E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:HR:2020:1055
Hoge Raad, 20/00962

Inhoudsindicatie:

Cassatie in het belang van de wet. Vernietiging hof (boete)beschikking t.z.v. parkeren in strijd met parkeerverbod, Wahv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:1997:ZD0700, hetgeen door het hof niet is miskend. Dat een verkeersteken dat een gebod of verbod inhoudt, niet met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke voorschriften is geplaatst, kan niet worden aangemerkt als een omstandigheid a.b.i. art. 9.2.b Wahv, d.w.z. noch als een omstandigheid waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden, noch als een omstandigheid waarin de betrokkene verkeert. Het oordeel van het hof dat de oplegging van de administratieve sanctie achterwege had moeten blijven omdat het verkeersbesluit dat ten grondslag lag aan het verkeersteken dat een parkeerverbod inhield, nog niet in werking was getreden op het moment van de gedraging van de betrokkene, getuigt daarom van een onjuiste rechtsopvatting. Volgt vernietiging in het belang van de wet.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie