< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Zittingsplaats:

Inhoudsindicatie:

...Artikel 13b Opiumwet . De burgemeester heeft de woning van verzoekers mogen sluiten voor 3 maanden vanwege het aantreffen van harddrugs en softdrugs. Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.

Uitspraak



RECHTBANK GELDERLAND

Zittingsplaats Arnhem

Bestuursrecht

zaaknummer: 20/4216

uitspraak van de voorzieningenrechter van14 augustus 2020

op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen

[verzoek(st)er A] en [verzoek(st)er B] , te [plaats A] , verzoekers

(gemachtigde: mr. J.W.J. Hopmans),

en

de burgemeester van de gemeente Nijmegen, verweerder.

(gemachtigde: mr. E. Terwindt)

Procesverloop

Bij besluit van 9 juli 2020 heeft de burgemeester verzoekers gelast hun woning aan [het adres A] in [plaats A] met ingang van 17 augustus 2020 voor de duur van drie maanden te sluiten en gesloten te houden.

Het verzoek is behandeld op de online zitting van de voorzieningenrechter op 11 augustus 2020. Hierbij waren aanwezig: verzoeker, zijn gemachtigde, de gemachtigde van de burgemeester en C. Brunenberg.

Overwegingen

Waarover gaat deze zaak?

1. Deze zaak gaat over de last tot sluiting van de woning van verzoekers. In het besluit van 9 juli 2020 (bestreden besluit) heeft de burgemeester verzoekers gelast hun woning aan [het adres A] in [plaats A] met ingang van 17 augustus 2020 voor de duur van drie maanden te sluiten.

1.1.

Verzoekers wonen aan [het adres A] in [plaats A] . Op 11 maart 2020 is verzoeker aangehouden met een bigshopper met sealbags met daarin henneptoppen, waarna de woning van verzoekers doorzocht is. Uit de bestuurlijke rapportage van 28 april 2020 blijkt dat in de woning van verzoekers onder meer is aangetroffen:

- een bakje met 6 gram henneptoppen

- drie zakjes wit poeder en één zakje groen poeder, waarvan uit forensisch onderzoek blijkt dat het gaat om 0,73 gram, 2,84 gram en 1,53 gram (positief op MDMA) en 3,9 gram (indicatie voor amfetamine)

- geldbedragen met een totaal van € 5.950,-

- één patroonhouder met 1x 9 mm patroon en één zakje met daarin 14x 8.35 mm patronen

- één pepperspray pistool, twee peppersprays en twee luchtdrukwapens.

1.2.

De burgemeester ziet hierin aanleiding verzoekers te gelasten de woning te sluiten voor de duur van drie maanden, ingaande op 17 augustus 2020. Hij doet dit op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet omdat in de woning middelen als bedoeld in lijst I en II van deze wet aanwezig waren.

1.3.

Verzoekers zijn het niet eens met de last tot sluiting en hebben daar bezwaar tegen gemaakt. Verzoekers willen daarnaast dat het bestreden besluit wordt geschorst. Daarom hebben zij een verzoek om voorlopige voorziening ingediend.

Waarover moet de voorzieningenrechter beslissen?

2. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter over het verzoek om schorsing van het besluit tot sluiting van de woning van verzoekers. Hij beoordeelt of het bezwaar een redelijke kans van slagen heeft. Dat kan een reden zijn om het besluit van 9 juli 2020 te schorsen. Om dit te beoordelen beantwoordt de voorzieningenrechter aan de hand van de argumenten die verzoeker heeft aangevoerd, de zogenoemde gronden, of de burgemeester bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid tot sluiting van de woning mag overgaan. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventuele) bodemzaak niet.

2.1.

Partijen zijn het er over eens dat (verdovende) middelen als bedoeld in lijst II bij de Opiumwet zijn aangetroffen en dat de burgemeester op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet bevoegd is om tot sluiting over te gaan. De voorzieningenrechter hoeft dat in dit geval daarom niet te beoordelen.

Heeft de burgemeester gehandeld in overeenstemming met zijn beleidsregel?

3. De bevoegdheid om tot sluiting over te gaan biedt de burgemeester beleidsruimte. Dit betekent dat het aan de burgemeester is om de betrokken belangen af te wegen bij zijn besluit om van de bevoegdheid gebruik te maken. Het is aan de bestuursrechter om te toetsen of de burgemeester na afweging van de betrokken belangen in redelijkheid daartoe heeft kunnen besluiten. Dat is een terughoudende toetsing.

3.1.

De burgemeester heeft beleid vastgesteld. Hierin is opgenomen dat in geval van woningen in eigendom van een woningcorporatie in beginsel niet wordt overgegaan tot sluiting van de woning op basis van dit beleid. De woningcorporaties zijn tevens partner in het Regionaal Hennepconvenant en verplichten zich daarmee tot het laten opzeggen van de huurovereenkomst door de huurders dan wel tot ontbinding van de huurovereenkomst.

3.1.2.

Verzoekers wonen in een woning van woningcorporatie Woongenoot. In het besluit onderbouwt de burgemeester niet waarom hij in dit geval tóch overgaat tot een sluiting op grond van zijn beleid. Op de zitting is deze onderbouwing wel gegeven, door toe te lichten dat de woningcorporatie in dit geval, waarbij harddrugs is aangetroffen, heeft meegedeeld dat het niet mogelijk was om maatregelen te treffen. Daarop heeft de burgemeester besloten alsnog gebruik te maken van zijn bevoegdheid. Hoewel de burgemeester geen stukken heeft overgelegd waaruit dit blijkt, is er geen reden om aan die mededeling van de woningcorporatie te twijfelen. Het ontbreken van deze onderbouwing kan door de burgemeester in de bezwaarprocedure worden hersteld.

3.2.

In het beleid is verder bepaald dat indien sprake is van het verkopen, afleveren of verstrekken dan wel daartoe aanwezig zijn van drugs, de woning wordt gesloten voor de duur van drie maanden. Daarnaast zijn er verzachtende en verzwarende indicatoren.

3.2.1.

De burgemeester ziet als verzachtende indicator dat er minderjarige kinderen op het adres wonen. Maar daartegenover ziet hij als verzwarende factoren dat op diverse plekken drugs zijn aangetroffen die aan verzoeker te linken zijn (namelijk in de eigen woning, in de schuur van zijn ouders en bij de aanhouding op straat), waaruit volgens de burgemeester een sterke mate van bedrijfsmatigheid blijkt. Verder zijn er naast drugs ook wapens en munitie aangetroffen in de woning. Omdat de verzachtende omstandigheden niet opwegen tegen de verzwarende omstandigheden is volgens de burgemeester sprake van een ernstig geval.

3.2.2.

De voorzieningenrechter volgt dit standpunt en is daarom van oordeel dat de sluiting voor de duur van drie maanden in het beleid van de burgemeester past.

Had de burgemeester reden moeten zien om van dit beleid af te wijken? 4. De burgemeester moet vervolgens alle omstandigheden van het geval betrekken in zijn beoordeling en bezien of deze op zichzelf dan wel samen met andere omstandigheden, zogenoemde bijzondere omstandigheden zijn die maken dat het handelen overeenkomstig de beleidsregel gevolgen heeft die onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) is in haar uitspraak van 28 augustus 2019 ingegaan op het toetsingskader dat zij hanteert om dit te beoordelen.

4.1.

Gelet op dit toetsingskader had de burgemeester in redelijkheid geen reden moeten zien om van zijn beleid af te wijken. Dit legt de voorzieningenrechter hierna uit.

Is sluiting van de woning noodzakelijk?

5. In de eerste plaats moet sluiting noodzakelijk zijn. Aan de hand van de ernst en omvang van de overtreding moet worden beoordeeld in hoeverre de sluiting van het perceel noodzakelijk is om het woon- en leefklimaat te beschermen en de openbare orde te herstellen.

5.1.

Verzoekers stellen dat slechts sprake is van een geringe hoeveelheid drugs. Dit was volgens hen bestemd voor eigen gebruik. Het ging dus niet om handelshoeveelheden en er heeft geen bedrijfsmatige drugshandel vanuit de woning plaatsgevonden. Verzoekers wijzen er verder op dat de overige in de woning aangetroffen zaken geen overtreding op grond van de Opiumwet opleveren. Sluiting van de woning is volgens verzoekers niet noodzakelijk en de burgemeester had moeten volstaan met een waarschuwing.

5.1.1.

Vast staat dat in de woning van verzoekers 9 gram harddrugs en 6 gram softdrugs is aangetroffen. Bij een aanwezigheid van meer dan 0,5 gram harddrugs of 5 gram softdrugs in een woning is het in beginsel aannemelijk dat de aangetroffen drugs deels of geheel bestemd waren voor verkoop, aflevering of verstrekking. Als uitgangspunt geldt dat als een handelshoeveelheid drugs wordt aangetroffen, aangenomen mag worden dat de woning een rol vervult binnen de keten van drugshandel. Dat levert op zichzelf al een belang bij sluiting op, ook als ter plaatse geen overlast of feitelijke drugshandel is geconstateerd.

5.2.

Dat betekent echter niet automatisch dat de sluiting daarmee noodzakelijk is. Daarvoor moet de burgemeester alle omstandigheden van het geval meewegen. Daarbij is mede van belang of de aangetroffen drugs feitelijk in of vanuit de woning werden verhandeld. Als dit niet het geval is kan in mindere mate sprake zijn van ‘loop’ naar de woning. Dat kan de noodzaak om te sluiten minder groot maken. Het is namelijk de bedoeling dat de woningsluiting een herstellend karakter heeft.

5.3.

De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding om te twijfelen aan het uitgangspunt dat als in een woning een handelshoeveelheid drugs wordt aangetroffen, aangenomen mag worden dat de woning een rol vervult in de keten van drugshandel. De voorzieningenrechter volgt verzoekers niet in de stelling dat de aanwezige drugs alleen voor eigen gebruik waren en dat met een waarschuwing had kunnen worden volstaan. Het gaat immers voor wat betreft de harddrugs om 18x de maximale toegestane gebruikershoeveelheid. Bovendien zijn in de woning ook nog softdrugs, twee telefoons, wapens en munitie aangetroffen. Daarbij heeft de burgemeester voor de beoordeling van de noodzakelijkheid ook de omstandigheden buiten de woning mogen betrekken, te weten het feit dat in de schuur van de ouders van verzoeker sealbags met 8,64 kilogram henneptoppen zijn aangetroffen waarvan vaststaat dat deze van verzoeker waren en het feit dat hij bij zijn aanhouding 1 kilogram henneptoppen bij zich had. Bovendien heeft verzoeker zelf verklaard dat hij in drugs handelt. Gelet hierop heeft de burgemeester het aannemelijk kunnen vinden dat de in de woning aangetroffen drugs niet voor eigen gebruik waren, maar bestemd waren voor de handel en dat de woning dus een rol vervulde binnen de keten van drugshandel. De burgemeester heeft daarom de sluiting noodzakelijk mogen achten om de bekendheid van de woning als drugspand te doorbreken.

Is sluiting van de woning evenredig?

6. Naast noodzakelijk moet de sluiting ook evenredig zijn. Voor de beoordeling van de evenredigheid is van belang wat de gevolgen zijn van de sluiting voor verzoekers. Aan de voor bewoners mogelijk zeer ingrijpende gevolgen van de toepassing van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet op een woning – die raakt aan het in artikel 8 van het EVRM neergelegde recht – moet een zwaar gewicht worden toegekend bij de beoordeling van de vraag of de burgemeester in redelijkheid van de in die bepaling neergelegde bevoegdheid gebruik heeft kunnen maken en, zo ja, of de wijze waarop de bevoegdheid is toegepast evenredig is.

6.1.

Verzoekers betogen dat de burgemeester onvoldoende rekening heeft gehouden met hun belangen en met name met de belangen van verzoekster en hun twee jonge, kwetsbare kinderen. Daarbij wijzen zij op de medische aandoeningen van verzoekster en de kinderen, de huidige coronacrisis, het enorme tekort aan huurwoningen en de mogelijkheid dat zij op een zwarte lijst komen bij de woningcorporaties. Verzoekers voeren verder aan dat niet is gebleken dat de burgemeester heeft geïnformeerd of er daadwerkelijk geschikte opvang voorhanden is. Verzoekers betogen dat het de eerste keer is dat er in de woning drugs worden aangetroffen en dat zij volgens de verhuurder voorbeeldige huurders zijn die nooit problemen of overlast hebben veroorzaakt. Verzoekster en de kinderen hebben geen bemoeienis of wetenschap gehad van de activiteiten van verzoeker en zij worden nu te zwaar getroffen.

6.2.

De burgemeester stelt zich hierover op het standpunt dat de gestelde ziekten van verzoekster en de kinderen niet eerder zijn aangevoerd, waardoor daar eerder geen rekening mee is gehouden. Niet gesteld en aangetoond is dat een aangepaste woning nodig is. Volgens de burgemeester is er dus geen reden waarom zij zich niet tijdelijk in een andere woonruimte kunnen vestigen. Verzoekers kan een verwijt worden gemaakt en er is sprake van een ernstig geval, waardoor de omstandigheid dat zij mogelijk op een zwarte lijst komen te staan zich niet tegen sluiting verzet en waardoor de burgemeester niet voor vervangende woonruimte hoeft te zorgen. Dat verzoekster niet op de hoogte zou zijn geweest is volgens de burgemeester niet juist, nu de drugs in de gehele woning zijn aangetroffen en de verboden wapens ook zichtbaar in de woning aanwezig waren. Tenslotte wijst de burgemeester erop dat vanwege de minderjarige kinderen en de coronacrisis een langere begunstigingstermijn is gegeven, zodat verzoekers een andere woning kunnen zoeken.

6.3.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat de burgemeester in redelijkheid van zijn bevoegdheid tot sluiting gebruik heeft kunnen maken. Bij sluiting van een woning moeten de bewoners de woning altijd verlaten. Bij zijn belangenafweging heeft de burgemeester vooralsnog voldoende en uitdrukkelijk rekening gehouden met de coronacrisis en met het feit dat er twee minderjarige kinderen in de woning wonen. Juist om die reden is een langere begunstigingstermijn gegeven. Niet gebleken is dat de medische situatie van verzoekster (die aan diabetes lijdt) en/of de kinderen (die respectievelijk ADHD en TOS hebben) maakt dat er een specifieke binding met de woning zelf is.

6.3.1.

Voor zover verzoekster stelt dat zij en de kinderen slachtoffer worden van het handelen van verzoeker, is dat iets wat zij aan verzoeker kan verwijten. Maar dit hoeft de burgemeester niet tot een ander besluit te brengen. Gelet op het feit dat door de hele woning op verschillende plekken drugs en wapens zijn aangetroffen, had verzoekster op de hoogte kunnen zijn van het feit dat haar partner zich bezig hield met criminele activiteiten.

6.3.2.

Niet gebleken is dat verzoekers pogingen hebben gedaan om vervangende woonruimte te vinden. Op de zitting heeft verzoekster gezegd dat zij tijdelijk met de kinderen bij haar ouders kan wonen. Hoewel de voorzieningenrechter begrijpt dat deze situatie niet ideaal is, is het dus niet zo dat zij op straat zullen komen te staan.

6.4.

De burgemeester mag zich op het standpunt stellen dat het met de tijdelijke woningsluiting te dienen algemeen belang, zwaarder weegt dan het belang van verzoekers op het ongestoord uitoefenen van hun woongenot en privéleven. Er is daarom geen aanleiding voor het oordeel dat de woningsluiting in strijd is met artikel 8 van het EVRM en het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK).

Wat is de conclusie van de voorzieningenrechter?

7. Hoewel de burgemeester zijn motivering nog moet aanvullen, zie 3.1.2, heeft het bezwaarschrift geen redelijke kans van slagen. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. W.P.C.G. Derksen, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. M. Kool, griffier.

De uitspraak is gedaan op: 14 augustus 2020

De griffier is niet in staat deze

uitspraak te ondertekenen

griffier

voorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

In artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet staat – voor zover hier van belang - dat de burgemeester bevoegd is om een last onder bestuursdwang op te leggen als in een woning drugs aanwezig is.

Beleidsregel Bestuurlijke handhaving artikel 13b Opiumwet , Gemeenteblad 2019, 221530.

Dat staat in artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

ABRvS 28 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2912.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Gerelateerde jurisprudentie

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature