E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:RBDHA:2021:7533
Rechtbank Den Haag, 09/748001-18

Inhoudsindicatie:

Twintig jaar gevangenisstraf voor oorlogsmisdrijf

Een 49-jarige Syriër is door de rechtbank Den Haag veroordeeld tot een gevangenisstraf van twintig jaar voor zijn betrokkenheid bij de executie van een gevangen genomen militair van het Syrische leger in 2012.

Oorlogsmisdrijf

De man was de commandant van een kleine strijdgroep in de plaats Mohassan in Syrië en heeft zelf ook op het slachtoffer geschoten. Omdat de executie plaatsvond tijdens het gewapende conflict tussen het reguliere Syrische leger en verschillende rebellengroepen geldt dit als een oorlogsmisdrijf. Oorlogsmisdrijven zijn schendingen van het internationaal humanitair recht. Dat recht beschermt personen die niet of niet meer deelnemen aan vijandelijkheden in een gewapend conflict, zoals burgers en krijgsgevangenen.

Strafoplegging

De rechtbank kent in deze zaak enerzijds gewicht toe aan de omstandigheid dat de executie heeft plaatsgevonden in een land waar op dat moment een gewapend conflict plaatsvond, wat ook voor de verdachte grote gevolgen heeft gehad. De rechtbank weegt anderzijds mee dat de verdachte bij het uitvoeren van de executie een leidinggevende rol heeft gehad en dat hij is begonnen met het schieten op het slachtoffer.

Vrijspraak terroristische organisatie

De rechtbank vindt het aanwezige bewijs onvoldoende om te kunnen vaststellen dat de strijdgroep in de periode dat de verdachte daarvan commandant was, was aan te merken als een terroristische organisatie. De verdachte wordt daarom vrijgesproken van deelname aan een terroristische organisatie.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie