E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:HR:2019:1814
Hoge Raad, 18/04547

Inhoudsindicatie:

Beklag, beslag ex art. 94 Sv in 2005 op € 1.024.500,- onder ander dan klaagster (in Suriname gevestigde vishandelaar) t.z.v. verdenking van heling en/of witwassen. Ongegrondverklaring klaagschrift, dat zich keert tegen uitblijven van last tot teruggave aan klaagster van geldbedrag, waarvan strafrechter in strafzaak van beslagene bewaring t.b.v. rechthebbende heeft gelast. Aan het klaagschrift was ten grondslag gelegd dat klaagster contant geldbedrag aan beslagene had gegeven voor de aanschaf van koelinstallaties. Indien (bij onherroepelijke beslissing) door strafrechter o.g.v. art. 353.2.c Sv bewaring van inbeslaggenomen geldbedrag t.b.v. rechthebbende is gelast en derde ex art. 552a Sv klaagschrift heeft ingediend strekkende tot teruggave, dient beklagrechter te beoordelen of die derde redelijkerwijs moet worden aangemerkt als rechthebbende ten behoeve van wie strafrechter bewaring heeft gelast (vgl. ECLI:NL:HR:2018:2333). Hof heeft deze maatstaf toegepast. Gelet op ‘s Hofs vaststellingen, inhoudende dat (i) beslagene na zijn aanhouding aanvankelijk wisselende verklaringen heeft afgelegd over bij hem aangetroffen geldbedrag, (ii) hij daarbij nimmer klaagster en/of namens haar aangevoerde gang van zaken heeft genoemd ter verklaring van bij hem aantreffen van dat geldbedrag, (iii) beslagene pas anderhalf jaar na zijn aanhouding heeft verklaard dat hij geld zou gebruiken voor aanschaf van koelinstallaties, maar dat die gestelde overdracht van geldbedrag door klaagster aan hem niet door schriftelijke stukken is onderbouwd, (iv) niet is gebleken van enige (pogingen tot) contacten met leveranciers van koelinstallaties in Europa door beslagene, terwijl hij volgens het scenario van klaagster enkele maanden in het bezit is geweest van voornoemd geldbedrag teneinde aanbetalingen voor aankoop van koelinstallaties te doen en (v) ook anderszins - o.m. in resultaten van FIOD-onderzoek, omzetgegevens van klaagster en overgelegde verklaringen - onvoldoende steun voor of bevestiging van stellingen van klaagster kan worden gevonden, is ‘s Hofs oordeel dat klaagster niet redelijkerwijs als rechthebbende van geldbedrag kan worden aangemerkt, niet onbegrijpelijk en toereikend gemotiveerd. Volgt verwerping. CAG: anders. Vervolg op ECLI:NL:HR:2017:73.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie