E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:HR:2007:BA5632
LJN BA5632, Hoge Raad, 02157/06

Inhoudsindicatie:

Gesprek met geheimhouder? Bewijs. Aan verdachte wordt tijdens een verhoor een gesprek van een persoon met de dokterstelefoon voorgehouden en het Hof heeft vastgesteld dat verdachte dat gesprek heeft gevoerd. Aldus behelst het als bewijsmiddel gebezigd pv van dat verhoor een weergave van een gesprek van verdachte met de dokterstelefoon. Nu de stukken geen aanwijzingen behelsen van het tegendeel moet in cassatie ervan worden uitgegaan dat die telefoon werd bediend door een geheimhouder, te weten een arts, dan wel door iemand aan wie een van de arts afgeleid verschoningsrecht toekomt. HR herhaalt relevante overwegingen tav het verschoningsrecht van HR LJN ZD1402. Uit art. 126aa.2 Sv vloeit voort dat gegevens a.b.i. die bepaling niet in het strafproces kunnen worden gebruikt. Dat brengt mee dat het Hof het bewijsmiddel niet voor het bewijs had mogen bezigen, vzv. daarin is gerelateerd dat verdachte tijdens zijn verhoor door de politie is geconfronteerd met de weergave van een telefoongesprek tussen hemzelf en de door hem geraadpleegde dokterstelefoon alsmede hoe hij op die confrontatie heeft gereageerd.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie