E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:HR:2020:134
Hoge Raad, 19/02297

Inhoudsindicatie:

Rolbeslissing. Tweede Enkelvoudige kamer HR. Verzoek OM aan rolraadsheer om vertrouwelijke behandeling van door belanghebbende ingestelde cassatieberoep tegen een beschikking van Rb waarbij ex art. 552p.2 (oud) Sv verlof is verleend tot ter beschikking stellen van stukken aan VS die ter uitvoering van rechtshulpverzoeken in beslag zijn genomen. 1. Verzoek OM omvat o.m. deelverzoeken om (i) behandeling cassatieberoep met gesloten deuren en in afwezigheid belanghebbende en raadsman te doen plaatsvinden en (ii) af te zien van in het openbaar uit spreken van de beschikking. Verzoek belanghebbende genoemde verzoeken af te wijzen. 2. Verzoek OM om (i) alle aan HR toegezonden processtukken, (ii) alle tot nu toe in cassatie opgemaakte stukken en (iii) alle nog in cassatie op te maken stukken niet aan belanghebbende te verstrekken. Verzoek belanghebbende genoemde verzoeken af te wijzen. Ad 1. Rolraadsheer herhaalt overwegingen uit ECLI:NL:HR:2005:AU4086 m.b.t. mogelijkheid afzien uitspreken beschikking in openbaar. Niet de rolraadsheer, maar in art. 21 en 22 Sv bedoelde (raad)kamer beslist over behandeling van cassatieberoep met gesloten deuren en afzien van uitspraak van de beschikking in het openbaar (vgl. ECLI:NL:HR:2015:2584). Gelet hierop zal rolraadsheer geen beslissing nemen op genoemde verzoeken, maar deze in handen stellen van in art. 21 en 22 Sv bedoelde (raad)kamer van HR, die deze verzoeken kan beoordelen in samenhang met diens oordeel over ontvankelijkheid van het cassatieberoep. Rolraadsheer is voorts niet bevoegd te beslissen over tijdstip waarop bestreden beslissing aan belanghebbende dient te worden verzonden (vgl. ECLI:NL:HR:2015:2584). Ad 2. Wat betreft verzoek tot geheimhouding van de stukken die aan HR zijn toegezonden is voldoende aannemelijk geworden dat in dit stadium van de procedure belang van het onderzoek ernstig wordt geschaad indien de stukken aan (raadsman van) belanghebbende worden verstrekt. Rolraadsheer zal verzoek van OM tot geheimhouding in zoverre toewijzen, hetgeen met zich brengt dat het verzoek van belanghebbende om afschrift van de processtukken in zoverre zal worden afgewezen. Wat betreft de tot nu toe in cassatieprocedure opgemaakte stukken, waaronder CAG en onderhavige rolbeslissing, is niet aannemelijk dat belang van het onderzoek ernstig wordt geschaad indien de stukken aan (raadsman van) belanghebbende worden verstrekt. Rolraadsheer zal daarom in zoverre het verzoek van raadsman van belanghebbende tot verstrekking van de processtukken toewijzen, voor zover deze stukken niet reeds aan raadsman van belanghebbende zijn verstrekt. Wat betreft geheimhouding van de in cassatieprocedure nog op te maken stukken zal rolraadsheer thans nog geen beslissing nemen, maar per geval beoordelen of zich uitzonderlijke geval voordoet dat, gelet op art. 23.6 Sv, moet worden afgezien van verstrekking van deze stukken aan raadsman van belanghebbende. Volgt: geen toezending van aan HR toegezonden processtukken en wel toezending van tot nu toe in cassatie opgemaakte stukken. Verzoekschrift wordt in handen gesteld van (raad)kamer.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie