< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak




U dient ingelogd te zijn om favorieten te kunnen toevoegen aan Mijn Jure
U kunt zich hier gratis registreren
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Dossier biedt onvoldoende aanknopingspunten om tot bewijs te komen van deelname aan een criminele organisatie. Rechtbank spreekt verdachte van dat verwijt vrij.

Uitspraak



RECHTBANK ASSEN

Sector strafrecht

Parketnummer: 19.830152-11

vonnis van de Meervoudige kamer d.d. 13 september 2011 in de zaak van het openbaar ministerie tegen:

[verdachte 6],

geboren te Fetesti (Roemenië) op [datum] 1991,

wonende [adres].

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgehad op 06 september 2011.

De verdachte is niet verschenen.

Als raadsman van de verdachte is ter terechtzitting aanwezig mr. B. de Haan, advocaat te Lemmer. Deze is door de verdachte uitdrukkelijk gemachtigd om namens hem de verdediging te voeren.

Tenlastelegging

De verdachte is ingevolge de ter terechtzitting gewijzigde tenlastelegging bij dagvaarding tenlastegelegd, dat

hij op of omstreeks de periode van 23 augustus 2010 tot en met 24 mei 2011 te Emmen en/of Groningen en/of Drachten, althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, te weten een samenwerkingsverband tussen [verdachte 3] en/of [verdachte 4] en/of [verdachte 2] en/of [verdachte 1] en/of [verdachte 5] en/of [verdachte 6] en/of een of meer anderen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, namelijk

- het (tezamen en in vereniging) oplichten van een of meer personen en/of

- het (tezamen en in vereniging) plegen van diefstallen en/of

- het (tezamen en in vereniging) plegen van witwassen;

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie mr. S. Kromdijk acht hetgeen is tenlastegelegd wettig en overtuigend bewezen en vordert dat de rechtbank als volgt zal beslissen:

* het opleggen van een gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden, met aftrek van voorarrest.

De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

Vrijspraak

De verdachte dient van het tenlastegelegde te worden vrijgesproken, omdat de rechtbank dit niet wettig en overtuigend bewezen acht.

De rechtbank overweegt daartoe het volgende.

Met betrekking tot dit feit wordt verdachte verweten dat hij heeft deelgenomen aan een criminele organisatie door met zijn medeverdachten strafbare feiten te plegen zoals in de tenlastelegging staat omschreven.

Om te kunnen spreken van een criminele organisatie moet er sprake zijn van het plegen van misdrijven in een georganiseerd verband. De organisatie moet het oogmerk hebben om misdrijven te plegen waarbij er sprake moet zijn van een bepaalde organisatiegraad en een samenwerkingsverband waar de betrokkenen aan deelnemen of dat ondersteunen. Ook moet er sprake zijn van een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband tussen twee of meer personen.

Naar het oordeel van de rechtbank biedt het dossier onvoldoende aanknopingspunten om te kunnen spreken van een duurzaam en gestructureerd samenwerkingsverband tussen personen. De rechtbank ziet in het dossier geen aanknopingspunten voor een organisatie-graad waarbij een persoon of personen een sturende rol zou/zouden hebben.

De genoemde diefstallen zijn naar het oordeel van de rechtbank eerder aan te merken als gelegenheidsdiefstallen gepleegde door medeverdachten [verdachte 1] en [verdachte 2]. Van oplichting is in onderhavig dossier geen sprake. Uit het dossier valt niet af te leiden dat het handelen van verdachte gericht was op het witwassen.

De verdachte en zijn medeverdachten hebben, zo blijkt naar het oordeel van de rechtbank uit het dossier en kan uit het verhandelde ter terechtzitting worden vastgesteld, een bepaalde manier van leven. Die kan echter in het onderhavige geval niet synoniem staan voor deelname aan een criminele organisatie.

Beslissing van de rechtbank

De rechtbank verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte is tenlastegelegd en spreekt de verdachte daarvan vrij.

De rechtbank gelast de teruggave aan verdachte van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven geldbedrag ad 42 euro.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Schoemaker, voorzitter, A.L.J.M.A. Janssens en mr. M. van der Veen, rechters in tegenwoordigheid van D.C. witvoet, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de rechtbank op 13 september 2011, zijnde mr. Van der Veen buiten staat dit vonnis binnen de door de wet gestelde termijn mede te ondertekenen.

Parketnummer: 19.830152-11

Uitspraak d.d.: 13 september 2011 2

vonnis


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature