1] , het bedrijf van de verdachte. Bij deze bus werd de verdachte waargenomen. De bestuurders van de andere twee auto’s maakten contact met hem.

21:16 uur: Gezien werd dat de mannen richting een voertuig liepen, waarna de Volkswagen Golf en de Mercedes Sprinter achter elkaar wegreden.

Deze BMW is in het onderzoek van de politie niet meer aangetroffen. De volgende dag werd opnieuw waargenomen hoe gestolen BMW’s werden overgebracht.

5 april 2013: een BMW met kenteken [kenteken 20] en een BMW met kenteken [kenteken 21]

Op 4 april 2013 werd een BMW met kenteken [kenteken 20] gestolen in Heinsberg (Duitsland), waarvan aangifte werd gedaan door de eigenaar. De eigenaar had de auto op 4 april om 21:00 uur afgesloten achtergelaten. Om 22:15 uur bleek de auto te zijn weggenomen. Ook werd aangifte gedaan van diefstal in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 in Aken (Duitsland) van een BMW met kenteken [kenteken 21] . De eigenaar had de auto op 4 april om 13:00 uur achtergelaten. Om 12:00 uur de volgende dag bleek de auto te zijn weggenomen.

Beide auto’s werden in de loods [adres 7] aangetroffen en in beslaggenomen.

Wat gebeurde er met deze auto’s tussen het stelen van deze auto’s en de inbeslagname?

5 april 2013 ‘s morgens

11:17 uur: De politie zag de BMW met het kenteken [kenteken 20] in dezelfde parkeergarage in Heerlen aan de Henri Dunantstraat, wederom geparkeerd in een hoek van de parkeergarage. De portieren van het voertuig waren niet afgesloten. De handgreep van het bestuurdersportier was beschadigd.

11:35 uur: De BMW met kenteken [kenteken 21] werd door de politie gezien op een parkeerplaats in Kerkrade. De handgreep van het bestuurdersportier was beschadigd.

5 april 2013 ‘s middags

15:52 uur: [medeverdachte 3] werd gebeld door de verdachte. Ze spraken af om 9 uur rond de oude plek, omdat het volgens de verdachte dan al wat schemerig was.

17:28 uur: De verdachte werd gebeld door een Duitssprekende man. Ze maakten een afspraak 20 minuten later.

5 april ‘s avonds

18:18 uur: [medeverdachte 3] werd gebeld door een derde betrokkene, [medeverdachte 4] , die meedeelde dat hij [medeverdachte 2] erbij betrokken had. [medeverdachte 3] zei vervolgens dat [medeverdachte 4] hem om kwart over 8 moest ophalen.

20:17 uur: Vervolgens werd een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken 22] gezien, die over de Henri Dunantstraat te Heerlen reed in de richting van de John F. Kennedylaan te Heerlen. Achter de Polo reed de BMW met het kenteken [kenteken 20] .

20:26 uur: De politie zag een Mercedes Sprinter met kenteken [kenteken 19] , de bus op naam van het bedrijf van de verdachte en waarbij de verdachte op 4 april 2013 werd gezien, het terrein van [adres 2] te Brunssum oprijden.

20:34 uur: Gezien werd dat de BMW met het kenteken [kenteken 20] geparkeerd stond op het parkeerterrein van de Europalaan 487 te Brunssum. De bestuurder van de BMW stapte uit de BMW en stapte als passagier in de Polo met kenteken [kenteken 22] . Vervolgens reed de Polo weg.

21:06 uur: De verdachte belde naar [medeverdachte 3] die zei dat hij over 5 minuten daar was.

21:13 uur: Vervolgens zag de politie dat twee donkerkleurige personenauto’s, een Volkswagen Polo en een BMW, het terrein van [adres 2] te Brunssum opreden.

21:17 uur: Een donkerkleurige Polo reed vanaf het [adres 2] te Brunssum weg.

21:19 uur: De Polo met kenteken [kenteken 22] en de BMW met kenteken [kenteken 20] reden het terrein van [adres 2] op.

21:34 uur: De Mercedes Sprinter en de Polo reden het terrein [adres 2] weer af.

De verbalisant zag dat de bestuurder van de Sprinter de toegangspoort afsloot.

De inval en wat er daarna gebeurde

22:00 uur: Vervolgens werd bij de bedrijfsloods aan [adres 2] door de politie de box met nummer [adres 7] betreden. De werkplaats was ingericht als een werkplaats van een garage. In de ruimte stonden voornoemde gestolen BMW’s met de kentekens [kenteken 20] en [kenteken 21] .

22:09 uur: De verdachte belde naar voornoemde [medeverdachte 3] en gaf aan dat hij [medeverdachte 3] dringend moest zien: “Ik heb denk ik kerstfeest. (…) Ze zijn alles open aan het trekken.” Vervolgens spraken [medeverdachte 3] en de verdachte bij de verdachte thuis af.

22:20 uur: Ook [medeverdachte 2] belde met de verdachte en zou naar de verdachte toekomen. De verdachte zei tegen [medeverdachte 2] dat hij naar het tankstation moest komen.

22:30 uur: Een onbekende man belde de verdachte, nadat de verdachte geprobeerd had diens nummer te bellen. De verdachte gaf aan: “Ja, stront aan de knikker (…) alles is dicht momenteel dicht. Wat een ellende. (…) zeik à la crème.” De onbekende sprak met de verdachte af bij de verdachte thuis, omdat er spullen bij de verdachte weg moesten.

22:36 uur: De verdachte belde vervolgens met nog een betrokkene, door de politie geïdentificeerd als [naam 4] , die de loods [adres 7] gehuurd had van de eigenaar. De verdachte deelde mee dat er echt stront aan de knikker was. Vervolgens instrueerde de verdachte de gebelde wat hij zeggen moest als men hem vragen kwam stellen. De gebelde moest zeggen dat hij “begin deze maand verhuurt aan die jongen die export met die auto-onderdelen heeft, waar die hem voor nodig had”. [naam 4] zei vervolgens: “Ja, oké, je kent me langer dan vandaag hè.”

23:20 uur: Vanaf de telefoon in gebruik bij de verdachte werd een sms gestuurd naar hetzelfde Duitse telefoonnummer waar ’s middags contact mee geweest was, met de tekst: “Die kinder sind alle weg.”

23:31 uur: Voornoemde [naam 4] zei tegen de verdachte dat hij zijn “lulijzer” beter weg kon doen.

23:50 uur: De verdachte en [naam 4] spraken met elkaar af bij het station in Spaubeek.

6 april 2013

15:20 uur: Naar aanleiding van de inbeslagname in de loods [adres 7] te Brunssum werd een bericht geplaatst op teletekst van L1, de regionale radio- en televisiezender. Dit bericht werd geplaatst op de teletekstpagina 127 en vermeldde dat er in het bedrijfspand aan het [adres 7] onder andere gestolen auto’s waren aangetroffen.

16:16 uur: Vanaf de telefoon die in gebruik was bij de verdachte werd een sms-bericht gestuurd naar een ander nummer met de tekst: ‘L1 pagina 127’.

Conclusies en bewijsoverwegingen van de rechtbank ten aanzien van de gang van zaken in april 2013

Uit het voorgaande leidt de rechtbank af dat de verdachte betrokken is geweest bij het onderbrengen van drie gestolen BMW’s in voornoemde loods. De auto’s werden eerst gestald in een parkeergarage of op de openbare weg. Later werden de auto’s opgehaald door [medeverdachte 3] en anderen en vervolgens overgenomen door de verdachte en de loods [adres 7] ingereden. De rechtbank gaat ervan uit dat [medeverdachte 3] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 4] verantwoordelijk waren voor het stelen van de auto’s, gelet op het korte tijdsverloop tussen de diefstallen en het waarnemen van de auto’s door de politie in de parkeergarage en op de openbare weg in Kerkrade.

De verdachte maakte afspraken met [medeverdachte 3] . In nauw overleg vond in een kort tijdsbestek de overbrenging van de auto’s plaats, ’s avonds, omdat het dan al wat schemerig was. Met andere woorden: omdat het risico op ontdekking dan minder groot zou zijn. De verdachte bood onderwijl één van de auto’s aan een onbekend gebleven Duitssprekende persoon aan.

Toen de politie vervolgens ingreep, liet de verdachte dit vrijwel direct aan [medeverdachte 3] en anderen weten en werd getracht de gevolgen van de inval te beperken. Er moesten dingen worden weggemaakt, de politie moest op een dwaalspoor worden gebracht door de huurder van de loods en er werden ontmoetingen afgesproken. Ook de Duitssprekende potentiële afnemer werd gewaarschuwd. Dat alles bij elkaar maakt dat de rechtbank concludeert dat de verdachte willens en wetens gestolen auto’s in ontvangst nam. Daaraan kan niet afdoen dat de verdachte niet op ieder moment tijdens de observaties van de politie is herkend. De observaties in combinatie met de telefoongesprekken geven een duidelijk beeld.

Het gedrag van de verdachte levert het misdrijf opzetheling op. De verdachte heeft ter terechtzitting onvoldoende onderbouwd waarom voornoemde tapgesprekken heel anders, ontlastend, uitgelegd zouden moeten worden en dat alles wat duidt op voertuigcriminaliteit aan anderen moet worden toegeschreven en niet aan hem.

De gang van zaken laat zien dat [medeverdachte 3] en de verdachte goed op elkaar waren ingespeeld en niet voor de eerste keer afgesproken hadden om een auto over te brengen. De auto’s komen niet eens ter sprake in hun communicatie. Dat maakt dat de rechtbank, met de officier van justitie, uitgaat van een modus operandi, in de woorden van de officier van justitie: een goed geoliede machine. De routine in het handelen maakt dat de rechtbank van oordeel is dat de overige aangetroffen gestolen goederen in de loods opzettelijk door de verdachte waren ondergebracht in die loods. De specifieke bewijsmiddelen zal de rechtbank hierna weergeven. Voor die koppeling is ook nog de verklaring van de getuige [getuige 4] als bewijs voorhanden. Deze getuige heeft namelijk verklaard dat de loods met nummer [adres 7] door de eigenaar verhuurd was aan [naam 4] , maar dat de verdachte de feitelijke gebruiker was van de loods.

Tot slot zij nog eens vermeld dat de rechtbank ervan uitgaat dat, voor zover er slechts onderdelen werden aangetroffen in de loods, de verdachte op enig moment de gehele auto moet hebben verworven. Dat betreft niet alleen de auto’s die nog vrijwel compleet werden aangetroffen, maar die al wel uit elkaar gehaald waren. Ook wanneer er slechts een motorblok, een autosleutel of alleen nog papieren werden gevonden, neemt de rechtbank aan dat de verdachte het gehele voertuig heeft geheeld.

Later, op 17 juni 2013, werd wederom een groot aantal voertuigen, onderdelen en persoonlijke spullen van aangevers aangetroffen, dit keer in de loods en op het terrein van het bedrijf van de verdachte. Tevens werd opnieuw een omgekatte Volkswagen aangetroffen. Ook in de woning van de verdachte werden nog enkele gestolen goederen aangetroffen. Voor al die goederen geldt dezelfde conclusie van de rechtbank. Zij vindt het ook ten aanzien van die goederen ongeloofwaardig dat de verdachte, die alles toeschrijft aan anderen die toegang hadden tot zijn bedrijf en/of woning, geen wetenschap zou hebben gehad van de aanwezigheid van die goederen en de herkomst ervan.

Nu het vele auto’s betreft is sprake van gewoonteheling. Bij een aantal auto’s is ook sprake van een witwasaspect, waarbij de nadruk ligt op het verhullen van de criminele herkomst. Door bijvoorbeeld het wegslijpen van identificerende gegevens of het aanbrengen van gestolen kentekenplaten werd de criminele herkomst van de goederen verhuld.

Hierna zal de rechtbank nog de overige bewijsmiddelen weergeven per gestolen voertuig.

Vervolg bewijsmiddelen: onderzoek loods [adres 7]. Op 5 april inbeslaggenomen goederen en de herkomst van die goederen: diefstal

In de loods [adres 7] werden naast de twee gestolen BMW’s de volgende gestolen goederen inbeslaggenomen. Het betrof een bestelbus, voertuigonderdelen en goederen die herleid konden worden tot gestolen auto’s.

Een Mercedes Sprinter met VIN [VIN-nummer 17] en een autosleutel afkomstig van een auto met kenteken [kenteken 23]

In de loods werd een Mercedes Sprinter aangetroffen die voorzien was van het kenteken [kenteken 24] . Uit het onderzoek aan dit voertuig bleek dat de bestelauto voorzien was van het VIN [VIN-nummer 17] . Het voertuig was voorzien van het kenteken [kenteken 24] , maar dit kenteken hoorde niet bij het voertuig. De kentekenplaten bleken gestolen te zijn.

In het voertuig waren elektronische componenten afgebroken, dan wel omgehangen. Er waren twee contactsloten aanwezig, waarvan één met een sleutel. Het motorstuurapparaat en het elektronische stuurslot waren niet meer vast bevestigd. Een afgebroken stuurslot en een los motorstuurapparaat werden op de vloer aangetroffen.

In het aangetroffen VIN werden geen veranderingen geconstateerd. Het voertuig stond als ontvreemd gesignaleerd en van de diefstal van het voertuig, gepleegd in de periode van 4 en 5 april 2013 in Waldfeucht (Duitsland) was aangifte gedaan.

In de bestelbus werd ook nog een autosleutel aangetroffen. Deze sleutel bleek af fabriek geleverd als sleutel, nummer 2, bij een Mercedes Sprinter voorzien van het VIN [VIN-nummer 18] . Voor dit VIN was het Duitse kenteken [kenteken 23] opgegeven, ten name van [benadeelde 2] . Dit bedrijf heeft aangifte gedaan van de diefstal van twee sleutels in de periode van 3 tot 4 april 2013 te Gangelt (Duitsland).

Onderdelen van een BMW met kenteken [kenteken 25]

Aangetroffen werden:

- een motorblok met aangekoppelde versnellingsbak van het merk BMW (labelnummer H010304);

- een dashboard, merk BMW (labelnummer H010420);

- een portier, merk BMW (labelnummer H010403);

- een portier, merk BMW (geen label);

- een gedeelte chassis, merk BMW (labelnummer H010418);

- een gedeelte chassis, merk BMW (labelnummer H010417).

Uit het onderzoek naar de identiteit van deze auto-onderdelen bleek dat het motorblok was voorzien van het motornummer [motornummer 1] . In dit nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Dit motorblok werd oorspronkelijk gemonteerd in een BMW personenauto voorzien van het VIN [VIN-nummer 19] . Voor dit voertuig was het Duitse kenteken [kenteken 26] afgegeven. Deze auto bleek gestolen te zijn op 23 maart 2013 in Würselen (Duitsland), gelet op de aangifte die was gedaan.

In het dashboard, de portieren en het gedeelte chassis met labelnummer H010418 werden coderingen aangetroffen die volgens de fabrikant behoorden bij deze auto.

In het chassis met labelnummer H010417 waren op de plaats waar normaliter het VIN aanwezig was, slijpsporen aanwezig. Na een behandeling werd het oorspronkelijke VIN zichtbaar, wederom behorend bij deze auto.

Een motorblok van een BMW met kenteken [kenteken 27]

Aangetroffen werd een motorblok met aangekoppelde versnellingsbak van het merk BMW (labelnummer H010307). Het blok was voorzien van motornummer [motornummer 2] . In dit nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Dit motorblok werd door de fabrikant oorspronkelijk gemonteerd in een personenauto van het merk BMW met het VIN [VIN-nummer 20] . Voor dit voertuig was het Duitse kenteken [kenteken 27] afgegeven. De auto bleek volgens de aangifte te zijn gestolen op 23 maart 2013 in Würselen (Duitsland).

Onderdelen van een BMW met kenteken [kenteken 28]

Aangetroffen werden:

- een motorblok met aangekoppelde versnellingsbak, merk BMW (labelnummer H010305);

- een dashboard, merk BMW (labelnummer H010318);

- een gedeelte chassis, merk BMW (labelnummer H010413).

Het motorblok was voorzien van het motornummer [motornummer 3] . In dit nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Het motorblok werd door de fabrikant oorspronkelijk gemonteerd in een personenauto van het merk BMW met het VIN [VIN-nummer 21] . Voor dit voertuig was het Duitse kenteken [kenteken 28] afgegeven.

In het dashboard en chassisdeel werden coderingen aangetroffen die volgens de fabrikant behoorden bij ditzelfde VIN. De auto bleek volgens de aangifte te zijn gestolen in de periode van 22 tot en met 25 maart 2013 te Herzogenrath (Duitsland).

Onderdelen van een BMW met kenteken [kenteken 29]

Aangetroffen werden:

- een motorblok met aangekoppelde versnellingsbak, merk BMW (labelnummer H010303);

- een dashboard, merk BMW (labelnummer H010421);

- een rechter portier, merk BMW (labelnummer H010402);

- een linker portier, merk BMW (labelnummer H010401);

- een gedeelte chassis, merk BMW) (labelnummer H010411).

Het motorblok was voorzien van het motornummer [motornummer 4] . In dit nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Dit motorblok werd oorspronkelijk gemonteerd in een personenauto van het merk BMW met het VIN [VIN-nummer 22] . Voor dit voertuig was het Duitse kenteken [kenteken 29] afgegeven. In het dashboard, de portieren en het chassisgedeelte werden coderingen aangetroffen die volgens de fabrikant behoorden bij ditzelfde VIN. De auto bleek volgens de aangifte gestolen in Heerlen op 29 maart 2013.

Op 17 juni 2013 werd in het onderzoek een bestelbus van het merk/type Mercedes Sprinter met kenteken [kenteken 19] aangetroffen. Deze stond op naam van een leasebedrijf. De eigenaar van dit bedrijf verklaarde dat de Mercedes Sprinter geleased was aan de verdachte en er waren voor dit voertuig boetes binnengekomen die werden geadresseerd aan het bedrijf van de verdachte, gelegen [adres 1] te Brunssum.

In de Mercedes Sprinter werden diverse navigatiesystemen aangetroffen, waaronder een navigatiesysteem van het merk TomTom. Uit onderzoek bleek dat in dit navigatiesysteem als thuisadres het adres [adres 9] in Aachen stond opgeslagen. Dit is het adres van de aangever.

Onderdelen van een BMW met kenteken [kenteken 30]

Aangetroffen werden:

- een motorblok met aangekoppelde versnellingsbak, merk BMW (labelnummer H010302);

- een rechter portier, merk BMW (labelnummer H010407);

- een linker portier, merk BMW (labelnummer H010406).

Het motorblok was voorzien van het motornummer [motornummer 5] . In dit nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Dit motorblok werd oorspronkelijk gemonteerd in een personenauto van het merk BMW met het VIN [VIN-nummer 23] . In de portieren werden coderingen aangetroffen die volgens de fabrikant behoorden bij ditzelfde VIN. Volgens de aangifte was een auto met dit VIN en met kenteken [kenteken 30] op 19 maart 2013 in Urmond gestolen.

Onderdelen van een BMW met kenteken [kenteken 31]

Aangetroffen werden:

- een linker portier, merk BMW (labelnummer H010409);

- een rechter portier, merk BMW (labelnummer H010410).

In deze portieren werden coderingen aangetroffen die volgens de fabrikant, behoorden bij het VIN [VIN-nummer 24] . Dit betrof een personenauto van het merk/type BMW 335I Coupé. Voor dit voertuig was het Duitse kenteken [kenteken 31] afgegeven. Volgens de aangifte was deze auto op 19 maart 2013 in Kerkrade gestolen.

Een huurcontract van een BMW met kenteken [kenteken 32]

Aangetroffen werd een klapper (H0103028). In deze klapper (beslagnummer H01.03.28) zat een huurcontract van een BMW M3 cabriolet, gekentekend [kenteken 32] . Dit huurcontract, in de Duitse taal opgesteld, betrof een contract tussen het bedrijf [bedrijf 7] te Baden-Baden en de persoon die aangifte heeft gedaan van de diefstal van deze auto op 6 maart 2013 in Mönchengladbach (Duitsland).

Een salarisspecificatie afkomstig uit een Volkswagen Crafter met kenteken [kenteken 33]

In een prullenbak werden doorgescheurde salarisspecificaties aangetroffen op naam van [aangever 4] (H010202). Deze persoon heeft aangifte gedaan van de diefstal van een Volkswagen Crafter met kenteken [kenteken 33] op 11 januari 2013 in Brunssum. In de bestelauto lag onder meer een rugzak van de aangever. Hierin zaten volgens de aangever twee op zijn naam staande salarisspecificaties.

Onderzoek loods [adres 1] op 17 juni 2013. Op 17 juni 2013 inbeslaggenomen goederen en de herkomst van die goederen: diefstal

In de loods [adres 1] te Brunssum, het bedrijfspand van de verdachte, werden de volgende goederen inbeslaggenomen die herleid konden worden tot gestolen auto’s.

Goederen uit een Mercedes Sprinter met kenteken [kenteken 34]

Tijdens de doorzoeking in de bedrijfsruimte van de verdachte op het adres [adres 1] te Brunssum werden in de kantoorruimte aangetroffen:

- een Belgisch rijbewijs met rijbewijsnummer [rijbewijsnummer] op naam van [aangever 3] ;

- een Belgische identiteitskaart met kaartnummer [identiteitsnummer 2] op naam van [aangever 3] ;

- een bankpas op naam van [aangever 3] .

Deze goederen werden voorzien van beslagnummer A02.04.22. [aangever 3] heeft, mede namens het bedrijf [bedrijf 6] , aangifte gedaan van de diefstal op 25 oktober 2012 te Amstenrade van een Mercedes Sprinter, met kenteken [kenteken 34] . In het voertuig lagen volgens de aangever onder meer het rijbewijs en de identiteitskaart van aangever [aangever 3] .

Een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 35]: een volgend voorbeeld van het omkatten van voertuigen

Tijdens de doorzoeking van het bedrijfspand werd een map aangetroffen (beslagcode A02.04.13). In deze map werden een ‘Untersuchungsbericht’ en overige onderhouds- en instructieboekjes aangetroffen. Daarin werd het VIN [VIN-nummer 25] aangetroffen, behorende bij een Volkswagen Caddy.

Na bevraging in het daarvoor beschikbare informatiesysteem bleek dat op het moment van onderzoek voor de Volkswagen Caddy met chassisnummer [VIN-nummer 25] het Duitse kenteken [kenteken 36] was afgegeven op naam van een persoon genaamd [naam 6] . Zij stelde dit voertuig voor onderzoek ter beschikking aan de politie.

Uit het identiteitsonderzoek aan deze auto (kenteken [kenteken 36] en het VIN [VIN-nummer 25] , goednummer 2226473), bleek dat dit VIN niet door de fabrikant was aangebracht, maar was overgeslagen. Na een behandeling werd het onderliggende VIN zichtbaar, te weten: [VIN-nummer 26] . Voor dit VIN was het Duitse kenteken [kenteken 35] opgegeven. De bij dit VIN behorende auto, een Volkswagen Caddy, bleek gestolen te zijn in de periode van 21 tot en met 22 maart 2013 te Aken (Duitsland), getuige de aangifte.

Op het bedrijfsterrein bij het bedrijf van de verdachte werd in een container (container 3) een krat aangetroffen met daarin enkele audiosystemen uit voertuigen van het merk Volkswagen. Eén van deze systemen had serienummer [serienummer 1] (beslagcode A02.09.6-3). Dit audiosysteem was door de fabrikant geplaatst in een voertuig van het merk Volkswagen met het VIN [VIN-nummer 26] met bijbehorend afgegeven kenteken [kenteken 35] .

Goederen uit een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 37]

In een container op het buitenterrein van het bedrijf van de verdachte werd een aluminium koffertje inbeslaggenomen (inbeslagnamenummer A02.09.13). In de koffer lagen drie kaarten met daarop onder andere het opschrift ‘ [bedrijf 4] ’ en de naam ‘ [naam 5] ’.

Namens [bedrijf 1] was aangifte gedaan van de diefstal in de periode van 25 tot 26 februari 2013 in Herten van een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 37] . In de bestelauto lag ten tijde van de diefstal volgens de aangever een groot aantal goederen, toebehorende aan onder andere [bedrijf 4] en de aangever zelf. De aangever herkende in juli 2013 het koffertje, toen hem dat getoond werd, alsmede de kaarten op naam van zijn collega [naam 5] .

Een autosleutel behorende bij een Mercedes met kenteken [kenteken 38]

In het bedrijfspand werden in een vak in een werkbank vijf sleutels aangetroffen (beslagcode A02.01.3) die behoorden bij voertuigen van het merk Mercedes. Deze sleutels werden ter beschikking gesteld aan de Duitse politie, die de sleutels voor verdere analyse zond aan de fabrikant Daimler Benz. Uit sleutelanalyse door Daimler Benz bleek dat één van de sleutels een originele sleutel betrof die hoorde bij een voertuig met het VIN [VIN-nummer 27] . Deze sleutel was bij aflevering van het voertuig meegeleverd. Bij dit VIN hoorde het kenteken [kenteken 38] . Een Mercedes met dit VIN en kenteken bleek volgens de aangifte van [aangever 8] op 25 december 2012 in Riemst (België) te zijn gestolen. Bij een inbraak werd de autosleutel gestolen, waarna de auto ook werd weggenomen.

Een autosleutel behorende bij een Mercedes met kenteken [kenteken 39]

Een tweede sleutel bleek ook afkomstig van diefstal. Uit de analyse van Daimler Benz bleek dat het wederom een originele sleutel betrof die hoorde bij een voertuig met het VIN [VIN-nummer 28] . Deze sleutel was bij aflevering van het voertuig meegeleverd. Bij dit VIN hoorde het kenteken [kenteken 39] . De desbetreffende auto bleek volgens de aangifte namens rechthebbende [naam 7] te zijn gestolen op 18 januari 2011 in Gangelt (Duitsland), nadat de sleutel bij een inbraak was weggenomen.

Een winkelkratje met inhoud afkomstig uit een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 40]

Aangetroffen werd een geel/zwart winkelkratje met het opschrift ‘Jumbo’. In het kratje werden onder andere een origineel RDW-keuringsrapport en een onderhoudsboekje met onderhoudslijst van een Volkswagen aangetroffen (inbeslagnamenummer A02.01.7 (IBN.069). Het RDW-keuringsrapport had betrekking op een Volkswagen Golf met het kenteken [kenteken 40] en het VIN [VIN-nummer 29] .

De onderhoudslijst had betrekking op een Volkswagen Golf met ditzelfde VIN. Deze auto bleek volgens de aangifte van de echtgenote van eigenaar [naam 8] te zijn gestolen in de periode van 30 tot en met 31 oktober 2012 in Eindhoven. In de auto lagen ten tijde van de diefstal diverse goederen. Het kratje werd in juli 2013 herkend door de echtgenote van de aangever, toen dit aan haar getoond werd.

Een krat met papieren en een navigatiesysteem uit een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 41]

Aangetroffen werd in het bedrijfspand een krat (beslagnummer A02.01.8) met een stapel gescheurde papieren. Daarbij bevonden zich onder meer papieren op naam van [benadeelde 4] , alsmede een bedrijfsstempel met de naam ‘ [bedrijf benadeelde 4] ’. Ook trof de politie tussen de papieren een Duits kentekenbewijs aan op naam van [benadeelde 4] . Op het bedrijfsstempel stond deze naam, alsmede het adres [adres 10] te Würselen (Duitsland).

In een kast in het kantoor in het bedrijfspand werd onder andere een navigatiesysteem aangetroffen (beslagnummer A02.04.3). Uit onderzoek naar de gegevens op de navigatieapparatuur bleek dat het toestel stond ingesteld op de Duitse taal en dat onder “Nach Hause” het adres [adres 10] te Würselen stond.

Voornoemde [benadeelde 4] , die verklaarde woonachtig te zijn op het adres [adres 10] te Würselen, heeft aangifte gedaan van de diefstal van een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 41] . Deze diefstal had plaatsgevonden in de periode van 29 tot 30 januari 2013 in Würselen. De aangever herkende het navigatiesysteem, de krat en de papieren als zijn eigendom toen die aan hem getoond werden in juli 2013 en verklaarde dat die krat ten tijde van de diefstal in de auto stond.

Kentekenplaten afkomstig van een Volkswagen Touran met kenteken [kenteken 42]

In het bedrijfspand werd een kratje aangetroffen (inbeslagnamenummer A02.01.6) met daarin twee kentekenplaten met het kenteken [kenteken 42] . Bij dit kenteken hoorde een Volkswagen Touran. Deze auto was op 27 april 2013, zonder kentekenplaten, aangetroffen in Landgraaf. In het dashboardkastje lagen ten tijde van de diefstal een kentekenbewijs en een rijbewijs op naam van [aangever 7] , die aangifte heeft gedaan van de diefstal van zijn Volkswagen Touran met voornoemd kenteken op 4 februari 2013 in Gangelt (Duitsland).

Goederen afkomstig uit een Mercedes Sprinter met kenteken [kenteken 43]

In een container (container 1) op het buitenterrein van het bedrijfspand werden de volgende goederen inbeslaggenomen (A02.09.15):

- 25 houten doosjes en 4 plastic doosjes met diverse materialen;

- twee dozen kit in een doos met een sticker op naam van [bedrijf 9] .

Namens [bedrijf 9] was aangifte gedaan van de diefstal op 18 september 2012 in Meerssen van een Mercedes bestelauto (Sprinter) met kenteken [kenteken 43] met daarin gereedschap. De in de container aangetroffen goederen werden door de bedrijfsleider van dit bedrijf in juni 2013 herkend, toen deze aan hem werden getoond.

Gereedschap afkomstig uit een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 44]

In een container (container 3) werd een krat aangetroffen (beslagnummer A02.09.9). In deze krat lagen twee magneetborden met het opschrift [bedrijf 10] (beslagnummer A02.09.8 3). In een andere container (container 1) lagen onder andere een gereedschapskoffer van het merk Stanley met diverse handgereedschappen, een oranje krat met allerlei gereedschappen, waaronder oorkappen en een snoeischaar, alsmede een bandentang en metaal met resten gele verf.

Namens het bedrijf [bedrijf 10] was aangifte gedaan van de diefstal van een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 44] in de periode van 4 en 5 december 2012 in Landgraaf. Op de zijkant van de bestelauto zaten reclameplaten van [bedrijf 10] en volgens aangever lagen in de bestelauto diverse gereedschappen. De aangever herkende in juni 2013 voornoemde goederen, toen die aan hem getoond werden.

Goederen afkomstig uit een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 45]

In het woongedeelte van het bedrijfspand werden diverse goederen van het merk Toshiba aangetroffen (beslagnummer A02.06.2 t/m A02.06.34). Ook werden een harde schijf van het merk Seagate aangetroffen, drie printerplaten en een zakje met PM kitrollers. Op een groot gedeelte ervan stond vermeld: [aangever 5] , [adres 11] te Kerkrade. Dit is de aangever van de diefstal van een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 45] , gepleegd in de periode van 21 en 22 januari 2012 in Kerkrade. In de auto lagen ten tijde van de diefstal veel goederen, ook persoonlijke goederen. De aangever herkende de goederen.

Promotiemateriaal afkomstig uit een Volkswagen Touran met kenteken [kenteken 46]

Op het buitenterrein bij het bedrijfspand in een container (container 1) werd een krat met promotiemateriaal aangetroffen van het bedrijf [aangever 6] (beslagnummer A02.09.3).

Dit materiaal was volgens de aangever van dit bedrijf, [bedrijf 8] , afkomstig uit een Volkswagen Touran met kenteken [kenteken 46] die gestolen was in de periode van 11 en 12 juni 2013 in Beek. In de auto lagen ten tijde van de diefstal diverse goederen. De aangever herkende de krat en de goederen, waaronder pennen, bekers, lampjes, asbakken en navigatie CD’s, toen deze hem in juni 2013 door de politie werden getoond.

Een autoradio en een airbag afkomstig uit een Volkswagen Caddy met kenteken [kenteken 47]

In een container (container 3) werd een krat aangetroffen (beslagnummer A02.09.8). In deze krat lagen een onderdeel van een airbag van het merk Volkswagen, voorzien van het serienummer [serienummer 2] , en een autoradio van het merk Volkswagen, voorzien van het nummer [nummer] .

Uit het onderzoek naar deze goederen bleek dat beide goederen door de fabrikant geplaatst waren in een Volkswagen met het VIN [VIN-nummer 30] . Voor deze auto was het Duitse kenteken [kenteken 47] opgegeven. Deze auto, een Volkswagen Caddy, bleek volgens de aangifte op 18 januari 2013 te zijn gestolen in Herzogenrath (Duitsland).

Een autoradio afkomstig uit een Volkswagen Polo met kenteken [kenteken 48]

In een container (container 3) werd een krat met autoradio’s van het merk Volkswagen aangetroffen. Uit het onderzoek naar deze radio’s bleek dat een aangetroffen audiosysteem van het merk Volkswagen met serienummer [serienummer 3] door de fabrikant geplaatst was in een Volkswagen met het VIN [VIN-nummer 31] . Voor dit voertuig was het Duitse kenteken [kenteken 48] opgegeven. Deze auto, een Volkswagen Polo, bleek volgens de aangifte in Velp te zijn gestolen in de periode van 27 en 28 september 2010.

Een autoradio afkomstig uit een Volkswagen Multivan met kenteken [kenteken 49]

Een volgend audiosysteem werd in een kast in de kantoorruimte aangetroffen en was voorzien van het serienummer [serienummer 4] (beslagnummer A02.04.10). Uit het onderzoek naar dit audiosysteem bleek dat het door de fabrikant geplaatst was in een Volkswagen met het VIN [VIN-nummer 32] . Voor dit voertuig was het Duitse kenteken [kenteken 49] opgegeven. Dit betreft een Volkswagen Multivan, die volgens de aangever gestolen was op 26 november 2008 in Aken (Duitsland).

Een airbag afkomstig uit een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 50]

In een container (container 2) werd een airbag van het merk Volkswagen aangetroffen, met serienummer [serienummer 5] (beslagnummer A02.09.11). Uit het onderzoek naar deze airbag bleek dat deze door de fabrikant geplaatst was in een Volkswagen met het VIN [VIN-nummer 33] . Voor dit voertuig was het kenteken [kenteken 50] opgegeven. Het betrof een Volkswagen Golf, die volgens de aangever gestolen was in de periode van 29 en 30 december 2010 in Brunssum.

Een autoradio afkomstig uit een Audi A3 met kenteken [kenteken 51]

In de loods van het bedrijfspand werd een autoradio van het merk Audi aangetroffen, met serienummer [serienummer 6] (beslagnummer A02.01.13). Uit het onderzoek naar deze radio bleek dat dit audiosysteem door de fabrikant geplaatst was in een Audi met het VIN [VIN-nummer 34] . Voor dit voertuig was het kenteken [kenteken 51] opgegeven. Het betrof een Audi A3, die volgens de aangever gestolen was in de periode van 9 en 10 februari 2013 in Sittard.

Een Volkswagen Golf met kenteken [kenteken 52]

Op het bedrijfsterrein werd een auto Volkswagen Golf Cabriolet aangetroffen. De auto was zwart van kleur. Het stoffen dak was rood van kleur (beslagnummer A02.09.16). Het voertuig had geen kentekenplaten.

Bij onderzoek van deze auto bleek dat het voertuig beschadigd was aan de achterzijde en dat veel onderdelen ontbraken. Het contactslot was verbroken. Onder de motorkap ontbraken het productieplaatje en het typeplaatje. Het VIN was gedeeltelijk doorboord.

In het voertuig werd het volgende VIN aangetroffen: [VIN-nummer 35] , waarbij de posities met het vraagteken plaatsen waren waar het VIN was doorboord en de tekens waren verwijderd. In de wel aangetroffen tekens werden geen veranderingen geconstateerd.

Op het motorblok werd het volgende nummer aangetroffen: [motornummer 6] . In dit nummer werden geen veranderingen geconstateerd. Dit blok werd door de fabrikant oorspronkelijk geplaatst in een Volkswagen Golf Cabriolet met het VIN [VIN-nummer 35] . Voor dit VIN was het Duitse kenteken [kenteken 52] opgegeven. Verder werd in het voertuig een fabriekscodering aangetroffen waarop hetzelfde VIN werd aangetroffen. De auto met dit kenteken en VIN bleek volgens de aangifte in Kerkrade te zijn gestolen in de periode van 6 en 7 augustus 2012.

Onderzoek in de woning en garage gelegen aan de [adres 8] in Brunssum op 17 juni 2013. Inbeslaggenomen goederen en de herkomst van die goederen: diefstal

In de woning en garage van de woning van de verdachte in Brunssum werden de volgende goederen inbeslaggenomen die herleid konden worden tot gestolen auto’s.

Autopapieren behorend bij een Ford Focus met kenteken [kenteken 53]

Aangetroffen werd een zak met diverse bescheiden, waaronder autopapieren (inbeslagnamenummer A01.01.06.05). In de zak zat een doorzichtig plastic mapje met daarin de volgende bescheiden:

- het kentekenbewijs deel I voorzien van het kenteken [kenteken 53] en een VIN, afgegeven voor een Ford Focus;

- het kentekenbewijs deel IB voorzien van het kenteken [kenteken 53] , afgegeven op naam van [aangever 9] ;

- het overschrijvingsbewijs voorzien van het kenteken [kenteken 53] met betrekking tot een Ford Focus;

- twee APK-keuringsrapporten met betrekking tot het kenteken [kenteken 53] met een geldigheidsduur tot 13 februari 2008 respectievelijk 13 februari 2009;

- een verzekeringskaart met betrekking tot het kenteken [kenteken 53] op naam van [aangever 9] .

Verder werd in de garage een map aangetroffen met daarin een handleiding, een audio-handleiding en een serviceboekje, behorend bij een Ford Focus met kenteken [kenteken 53] (inbeslagnamenummer A01.01.06.04). Het kenteken [kenteken 53] was afgegeven voor een Ford Focus met het VIN [VIN-nummer 36] .

De auto met dit kenteken en VIN bleek volgens de aangifte van [aangever 9] gestolen te zijn in de periode van 14 en 15 januari 2008 in Brunssum. Ook de autopapieren waren volgens aangever gestolen.

4.3.5. 2016:

: gevoegde zaken met parketnummers 03/700206-16 en 03/700284-16

Bewijsmiddelen gevoegde zaak met parketnummer 03/700206-16

Inleiding

De verdachte is in 2016 bij de politie in beeld gekomen in relatie tot een loods, gelegen aan de [adres 5] te Eijsden, naar aanleiding van belastende anonieme informatie over zijn zoon, [medeverdachte 1] , en hemzelf. [medeverdachte 1] zou zich bezig houden met autodiefstal en de verdachte zou daarbij betrokken zijn. Op basis van telefoongesprekken, observaties en mastgegevens werd vermoed dat de verdachte en zijn zoon bij de loods in Eijsden hadden afgesproken en dat er een overdracht van een voertuig zou plaatsvinden op 1 maart 2016.

Vervolg

Op 1 maart 2016 zag een observatieteam dat om 14:41 uur een blauwe Volkswagen Touran met kenteken [kenteken 54] in de richting van de loods aan de [adres 5] reed. Deze auto was eerder op die dag voor de woning van de (ex-)partner van de verdachte gezien. De verbalisanten herkenden [medeverdachte 1] als bestuurder van deze blauwe Touran en zagen dat deze auto het pand aan de [adres 5] te Eijsden binnenreed, achter een groene Volkswagen Touran met Belgisch kenteken aan. 11 minuten later, om 14:52 uur, kwam de blauwe Touran weer naar buiten gereden en werd de verdachte herkend als bestuurder en zijn zoon als bijrijder. Een onopvallende politieauto parkeerde nagenoeg voor de blauwe Touran, waarna de Touran met hoge snelheid wegreed.

Voorafgaand aan deze waarnemingen, kort na 12:00 uur, hebben de verdachte en zijn zoon telefonisch contact met elkaar gehad. [medeverdachte 1] zegde toe om een half uur of drie kwartier later te zullen komen. Daarna werd met behulp van mastgegevens gezien dat de telefoonnummers die de verdachte en [medeverdachte 1] gebruikten steeds in elkaars nabijheid waren (respectievelijk [telefoonnummer 1] en [telefoonnummer 2] ). Tussen 14:00 uur en 15:15 uur waren deze nummers voortdurend in elkaars nabijheid tot op het moment dat men bij de loods werd gezien. Om 14:41 en 14:42 uur straalden beide telefoons de mast [adres 12] Gronsveld aan. Om 14:53 en 14:52 uur straalden beide telefoons de mast [adres 13] Eijsden aan.

De verdachte en zijn zoon konden niet worden staandegehouden door het tactisch team dat voor de blauwe Touran parkeerde, omdat de Touran hard wegreed. In de loods werd de groene Touran die was binnengereden aangetroffen zonder kentekenplaten: de auto bleek in Duitsland gestolen te zijn op 26 februari 2016. Het betrof een Volkswagen Touran met chassisnummer [VIN-nummer 37] en kenteken [kenteken 55] .

Om 14:52 uur belde de verdachte naar de verhuurder van de loods en zei: “Zwijg, zwijg, bel me niet meer, want ze staan momenteel bij jou binnen.”

Wat later, om 15:25 uur en 15:56 uur, belde de verdachte naar zijn (ex-)partner [naam (ex-)partner] . Zij moest een mandje in de kelder met muziekdoosjes afgeven bij een persoon genaamd “ [naam 10] ” en de verdachte vroeg of zij nog iets had zien liggen voor te bellen: dat moest ze allemaal weggooien, net als een zakje met van alles door elkaar in de linkerschoenenkast bovenin.

De politie, die had postgevat bij de woning van de (ex-)partner van de verdachte in Brunssum, zag dat er over en weer gelopen werd vanuit de woning van de

(ex-)partner aan de [adres 8] naar het perceel [adres 14] .

Eerste conclusies van de rechtbank uit de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen

Uit het voorgaande bewijs volgt voor de rechtbank dat de verdachte op 1 maart 2016 samen met zijn zoon een gestolen auto heeft ondergebracht in de loods in Eijsden. Ze spraken af rond 12:00 uur en hun telefoons straalden steeds dezelfde masten aan, terwijl zij elk in een afzonderlijk voertuig reden: de verdachte in de gestolen Touran, zijn zoon als begeleider in een tweede, niet gestolen Touran. Zo achter elkaar aanrijdend zijn zij bij de loods gekomen. Weliswaar werd door het observatieteam niet beschreven wie de bestuurder van de gestolen groene Touran was, maar gelet op de telefoongegevens kan het voor de rechtbank niet anders zijn dan dat dit de verdachte is geweest.

Om te kunnen bewijzen dat sprake is van heling, moet vaststaan dat de verdachte wist dat hij een gestolen auto voorhanden had. Naar het oordeel van de rechtbank is aan dit vereiste voldaan. Zij overweegt hiertoe als volgt.

Voordat de beide verdachten weer naar buiten kwamen uit de loods, werd de gestolen auto ontdaan van de Belgische kentekenplaten die erop aangebracht waren. Daar was de verdachte, als hij die platen niet zelf verwijderd heeft, in elk geval bij aanwezig. Die Belgische kentekenplaten kunnen met geen ander doel zijn gevoerd dan te verhullen dat men in een gestolen auto reed. Het voeren van de originele kentekenplaten in het verkeer levert immers het risico op dat de auto, die gesignaleerd staat, wordt gezien, bijvoorbeeld door ANPR-camera’s of oplettende opsporingsambtenaren. Als je niet beter weet dan dat die platen bij de auto horen en niet weet dat die auto gestolen is, ligt het niet voor de hand die platen te verwijderen. Dat levert een duidelijke aanwijzing op dat de verdachte wist dat hij in een gestolen auto reed.

Een volgende aanwijzing voor die wetenschap bestaat uit de omstandigheid dat de auto van de verdachten er als een haas vandoor ging, toen de politie arriveerde. De verdachte zat achter het stuur en moet zich dus op dat moment gerealiseerd hebben dat de politie hem betrapt had. Als dat niet al blijkt uit het vluchtgedrag, dan volgt het uit de omstandigheid dat de verdachte ogenblikkelijk daarna probeerde te voorkomen dat er belastend bewijs tegen hem (en zijn zoon) verzameld werd: de verhuurder van de loods werd meteen gebeld en moest zwijgen.

Kennelijk vermoedde de verdachte ook dat de politie de woning in Brunssum zou gaan doorzoeken, gelet op de instructies die hij aan zijn (ex-)partner gaf om zaken zoals telefoons weg te brengen of weg te gooien. Dat alles tezamen maakt dat de rechtbank bewezen acht dat de verdachte en zijn zoon op 1 maart 2016 willens en wetens, opzettelijk, een gestolen auto voorhanden hadden. Juridisch vertaald: opzetheling. De rechtbank hecht dus geen geloof aan de verklaring van de verdachte ter zitting die erop neerkomt dat hij van niets wist, dat hij niet degene is geweest die in de blauwe Touran werd gezien als bestuurder en dat het toeval was dat er een groene Touran tegelijkertijd kwam aangereden de loods in.

Bewijsmiddelen vervolg

Het vermoeden van de verdachte bleek juist: om 17:00 uur werd de woning aan de [adres 8] te Brunssum doorzocht. Ook werd uitgebreid onderzoek gedaan in de loods.

In de loods werden vele voertuigonderdelen aangetroffen van kennelijk gestripte gestolen auto’s. Het betreft de volgende goederen.

Een motorblok van een motorfiets merk KTM, type RC125 (framenummer [framenummer] )

Het contactslot was verwijderd. Het motornummer dat was aangebracht in de zijkant van het motorblok luidde [motornummer 7] . Dit motornummer bleek te behoren bij de motorfiets van het merk/type KTM RC125 met framenummer [framenummer] en deze motorfiets bleek in Duitsland als gestolen gesignaleerd te staan. Met uitzondering van de wielen en het frame, werd de motorfiets nagenoeg geheel gedemonteerd teruggevonden. Er was aangifte gedaan van de diefstal van de motorfiets op 24 oktober 2015 te Erkelenz (Duitsland).

Onderdelen van een Volkswagen Transporter, type 7HK, kenteken [kenteken 56] (VIN [VIN-nummer 38] )

Het betrof een stoelzitting en twee bekledingen die waren voorzien van door de fabrikant aangebrachte coderingen. De onderdelen waren van origine geplaatst in de personenauto van het merk/type Volkswagen Transporter 7hk met kenteken [kenteken 56] , chassisnummer [VIN-nummer 39] . Deze personenauto bleek in Duitsland als gestolen gesignaleerd te staan en er was aangifte gedaan van de diefstal tussen 8 november 2015 en 9 november 2015 te Selfkant (Duitsland).

Onderdelen van een BMW, type 116i, kenteken [kenteken 57] (VIN [VIN-nummer 40] )

Het betrof bekleding van het linker- en rechtervoorportier en de achterzitting en twee voorstoelen van een BMW met kenteken [kenteken 58] . Dit kenteken stond op naam van [medeverdachte 1] . Na onderzoek van de BMW met kenteken [kenteken 58] bleken de bekleding van beide voorportieren, de voorstoelen en de achterbank voorzien te zijn van een door de fabrikant aangebrachte unieke codering die behoort bij de BMW 1er Reihe 116i met kenteken [kenteken 57] en chassisnummer [VIN-nummer 40] . Deze auto bleek in Duitsland gestolen te zijn.

In de loods werden tevens twee bekledingen van achterportieren en de kunststof bekleding van de kokerbalken aangetroffen, die eveneens waren voorzien van de unieke codering die te herleiden was tot de BMW met kenteken [kenteken 57] . Er was aangifte gedaan van de diefstal van voornoemde BMW op 22 februari 2016 te Űbach-Palenberg (Duitsland).

Een carrosserie en onderdelen van een BMW, type530xd, kenteken [kenteken 59] (VIN [VIN-nummer 41] )

Het betrof een gestripte carrosserie, waarvan het gehele interieur, de binnenbekleding, de portieren en de aandrijflijn (motor en versnellingsbak) ontbraken. Bij onderzoek bleek het te gaan om een personenauto van het merk en type BMW 530xd. Het VIN was volledig weggeslepen uit de aluminium carrosserie, maar in het voertuig werd wel een unieke, door de fabrikant aangebrachte codering aangetroffen. Deze codering was volgens de fabrikant van origine geplaatst in een personenauto van het merk/type BMW 530 XD met kenteken [kenteken 59] , chassisnummer [VIN-nummer 41] . Deze personenauto bleek sinds 25 februari 2016 in Duitsland als gestolen gesignaleerd te staan. Er was aangifte gedaan van de diefstal van de auto in de nacht van 25 februari 2016 op 26 februari 2016 in Gangelt (Duitsland).

In de directe nabijheid van het gestripte voertuig werden vier portieren, een volledige middenconsole en de airbag van de bijrijder aangetroffen. Deze onderdelen waren voorzien van een unieke, door de fabrikant aangebrachte codering en bleken van origine afkomstig van bovengenoemde personenauto.

Onderdelen van een BMW, type 335D, kenteken [kenteken 60] (VIN [VIN-nummer 42] )

Het betrof twee portieren, een motorkap, een kofferdeksel, een schuifdak, bumpers, voorfront, alsmede het complete interieur van een BMW personenauto, productiejaar 2009. Het kofferdeksel was voorzien van de type-aanduiding 335D. Het chassis en de aandrijflijn ontbraken. In vele onderdelen werd een door de fabrikant aangebrachte unieke codering aangetroffen, die bleek te zijn aangebracht in de personenauto van merk/type BMW 335d met kenteken [kenteken 60] en chassisnummer [VIN-nummer 42] . Deze auto bleek volgens de aangifte te zijn gestolen tussen 20 februari 2016 en 23 februari 2016 te Herzogenrath (Duitsland).

Onderdelen van een Volkswagen Multivan Startline, kenteken [kenteken 61] (VIN [VIN-nummer 43] )

Het betrof een tussenschot, een bestuurdersstoel met airbag, een bijrijdersstoel met airbag en hemelbekleding, behorende bij een Volkswagen type Multivan Startline. Deze onderdelen waren voorzien van een unieke, door de fabrikant aangebrachte codering en bleken van origine gemonteerd te zijn in een personenauto met merk/type Volkswagen Multivan Startline met kenteken [kenteken 61] , chassisnummer [VIN-nummer 43] . Deze personenauto bleek sinds 8 januari 2016 als gestolen gesignaleerd te staan in Duitsland en er was een aangifte van de diefstal op 7 of 8 januari 2016 te Aken (Duitsland).

Portieren van een Volkswagen Golf 2.0 GTD, kenteken [kenteken 62] (VIN [VIN-nummer 44] )

Het betrof vier portieren van een personenauto van het merk/type Volkswagen Golf. Deze portieren waren voorzien van een door de fabrikant aangebrachte, unieke codering en waren van origine geplaatst in de personenauto met kenteken [kenteken 62] , chassisnummer [VIN-nummer 44] . Dit voertuig bleek sinds 21 februari 2016 in Duitsland als gestolen gesignaleerd te staan en er was een aangifte van de diefstal van de auto op 21 februari 2016 te Űbach-Palenberg (Duitsland).

Portieren van een Volkswagen Golf 6 2.0 GTI, kenteken [kenteken 63] (VIN [VIN-nummer 45] )

Het betrof een linker- en rechter voorportier van een personenauto merk/type Volkswagen Golf. Deze portieren waren voorzien van een door de fabrikant aangebrachte, unieke codering en waren van origine geplaatst in de personenauto Volkswagen Golf 6 2.0 GTI, met kenteken [kenteken 63] , motornummer [motornummer 8] , chassisnummer [VIN-nummer 45] . Deze auto stond sinds 13 november 2015 als gestolen gesignaleerd in Duitsland en er was aangifte gedaan van de diefstal van de auto tussen 3 november 2015 en 13 november 2015 te Aken (Duitsland).

Portieren van een Volkswagen Polo, kenteken [kenteken 64] (VIN [VIN-nummer 46] )

Het betrof een linker- en rechter voorportier van een personenauto merk/type Volkswagen Polo. Deze portieren waren voorzien van een door de fabrikant aangebrachte, unieke codering en bleken van origine geplaatst in de personenauto met kenteken [kenteken 64] , chassisnummer [VIN-nummer 46] . Deze auto stond sinds 15 januari 2016 als gestolen gesignaleerd in Duitsland en er was een aangifte van de diefstal van de auto tussen 12 en 15 januari 2016 te Aken (Duitsland).

In de woning aan de [adres 8] te Brunssum werden aangetroffen:

Een multimedia apparaat van een Volkswagen Touran, kenteken [kenteken 65] (VIN [VIN-nummer 47] )

Het nummer van dit apparaat kon herleid worden tot een Volkswagen Touran met VIN [VIN-nummer 47] en kenteken [kenteken 65] . Dit voertuig bleek op 30 september 2015 in Aken (Duitsland) ontvreemd te zijn en er was aangifte gedaan van de diefstal van de auto.

Een motormanagementsysteem van een Mercedes-Benz Sprinter, kenteken [kenteken 66] (VIN [VIN-nummer 48] )

Het betrof een motormanagementsysteem dat na onderzoek systeem af-fabriek bleek te zijn ingebouwd in een zilvergrijze Mercedes bestelbus, type Sprinter met VIN [VIN-nummer 48] en kenteken [kenteken 66] . Dit voertuig was volgens aangever gestolen tussen 3 september en 4 september 2015 in zijn bedrijfspand aan de [adres 15] te Maastricht.

Vervolgconclusies van de rechtbank uit de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen en overig relevant bewijs

In de loods en in de woning werd, zo laat het hiervoor genoemde bewijs zien, een reeks van gestolen goederen aangetroffen. Alle goederen waren afkomstig van gestolen auto’s van Duitse makelij en gelet op het onderbrengen van een gestolen Touran door de verdachte in die loods op 1 maart 2016, ligt de conclusie voor de hand dat hij ook deze andere goederen bewust voorhanden had en wist van de criminele herkomst ervan. Dat zou betekenen dat hij zich structureel bezig hield met voertuigcriminaliteit en dat sprake zou kunnen zijn van gewoonteheling.

De verdachte ontkent iedere betrokkenheid bij voertuigcriminaliteit, waarbij hij telkens wijst of hint op de mogelijkheid dat anderen hierbij betrokken kunnen zijn geweest. Zijn probleem is echter dat zijn ontkenning weerlegd wordt door het bewijs. Een eventuele betrokkenheid van anderen doet er dan niet zoveel toe. Dat anderen toegang hadden tot de loods en dezelfde goederen voorhanden kunnen hebben gehad, disculpeert de verdachte niet: de loods was een plek waar de verdachte op 1 maart 2016 een gestolen auto had ondergebracht en er is voldoende wettig en overtuigend bewijs dat hij dit vaker heeft gedaan (of laten doen), alsmede bewijs dat hij bewust gestolen auto-onderdelen bewaarde in de woning van zijn

(ex-)partner.

De verdachte werd namelijk niet alleen op 1 maart 2016 bij de loods gezien, toen hij op heterdaad betrapt werd met een gestolen auto. Ook eerder, op 24 februari 2016, werd hij gezien bij de loods door een observatieteam, toen hij en zijn zoon naar buiten kwamen en de verdachte de loods afsloot. In de loods werden spullen van de verdachte aangetroffen: een gereedschapswagen met daarin schriftelijke bescheiden ten name van de verdachte en reiskoffers met labels op zijn naam. De verdachte beschikte dus evident niet eenmalig over de loods: hij had er zelfs een gereedschapswagen staan.

De verdachte kan als structurele feitelijke gebruiker van de loods worden aangemerkt. De eigenaar en verhuurder van de loods, [benadeelde 3] , heeft verklaard dat de verdachte feitelijk over de loods beschikte, maar het contract op naam van anderen liet zetten en dat de verdachte hem verteld heeft dat hij in de loods gestolen auto’s aanwezig had die gedemonteerd moesten worden. Hier openbaart zich wederom wat de rechtbank bij de feiten van 2012 en 2013 ook al geconstateerd heeft: de verdachte creëerde een dwaalspoor met een verzonnen huurder.

Opvallend is ook dat de verdachte in een telefoongesprek met [benadeelde 3] op 27 februari 2016 lederen binnenbekleding van een BMW aanbood aan [benadeelde 3] , terwijl kort daarvoor tussen 25 en 26 februari 2016 een BMW was gestolen in Gangelt, die volgens de aangifte voorzien was van lederen bekleding en waarvan de gestripte carrosserie en onderdelen in de loods werden teruggevonden. De politie relateert daarbij specifiek dat de binnenbekleding ontbrak.

In de woning aan de [adres 8] werden bovendien spullen aangetroffen die gebruikt worden bij voertuigcriminaliteit, waaronder een On Board Diagnose-stekker, transponders, een lockpicker, kant en klare portiersloten en een set slagletters en slagcijfers, waarvan de politie vermeldt dat die gebruikt kunnen worden om identificatienummers aan te brengen, terwijl alleen de RDW gerechtigd is dat te doen. Het bezit van al die goederen gezamenlijk wijst op activiteiten op het gebied van stelen van auto’s en/of omkatten van gestolen auto’s.

De verdachte wist ook exact wat er waar in die woning lag, getuige de precieze instructie die hij op 1 maart 2016 aan zijn (ex-)partner gaf: een mandje in de kelder en een zakje met van alles door elkaar in de linkerschoenenkast bovenin. Dan is het aannemelijk dat hij ook wist wat er verder nog in die woning lag en dat alles wat er aan belastends gevonden is aan hem kan worden gekoppeld.

Alle bevindingen, de verklaring van [benadeelde 3] , het tapgesprek over leren bekleding, het aantreffen van al die gestripte onderdelen en van gereedschap geschikt voor het stelen en omkatten van voertuigen, alsmede de periode waarin de diefstallen werden gepleegd (vanaf 3 september 2015) moeten in onderlinge samenhang worden bezien. Alle elementen tezamen rechtvaardigen de conclusie dat de verdachte bij herhaling gestolen auto’s voorhanden had en dat in de loods in Eijsden bij herhaling gestolen auto’s werden gestript.

Dat maakt dat de rechtbank bewezen acht dat de verdachte alle in de tenlastelegging opgenomen goederen voorhanden heeft gehad en wist dat die uit misdrijf afkomstig waren. Daarmee heeft hij zich schuldig gemaakt aan gewoonteheling. Daaraan kan niet afdoen dat mensen van Poolse afkomst (of anderen) toegang hadden tot de loods en daar werkzaamheden hebben verricht en/of auto’s hebben gedemonteerd. Dat komt uit het dossier naar voren, maar het is niet noodzakelijk te weten of zij dat wel of niet in opdracht van of in samenwerking met de verdachte hebben gedaan. De bewijsmiddelen die de rechtbank heeft genoemd, zijn voldoende redengevend om de verdachte te veroordelen.

Verweer dat de getuige [benadeelde 3] niet betrouwbaar is

De betrouwbaarheid van de verklaring van [benadeelde 3] wordt door de verdachte en de raadsman in twijfel getrokken, maar de rechtbank ziet niet in waarom deze verklaring niet gebruikt zou mogen worden voor het bewijs, naast al het andere bewijs. [benadeelde 3] heeft zich met zijn verklaring blootgesteld aan vervolging voor heling en/of medeplichtigheid aan heling. Hij heeft immers ook beschikkingsmacht over goederen in de loods gehad, waarvan hij wist dat die van diefstal afkomstig waren en hij heeft in elk geval bewust een loods ter beschikking gesteld aan een ander die daarin gestolen auto’s onderbracht en demonteerde. Deze verklaring past ook goed bij het telefoontje dat de verdachte op 1 maart 2016 pleegde om [benadeelde 3] tot zwijgen te manen. De verdachte ging er klakkeloos vanuit dat [benadeelde 3] wel zou begrijpen wie hij met “ze” bedoelde. Verdere uitleg hoefde er kennelijk niet bij. [benadeelde 3] wist dus dat er zich zaken in zijn loods afspeelden die het daglicht niet konden verdragen. Als dat niet het geval was geweest, zou het telefoontje van de verdachte weinig zin hebben gehad.

Niet gezegd kan dus worden dat [benadeelde 3] geprobeerd heeft alle illegale activiteiten in zijn loods in de schoenen van de verdachte te schuiven. De stelling van de verdediging dat [benadeelde 3] pas belastend over de verdachte is gaan verklaren in een veel later stadium, toen hij aangifte van afpersing had gedaan, mist verder feitelijke grondslag. In een eerdere verklaring, van 2 maart 2016, die de rechtbank overigens niet als bewijsmiddel bezigt, duidt [benadeelde 3] de verdachte ook al aan als betrokkene bij de loods (pagina 822). De rechtbank komt op de betrouwbaarheid van [benadeelde 3] nog terug in de zaak met parketnummer 03/700284-16 die in een volgende (sub)paragraaf aan de orde zal komen.

Getuigen alsnog horen?

Nu de rechtbank het dossier in volle omvang heeft kunnen beoordelen, komt zij ook tot de conclusie dat er geen noodzaak is de getuigen te horen, welk verzoek de raadsman heeft gedaan op de terechtzitting. Het onderzoek naar de zaak met parketnummer 03/700206-16 is volledig geweest, de rechtbank acht zich voldoende voorgelicht. Dit verzoek, dat de rechtbank op de zitting vooralsnog had afgewezen en dat bij wijze van subsidiair standpunt door de raadsman in zijn pleidooi is herhaald, wijst de rechtbank dan ook af.

Afpersing? Bewijsmiddelen gevoegde zaak met parketnummer 03/700284-16

[benadeelde 3] heeft aangifte gedaan van afpersing. [benadeelde 3] kende de verdachte in verband met voornoemde loods in Eijsden. Na de inval van de politie in de loods had hij de verdachte niet meer gezien tot een tweetal weken voor zijn aangifte. Na een min of meer toevallige ontmoeting kreeg [benadeelde 3] op 26 mei 2016 een sms, afkomstig van het telefoonnummer [telefoonnummer 3] . De verdachte wilde volgens [benadeelde 3] afspreken, niet bij de loods van [benadeelde 3] , maar bij de winkel Action in Gronsveld. Om 20:50 uur die avond trof [benadeelde 3] de verdachte, die in gezelschap was van een andere man, die [benadeelde 3] niet eerder gezien had. De verdachte heeft bij die ontmoeting volgens [benadeelde 3] gezegd:

- dat door de verklaring van [benadeelde 3] zijn, verdachtes, zoon vast zat;

- dat er mannen waren die geld wilden zien, dat verdachte € 70.000,- moest betalen en dat [benadeelde 3] daarvan € 35.000,- ging betalen;

- dat het de verdachte niet uitmaakte hoe [benadeelde 3] dat ging betalen;

- dat [benadeelde 3] nu € 5.000,- ging pinnen;

- dat hij, verdachte, voor het weekend € 15.000,- wilde hebben;

- dat de mannen bij zijn, verdachtes, vrouw en kinderen thuis zaten en dat [benadeelde 3] dat niet ook wilde;

- dat die mannen [benadeelde 3] gingen opzoeken als hij niet betaalde;

- dat [benadeelde 3] niet naar de politie moest gaan, want dan kwamen die jongens langs.

Wat de verdachte zei in combinatie met de aanwezigheid van de andere man leverde [benadeelde 3] een onveilig gevoel op. Het kwam zeer bedreigend over en de andere man straalde uit dat hij [benadeelde 3] ieder moment iets kon aandoen. [benadeelde 3] heeft vervolgens € 2.000,- aangeboden aan de verdachte en dat bedrag volgens aanwijzing van de verdachte afgegeven aan de man met wie de verdachte samen was.

[benadeelde 3] heeft vervolgens een telefoon van de verdachte gekregen met de mededeling dat hij deze bij zich moest houden zodat hij bereikbaar was voor de verdachte. De verdachte zou hem een dag later om 12:00 uur bellen of sms’en.

Op 27 mei 2016 ontving [benadeelde 3] meerdere sms’jes vanaf telefoonnummer [telefoonnummer 4] . [benadeelde 3] heeft de politie ingeschakeld, die vervolgens via de overhandigde telefoon gecommuniceerd heeft met de gebruiker van nummer [telefoonnummer 4] . [benadeelde 3] kende de verdachte alleen bij zijn voornaam [verdachte] . De politie beschikte over informatie in relatie tot de loods van [benadeelde 3] , die tot de conclusie leidde dat dit [verdachte] , de verdachte, betrof.

Op 28 mei 2016 volgde een berichtenuitwisseling tussen de gebruiker van het telefoonnummer [telefoonnummer 4] en de politie via de telefoon die [benadeelde 3] overhandigd had. In de berichtenuitwisseling refereerde de gebruiker van telefoonnummer [telefoonnummer 4] aan de betaling die al was gedaan op 26 mei 2016 (“de borg”) en de gebruiker bouwde voort op de dreiging die eerder was verwoord. Zo werd bericht: “Geen verrassingen, anders leer je de familie kennen” en “Als het niet goed is, weet ik je te vinden”.

Bekend was dat de verdachte mogelijk ook gebruik maakte van het telefoonnummer [telefoonnummer 5] . Dit nummer en het telefoonnummer [telefoonnummer 4] vielen op 28 mei 2016 voortdurend onder het bereik van de zendmasten van Brunssum, de woonplaats van de verdachte. Er werd vervolgens een afspraak gemaakt voor de overdacht van geld op de parkeerplaats van de McDonalds te Gronsveld, alwaar in de kofferbak van een zwarte Volkswagen Passat bij het reservewiel het geld zou liggen. Uit zendmastgegevens werd opgemaakt dat na 22:00 uur de voornoemde telefoons, met nummers [telefoonnummer 4] en [telefoonnummer 5] , zich vanuit Brunssum verplaatsten naar Maastricht. Als laatste vielen deze telefoons onder het bereik van een zendmast op de Stationbaan in Maastricht.

Observatieteams van de politie namen waar dat een Volkswagen Passat met het kenteken [kenteken 67] op naam van de verdachte, de afslag Gronsveld nam. Vervolgens reed dit voertuig rechts de Köbbesweg op en sloeg het voertuig linksaf de Oosterbroekweg op, richting McDonalds. Het observatieteam zag dat de Passat op de Oosterbroekweg te Gronsveld op ongeveer 50 meter van de Köbbesweg aan de rechterzijde stilstond en dat er een portier aan de bestuurderszijde van dit voertuig openstond.

Op 28 mei 2016 omstreeks 22:49 uur werd de verdachte aangehouden op de parkeerplaats van McDonalds te Gronsveld, nadat hij de Passat met kenteken [kenteken 67] geparkeerd had naast de auto waarin het geld zich zou bevinden, de kofferbak van die auto had geopend en de envelop had gepakt die de politie eerder bij het reservewiel had neergelegd.

Bij de verdachte, noch bij zijn vrouw of de kinderen die hem vergezelden, noch in de Passat werd het telefoontoestel aangetroffen waarmee de berichten naar de telefoon die aan [benadeelde 3] was gegeven waren verstuurd. Deze telefoon werd in een plastic tas gevonden op de plaats waar het observatieteam de Passat van de verdachte op de Oosterbroekweg te Gronsveld had zien stilstaan. In de tas trof de politie vijf mobiele telefoons aan, waaronder telefoons voorzien van de telefoonnummers [telefoonnummer 4] en [telefoonnummer 5] .

Overwegingen van de rechtbank ten aanzien van het bewijs van feit 1 en conclusies die de rechtbank uit dit bewijs trekt

Uit het voorgaande bewijs volgt dat [benadeelde 3] op 26 mei 2016 op aanwijzing van de verdachte € 2.000,- overhandigd heeft aan een derde, onbekend gebleven persoon. [benadeelde 3] heeft dit onder bedreigende omstandigheden gedaan. Dat is afpersing.

De verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij bij deze overdracht aanwezig is geweest, maar heeft verder niets willen zeggen over de zaak. Zijn raadsman heeft betwist dat de verdachte voornoemde uitspraken heeft gedaan. Die betwisting staat echter niet in de weg aan een bewezenverklaring dat [benadeelde 3] is afgeperst door twee samenwerkende personen. De verdachte heeft hoe dan ook een wezenlijke bijdrage geleverd aan de afpersing, omdat hij door zijn aanwezigheid de dreiging heeft versterkt en zich zo tot medepleger heeft gemaakt. Als sprake is van medeplegen, van een nauwe en bewuste samenwerking tussen twee daders, is het in beginsel niet meer relevant om precies af te bakenen wie nu wat gezegd heeft. De rechtbank is er bovendien zeker van dat de verdachte [benadeelde 3] ook verbaal onder druk heeft gezet. [benadeelde 3] heeft bij de politie verklaard over het verwijt dat de zoon van de verdachte door zijn verklaring vast zat. Een kopie van die verklaring van 2 maart 2016 had de verdachte bij zich op 28 mei 2016. Dit verwijt van de verdachte had dus betrekking op de zaak die hiervoor al beschreven is: de inval van de politie op 1 maart 2016 in de loods aan de [adres 5] te Eijsden. Er is dus een duidelijke context die maakt dat de rechtbank geen reden heeft te twijfelen aan de verklaring van [benadeelde 3] . De aangifte wordt ondersteund door ander bewijs en staat zo niet op zichzelf, zoals de raadsman heeft betoogd. De rechtbank acht bewezen dat het de verdachte is geweest die dreigende taal heeft gebezigd.

Ongeloofwaardig verweer

De raadsman heeft overigens bij pleidooi aangevoerd dat de verdachte wel iets tegen [benadeelde 3] gezegd zou hebben, namelijk dat hij bedreigd was door de mannen en daarnaast aangevoerd dat de verdachte naar de ontmoeting met [benadeelde 3] is gegaan, terwijl de andere mannen bij de verdachte thuis zaten. De rest zou volgens de raadsman besproken zijn door de onbekend gebleven man. De verdachte heeft echter niets willen verklaren ter terechtzitting over hoe de ontmoeting verlopen is en wat hij gedaan of gezegd heeft. De verdachte heeft dus niet eens bevestigd dat hij gezegd heeft wat de raadsman hem in de mond legt. Op deze manier wordt het verweer ongeloofwaardig. Bij gebrek aan een verklaring van de verdachte zelf gaat de rechtbank ervan uit dat het gegaan is zoals [benadeelde 3] heeft verklaard.

Vervolg overwegingen: feit 2

Vastgesteld kan worden gelet op het hiervoor genoemde bewijs dat aan [benadeelde 3] een telefoon is overhandigd met de bedoeling om onder dezelfde dreiging van 26 mei 2016, die nog benadrukt werd in het sms-verkeer, te bewerkstelligen dat meer geld zou worden overhandigd. Daartoe werd een afspraak gemaakt en de verdachte is het geld komen halen. De verdachte is ook degene die de hele tijd in bezit is geweest van de telefoon met nummer [telefoonnummer 4] en moet worden aangemerkt als de persoon die met de politie communiceerde, ook al deed hij voorkomen dat er met de onbekend gebleven man werd ge-sms’t. In de berichtenuitwisseling gaf de gebruiker van het nummer aan dat hij er rekening mee hield dat de politie bij de overdracht van het geld aanwezig zou zijn. Dat sluit aan bij het gedrag van de verdachte dat geobserveerd is: om het risico te beperken ontdeed de verdachte zich van zijn telefoons vlak voordat hij het geld ging halen. Dat alles rechtvaardigt de conclusie dat de verdachte is doorgegaan met afpersen.

Het had daarnaast voor de hand gelegen dat deze telefoon met nummer [telefoonnummer 4] in handen was gebleven van de onbekend gebleven man om de regie te kunnen behouden, uitgaande van het scenario dat die onbekende de kwade genius was. De rechtbank gelooft daarom niet dat de onbekend gebleven man voorafgaand aan en op 28 mei 2016 nog actief betrokken was bij de gang van zaken. Het handelen van de verdachte op 28 mei 2016 levert een poging tot afpersing op, als voortgezette handeling van de afpersing op 26 mei 2016.

Ongeloofwaardig scenario

Bij pleidooi is een voor de verdachte ontlastend scenario naar voren gebracht inhoudende dat de verdachte zelf onder grote druk heeft gestaan van de in dit dossier onbekend gebleven mededader (“de grijze man”). De verdachte zelf heeft daar, wederom, niet over verklaard. Hij is vaag gebleven toen hem daarover vragen werden gesteld op de terechtzitting, terwijl het op zijn weg ligt om dit type verweer aannemelijk te maken. Op zijn minst zijn er gegevens nodig die enig onderzoek naar het verweer mogelijk maken, te beginnen met een duidelijke verklaring van de verdachte zelf en niet uitspraken en vermoedens van zijn raadsman.

In een eerder stadium van de behandeling van de zaak heeft de verdediging ook geen onderzoekswensen geuit, terwijl toen al wel hetzelfde scenario naar voren is gebracht. De rechtbank verwijst in dat verband naar het proces-verbaal van de regiezitting van 2 september 2016: de raadsman gaf toen aan dat wat hem betreft de zaak inhoudelijk kon worden behandeld en had zich daarop voorbereid. Toen bleek dat de zaak werd aangehouden, heeft de verdediging de gelegenheid niet benut om alsnog onderzoekswensen naar voren te brengen.

De door de raadsman ter onderbouwing van het scenario overgelegde aangifte en e-mail van de (ex-)partner van de verdachte dateren van 7 juli 2016 respectievelijk 23 augustus 2016 en dus van later datum dan de feiten waar het in dit vonnis over gaat. De rechtbank kan daar niets mee en die stukken zijn eerder niet vertaald naar een verzoek om boven water te krijgen hoe reëel de gestelde bedreiging richting de verdachte was. Het is bovendien vreemd dat de bedreigers van de verdachte zich niet rechtstreeks tot [benadeelde 3] hebben gewend om (meer) geld te krijgen, als zij geld verloren hadden als gevolg van de inval in de loods en [benadeelde 3] “wel wist waar het over ging”. Het is nog vreemder dat de verdachte op 28 mei 2016 zijn gezin gewoon mee mag nemen naar de overdracht, terwijl de verdachte op 26 mei 2016 onder druk zou hebben gehandeld omdat die personen bij zijn gezin thuis zouden zitten. De rechtbank hecht dan ook geen geloof aan het scenario dat de raadsman bij pleidooi naar voren heeft gebracht.

4.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat de verdachte

Gevoegde zaak met parketnummer 03/661197-13

1. subsidiair

in de periode van 16 maart 2011 tot en met 24 januari 2012 in de gemeente Brunssum een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte op na te melden tijdstippen, na te melden goederen verworven en voorhanden gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof te weten:

- in de periode van 27 april 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 4] en

- in de periode van 20 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 7] en

- in de periode van 21 juli 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 8] en

- in de periode van 14 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 9] en

- in de periode van 28 november 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 10] en

- in de periode van 23 november 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 11] en

- in de periode van 15 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 12] en

- in de periode van 1 oktober 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 13] en

- in de periode van 29 mei 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 14] en

- in de periode van 16 juni 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 15] en

- in de periode van 16 maart 2011 tot en met 21 december 2011 een personenauto, gekentekend [kenteken 16] ;

2. subsidiair

in de periode van 27 oktober 2011 tot en met 24 januari 2012 in de gemeente Brunssum een personenauto, voorzien van het chassisnummer [VIN-nummer 1] heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die personenauto wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

Parketnummer 03/720560-13 (hoofdzaak)

1. subsidiair

in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 te Brunssum een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 18] , heeft verworven, voorhanden heeft gehad en heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die personenauto wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

2. subsidiair

in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 te Brunssum een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 20] , heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die personenauto wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

3. subsidiair

in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 te Brunssum een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 21] , heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die personenauto wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

5. subsidiair

in de periode van 25 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum een motorvoertuig, merk Mercedes Sprinter en een Belgisch rijbewijs, voorzien van het nummer [rijbewijsnummer] en een Belgische identiteitskaart, voorzien van het nummer [identiteitsnummer 2] , heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van dat motorvoertuig en dat Belgisch rijbewijs en die Belgische identiteitskaart wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

6. subsidiair

in de periode van 21 maart 2013 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum een motorvoertuig, merk Volkswagen Caddy en gekentekend [kenteken 35] heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van dat motorvoertuig wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

7. subsidiair

in de periode van 25 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum een bestelauto, merk Volkswagen Caddy, en een aluminium koffertje, heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die bestelauto en dat koffertje wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

8. subsidiair

in de periode van 25 december 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum een motorvoertuig, merk Mercedes, en een autosleutel, behorende bij dat motorvoertuig heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van dat motorvoertuig en die autosleutel wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

9. subsidiair

in de periode van 18 januari 2011 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum een personenauto, merk Mercedes, en een autosleutel behorende bij die personenauto heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die personenauto en die autosleutel wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

10. subsidiair

in de periode van 30 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum een personenauto, merk Volkswagen Golf, en een winkelkratje, inhoudende onder meer een RDW keuringsrapport en een onderhoudsboekje behorende bij voornoemde personenauto, heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die personenauto en dat winkelkratje wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

11. subsidiair

in de periode van 29 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum een motorvoertuig, merk Volkswagen Caddy, en een krat met daarin onder meer op naam van [benadeelde 4] staande papieren, heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van dat motorvoertuig en die krat wist

dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

Gevoegde zaak met parketnummer 03/720001-14

1. subsidiair

in de periode van 6 maart 2013 tot en met 5 april 2013, in de gemeente Brunssum een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte op na te melden tijdstippen, na te melden goederen verworven en voorhanden gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof:

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een motorrijtuig, merk Mercedes Sprinter voorzien van het chassisnummer [VIN-nummer 17] en

- in de periode van 3 tot en met 5 april 2013 een autosleutel van een motorrijtuig gekentekend [kenteken 23] en

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto gekentekend [kenteken 25] en

- in de periode van 23 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto gekentekend [kenteken 27] en

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto gekentekend [kenteken 28] en

- in de periode van 29 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto gekentekend [kenteken 29] en

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto gekentekend [kenteken 30] en

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto gekentekend [kenteken 31] en

- in de periode van 6 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 32] en een huurcontract behorende bij een personenauto gekentekend [kenteken 32] ;

2. subsidiair

in de periode van 11 januari 2013 tot en met 5 april 2013 in de gemeente Brunssum een bestelauto, merk VW Crafter, gekentekend [kenteken 33] , en een salarisspecificatie afkomstig uit genoemde bestelauto heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die bestelauto en die salarisspecificatie wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

3. subsidiair

hij in de periode van 15 januari 2008 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum een personenauto, merk Ford Focus, gekentekend [kenteken 53] , en een map met daarin papieren van een personenauto merk Ford Focus, gekentekend [kenteken 53] , heeft verworven en voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven krijgen van die personenauto en die map met papieren wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

5. subsidiair

in de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013, in de gemeente Brunssum een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte op na te melden tijdstippen, na te melden goederen verworven en voorhanden gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven van die goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof te weten:

- in de periode van 4 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 42] en een kentekenplaat met opschrift [kenteken 42] en

- in de periode van 18 september 2012 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 43] en een aantal doosjes met materialen en twee dozen kit, afkomstig uit een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 43] en

- in de periode van 4 december 2012 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto, gekentekend [kenteken 44] en twee magneetborden, een gereedschapskoffer met daarin handgereedschappen, een oranje krat met daarin gereedschappen waaronder oorkappen, schoppen, breekstangen en een afrijkoker, afkomstig uit een bestelauto, gekentekend [kenteken 44] en

- in de periode van 21 januari 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 45] en een hoeveelheid Toshiba printeronderdelen, een harde schijf, merk Seagate, drie printerplaten en een zakje met PM kitrollers, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 45] en

- in de periode van 11 juni 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 46] en een aantal pennen, bekers, lampjes, asbakken, navigatie CD's, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 46] en

- in de periode van 17 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 68] en een autoradio, en een onderdeel van een airbag, afkomstig uit een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 68] en

- in de periode van 27 september 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 48] en een autoradio, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 48] en

- in de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 49] en een autoradio, afkomstig uit een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 49] en

- in de periode van 29 december 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 50] en een airbag, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 50] en

- in de periode van 9 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 51] en een autoradio, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 51] en

- in de periode van 6 augustus 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 52] ;

6. primair

in de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij, verdachte, op na te melden tijdstippen van na te melden goederen de herkomst heeft verhuld en de verplaatsing heeft verborgen en na te melden goederen verworven en voorhanden gehad, terwijl hij wist dat bovenomschreven goederen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf, te weten:

- in de periode van 3 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 18] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 20] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 21] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een motorrijtuig (merk Mercedes Sprinter met chassisnummer [VIN-nummer 17] ),

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 25] ),

- in de periode van 23 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 27] ),

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 28] ),

- in de periode van 29 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 29] ),

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 30] ),

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 31] ),

- in de periode van 6 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 32] ),

- in de periode van 11 januari 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk Volkswagen Crafter, gekentekend [kenteken 33] ),

- in de periode van 4 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Touran, gekentekend [kenteken 42] ),

- in de periode van 18 september 2012 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Mercedes Sprinter, gekentekend [kenteken 43] ),

- in de periode van 4 december 2012 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 44] ),

- in de periode van 21 januari 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 45] ),

- in de periode van 11 juni 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Touran, gekentekend [kenteken 46] ),

- in de periode van 21 maart 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Caddy met chassisnummer [VIN-nummer 25] ),

- in de periode van 25 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 37] ),

- in de periode van 25 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 een vrachtauto (merk Mercedes Sprinter, gekentekend [kenteken 34] ),

- in de periode van 30 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 40] ),

- in de periode van 29 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 41] ),

- in de periode van 25 december 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Mercedes, gekentekend [kenteken 38] ),

- in de periode van 18 januari 2011 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Mercedes, gekentekend [kenteken 39] ),

- in de periode van 17 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 68] ),

- in de periode van 27 september 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Polo, gekentekend [kenteken 48] ),

- in de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Volkswagen Multivan, gekentekend [kenteken 49] ),

- in de periode van 29 december 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 50] ),

- in de periode van 9 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Audi A3, gekentekend [kenteken 51] ),

- in de periode van 6 augustus 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 52] );

Gevoegde zaak met parketnummer 03/700206-16

1. primair

in de periode van 3 september 2015 tot en met 1 maart 2016, in de gemeenten Eijsden-Margraten en Brunssum, een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte na te melden goederen verworven en voorhanden gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen telkens wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof, te weten:

1. een motorblok van een motorfiets, merk KTM, type RC125 (framenummer [framenummer] )

2. een stoelzitting en bekleding van een Volkswagen Transporter, type 7HK, kenteken [kenteken 56] (VIN [VIN-nummer 38] )

3. portierbekleding, voorstoelen, achterbank en kunststof bekleding van kokerbalken van een personenauto, merk BMW, type 116i, kenteken [kenteken 57] ( [VIN-nummer 40] )

4. carrosserie en onderdelen (vier portieren, een middenconsole en een airbag) van een personenauto, merk BMW, type 530 XD, kenteken [kenteken 59] (VIN [VIN-nummer 41] )

5. een personenauto, merk Volkswagen, type Touran, kenteken [kenteken 55] (VIN

[VIN-nummer 37] )

6. onderdelen (twee portieren, kofferdeksel, schuifdak, bumpers, voorfront en complete interieur) van een personenauto, merk BMW, type 335D, kenteken [kenteken 60] (VIN [VIN-nummer 42] )

7. onderdelen (een tussenschot, twee stoelen en hemelbekleding) van een personenauto, merk Volkswagen, type Multivan Startline, kenteken [kenteken 61] (VIN [VIN-nummer 43] )

8. vier portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Golf 2.0 GTD, kenteken [kenteken 62] (VIN [VIN-nummer 44] )

9. twee (voor)portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Golf 6 2.0 GTI, kenteken [kenteken 63] (VIN [VIN-nummer 45] )

10. twee (voor)portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Polo, kenteken [kenteken 64] (VIN [VIN-nummer 46] )

11. een multimedia-apparaat van een personenauto, merk Volkswagen, type

Touran, kenteken [kenteken 65] (VIN [VIN-nummer 47] )

12. een motormanagementsysteem van een bestelbus, merk Mercedes-Benz, type Sprinter, kenteken [kenteken 66] (VIN [VIN-nummer 48] )

1. t/m 10 aangetroffen op 1 maart 2016 in een loods gelegen aan de [adres 5] te Eijsden, 11 t/m 12 aangetroffen op 1 maart 2016 in een woning gelegen aan de [adres 8] te Brunssum;

Gevoegde zaak met parketnummer 03/700284-16

1.

op 26 mei 2016 in de gemeente Eijsden-Margraten, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [benadeelde 3] heeft gedwongen tot de afgifte van Euro 2.000,-, toebehorende aan die [benadeelde 3] , welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte, (in het bijzijn van een medeverdachte) die [benadeelde 3] het volgende heeft meegedeeld:

- dat door de verklaring van [benadeelde 3] zijn, verdachtes, zoon vast zit en

- dat er mannen zijn die geld willen zien en dat [benadeelde 3] daarvan Euro 35.000,- gaat betalen en

- dat het verdachte niet uitmaakt hoe hij, [benadeelde 3] , dat gaat betalen en

- dat hij, [benadeelde 3] , nu Euro 5.000,- gaat pinnen en

- dat hij, verdachte, voor het weekend Euro 15.000,- wil hebben en

- dat die mannen hem, [benadeelde 3] , gaan opzoeken als hij niet betaalt en

- dat hij, [benadeelde 3] , niet naar de politie moet gaan, want dan komen die jongens langs en

die [benadeelde 3] een telefoon heeft gegeven met de mededeling dat hij deze bij zich moest houden zodat hij bereikbaar was voor verdachte;

2.

op 26 mei 2016 in de provincie Limburg, tezamen en in vereniging met een ander, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededader voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [benadeelde 3] te dwingen tot de afgifte van Euro 35.000,-, toebehorende aan die [benadeelde 3] , (in het bijzijn van een mededader) die [benadeelde 3] het volgende heeft meegedeeld:

- dat door de verklaring van [benadeelde 3] zijn, verdachtes, zoon vast zit en

- dat er mannen zijn die geld willen zien en dat [benadeelde 3] daarvan Euro 35.000,- gaat betalen en

- dat het verdachte niet uitmaakt hoe hij, [benadeelde 3] , dat gaat betalen en

- dat hij, [benadeelde 3] , nu Euro 5.000,- gaat pinnen en

- dat hij, verdachte, voor het weekend Euro 1.5000,- wil hebben en

- dat die mannen hem, [benadeelde 3] , gaan opzoeken als hij niet betaalt en

- dat hij, [benadeelde 3] , niet naar de politie moet gaan, want dan komen die jongens langs en

die [benadeelde 3] een telefoon heeft gegeven met de mededeling dat hij deze bij zich moest houden zodat hij bereikbaar was voor verdachte, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

De rechtbank acht niet bewezen wat meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5 De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:

Gevoegde zaak met parketnummer 03/661197-13

1. subsidiair

van het plegen van opzetheling een gewoonte maken

2. subsidiair

opzetheling

Parketnummer 03/720560-13 (hoofdzaak)

1. subsidiair 2. subsidiair 3. subsidiair 5. subsidiair 6. subsidiair 7. subsidiair 8. subsidiair 9. subsidiair 10. subsidiair 11. subsidiair

telkens: opzetheling

Gevoegde zaak met parketnummer 03/720001-14

1. subsidiair

van het plegen van opzetheling een gewoonte maken

2. subsidiair en 3. subsidiair

telkens: opzetheling

5. subsidiair

van het plegen van opzetheling een gewoonte maken

6. primair

van het plegen van witwassen een gewoonte maken

Gevoegde zaak met parketnummer 03/700206-16

1. primair

van het plegen van opzetheling een gewoonte maken

Zaak met parketnummer 03/700284-16

1.en 2.

de voortgezette handeling van: medeplegen van afpersing en poging tot medeplegen van afpersing

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

6 De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

7 De straf en/of de maatregel

7.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft op grond van hetgeen hij bewezen heeft geacht, gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 jaren, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft gezeten.

Volgens de officier van justitie is de verdachte aan te merken als een beroepscrimineel die maar uit is op één ding, namelijk het makkelijk en snel verdienen van veel geld. Hierbij hield de verdachte geen rekening met de mensen om hem heen en toonde hij geen respect voor wet en regelgeving.

Gelet op de grote hoeveelheid ernstige delicten en de omvang van de schade, ergernis en onrust die de verdachte hiermee heeft veroorzaakt, kan naar het oordeel van de officier van justitie niet worden volstaan met een andere straf dan een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf.

De officier van justitie heeft bij het bepalen van zijn strafeis rekening gehouden met artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht en met het tijdsverloop (overschrijding van de redelijke termijn).

De officier van justitie heeft de opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis, dan wel de gevangenneming van de verdachte gevorderd, met onmiddellijke ingang. Het recidivegevaar is zeer groot en daarom mag de verdachte de uitkomst van zijn strafzaak niet langer in vrijheid afwachten, aldus de officier van justitie.

7.2

Het standpunt van de verdediging

Mocht de rechtbank tot een bewezenverklaring komen, dan verzoekt de raadsman om rekening te houden met de ouderdom van de zaken. Dat de berechting van de zaken vertraging heeft opgelopen is slechts voor een klein deel te wijten aan de wijze van opereren van de verdediging. De rechtbank had een aantal tenlastegelegde feiten al kunnen afdoen bij een eerdere strafzaak tegen de verdachte.

Verder verzoekt de raadsman om er rekening mee te houden dat de verdachte al lange tijd in voorarrest heeft gezeten en dat hij voor zaken die sterk met de tenlastelegging samenhangen al gedurende 1,5 jaar onder zware omstandigheden gedetineerd is geweest in Duitsland.

7.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Een autobedrijf, zo lijkt het. Waar je je auto kunt laten onderhouden of waar je een tweedehands auto kunt kopen. Maar dat is de buitenkant: het is een camouflage. De binnenkant is anders. Overal: in containers, in kasten, in het kantoor, in de werkplaats liggen onderdelen van gestolen auto’s of goederen die uit gestolen auto’s afkomstig zijn. En niet alleen in het bedrijf van de verdachte, maar ook in allerlei loodsen die hij in gebruik heeft. In die loodsen staan en liggen niet alleen onderdelen of andere spullen uit gestolen auto’s, maar staan ook verschillende gestolen auto’s. De verdachte is verschillende keren geobserveerd als gestolen auto’s naar zijn loodsen werden gebracht of als hij dat zelf deed. De gestolen auto’s werden veelal in de loodsen die de verdachte tot zijn beschikking had binnen een zeer korte tijd gestript of ze werden daar omgekat. Voorzien van een andere identiteit, namelijk die van een wrak dat de verdachte in Duitsland had gekocht.

En niet één keer, maar vele jaren was dit de praktijk van de verdachte. Dat het in deze zaak gaat om een aantal doorzoekingen in de bedrijfsruimte van de verdachte, zijn woning en loodsen die hij in gebruik had in de periode van 2012 tot 2016, spreekt boekdelen. En telkens was het beeld hetzelfde: gestolen auto’s, onderdelen van gestolen auto’s, spullen uit gestolen auto’s. Vele tientallen gestolen auto’s zijn door zijn handen gegaan.

De verdachte moet een man met gouden handjes zijn, die zijn geld op een legale manier goed zou moeten kunnen verdienen. In plaats daarvan koos hij ervoor om een beroepscrimineel te worden. Te profiteren van de ellende van anderen: van de bestolen autobezitters, van wie de auto in een enkel geval zelfs met geweld was verkregen, van de gedupeerde autokopers, die een omgekat voertuig bij hem hadden gekocht en het aan de politie kwijtraakten, van de lease- en verzekeringsmaatschappijen, die schades leden en uitbetaalden, die extra kosten hadden, die weer worden afgewenteld op alle bedrijven en mensen die een verzekering of een leasecontract afsluiten. Van de personen van wie de verdachte de gestolen identiteitsbewijzen gebruikte om weer een loods te huren, zodat niet zijn naam onder het contract zou staan, of die hij gebruikte om een auto op naam te zetten en die dan bij de rechter-commissaris konden komen uitleggen dat zij nooit zo’n huurcontract hadden afgesloten of dat ze niet zo goed meer wisten hoe het allemaal zat destijds. Van de verhuurders van loodsen, die door de verdachte gebeld werden als er weer eens een loods was opgerold, met aanwijzingen over hoe ze moesten verklaren als de politie kwam. Of die, in het geval van [benadeelde 3] , onder druk werd gezet om geld te betalen nadat hij een belastende verklaring had afgelegd.

Het kan de verdachte allemaal weinig schelen. Hij gebruikt alles en iedereen voor zijn doel: het snelle geld.

Hoewel geen bewijs voorhanden is dat de verdachte zich zelf schuldig heeft gemaakt aan de diefstal van voertuigen, heeft de rechtbank bij de bepaling van de strafmaat wel aansluiting gezocht bij de landelijke oriëntatiepunten (LOVS) die gelden voor de diefstal van voertuigen. De verdachte heeft zich op grote schaal schuldig gemaakt aan heling en witwassen van voertuigen en voertuigonderdelen. Hiermee heeft hij een wezenlijke bijdrage geleverd aan de instandhouding van de voertuigcriminaliteit. Een dief kan nu eenmaal niet zoveel zonder heler die de voertuigen en onderdelen daarvan vervolgens weer probeert door te verkopen.

Daarnaast heeft de rechtbank bij de bepaling van de strafmaat gekeken naar straffen die in min of meer vergelijkbare gevallen door rechters zijn opgelegd. Gelet op alleen al de hoeveelheid voertuigen en voertuigonderdelen die bij verdachte aangetroffen zijn, kan geen andere straf dan een langdurige onvoorwaardelijke vrijheidsstraf aan de orde zijn.

De afpersing van [benadeelde 3] is weer vergelijkbaar met straatroof, waarvoor voornoemde oriëntatiepunten als uitgangspunt een onvoorwaardelijke straf van 6 maanden vermelden, maar waarvoor volgens de rechtbank een hogere straf aan de orde is. Het strafmaximum voor alle feiten tezamen is volgens de wet 12 jaren gevangenisstraf. Daarmee wordt duidelijk dat alleen een zeer lange straf aan de orde is.

Het is wel zo dat de behandeling van de strafzaak tegen de verdachte langer dan gebruikelijk op zich heeft laten wachten. De redelijke termijn is overschreden. Hier zal in strafverminderende zin rekening mee gehouden worden, aangezien de overschrijding van de termijn slechts voor een deel voor rekening van verdachte zelf komt.

Daarnaast heeft de rechtbank er rekening mee gehouden dat artikel 63 Sr van toepassing is.

Daar staat dan weer tegenover dat gevangenisstraffen de verdachte niet tegen lijken te houden. De verdachte is een beroepscrimineel. Wanneer die strafverminderende factoren niet aanwezig zouden zijn geweest, zou de rechtbank gekozen hebben voor het opleggen van meer dan 7 jaren gevangenisstraf. Nu die factoren er wel zijn, zal de rechtbank alles afwegend volstaan met het opleggen van die 7 jaren. Daarmee legt de rechtbank meer straf op dan door de officier van justitie is gevorderd, maar de rechtbank ziet hierin de enige mogelijkheid om de verdachte – althans voorlopig – te weerhouden van het plegen van misdrijven.

8 De benadeelde partijen

In deze strafzaak hebben zich 11 personen als benadeelde partij gevoegd.

In 9 van deze gevallen wordt vergoeding gevorderd van schade die is geleden als gevolg van de diefstal van voertuigen. De rechtbank acht echter alleen de heling en/of het witwassen van deze voertuigen bewezen. Van de diefstal van de voertuigen wordt de verdachte vrijgesproken. De schade kan daarom niet als rechtstreeks gevolg van de bewezenverklaarde feiten worden aangemerkt. Dat betekent dat de rechtbank al deze benadeelde partijen

niet-ontvankelijk zal verklaren in hun vorderingen. Het gaat dan om de vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde 8] , [benadeelde 4] , [benadeelde 2] , [benadeelde 9] , [benadeelde 10] ., [benadeelde 6] , [benadeelde 7] , [benadeelde 11] en [benadeelde 12] .

[benadeelde 1] vordert schadevergoeding van € 5.177,74 ter zake van feit 2 in de zaak met parketnummer 03/866302-16 (diefstal van elektriciteit). Nu de verdachte wordt vrijgesproken van dit feit, kan de rechtbank zich niet inhoudelijk uitspreken over deze vordering, gelet op het bepaalde in artikel 361 van het Wetboek van Strafvordering. Dit betekent dat [benadeelde 1] niet-ontvankelijk zal worden verklaard in haar vordering.

[benadeelde 3] heeft zich als benadeelde partij gevoegd in de strafzaak met parketnummer 03/700284-16 (de afpersingszaak) en vordert vergoeding van € 2.000,- aan materiële schade, € 850,- aan immateriële schade (smartengeld) en € 907,50 aan proceskosten.

De verdediging heeft de vordering betwist.

Het gevorderde bedrag aan materiële schadevergoeding is naar het oordeel van de rechtbank het rechtstreeks gevolg van het bewezenverklaarde onder feit 1, de afpersing door de verdachte, en wordt daarom toegewezen. Het toegewezen bedrag van € 2.000,- moet worden vermeerderd met de wettelijke rente en de rechtbank zal voor dit bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel aan de verdachte opleggen.

Voor het overige kan de vordering niet worden toegewezen. Slechts in een beperkt aantal gevallen biedt de wet de mogelijkheid tot toekenning van immateriële schadevergoeding, van smartengeld. Een veroordeling tot betaling van smartengeld is op zijn plaats als een dader het oogmerk had om immateriële schade te veroorzaken. Daarvan is slechts zelden aantoonbaar sprake (in het strafrecht). Het is ook niet als grond voor de vordering aangevoerd.

Een slachtoffer kan verder aanspraak maken op smartengeld als hij fysiek letsel heeft opgelopen of aangetast is in zijn eer en goede naam. De vordering van [benadeelde 3] is hierop ook niet gebaseerd. Deze is gebaseerd op een restcategorie: aantasting van de persoon op andere wijze. Hoewel dit taalkundig een open term betreft, heeft de wetgever een restrictief stelsel willen geven. Van aantasting op andere wijze kan sprake zijn als iemand psychisch letsel heeft gekregen door het strafbare feit of in ernstige mate in zijn persoonlijke levenssfeer is aangetast. Dan is wel vereist dat dit letsel of die aantasting in rechte geobjectiveerd wordt en dus voldoende is onderbouwd, bijvoorbeeld aan de hand van een verklaring van een gedragsdeskundige of een rekening voor een gevolgde behandeling. Een onderbouwing in algemene zin is onvoldoende: gevoelens van angst en onzekerheid, slecht slapen en andere vervelende gevolgen, hoe naar ook voor het slachtoffer, vormen onvoldoende grond om in aanmerking te komen voor smartengeld. In het onderhavige geval is niet aan deze voorwaarde voldaan, zodat de door [benadeelde 3] gevorderde immateriële schadevergoeding niet onder het bereik van artikel 6:106, onder b, van het Burgerlijk Wetboek valt. Dit deel van de vordering wordt daarom afgewezen.

De door [benadeelde 3] gevorderde proceskostenvergoeding wordt ook afgewezen. Deze kosten heeft [benadeelde 3] namelijk niet gemaakt in het kader van bijstand en vertegenwoordiging om schadevergoeding te kunnen krijgen in de onderhavige strafzaak tegen verdachte, maar in het kader van de tegen hemzelf gerezen verdenking. Die kosten kunnen niet op de verdachte worden verhaald.

9 Het beslag

De hierna in de beslissing genoemde in beslag genomen goederen vat de rechtbank op als een gezamenlijkheid van voorwerpen. Er is een relatie tussen de goederen met voertuigcriminaliteit. Zij zijn ofwel afkomstig van dit type criminaliteit of geschikt ervoor. De goederen kunnen dus niet aan de verdachte terug worden gegeven of anderszins in het verkeer worden gebracht. Het ongecontroleerde bezit ervan acht de rechtbank in strijd met het algemeen belang. Zij zal daarom de onttrekking aan het verkeer ervan gelasten.

10 De voorlopige hechtenis en de zekerheidsstelling

De voorlopige hechtenis van de verdachte is geschorst met ingang van 17 januari 2014 in de hoofdzaak met parketnummer 03/720560-13. In de zaak met parketnummer 03/700284-16, de afpersingszaak, is de verdachte wederom in voorlopige hechtenis genomen. In die zaak heeft de rechtbank de voorlopige hechtenis geschorst met ingang van 10 november 2016 tot aan de dag van de uitspraak in de hoofdzaak.

De verdachte heeft na zijn vrijlating zijn berechting dus wat de Nederlandse rechter betreft in vrijheid mogen afwachten. De tijd die de verdachte reeds in voorarrest heeft doorgebracht, moet worden afgetrokken van de straf die wordt opgelegd, maar dat neemt niet weg dat de verdachte nog geruime tijd terug zal moeten naar de gevangenis. Gelet op de ernst van de feiten, de hoogte van de door de rechtbank op te leggen straf en het signaal dat van de straf uit moet gaan, is de rechtbank van oordeel dat het onaanvaardbaar is dat de verdachte een eventueel hoger beroep ook in vrijheid zou mogen afwachten. Ook ziet de rechtbank nog steeds gevaar voor herhaling. Zij zal daarom de voorlopige hechtenis in de zaak met parketnummer 03/700284-16 niet opnieuw schorsen en de schorsing van de voorlopige hechtenis in de zaak met parketnummer 03/720560-13 opheffen met ingang van heden.

De verdachte heeft op 17 januari 2014 in het kader van de schorsing van de voorlopige hechtenis in de hoofdzaak een borgsom betaald als zekerheidstelling voor het naleven van de voorwaarden die aan zijn vrijlating zijn verbonden. De verdachte is vervolgens op 17 januari 2014 op vrije voeten gekomen.

Een van de voorwaarden was dat de verdachte geen misdrijven mocht plegen. Aan die voorwaarde heeft hij zich niet gehouden, nu gebleken is dat hij in 2015 en in 2016 wederom strafbare feiten heeft begaan, zoals de rechtbank hiervoor bewezen heeft verklaard en uit zijn strafblad blijkt. De rechtbank is dan ook, met de officier van justitie, van oordeel dat de betaalde borgsom moet komen te vervallen aan de Staat op grond van artikel 83 van het Wetboek van Strafvordering.

11 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 36f, 45, 57, 63, 317, 416, 417 en 420ter van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

12 Voorwaardelijk verzoek horen anonieme informanten

De raadsman heeft het verzoek gedaan anonieme informanten van de Criminele Inlichtingen Eenheid als getuigen te mogen horen, in het geval de rechtbank de anonieme informatie zou bezigen als bewijsmiddel. Nu de rechtbank in haar bewijsconstructie de processen-verbaal van de Criminele Inlichtingen Eenheid niet gebruikt, hoeft zij op dit verzoek niet te beslissen. Vaste rechtspraak is overigens dat deze verzoeken worden afgewezen, zeldzame gevallen daargelaten.

13 De beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak

- spreekt de verdachte vrij van de volgende feiten:

het tenlastegelegde onder parketnummer 03/661197-13: onder 1. primair en 2. primair.

het tenlastegelegde onder parketnummer 03/720560-13: onder 4. en hetgeen primair ten laste is gelegd onder 1. 2. 3. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11.;

het tenlastegelegde onder parketnummer 03/720001-14: onder 4. en hetgeen primair ten laste is gelegd onder 1. 2. 3. 5.;

het tenlastegelegde onder parketnummer 03/866302-16: onder 1. en 2.;

Bewezenverklaring

verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 4.4 is omschreven;

spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 5 is omschreven;

verklaart de verdachte strafbaar;

Straf

veroordeelt de verdachte voor de bewezenverklaarde feiten tot een gevangenisstraf van 7 jaren;

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, waarbij acht geslagen moet worden op de detenties in de zaken met parketnummers: 03/700284-16, 03/20560-13, 03/700206-16 en 03/61197-13;

Benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregelen

wijst de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3] , wonende te [woonplaats 1] , ter zake van feit 1 in de zaak met parketnummer 03/700284-16 gedeeltelijk toe en veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan deze benadeelde partij te betalen € 2.000,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 26 mei 2016 tot aan de dag van volledige voldoening;

wijst de vordering voor het overige af;

veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;

legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer [benadeelde 3] ter zake van feit 1 in de zaak met parketnummer 03/700284-16 van € 2.000,-, bij niet betaling en verhaal te vervangen door 30 dagen hechtenis, met dien verstande dat de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijk rente te berekenen vanaf 26 mei 2016 tot aan de dag van volledig voldoening;

bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervellen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen.

verklaart de benadeelde partij Enexis B.V¸ gevestigd te ’s-Hertogenbosch, niet-ontvankelijk in haar vordering;

veroordeelt de benadeelde partij [benadeelde 1] in de kosten van de verdachte, gemaakt ter verdediging tegen de vordering, begroot tot heden op nihil;

verklaart de navolgende overige benadeelde partijen ieder niet-ontvankelijk in de vordering:

[benadeelde 8] , wonende te [woonplaats 2] ;

[benadeelde 4] , wonende te [woonplaats 3] );

[benadeelde 2] , gevestigd te [woonplaats 4]

[benadeelde 9] , wonende te [woonplaats 5] ;

[benadeelde 10] , gevestigd te [woonplaats 6] ;

[benadeelde 6] , wonende te [woonplaats 7] ;

[benadeelde 7] , wonende te [woonplaats 8] ;

[benadeelde 11] , wonende te [woonplaats 9] ;

[benadeelde 12] , wonende te [woonplaats 10] ;

- veroordeelt elk van deze benadeelde partijen in de kosten van de verdachte, gemaakt ter verdediging tegen de vordering, begroot tot op heden op nihil;

Beslag

- onttrekt aan het verkeer de volgende in beslag genomen voorwerpen:

zie beslagportal 44 1.00 stk document Volkswagen Caddy 2232141. betreft een identificatiebriefje

zie beslagportal 45 1.00 stk document 2232133. plastic plaatje met chassisnummer

zie beslagportal 31 1.00 stk sleutel BMW 2229898 doorgezaagd, transponder aanwezig

zie beslagportal 32 1.00 stk slot 2229922

zie beslagportal 33 1.00 stk diverse goederen 2229923 startonderbreker

zie beslagportal 34 1.00 stk module Bosch Mercedes 2229925

zie beslagportal 35 1.00 stk sleutel Mercedes 2229926

zie beslagportal 36 1.00 stk papier 2229824 loonstrook

zie beslagportal 37 1.00 stk papier 2229920 advertentie

zie beslagportal 38 1.00 stk klapper 2229921 met 2 huurcontracten

zie beslagportal 39 1.00 stk printer HP officejet j5780 2229826

zie besl. portaal 40 1.00 stk paralyzer 2224568

zie besl. portaal 41 5.00 stk patroon 2224570

zie besl. portaal 1 1.00 stk stuur VW 311594

zie besl. portaal 2 1.00 stk diverse goederen VW airbag 311683 airbag van VW stuur

zie besl .portaal 3 9.00 stk slagcijfer 311679

zie besl. portaal 4 1.00 stk slot VW portier 311657

zie besl. portaal 5 1.00 stk sleutel Vespa 311696 met hanger w 4025

zie besl. portaal 6 1.00 stk slot scooter 311682 scooterslot met 2 sleutels

zie besl. portaal 7 24.00 stk slagcijfer 5 mm 311678

zie besl. portaal 8 2.00 stk schroevendraaier 311588

zie besl. portaal 9 1.00 stk slot autodeur 311684 met sleutel hu66at5

zie besl. portaal 10 1.00 stk gereedschap klom lockpicker 311700

zie besl. portaal 11 1.00 stk stuurinrichting stuurstang 311614

zie besl. portaal 12 1.00 stk radiocompactdisc Blaupunkt 311672

zie besl. portaal 13 1.00 stk radiocompactdisc Blaupunkt 311677

zie besl. portaal 14 5.00 stk diverse goederen transponder 311818

zie besl. portaal 15 1.00 stk kabel 311882 kabel van autocomputer-pc

zie besl. portaal 16 2.00 stk kentekenplaat Duits 311568

zie besl. portaal 17 1.00 stk document 311553 div. bescheiden administratie

zie besl. portaal 18 1.00 stk autocompactdiscspeler Blaupunkt 344668

zie besl. portaal 19 1.00 stk elektronica Mercedes 311666 motorsturing

zie besl. portaal 20 1.00 stk document 311562 administratie plattegrond loods

zie besl. portaal 21 1.00 stk bankbescheiden 311567 div. bankbescheiden

zie besl. portaal 22 1.00 stk document 311566 div. bescheiden administratie

zie besl. portaal 23 1.00 stk autocompactdiscspeler van VW 311663

zie besl. portaal 24 1.00 stk stuur VW 311601

zie besl. portaal 25 1.00 stk document 311864 autopapieren Luxemburg

zie besl. portaal 26 1.00 pr handschoen klefort 311580

zie besl. portaal 27 1.00 stk ruitenwisser Bosch motor 311624 ruitenwissermotor

zie besl. portaal 28 1.00 stk ruitenwisser Bosch 311621

zie besl. portaal 29 1.00 stk etui 311680 inh. horlogemakersgereedschap

zie besl. portaal 30 1.00 stk diverse goederen airbag 773961

zie besl. portaal 31 1.00 stk deur BMW achterklep 846017

zie besl. portaal 32 1.00 stk stuur 846024 met stuurstang

zie besl. portaal 33 2.00 stk portier 846026

zie besl. portaal 42 2.00 stk sleutel Mercedes 2219812

zie besl. portaal 43 1.00 stk randapparatuur kl: blauw 2219906, digiprog ibn a02.04.6

zie beslagportal 2 2.00 stk kentekenplaat mg-bd444 2207060

zie beslagportal 3 2.00 stk kentekenplaat ac-ee2710 2207061

zie beslagportal 4 1.00 stk bevestigingsmateriaal 2207062 houder kentekenplaat

zie beslagportal 6 1.00 stk bromfiets Puch zip 2005 dg-51-1d 2142459

zie beslagportal 7 1.00 stk diverse goederen BMW 2232102

zie beslagportal 8 1.00 stk sticker 2232154 sticker met gedeelte van chassisnr.

zie beslagportal 9 1.00 stk slot Mercedes 2232159

zie beslagportal 10 1.00 stk kilometerteller Mercedes

zie beslagportal 11 2.00 stk slot BMW 2232098

zie beslagportal 12 1.00 stk diverse goederen BMW 2232107 stuk schutbord

zie beslagportal 13 1.00 stk diverse goederen Volkswagen 2219841 onderdeel van chassis

zie beslagportal 14 1.00 stk diverse goederen BMW 2232114 stuk frame

zie beslagportal 15 1.00 stk stuurinrichting Volkswagen 2232187 stuurstang en stuur

zie beslagportal 16 1.00 stk radiocassetterecorder Blaupunkt 2231544

zie beslagportal 17 1.00 stk radiocassetterecorder 2231496

zie beslagportal 18 1.00 stk radiocassetterecorder 2231541

zie beslagportal 19 1.00 stk plaatmateriaal 2218029

zie beslagportal 20 21.00 stk sleutel 2231952 sleutels om op maat te knippen

zie beslagportal 21 1.00 stk sleutel Volkswagen 2230096 incl. contactslot

zie beslagportal 22 1.00 stk diverse goederen Volkswagen 2231550 airbag stuurapparaat

zie beslagportal 23 1.00 stk slot Volkswagen 2219819 slotenset

zie beslagportal 24 1.00 stk radiocassetterecorder Grundig 2231546

zie beslagportal 25 1.00 stk diverse goederen 2232097 in koekdoosje met voertuigsticker

zie beslagportal 26 1.00 stk diverse goederen BMW 2232099 steuergerät BMW

zie beslagportal 27 1.00 stk papier 2232120 boekje-sticker-fahrzeugbrief

zie beslagportal 28 1.00 stk diverse goederen 2232152 typeplaatje

zie beslagportal 29 1.00 stk radiocassetterecorder Blaupunkt 2231495

zie beslagportal 30 1.00 stk diverse goederen BMW 2230601 deur dashboardkastje

Borg

- verklaart de op grond van de schorsingsbeslissing d.d. 16 januari 2014 als zekerheid betaalde geldsom (groot € 50.000,-) vervallen aan de staat;

De voorlopige hechtenis 03/730560-13

heft op de schorsing van de voorlopige hechtenis met ingang van heden;

bepaalt dat de voorlopige hechtenis zal worden ondergaan in een Huis van Bewaring in Nederland.

Dit vonnis is gewezen door mr. P.H.M. Kuster, voorzitter, mr. J.H. Klifman en mr. G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.P. Jansen, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 8 oktober 2019.

Mr. G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is - na wijziging - ten laste gelegd dat

Parketnummer 03/720560-13 (hoofdzaak)

1.

hij in de nacht van 3 op 4 april 2013 te Würselen (Bondsrepubliek Duitsland) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 18] , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf 11] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn

mededader(s) het weg te nemen goed onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming en/of door middel van een valse sleutel;

(delict 5, aangifte pag. 1357)

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 4 tot en met 5 april 2013 te Brunssum, in elk geval in Nederland, een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 18] , heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die personenauto wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

2.

hij op of omstreeks 04 april 2013 te Heinsberg (Bondsrepubliek Duitsland) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 20] , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 20] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn

mededader(s) het weg te nemen goed onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming; (delict 6A, aangifte pag.1458)

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 4 tot en met 5 april 2013 te Brunssum, in elk geval in Nederland, een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 20] , heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die personenauto wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

3.

hij in of omstreeks de periode van 4 tot en met 5 april 2013 te Aachen (Bondsrepubliek Duitsland) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 21] , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 21] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) het weg te nemen goed onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

(delict 6B, aangifte pag. 1460)

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 4 tot en met 5 april 2013 te Brunssum, in elk geval in Nederland, een personenauto, merk BMW, gekentekend [kenteken 21] , heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die personenauto wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

4.

hij in of omstreeks de periode van 1 augustus 2012 tot en met 17 juni 2013 te Brunssum en/of elders in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie welke tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk

- het plegen van diefstallen

- het plegen van gewoonteheling

- het witwassen van goederen;

5.

hij op of omstreeks 25 oktober 2012 te Amstenrade, in elk geval in de gemeente Schinnen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een motorvoertuig, merk Mercedes Sprinter, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf 6] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) het weg te nemen goed onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht

door middel van een valse sleutel;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 25 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een motorvoertuig, merk Mercedes Sprinter en/of een Belgisch rijbewijs, voorzien van het nummer [rijbewijsnummer] en/of een Belgische identiteitskaart, voorzien van het nummer [identiteitsnummer 2] , heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat motorvoertuig en/of dat Belgisch rijbewijs en/of die Belgische identiteitskaart wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het een door misdrijf verkregen goed

betrof;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 25 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland opzettelijk een Belgisch rijbewijs, voorzien van het nummer [rijbewijsnummer] , en een Belgische identiteitskaart, voorzien van het nummer [identiteitsnummer 2] , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan .., in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) goed(eren) verdachte anders dan door

misdrijf, te weten als vinder, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend"

6.

hij in of omstreeks de nacht van 21 op 22 maart 2013 te Aachen (Bondsrepubliek Duitsland) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een motorvoertuig, merk Volkswagen Caddy en gekentekend [kenteken 35] , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 8] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 21 maart 2013 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een motorvoertuig, merk Volkswagen Caddy en gekentekend [kenteken 35] , en/of een map, inhoudende een service boekje en een handleiding, heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat motorvoertuig en/of die map wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

7.

hij in of omstreeks de nacht van 25 op 26 februari 2013 te Herten, in elk geval in de gemeente Roermond, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een motorvoertuig, merk Volkswagen Caddy, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 25 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een bestelauto, merk Volkswagen Caddy, en/of een aluminium koffertje, heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die bestelauto en/of dat koffertje wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

8.

hij op of omstreeks 25 december 2012 te Riemst (België) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een motorvoertuig, merk Mercedes, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 8] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de

plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 25 december 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een motorvoertuig, merk Mercedes, en/of een autosleutel, behorende bij bovengenoemd motorvoertuig heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat motorvoertuig en/of die autosleutel wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 25 december 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland opzettelijk een autosleutel, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 8] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk goed verdachte anders dan door misdrijf, te weten als vinder, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

9.

hij op of omstreeks 18 januari 2011 in Gangelt (Bondsrepubliek Duitsland) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een personenauto, merk Mercedes, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 7] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen

goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 18 januari 2011 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een personenauto, merk Mercedes, en/of een autosleutel behorende bij bovengenoemde personenauto heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die personenauto en/of die autosleutel wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 18 januari 2011 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland opzettelijk een autosleutel, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 7] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk goed verdachte anders dan door misdrijf, te weten als vinder, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

10.

hij in of omstreeks de nacht van 30 op 31 oktober 2012 in de gemeente Eindhoven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een personenauto, merk Volkswagen Golf, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 8] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 30 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een personenauto, merk Volkswagen Golf, en/of een winkelkratje, inhoudende onder meer een RDW keuringsrapport en een onderhoudsboekje behorende bij voornoemde personenauto, heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die personenauto en/of dat winkelkratje wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 30 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland opzettelijk een winkelkratje met daarin gelegen een (huis)sleutel, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 8] in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk goed verdachte anders dan door misdrijf, te weten als vinder, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

11.

hij in of omstreeks de nacht van 29 op 30 januari 2013 te Würselen (Bondsrepubliek Duitsland) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een motorvoertuig, merk Volkswagen Caddy, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 4] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben

verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 29 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een motorvoertuig, merk Volkswagen Caddy, en/of een krat met daarin onder meer op naam van [benadeelde 4] staande papieren, heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat motorvoertuig en/of die krat wist, althans redelijkerwijs had

moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 29 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland opzettelijk een krat met papieren waaronder een Duits kentekenbewijs, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 4] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk goed verdachte anders dan door misdrijf, te weten als vinder, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

Gevoegde zaak met parketnummer 03/700206-16

1.

hij in of omstreeks de periode van 03 september 2015 tot en met 01 maart 2016, in de gemeente(n) Eijsden-Margraten en/of Brunssum, althans in Nederland en/of Duitsland, een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte na te melden goederen verworven, voorhanden gehad en/of overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen (telkens) wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof, te weten:

1. een motorblok van een motorfiets, merk KTM, type RC125 (framenummer ( [framenummer] )

(pag. 469 t/m 482)

2. een stoelzitting en bekleding van een Volkswagen Transporter, type 7HK, kenteken [kenteken 56] (VIN [VIN-nummer 38] )

(pag. 483 t/m 502)

3. portierbekleding, voorstoelen, achterbank en kunststof bekleding van kokerbalken van een personenauto, merk BMW, type 116i, kenteken [kenteken 57] ( [VIN-nummer 40] )

(pag. 503 t/m 528)

4. carrosserie en onderdelen (vier portieren, een middenconsole en een airbag) van een personenauto, merk BMW, type 530 XD, kenteken [kenteken 59] (VIN [VIN-nummer 41] )

(pag. 529 t/m 547)

5. een personenauto, merk Volkswagen, type Touran, kenteken [kenteken 55] (VIN

[VIN-nummer 37] )

(pag. 548 t/m 568)

6. onderdelen (twee portieren, kofferdeksel, schuifdak, bumpers, voorfront en complete interieur) van een personenauto, merk BMW, type 335D, kenteken [kenteken 60] (VIN [VIN-nummer 42] )

(pag. 569 t/m 603)

7. onderdelen (een tussenschot, twee stoelen en hemelbekleding) van een personenauto, merk Volkswagen, type Multivan Startline, kenteken [kenteken 61] (VIN [VIN-nummer 43] )

(pag. 604 t/m 622)

8. vier portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Golf 2.0 GTD, kenteken [kenteken 62] (VIN [VIN-nummer 44] )

(pag. 623 t/m 632)

9. twee (voor)portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Golf 6 2.0 GTI, kenteken [kenteken 63] (VIN [VIN-nummer 45] )

(pag. 633 t/m 645)

10. twee (voor)portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Polo, kenteken [kenteken 64] (VIN [VIN-nummer 46] )

(pag. 646 t/m 681)

11. een multimedia-apparaat van een personenauto, merk Volkswagen, type

Touran, kenteken [kenteken 65] (VIN [VIN-nummer 47] )

(pag. 682 t/m 702)

12. een motormanagementsysteem van een bestelbus, merk Mercedes-Benz, type Sprinter, kenteken [kenteken 66] (VIN [VIN-nummer 48] )

(pag. 703 t/m 705)

(1 t/m 10 aangetroffen op 01 maart 2016 in een loods gelegen aan de [adres 5] te Eijsden, 11 t/m 12 aangetroffen op 01 maart 2016 in een woning gelegen aan de [adres 8] te Brunssum);

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 03 september 2015 tot en met 01 maart 2016, in de gemeente(n) Eijsden-Margraten en/of Brunssum, althans in Nederland en/of Duitsland, goederen, te weten

1. een motorblok van een motorfiets, merk KTM, type RC125 (framenummer ( [framenummer] )

(pag. 469 t/m 482)

2. een stoelzitting en bekleding van een Volkswagen Transporter, type 7HK, kenteken [kenteken 56] (VIN [VIN-nummer 38] )

(pag. 483 t/m 502)

3. portierbekleding, voorstoelen, achterbank en kunststof bekleding van kokerbalken van een personenauto, merk BMW, type 116i, kenteken [kenteken 57] (VIN [VIN-nummer 40] )

(pag. 503 t/m 528)

4. carrosserie en onderdelen (vier portieren, een middenconsole en een airbag) van een personenauto, merk BMW, type 530 XD, kenteken [kenteken 59] (VIN [VIN-nummer 41] )

(pag. 529 t/m 547)

5. een personenauto, merk Volkswagen, type Touran, kenteken [kenteken 55] (VIN

[VIN-nummer 37] )

(pag. 548 t/m 568)

6. onderdelen (twee portieren, kofferdeksel, schuifdak, bumpers, voorfront en

complete interieur) van een personenauto, merk BMW, type 335D, kenteken

[kenteken 60] (VIN [VIN-nummer 42] )

(pag. 569 t/m 603)

7. onderdelen (een tussenschot, twee stoelen en hemelbekleding) van een personenauto, merk Volkswagen, type Multivan Startline, kenteken [kenteken 61] (VIN [VIN-nummer 43] )

(pag. 604 t/m 622)

8. vier portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Golf 2.0 GTD, kenteken [kenteken 62] (VIN [VIN-nummer 44] )

(pag. 623 t/m 632)

9. twee (voor)portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Golf 6 2.0 GTI, kenteken [kenteken 63] (VIN [VIN-nummer 45] )

(pag. 633 t/m 645)

10. twee (voor)portieren van een personenauto, merk Volkswagen, type Polo,

kenteken [kenteken 64] (VIN [VIN-nummer 46] )

(pag. 646 t/m 681)

11. een multimedia-apparaat van een personenauto, merk Volkswagen, type Touran, kenteken [kenteken 65] (VIN [VIN-nummer 47] )

(pag. 682 t/m 702)

12. een motormanagementsysteem van een bestelbus, merk Mercedes-Benz, type Sprinter, kenteken [kenteken 66] (VIN [VIN-nummer 48] ) (pag. 703 t/m 705)

(1 t/m 10 aangetroffen op 01 maart 2016 in een loods gelegen aan de [adres 5] te Eijsden, 11 t/m 12 aangetroffen op 01 maart 2016 in een woning gelegen aan de [adres 8] te Brunssum)

heeft verworven, voorhanden gehad, en/of overgedragen, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van die goederen wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

Gevoegde zaak met parketnummer 03/720001-14

1.

hij op meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 6 maart 2013 tot en met 5 april 2013 in Nederland en/of in de Bondsrepubliek Duitsland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), te weten:

- in of omstreeks de nacht van 4 op 5 april 2013 in Waldfeucht (Bondsrepubliek Duitsland) een motorrijtuig, merk Mercedes Sprinter, voorzien van het chassisnummer [VIN-nummer 17] , toebehorende aan [naam 22] (delict 7A-1, aangifte pag. 1906) en/of

- in of omstreeks de nacht van 3 op 4 april 2013 in Gangelt (Bondsrepubliek Duitsland) een autosleutel, horende bij een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 23] , toebehorende aan [benadeelde 2] (delict 7A-2, aangifte pag. 1908) en/of

- in of omstreeks de nacht van 22 op 23 maart 2013 in Herzogenrath (Bondsrepubliek Duitsland) een personenauto, gekentekend [kenteken 25] , toebehorende aan [bedrijf 12] (delict 7D, aangifte pag. 1993) en/of

- op of omstreeks 23 maart 2013 in Würselen (Bondsrepubliek Duitsland) een personenauto, gekentekend [kenteken 27] , toebehorende aan [naam 23] (delict 7E, aangifte pag. 2030) en/of

- in of omstreeks de periode van 22 tot en met 25 maart 2013 in Herzogenrath (Bondsrepubliek Duitsland) een personenauto, gekentekend [kenteken 28] , toebehorende aan [naam 24] (delict 7F, aangifte pag. 2077) en/of

- op of omstreeks 29 maart 2013 in de gemeente Heerlen een personenauto, gekentekend [kenteken 29] , toebehorende aan [naam 25] (delict 7G, aangifte pag. 2143) en/of

- op of omstreeks 19 maart 2013 te Urmond, in elk geval in de gemeente Stein, een personenauto, gekentekend [kenteken 30] , toebehorende aan [naam 26] (delict 7H, aangifte pag. 2226) en/of

- op of omstreeks 19 maart 2013 in de gemeente Kerkrade een personenauto, gekentekend [kenteken 31] , toebehorende aan [naam 44] (delict 7i, aangifte pag. 2257) en/of

- op of omstreeks 6 maart 2013 in Mönchengladbach (Bondsrepubliek Duitsland) een personenauto, gekentekend [kenteken 32] , toebehorende aan [bedrijf 7] (delict 7J, aangifte pag. 2275)

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de pleegperiode van 6 maart 2013 tot en met 5 april 2013, in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte op na te melden tijdstippen, na te melden goederen verworven en/of voorhanden gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof:

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een motorrijtuig, merk Mercedes Sprinter voorzien van het chassisnummer [VIN-nummer 17] en/of

- in de periode van 3 tot en met 5 april 2013 een autosleutel van een motorrijtuig gekentekend [kenteken 23] en/of

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto gekentekend [kenteken 25] en/of

- in de periode van 23 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto gekentekend [kenteken 27] en/of

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto gekentekend [kenteken 28] en/of

- in de periode van 29 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto gekentekend [kenteken 29] en/of

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto gekentekend [kenteken 30] en/of

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto gekentekend [kenteken 31] en/of

- in de periode van 6 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 32] en/of een huurcontract behorende bij een personenauto gekentekend [kenteken 32] ;

2.

hij op of omstreeks 11 januari 2013 in de gemeente Brunssum tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een bestelauto, merk VW Crafter, gekentekend [kenteken 33] , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 27] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan van geweld tegen [aangever 4] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld heeft bestaan in het slaan op het hoofd van genoemde [aangever 4] ; (delict 7C, aangifte pag. 1954)

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 11 januari 2013 tot en met 5 april 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een bestelauto, merk VW Crafter, gekentekend [kenteken 33] , en/of een salarisspecificatie afkomstig uit genoemde bestelauto heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die bestelauto en/of die salarisspecificatie wist dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

3.

hij op of omstreeks 15 januari 2008 in de gemeente Brunssum tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, merk Ford Focus, gekentekend [kenteken 53] , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 9] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s);

(delict 14A, aangifte pag. 2677)

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 15 januari 2008 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een personenauto, merk Ford Focus, gekentekend [kenteken 53] , en/of een map met daarin papieren van een personenauto merk Ford Focus, gekentekend [kenteken 53] , heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die personenauto en/of die map met papieren wist dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 15 januari 2008 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland opzettelijk een map met autopapieren, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 9] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) goed(eren) verdachte anders dan door misdrijf, te weten als gevonden voorwerp, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

4.

hij op of omstreeks 26 maart 2012 te Sittard, in elk geval in de gemeente Sittard-Geleen, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een bromfiets, merk Piaggio, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 28] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) (delict 14B, aangifte pag. 2685);

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 26 maart 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een bromfiets, merk Piaggio en/of een rijbewijs op naam van [naam 28] heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die bromfiets en/of dat rijbewijs wist dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 26 maart 2012 tot en met 17 juni 2013 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland opzettelijk een rijbewijs, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 28] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk goed verdachte anders dan door misdrijf, te weten als vinder, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

5.

hij op meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013 in Nederland en/of in de Bondsrepubliek Duitsland en/of in België tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), te weten:

- op of omstreeks 4 februari 2013 in Gangelt (Bondsrepubliek Duitsland) een personenauto, gekentekend [kenteken 42] , toebehorende aan [aangever 7] (delict 15A, aangifte pag. 2821) en/of

- op of omstreeks 18 september 2012 in de gemeente Meerssen een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 43] , toebehorende aan [bedrijf 9] (delict 15B, aangifte pag. 2850) en/of

- in of omstreeks de nacht van 4 op 5 december 2012 in de gemeente Landgraaf een bestelauto, gekentekend [kenteken 44] , toebehorende aan [benadeelde 9] (delict 15C, aangifte pag. 2886) en/of

- in of omstreeks de nacht van 21 op 22 januari 2012 in de gemeente Kerkrade een personenauto, gekentekend [kenteken 45] , toebehorende aan [benadeelde 10] . (delict 15D, aangifte pag. 2917) en/of

- in of omstreeks de nacht van 11 op 12 juni 2013 in de gemeente Beek een personenauto, gekentekend [kenteken 46] , toebehorende aan [bedrijf 8] (delict 15E, aangifte pag. 2966) en/of

- in de nacht van 17 op 18 januari 2013 in Herzogenrath (Bondsrepubliek Duitsland) een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 68] , toebehorende aan [bedrijf 13] (delict 15M, aangifte pag. 3196) en/of

- in of omstreeks de nacht van 27 op 28 september 2010 te Velp, in elk geval in de gemeente Rheden, een personenauto, gekentekend [kenteken 48] , toebehorende aan [naam 15] (delict 15N, aangifte pag. 3212) en/of

- op of omstreeks 26 november 2008 in Aken (Bondsrepubliek Duitsland) een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 49] , toebehorende aan [naam 16] (delict 15O, aangifte pag. 3233) en/of

- in de nacht van 29 op 30 december 2010 in de gemeente Brunssum een personenauto, gekentekend [kenteken 50] , toebehorende aan [naam 17] en/of [naam 29] (delict 15P, aangifte pag. 3245) en/of

- in de nacht van 9 op 10 februari 2013 te Sittard, in elk geval in de gemeente Sittard-Geleen, een personenauto, gekentekend [kenteken 51] , toebehorende aan [naam 18] (delict 15Q, aangifte pag. 3260) en/of

- in de nacht van 6 op 7 augustus 2012 in de gemeente Kerkrade een personenauto, gekentekend [kenteken 52] , toebehorende aan [naam 19] (delict 15R, aangifte pag. 3277);

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de pleegperiode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013, in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte op na te melden tijdstippen, na te melden goederen verworven en/of voorhanden gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof te weten:

- in de periode van 4 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 42] en/of een kentekenplaat met opschrift [kenteken 42] en/of

- in de periode van 18 september 2012 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 43] en/of een aantal doosjes met materialen en twee dozen kit, afkomstig uit een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 43] en/of

- in de periode van 4 december 2012 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto, gekentekend [kenteken 44] en/of twee magneetborden, een gereedschapskoffer met daarin handgereedschappen, een oranje krat met daarin gereedschappen waaronder oorkappen, schoppen breekstangen en een afrijkoker, afkomstig uit een bestelauto, gekentekend [kenteken 44] en/of

- in de periode van 21 januari 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 45] en/of een hoeveelheid Toshiba printeronderdelen, een harde schijf, merk Seagate, drie printerplaten en een zakje met PM kitrollers, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 45] en/of

- in de periode van 11 juni 2013 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 46] en/of een aantal pennen, bekers, lampjes, asbakken, navigatie CD's, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 46] en/of

- in de periode van 17 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 68] en/of een autoradio, en een airbag, afkomstig uit een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 68] en/of

- in de periode van 27 september 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 48] en/of een autoradio, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 48] en/of

- in de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 49] en/of een autoradio, afkomstig uit een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 49] en/of

- in de periode van 29 december 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 50] en/of een airbag, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 50] en/of

- in de periode van 9 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 51] en/of een autoradio, afkomstig uit een personenauto, gekentekend [kenteken 51] en/of

- in de periode van 6 augustus 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto, gekentekend [kenteken 52] ;6660

6.

hij in of omstreeks de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013, in de gemeente Brunssum, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij, verdachte, tezamen en in vereniging met zijn mededader(s), althans alleen, op na te melden tijdstippen van na te melden goederen de werkelijke aard en/of de herkomst en/of de vindplaats en/of de vervreemding en/of de verplaatsing verborgen en/of verhuld en/of verborgen en/of verhuld wie de rechthebbenden op na te melden goederen zijn en/of na te melden goederen verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist(en) dat bovenomschreven goederen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf, te weten:

- in de periode van 3 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 18] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 20] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 21] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een motorrijtuig (merk Mercedes Sprinter met chassisnummer [VIN-nummer 17] ),

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 25] ),

- in de periode van 23 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 27] ),

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 28] ),

- in de periode van 29 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 29] ),

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 30] ),

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 31] ),

- in de periode van 6 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 32] ),

- in de periode van 11 januari 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk Volkswagen Crafter, gekentekend [kenteken 33] ),

- in de periode van 4 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Touran, gekentekend [kenteken 42] ),

- in de periode van 18 september 2012 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Mercedes Sprinter, gekentekend [kenteken 43] ),

- in de periode van 4 december 2012 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 44] ),

- in de periode van 21 januari 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 45] ),

- in de periode van 11 juni 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Touran, gekentekend [kenteken 46] ),

- in de periode van 21 maart 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Caddy met chassisnummer [VIN-nummer 25] ),

- in de periode van 25 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 37] ),

- in de periode van 25 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 een vrachtauto (merk Mercedes Sprinter, gekentekend [kenteken 34] ),

- in de periode van 30 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 40] ),

- in de periode van 29 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 41] ),

- in de periode van 25 december 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Mercedes, gekentekend [kenteken 38] ),

- in de periode van 18 januari 2011 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Mercedes, gekentekend [kenteken 39] ),

- in de periode van 17 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 68] ),

- in de periode van 27 september 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Polo, gekentekend [kenteken 48] ),

- in de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Volkswagen Multivan, gekentekend [kenteken 49] ),

- in de periode van 29 december 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 50] ),

- in de periode van 9 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Audi A3, gekentekend [kenteken 51] ),

- in de periode van 6 augustus 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 52] );

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013, in de gemeente Brunssum, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, van na te vermelden goederen de werkelijke aard en/of de herkomst en/of de vindplaats en/of de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld, althans heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbenden op na te melden goederen waren en/of wie na te melden goederen heeft verworden en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen en/of omgezet, terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist(en) dat na te melden goederen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf, te weten:

- in de periode van 3 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 18] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 20] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 21] ),

- in de periode van 4 tot en met 5 april 2013 een motorrijtuig (merk Mercedes Sprinter met chassisnummer [VIN-nummer 17] ),

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 25] ),

- in de periode van 23 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 27] ),

- in de periode van 22 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 28] ),

- in de periode van 29 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 29] ),

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 30] ),

- in de periode van 19 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 31] ),

- in de periode van 6 maart 2013 tot en met 5 april 2013 een (gedeelte van een) personenauto (merk BMW, gekentekend [kenteken 32] ),

- in de periode van 11 januari 2013 tot en met 5 april 2013 een personenauto (merk Volkswagen Crafter, gekentekend [kenteken 33] ),

- in de periode van 4 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Touran, gekentekend [kenteken 42] ),

- in de periode van 18 september 2012 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Mercedes Sprinter, gekentekend [kenteken 43] ),

- in de periode van 4 december 2012 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 44] ),

- in de periode van 21 januari 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 45] ),

- in de periode van 11 juni 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Touran, gekentekend [kenteken 46] ),

- in de periode van 21 maart 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Caddy met chassisnummer [VIN-nummer 25] ),

- in de periode van 25 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 37] ),

- in de periode van 25 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 een vrachtauto (merk Mercedes Sprinter, gekentekend [kenteken 34] ),

- in de periode van 30 oktober 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 40] ),

- in de periode van 29 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 een bestelauto (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 41] ),

- in de periode van 25 december 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Mercedes, gekentekend [kenteken 38] ),

- in de periode van 18 januari 2011 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Mercedes, gekentekend [kenteken 39] ),

- in de periode van 17 januari 2013 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Volkswagen Caddy, gekentekend [kenteken 68] ),

- in de periode van 27 september 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Polo, gekentekend [kenteken 48] ),

- in de periode van 26 november 2008 tot en met 17 juni 2013 een motorrijtuig (merk Volkswagen Multivan, gekentekend [kenteken 49] ),

- in de periode van 29 december 2010 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 50] ),

- in de periode van 9 februari 2013 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Audi A3, gekentekend [kenteken 51] ),

- in de periode van 6 augustus 2012 tot en met 17 juni 2013 een personenauto (merk Volkswagen Golf, gekentekend [kenteken 52] )

Gevoegde zaak met parketnummer 03/661197-13

1.

hij op meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 16 maart 2011 tot en met 20 januari 2012 in Nederland en/of in de Bondsrepubliek Duitsland en/of in België tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), te weten:

- in of omstreeks de nacht van 27 op 28 april 2011 te Hoogeloon, in elk geval in de gemeente Bladel, een motorrijtuig, gekentekend [kenteken 4] , toebehorende aan [naam 30] (zaak 2, aangifte pag. 223) en/of

- op of omstreeks 20 januari 2012 in Lummen (België), een personenauto, gekentekend [kenteken 7] , toebehorende aan [benadeelde 6] (zaak 3, aangifte pag. 272) en/of

- in of omstreeks de periode van 21 juli 2011 tot en met 15 augustus 2011 in Düsseldorf (Bondsrepubliek Duitsland), een personenauto, gekentekend [kenteken 8] , toebehorende aan [naam 31] (zaak 4, aangifte pag. 296) en/of

- op of omstreeks 14 januari 2012 in Selfkant (Bondsrepubliek Duitsland), een personenauto, gekentekend [kenteken 9] , toebehorende aan [naam 32] (zaak 5, aangifte pag. 307) en/of

- in of omstreeks de nacht van 28 op 29 november 2011 in de gemeente Eindhoven, een personenauto, gekentekend [kenteken 10] , toebehorende aan [benadeelde 12] (zaak 6, aangifte pag. 320) en/of

- in of omstreeks de nacht van 23 op 24 november 2011 in Antwerpen (België), een personenauto, gekentekend [kenteken 11] , toebehorende aan [benadeelde 7] (zaak 7, aangifte pag. 333) en/of

- op of omstreeks 15 januari 2012 in de gemeente Roermond, een personenauto, gekentekend [kenteken 12] , toebehorende aan [benadeelde 11] (zaak 8, aangifte pag. 366) en/of

- op of omstreeks 1 oktober 2011 in Aachen (Bondsrepubliek Duitsland), een personenauto, gekentekend [kenteken 13] , toebehorende aan [naam 33] (zaak 9, aangifte pag. 382) en/of

- op of omstreeks 25 mei 2011 in Aachen (Bondsrepubliek Duitsland), een personenauto, gekentekend [kenteken 14] , toebehorende aan [naam 34] (zaak 10, aangifte pag. 395) en/of

- op of omstreeks 16 juni 2011 te Urmond, in elk geval in de gemeente Stein, een personenauto, gekentekend [kenteken 15] , toebehorende aan [naam 35] (zaak 11, aangifte pag. 406) en/of

- in of omstreeks de nacht van 16 op 17 maart 2011 in Erkelenz (Bondsrepubliek Duitsland), een personenauto, gekentekend [kenteken 16] , toebehorende aan [aangever 1] (zaak 12, aangifte pag. 428);

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de pleegperiode van 16 maart 2011 tot en met 24 januari 2012 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een gewoonte heeft gemaakt van het plegen van opzetheling, immers heeft verdachte op na te melden tijdstippen, na te melden goederen verworven en/of voorhanden gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof te weten:

- in de periode van 27 april 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 4] en/of

- in de periode van 20 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 7] en/of

- in de periode van 21 juli 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 8] en/of

- in de periode van 14 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 9] en/of

- in de periode van 28 november 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 10] en/of

- in de periode van 23 november 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 11] en/of

- in de periode van 15 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend MW-SF 25 H en/of

- in de periode van 1 oktober 2011 tot en met 24 januari 2012 een personenauto, gekentekend [kenteken 13] en/of

- in de periode van 25 mei 2011 tot en met 24 januari 2012 een (gedeelte van een) personenauto, gekentekend [kenteken 14] en/of

- in de periode van 16 juni 2011 tot en met 24 januari 2012 een (gedeelte van een) personenauto, gekentekend [kenteken 15] en/of

- in de periode van 16 maart 2011 tot en met 21 december 2011 een personenauto, gekentekend [kenteken 16] ;

2.

hij op of omstreeks 27 oktober 2011 in de gemeente Rotterdam tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, voorzien van het chassisnummer [VIN-nummer 1] , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 5] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [naam 36] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld heeft bestaan in het vastpakken van de armen van genoemde [naam 36] en/of het op de grond duwen van genoemde [naam 36] en/of het dichtknijpen van de keel van genoemde [naam 36] en/of het op de benen van genoemde [naam 36] gaan zitten,

en/of welke bedreiging met geweld heeft bestaan in het op dreigende toon tegen genoemde [naam 36] roepen: "mevrouw stil, we doen u niets, we willen alleen uw sleutels", althans woorden van soortgelijke dreigende aard en/of strekking; (zaak 1, aangifte pag. 131)

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden, dat:

hij in of omstreeks de periode van 27 oktober 2011 tot en met 24 januari 2012 in de gemeente Brunssum, in elk geval in Nederland, een personenauto, voorzien van het chassisnummer [VIN-nummer 1] heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die personenauto wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

Gevoegde zaak met parketnummer 03/700284-16

1.

hij op of omstreeks 26 mei 2016 in de gemeente Eijsden-Margraten, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [benadeelde 3] heeft gedwongen tot de afgifte van Euro 2000,-, in elk geval een hoeveelheid geld, geheel of ten dele toebehorende aan die [benadeelde 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte, (in het bijzijn van een of meer medeverdachte(n)) die [benadeelde 3] het volgende heeft meegedeeld en/of verteld:

- dat door de verklaring van [benadeelde 3] zijn, verdachtes, zoon vast zit en/of

- dat er mannen zijn die geld willen zien en dat [benadeelde 3] daarvan Euro 35000,- gaat betalen en/of

- dat het verdachte niet uitmaakt hoe hij, [benadeelde 3] , dat gaat betalen en/of

- dat hij, [benadeelde 3] , nu Euro 5000,- gaat pinnen en/of

- dat hij, verdachte, voor het weekend Euro 15000,- wil hebben en/of

- dat die mannen hem, [benadeelde 3] , gaan opzoeken als hij niet betaald en/of

- dat hij, [benadeelde 3] , niet naar de politie moet gaan, want dan komen die jongens langs en/of

die [benadeelde 3] een telefoon heeft gegeven met de mededeling dat hij deze bij zich moest houden zodat hij bereikbaar was voor verdachte;

2.

hij in of omstreeks de periode van 26 mei 2016 tot en met 27 mei 2016 in de provincie Limburg, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [benadeelde 3] te dwingen tot de afgifte van Euro 35000,-, in elk geval een hoeveelheid geld, geheel of ten dele toebehorende aan die [benadeelde 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan

aan verdachte en/of zijn mededader(s), (in het bijzijn van een of meer medeverdachte(n)) die [benadeelde 3] het volgende heeft meegedeeld en/of verteld:

- dat door de verklaring van [benadeelde 3] zijn, verdachtes, zoon vast zit en/of

- dat er mannen zijn die geld willen zien en dat [benadeelde 3] daarvan Euro 35000,- gaat betalen en/of

- dat het verdachte niet uitmaakt hoe hij, [benadeelde 3] , dat gaat betalen en/of

- dat hij, [benadeelde 3] , nu Euro 5000,- gaat pinnen en/of

- dat hij, verdachte, voor het weekend Euro 15000,- wil hebben en/of

- dat die mannen hem, [benadeelde 3] , gaan opzoeken als hij niet betaald en/of

- dat hij, [benadeelde 3] , niet naar de politie moet gaan, want dan komen die jongens langs en/of

die [benadeelde 3] een telefoon heeft gegeven met de mededeling dat hij deze bij zich moest houden zodat hij bereikbaar was voor verdachte,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

Gevoegde zaak met parketnummer 03/866302-16

1.

hij op of omstreeks 24 januari 2012 in de gemeente Brunssum tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan [adres 4] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 1508 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;

2.

hij in of omstreeks de periode van 01 november 2011 tot en met 24 januari 2012 in de gemeente Brunssum tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een hoeveelheid elektriciteit (63.239 kWh), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking.

Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van Politie arrondissement Maastricht, Joint Investigations Team, proces-verbaalnummer 2012009470, gesloten d.d. 25 juni 2013, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 482.

Het stamproces-verbaal, p. 2 en 4.

De combinatie van het relaas van de verbalisant in het stam proces-verbaal d.d. 25 juni 2013, p. 2 en de kennisgeving van inbeslagneming, p. 113 (goednummer 2033614).

Het proces-verbaal van bevindingen ‘onderzoek Volkswagen Golf met Duits kenteken [kenteken 17] ’ d.d. 7 september 2012, p. 156 en de kennisgeving van inbeslagneming, p. 166.

Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 37] , p. 106 en 107.

Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 38] d.d. 24 januari 2012, p.116 en 117.

Het proces-verbaal van verhoor getuige [naam 39] d.d. 24 januari 2012, p. 119 en 120.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel d.d. 3 februari 2012 op de pagina’s 122 en 123 (goednummer 2037809).

Het proces-verbaal aangifte van [naam 36] d.d. 27 oktober 2011, p. op de pagina’s 131 en 132 en de Bijlage weggenomen goederen, p. 135.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel d.d. 3 februari 2012, p. 123.

Het geschrift met opschrift DEKRA, p. 176 tot en met 186 en het geschrift Vermerk afkomstig van het Polizeipräsidium Aachen d.d. 4 september 2012, p. 201.

Het geschrift Anfragekriterien ZEVI-Anfrage x 2 y, p. 168.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 211 en 213 (o.v.v. goednummer 2034999/2033610).

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 215.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 218 en 219 (o.v.v. goednummer 2034999).

Het proces-verbaal aangifte van [naam 30] d.d. 28 april 2011, p. 223 en 224.

Het stam proces-verbaal, p.13.

Het proces-verbaal verhoor verdachte [getuige 1] d.d. 25 januari 2012, p. 261 en 262.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakt stuk van het Polizeipräsidium Aachen, p. 237, 238 en 240.

Factuur van [bedrijf 3] d.d. 8 maart 2011 p. 249.

Het resultaat GBA-V Bevraging d.d. 30 augustus 2012 met betrekking tot [naam broer verdachte] p. 257 en het Stam proces-verbaal, p. 14.

Het geschrift op p. 259.

Het proces-verbaal van verhoor van de rechter-commissaris d.d. 14 december 2015 van de getuige [naam broer verdachte] , niet opgenomen in de doornummering.

Het proces-verbaal verhoor verdachte, p. 62 en 63.

Het stam proces-verbaal, p. 6.

Het geschrift met opschrift Vermerk, afkomstig van de Duitse autoriteiten, p. 88 en 89.

Het proces-verbaal van de rechter-commissaris van het verhoor van de getuige [aangever 2] d.d. 21 oktober 2015, niet opgenomen in de doornummering.

Het proces-verbaal verhoor getuige, p. 106 en 107.

Het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 18 januari 2012, proces-verbaalnummer KLEER73.V10, niet opgenomen in de doornummering, p. 3 en 4 van het proces-verbaal.

Het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 4] , p. 1420 van het dossier behorende bij de zaak met parketnummer 03/720560-13.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 266 (o.v.v. goednummer 2033691).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 268 (de rechtbank: dit proces-verbaal vermeldt een ander goednummer (2035045). De rechtbank gaat ervanuit dat dit een kennelijke verschrijving is).

De door de Belgische autoriteiten opgemaakte aangifte van [benadeelde 6] , p. 275.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 286 (o.v.v. goednummer 2033693-2035076).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 289 (o.v.v. goednummer 2035076 – 2033693).

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 31] d.d. 15 augustus 2011, p. 295 en 296.

De kennisgeving van inbeslagneming op pagina 299 (goednummer 2033698-2036686 (PV PAT).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel d.d. 31 januari 2012 op pagina 302 (goednummer 2036686 – 2033698 (KVI).

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 32] d.d. 26 januari 2012 op de pagina’s 307 en 308.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 311 (o.v.v. goednummer 2033701-2036659.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 314 (o.v.v. goednummer 2036659 – 2033701.

Het proces-verbaal aangifte van [benadeelde 12] d.d. 29 november 2011, p. 320-322.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 324 (o.v.v. goednummers 2033705 en 2036692).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel p. 327 (o.v.v. goednummers 2036692 en 2033705).

De door de Belgische autoriteiten opgemaakte aangifte van [benadeelde 7] d.d. 24 november 2011, p. 334 en 336.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 348 (o.v.v. goednummers 2033712 en 2036465).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 360 (o.v.v. goednummers 2036465 en 2033712).

Het proces-verbaal aangifte van [benadeelde 11] d.d. 15 januari 2012, p. 366-368.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 374 (o.v.v. goednummers 2033714 en 2036672).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 377 (o.v.v. goednummers 2036672 en 2033714).

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 33] d.d. 1 oktober 2011, p. 382.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 397 (o.v.v. goednummer 2034221).

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 386 (goednummer 2034177).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek voertuigonderdelen, p. 387.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 34] d.d. 29 mei 2011, p. 395.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 385 (o.v.v. goednummer 2034221).

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 398 (goednummer 2034189).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek voertuigonderdelen, p. 400.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 35] d.d. 16 juni 2011, p. 406 en 407.

De kennisgeving van inbeslagneming, p. 411 (goednummers 2037840 en 2019698).

De kennisgeving van inbeslagneming ‘sleutel Tiguan’, p. 413 (o.v.v. goednummer 2039964).

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 417 (o.v.v. goednummer 2037840).

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [aangever 1] d.d. 17 maart 2011, p. 425 en 429.

Het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 18 januari 2012, proces-verbaalnummer KLEER73.V10, niet opgenomen in de doornummering, p. 3 en 4 van het proces-verbaal

Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het proces-verbaal van politie van het Onderzoek 22BRZ13427, proces-verbaalnummer 60-319586 met bijlagen, gesloten d.d. 17 oktober 2013, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 3850.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van M. Jünger d.d. 4 april 2013, p. 1357 en 1358.

Het proces-verbaal bevindingen d.d. 2 mei 2013, p. 1400.

Tapgesprek, p. 1374.

Tapgesprek, p. 1387 en 1388.

Het proces-verbaal Relaas onderzoek diefstallen/heling BMW X6, kenteken [kenteken 18] d.d. 26 augustus 2013, p. 1355.

Tapgesprek, p. 1377 en 1378.

Tapgesprek, p. 1379.

Het proces-verbaal van observatie d.d. 22 april 2013, p. 1406.

Tapgesprek, p. 1380.

Leaseovereenkomst d.d. 15 juni 2012 op p. 1436.

Het proces-verbaal van observatie d.d. 22 april 2013, p. 1406.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 20] d.d. 4 april 2013, p. 1458.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 21] d.d. 5 april 2013, p. 1460.

Het proces-verbaal van inbeslagneming in loods [adres 7] d.d. 29 april 2013, p. 1649 en 1650.

Het proces-verbaal bevindingen d.d. 2 mei 2013, p. 1538.

Het proces-verbaal bevindingen d.d. 6 april 2013, p. 1547.

Tapgesprek, p. 1494.

Tapgesprek, p. 1497.

Tapgesprek, p.1498.

Het proces-verbaal van observatie d.d. 15 april 2013, p. 1551.

Tapgesprek, p. 1504.

Het proces-verbaal van observatie d.d. 15 april 2013, p. 1551 en 1552.

Het proces-verbaal van inbeslagneming in loods d.d. 29 april 2013, p. 1560 en 1561.

Tapgesprek, p. 1507.

Tapgesprek, p. 1510.

Tapgesprek, p. 1510 en 1511.

Tapgesprek, p. 1512 en het geschrift huurovereenkomst, p. 1064-1066..

Tapgesprek, p. 1518.

Tapgesprek, p. 1520.

Tapgesprek, p. 1521.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 16 april 2013, p. 1775 en 1776.

Tapgesprek, p. 1529.

Het proces-verbaal verhoor getuige [getuige 4] , p. 2737.

Het proces-verbaal van inbeslagneming in loods [adres 7] d.d. 29 april 2013, p. 1649 en 1650.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddelen en onderdelend.d. 20 april 2013, p. 1924 en 1925.

Het proces-verbaal van aangifte van [naam 40] d.d. 9 april 2013, p. 1918.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte verklaring van [naam 41] en [naam 42] d.d. 5 april 2013, p. 1906.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek autosleutel d.d. 19 mei 2013, p. 1930.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 43] d.d. 4 april 2013, p. 1908 en 1909.

De lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1651, 1653 en 1654.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel d.d. 10 mei 2013 op de pagina’s 2009 en 2010 en de lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1651, 1653 en 1654.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 23] d.d. 23 maart 2013, p. 2030.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel d.d. 10 mei 2013, p. 2047 en 2048 en de lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1651.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 23] d.d. 23 maart 2013, p. 2030.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel d.d. 10 mei 2013, p. 2129 en 2130 en de lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1651-1653.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 24] d.d. 25 maart 2013, p. 2077.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel d.d. 10 mei 2013, p. 2218-2220 en de lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1651-1654.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 25] d.d. 29 maart 2013, p. 2143 en 2144.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 2 oktober 2013 op de pagina’s 2140 en 2141.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel d.d. 10 mei 2013, p. 2249 en 2251 en de lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1651-1654.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 26] d.d. 19 maart 2013, p. 2226 en 2228.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel d.d. 10 mei 2013, p. 2268 en 2271 en de lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1653.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 44] d.d. 19 maart 2013, p. 2257.

De lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1652.

Het proces-verbaal van inbeslagneming in loods [adres 7] d.d. 29 april 2013, p. 1649 en 1650.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 16 april 2013 op pagina 2281.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 45] d.d. 6 maart 2013, p. 2275.

Het proces-verbaal van inbeslagneming in loods [adres 7] d.d. 29 april 2013, p. 1649 en 1650.

De lijst van inbeslaggenomen goederen met betrekking tot het adres [adres 7] te Brunssum, p. 1651.

Het proces-verbaal van bevindingen, p. 1983.

Het proces-verbaal aangifte van [aangever 4] d.d. 11 januari 2013, p. 1954-1957.

Het aanvullend proces-verbaal van verhoor aangever [aangever 4] d.d. 26 april 2013, p. 1966.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 juli 2013, p. 3075.

Het proces-verbaal aangifte van [aangever 3] d.d. 25 oktober 2012, p. 3078, 3079 en 3082.

Het proces-verbaal Delictdossier 22 BRZ13427-15F, p. 2985.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel d.d. 14 juli 2013, p. 2997.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [benadeelde 8] d.d. 22 maart 2013, p. 2992.

Het relaas van de verbalisant d.d. 9 oktober 2013, p. 2986.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek voertuigdelen d.d. 18 juli 2013, p. 3031.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 10 juli 2013, p. 3062.

Het proces-verbaal van verhoor aangever [naam 11] d.d. 10 juli 2013, p. 3057.

Het relaas van de verbalisant d.d. 3 september 2013, p. 3140.

Het schrijven van Daimler d.d. 10 juli 2013, inclusief bijlage, p. 3148 en 3149.

Het stuk met opschrift ‘Anfragekriterien Auskunftsclient Sachfahndung’ met betrekking tot [VIN-nummer 27] , p. 3151.

De door de Belgische autoriteiten opgemaakte aangifte van [aangever 8] d.d. 26 december 2012, p. 3154, 3156, 3157 en 3159.

Het schrijven van Daimler d.d. 10 juli 2013, p. 3148 en 3149.

Het stuk met opschrift ‘IGVP/FS1: Einzelvorgang’ met betrekking tot [VIN-nummer 28] , p. 3175 en 3176.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 7] d.d. 18 januari 2011, p. 3175 en 3176.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 juli 2013 op pagina 3089.

Een afschrift van het keuringsrapport van de RDW d.d. 6 juli 2009 op pagina 3093.

Een afschrift van de onderhoudslijst van Volkswagen d.d. 30 september 2009, p. 3094.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 8] d.d. 31 oktober 2012, p. 3095, 3096 en 3098.

Het proces-verbaal van verhoor aangever/getuige [naam 9] e.v. [naam 8] d.d. 15 juli 2013, p. 3106.

Het relaas van de verbalisant d.d. 1 oktober 2013, p. 3112 en 3113.

Het proces-verbaal ‘onderzoek aan inbeslaggenomen goed’ d.d. 29 juli 2013, p. 3132 en 3133.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [benadeelde 4] d.d. 30 januari 2013, p. 3129.

Het proces-verbaal van verhoor aangever [benadeelde 4] d.d. 18 juli 2013, p. 3128.

Het proces-verbaal van verhoor aangever [benadeelde 4] d.d. 13 september 2013, p. 3136.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 juli 2013, p. 2824 en 2825.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [aangever 7] d.d. 4 februari 2013, p. 2821.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 3 oktober 2013, inclusief bijlage, p. 2847-2849.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 13] d.d. 18 september 2012, p. 2850-2852.

Het proces-verbaal verhoor aangever [naam 12] d.d. 21 juni 2013, p.2860-2863.

Het proces-verbaal bevindingen d.d. 21 juni 2013, p. 2896 en 2897.

Het proces-verbaal aangifte van [benadeelde 9] d.d. 5 december 2012, p. 2886 en 2887.

Het proces-verbaal verhoor aangever [benadeelde 9] d.d. 17 juni 2013, p. 2907 en 2908

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 26 juni 2013, p. 2954.

Het proces-verbaal aangifte van [aangever 5] d.d. 21 januari 2012, p. 2917-2919.

Het proces-verbaal verhoor aangever [aangever 5] d.d. 20 juni 2013, inclusief bijlage, p. 2930-2936.

Het proces-verbaal Delictdossier 22BRZ13427-15E, p. 2959, 2964 en 2965, lijst met inbeslaggenomen goederen, p. 417 behorende bij het proces-verbaal van doorzoeking, p. 406 e.v.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 14] d.d. 12 juni 2013, p. 2966, 2967en 2969.

Het proces-verbaal van verhoor aangever [naam 14] d.d. 20 juni 2013, p. 2972 en 2975 en het overzicht van aangetroffen/inbeslaggenomen goederen in blauwe krat, p. 2876.

Het proces-verbaal bevindingen d.d. 21 juni 2013, p. 2896.

Gedeelte van het beslagdossier, p. 3190.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek voertuigonderdelen d.d. 18 juli 2013, p. 3192 en 3194.

Het stuk met opschrift ‘IGVP/FS1: Einzelvorgang’ p. 3196.

Het proces-verbaal bevindingen d.d. 5 augustus 2013, p. 3218.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 15] d.d. 30 september 2010, p. 3212-3214.

Gedeelte van het beslagdossier, p. 3227.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek voertuigdelen d.d. 18 juli 2013, p. 3228 en 3230, in combinatie met het aanvullend proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel d.d. 17 oktober 2013, p. 3232.

De door de Duitse autoriteiten opgemaakte aangifte van [naam 16] d.d. 26 november 2008 in combinatie met het relaas van de verbalisant, p. 3221.

Gedeelte van het beslagdossier, p. 3240.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek voertuigdelen d.d. 18 juli 2013, p. 3241 en 3243.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 17] d.d. 30 december 2010 op de pagina’s 3245 en 3246.

Gedeelte van het beslagdossier, p. 3251 en 3255 en de lijst van inbeslaggenomen goederen, p. 414.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek voertuigdelen d.d. 18 juli 2013, p. 3256, 3258 en 3259.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 18] d.d. 10 februari 2013, p. 3260 en 3262.

Het relaas van de verbalisant op pagina 3264.

Het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel d.d. 23 juli 2013, p. 3269 en 3270.

Het proces-verbaal aangifte van [naam 19] d.d. 7 augustus 2012, p. 3277 en 3279.

Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 juni 2013, p. 2674 en 2675.

Het proces-verbaal van aangifte van [aangever 9] d.d. 15 januari 2008, p. 2668, 2669 en 2672.

Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het Eindproces-verbaal van Politie Eenheid Limburg, Onderzoek LB2R016013, proces-verbaalnummer 2016015601, gesloten d.d. 1 juni 2018, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 460.

Het proces-verbaal aktie 1 maart 2016, p. 59 en 60.

Proces-verbaal van observatie, p. 48 en 49 .

Het tapgesprek, p. 63 en het proces-verbaal gebruikers telefoonnummers, p. 34 en 36.

Het proces-verbaal bevindingen mastvergelijking, p. 66 en 67.

Het proces-verbaal aanvraag doorzoeking, p. 70, onderaan de pagina en p. 71 bovenaan.

Het proces-verbaal aanvraag doorzoeking, p. 70, de kennisgeving van inbeslagneming, p. 409, het proces-verbaal identiteitsonderzoek, p. 548, het geschrift aangifte, p. 550.

Tapgesprek p. 831.

Tapgesprekken, p. 796 en 797.

Het proces-verbaal aanvraag doorzoeking ter inbeslagneming, p. 71.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 448, het proces-verbaal identiteitsonderzoek KTM motoronderdelen, p. 469 en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 476.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 442 en 443, het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel, p. 483 en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 486.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 445, 446 en 447, o.v.v. volgnummer 11, 13, 16 en 17, het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 503 en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 512.

De Kennisgevingen van inbeslagneming, p. 407, 444, 446, o.v.v. volgnummer 9, 14 en 15, het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 529 en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 531.

De Kennisgevingen van inbeslagneming, p. 445, 450, 451, 452, 453 en 455, o.v.v. volgnummers 1, 2, 3, 4, 5, 6, 9, 11 en 12, het proces-verbaal identiteitsonderzoek BMW onderdelen, p. 569, en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 575.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 442, 443, 449, o.v.v. volgnummers 1, 2, 4 en 5, het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel, p. 604 en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 605.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 443, het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel, p. 623 en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 624.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 445, o.v.v. volgnummer 10, het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel, p. 633, het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 634.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 444, o.v.v. volgnummer 8, het proces-verbaal identiteitsonderzoek onderdelen vervoermiddel (o.v.v. H01-03-08), p. 646 en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 647.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 201, het proces-verbaal onderzoek herkomst inbeslaggenomen goederen, p. 204 en het geschrift met opschrift Strafanzeige, p. 682 en 683.

De Kennisgeving van inbeslagneming, p. 211, het proces-verbaal onderzoek herkomst inbeslaggenomen goederen, p. 213 en het proces-verbaal aangifte, de ondertekende versie niet opgenomen in de doornummering, maar separaat in het dossier gevoegd, p. 703 (niet ondertekende versie).

Het proces-verbaal van observatie, p. 43 en het proces-verbaal van bevindingen, p. 52.

Het proces-verbaal van bevindingen, p. 381 en 382.

Het proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 838.

Tapgesprek, p. 828, het proces-verbaal identiteitsonderzoek vervoermiddel, p. 529 en het geschrift Strafanzeige, p. 540.

Het proces-verbaal van bevindingen, p. 106 en 107 en de Kennisgevingen van inbeslagneming, p. 103, 145, 246, 253, 313.

Waar hierna wordt verwezen naar paginanummers, wordt - tenzij anders vermeld - gedoeld op paginanummers uit het Eindproces-verbaal van Politie, Districtsrecherche Parkstad-Limburg, proces-verbaalnummer LB2R016096-47, gesloten d.d. 27 juli 2016, doorgenummerd van pagina 1 tot en met pagina 99.

Proces-verbaal van aangifte, p. 13 e.v.

Proces-verbaal van bevindingen, p. 18.

Het proces-verbaal van bevindingen sms verkeer zaterdag 28 mei 2016, p. 25.

Proces-verbaal van bevindingen, p. 23.

Proces-verbaal van bevindingen, p. 18 en het Proces-verbaal van bevindingen sms verkeer zaterdag 28 mei 2016, p. 24 tot en met 27.

Het proces-verbaal van observatie, p. 28.

Het proces-verbaal van aanhouding, p. 55 en 56.

Proces-verbaal bevindingen aantreffen telefoons, p. 43 en kvi p. 71, pv onderzoek p. 94.

Het proces-verbaal onderzoek voertuig [kenteken 67] Volkswagen Passat, zwart, p. 31, de Kennisgeving van inbeslagneming, p. 90 en het geschrift kopie proces-verbaal verhoor verdachte [benadeelde 3] , p. 33 tot en met 40.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde wetgeving

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature