E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:RBALK:2011:BT2897
LJN BT2897, Rechtbank Alkmaar, 11/1954 en 11/1955

Inhoudsindicatie:

Artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo en artikel 5.18 van het Bor ; tijdelijke omgevingsvergunning voor de centrale huisvesting van de gemeentelijke organisatie. Niet gebleken dat ten tijde van het bestreden besluit concrete, objectieve gegevens voorhanden waren op grond waarvan de tijdelijke behoefte voor de termijn van vijf jaar kan worden aangenomen. Hoewel de voorzieningenrechter aanneemt dat de intentie van de huidige gemeentebesturen erop is gericht om zo snel mogelijk de permanente centrale huisvesting te realiseren, kan dit proces onvoorziene tegenslagen kennen, waardoor niet is gegarandeerd dat tijdig zal zijn voorzien in een definitieve oplossing voor de huisvestingsbehoefte. De voorzieningenrechter betrekt hierbij dat voor de permanente huisvesting nog in het geheel geen besluitvorming heeft plaatsgevonden, een locatieonderzoek nog moet worden uitgevoerd en het gemeentebestuur van de nieuwe gemeente Hollands Kroon nog moet worden gevormd. Samenvattend is de voorzieningenrechter van oordeel dat de tijdelijke behoefte hoofdzakelijk is gebaseerd op intenties en verwachtingen. De concrete, objectieve gegevens die voorhanden zijn – bestaande uit de Aannemings- (en leverings)overeenkomst, het concept voorontwerpbestemmingsplan en de tijdelijke Waterwetvergunning – maken niet aannemelijk dat na het verstrijken van de gestelde termijn geen behoefte meer bestaat aan de tijdelijke centrale huisvesting. beroep gegrond.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie