E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:HR:2020:1560
Hoge Raad, 19/02392

Inhoudsindicatie:

Profijtontneming, w.v.v. uit telen en aanwezig hebben van hennepplanten in een woning (art. 3.B en 3.C Opiumwet ) en diefstal van elektriciteit (art. 311 Sr). Middel over aftrek elektriciteitskosten bij vaststelling w.v.v. uit hennepteelt. HR herhaalt relevant overweging uit ECLI:NL:HR:2001:AB3200 m.b.t . kosten die voor aftrek van het w.v.v. in aanmerking komen. De door het hof aan de verwerping van het verweer ten grondslag gelegde omstandigheid dat de vordering van [A] als b.p. niet is toegewezen, kan de verwerping van het in het cassatiemiddel bedoelde verweer niet dragen. Daaruit kan immers niet worden afgeleid dat de door [A] in rekening gebrachte kosten niet kunnen gelden als kosten die in directe relatie staan tot het bewezenverklaarde delict, dan wel dat die kosten wel als zodanig kunnen gelden maar voor rekening van de betrokkene dienen te blijven. Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 19/02390.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie