E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:HR:2020:1159
Hoge Raad, 19/05187

Inhoudsindicatie:

Herziening. Medeplegen oplichting, meermalen gepleegd (art. 326.1 Sr) en medeplegen inbreuk maken op auteursrecht van kamer van koophandel, meermalen gepleegd (art. 31b Auteurswet). Aangevoerd wordt dat onderzoek van zaak zou hebben geleid tot vrijspraak indien hof bekend zou zijn geweest met gronden waarop hof medeverdachte heeft vrijgesproken van aan hem tlgd. gedragingen m.b.t. voorwerp waarin met inbreuk op eens anders auteursrecht werk is vervat. In tekst van wet en ook in geschiedenis van totstandkoming van herzieningsregeling zijn geen aanknopingspunten te vinden voor opvatting dat enkele vrijspraak van medeverdachte van aanvrager gegeven vormt a.b.i. art. 457.1.c Sv. Gronden waarop dergelijke vrijspraak steunt, kunnen onder omstandigheden zo’n gegeven opleveren maar in deze zaak is dat niet het geval (vgl. ECLI:NL:HR:2013:673). Afwijzing aanvraag. Vervolg op ECLI:NL:HR:2019:5.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie