E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:HR:2019:1081
Hoge Raad, 17/04039

Inhoudsindicatie:

Snelheidsovertreding, art. 62 jo. bord A1 RVV 1990. Hof heeft verdachte o.m. veroordeeld tot 8 maanden ontzegging bevoegdheid motorrijtuigen te besturen, terwijl o.g.v. art. 164.1 WVW 1994 van verdachte overgifte van zijn rijbewijs was gevorderd en OvJ had besloten rijbewijs in te houden voor duur van 8 maanden. Voldoet strafoplegging aan art. 179.6 WVW 1994? Hof had ex art. 179.6 WVW 1994 moeten bevelen dat tijd gedurende welke rijbewijs van veroordeelde ex art. 164 WVW 1994 vóór tijdstip waarop bijkomende straf ingaat, ingevorderd of ingehouden is geweest, op duur van die straf geheel in mindering zal worden gebracht, doch heeft verzuimd die aftrek te bevelen (vgl. ECLI:NL:HR:2012:BX3863). In ECLI:NL:HR:2013:BZ4478 heeft de HR t.a.v. uitspraken waarin is verzuimd aftrek van art. 27.1 Sr te bevelen geoordeeld dat verdachte in cassatie niet voldoende te respecteren belang heeft bij vernietiging op dat punt. Gronden die aan dat arrest ten grondslag liggen gelden op overeenkomstige wijze voor zaken waarin is verzuimd wettelijk verplichte aftrek o.g.v. art. 179.6 WVW 1994 toe te passen. Verzuim toepassing te geven aan wettelijk voorgeschreven aftrek a.b.i. art. 179.6 WVW 1994 vormt immers onmiddellijk kenbare fout die zich voor eenvoudig herstel leent door rechter(s) die op zaak heeft/hebben gezeten. Deze wijze van herstel verdient voorkeur, omdat daardoor ondubbelzinnig duidelijkheid komt te bestaan omtrent voor tul vatbare strafoplegging. Maar ook indien zodanige herstelbeslissing achterwege blijft, bestaat bij vernietiging van bestreden uitspraak waarin is verzuimd aftrek van art. 179.6 WVW 1994 te bevelen onvoldoende in rechte te respecteren belang. Er is in zo’n geval immers sprake van voor eenieder evidente vergissing op grond waarvan die uitspraak verbeterd moet worden gelezen en wel aldus dat bedoelde aftrek is bevolen. Redelijk handelend OM dat met tul van strafoplegging is belast kan zich dan ook niet op standpunt stellen dat bijkomende straf van ontzegging van bevoegdheid zonder die aftrek moet worden tenuitvoergelegd (vgl. ECLI:NL:HR:2013:BZ4478). HR verklaart beroep in cassatie met toepassing van art. 80a RO n-o.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie