E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:HR:2019:1082
Hoge Raad, 17/05179

Inhoudsindicatie:

Openlijke geweldpleging, art. 141.1 Sr. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b., omdat het te laat is ingesteld, art. 408.2 Sv. Verontschuldigbare termijnoverschrijding i.v.m. zwakbegaafdheid verdachte? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2004:AN8587 m.b.t. bijzondere omstandigheden die overschrijding van termijn voor h.b. door verdachte verontschuldigbaar doen zijn. Hof heeft geoordeeld dat overschrijding van termijn voor instellen van h.b. niet verschoonbaar is, op de grond dat “uit de overgelegde rapportage en vonnissen (...) weliswaar [blijkt] dat bij verdachte sprake is van zwakbegaafdheid en dat in het verleden steeds jeugdstrafrecht is toegepast” maar dat “niet [blijkt] dat de verdachte, die zijn MBO-diploma niveau 1 heeft behaald, in het geheel niet heeft begrepen of kunnen begrijpen dat hij binnen 14 dagen na uitreiking van het vonnis hoger beroep moest (laten) instellen”. Door slechts te beoordelen of verdachte dit “in het geheel niet heeft begrepen of kunnen begrijpen” heeft Hof juistheid in het midden gelaten van hetgeen door verdediging is aangevoerd, o.m. inhoudende dat verdachte vanwege hem niet toe te rekenen psychische problematiek, bestaande uit gedragsstoornis en zwakbegaafdheid of zwakzinnigheid, hulp nodig heeft bij o.m. openen van zijn post en daarmee iets doen, dat hij bij nemen van belangrijke beslissingen volledig afhankelijk is van derden en dat hij verschillende procedures niet uit elkaar kan houden. Daarmee is mogelijkheid open gebleven dat omstandigheden meebrengen dat verzuim om h.b. tijdig in te stellen niet aan verdachte kan worden toegerekend. ’s Hofs oordeel is daarom ontoereikend gemotiveerd. Volgt vernietiging en terugwijzing.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie