E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:RBARN:2011:BQ1274
LJN BQ1274, Rechtbank Arnhem, 191968

Inhoudsindicatie:

afwikkeling huwelijkse voorwaarden, aan wie levering goederen, verrekening van huishoudelijke kosten, verrekenbeding, uitleg huwelijkse voorwaarden, Haviltex, inkomensbegrip, schenking vader man m.b.t. echtelijke woning, nominale vergoedingsrechten, redelijkheid en billijkheid

Partijen zijn gehuwd geweest van 21 december 1995 tot 27 juli 2010. Zij waren getrouwd op huwelijkse voorwaarden. Aan de orde was de afwikkeling van die huwelijkse voorwaarden. Daarbij is onder meer aan bod gekomen:

- de vraag of een aantal specifieke goederen (grafrechten, caravan) al dan niet tot het privé vermogen van de man behoren, m.a.w.: aan wie zijn de desbetreffende goederen geleverd;

- de vraag of – beweerdelijk – teveel betaalde huishoudelijke kosten kunnen worden teruggevorderd door middel van verrekening van de overwaarde van de vakantiewoning (privé eigendom van de man);

- de vraag of de huwelijkse voorwaarden op grond van redelijkheid en billijkheid kunnen worden uitgebreid met een verrekenbeding;

- uitleg van het inkomensbegrip in de huwelijkse voorwaarden;

- de vraag of partijen een overeenkomst hebben gesloten ten aanzien van de toedeling van de voormalige echtelijke woning (gemeenschappelijk eigendom) aan de man en in het bijzonder tegen welke waarde;

- de vraag of er sprake is van nominale vergoedingsrechten t.a.v. door partijen uit hun privé vermogens in de echtelijke woning geïnvesteerde gelden;

- de vraag of de omstandigheid dat de vader van de man de echtelijke woning ooit voor € 20.000,-- onder de marktwaarde aan partijen gezamenlijk heeft verkocht, moet worden aangemerkt als een schenking van de vader aan de man;

- uitleg van het begrip ‘huishoudelijke kosten’ in de huwelijkse voorwaarden: o.m. vallen kosten van onderhoud van de woning hieronder en zo ja, welke onderhoudskosten wel en welke niet;

- wijze waarop de nominale vergoedingsrechten moet worden betrokken bij de verdeling van de echtelijke woning;

- buiten toepassing laten van een bepaling in de huwelijkse voorwaarden op grond van de redelijkheid en billijkheid;

- stelplicht en bewijslast in het kader van de verrekening van huishoudelijke kosten;

- is verrekening van huishoudelijke kosten nog mogelijk over de periode nadat partijen feitelijk al uit elkaar waren;

- is er sprake van ongerechtvaardigde verrijking van de man omdat hij vermogen heeft kunnen opbouwen mede omdat de vrouw minder is gaan werken en heeft moeten interen op haar vermogen om de kosten van de huishouding te betalen.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie