< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak




U dient ingelogd te zijn om favorieten te kunnen toevoegen aan Mijn Jure
U kunt zich hier gratis registreren
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Vindplaatsen:

Inhoudsindicatie:

arbeid; schade werknemer door wijzigigng van pensioenregeling en pensioenuitvoerder?

Uitspraak



GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE

Sector handel

Zaaknummer : 200.050.949/01

Rolnummer Rechtbank : 765085/CV EXPL 08-4953

arrest van de achtste civiele kamer d.d. 29 maart 2011

inzake

Unit 4 Agresso Financiële Intermediairs B.V.,

gevestigd te Sliedrecht,

appellante,

hierna te noemen: Unit 4 Agresso,

advocaat: mr. M.W.A.M. van Kempen te Rotterdam,

tegen

[werknemer],

wonende [plaats],

geïntimeerde,

hierna te noemen: [werknemer],

advocaat: mr. E.T. Vreugdenhil te ’s-Gravenhage.

Het geding (vervolg)

Ingevolge het tussenarrest van 12 januari 2010 heeft op 4 februari 2010 een comparitie van partijen plaatsgevonden, waarvan proces-verbaal is opgemaakt.

Unit 4 Agresso heeft (daarna) bij memorie van grieven vijf grieven aangevoerd.

[werknemer] heeft bij memorie van antwoord tevens houdende een wijziging van eis in incidenteel appel de grieven bestreden en in het incidenteel hoger beroep zijn eis vermeerderd.

Tot slot hebben partijen onder overlegging van de stukken arrest gevraagd.

Beoordeling van het hoger beroep (vervolg)

in het principaal en incidenteel hoger beroep

1. De kantonrechter heeft in het vonnis waarvan beroep een aantal feiten vastgesteld. Daartegen is in hoger beroep niet opgekomen, zodat ook het hof daarvan zal uitgaan.

2. Samengevat gaat het om het volgende.

2.1. [werknemer] is geboren op 18 september 1959 en is op 18 oktober 1999 in dienst getreden bij Assurantie Systemen Nederland B.V. Dit is een rechtsvoorgangster van Unit 4 Agresso en zal hierna ook als Unit 4 Agresso zal worden aangeduid. De functie van [werknemer] was systeemanalist, laatstelijk tegen een bruto salaris van € 2.922,= per maand.

2.2. Per 1 april 2000 is [werknemer] gaan deelnemen in de pensioenregeling van Unit 4 Agresso. Dit betrof een zogenaamde beschikbare premieregeling. De jaarlijkse werkgeversbijdrage bedroeg 4% en die van [werknemer] bedroeg, gelet op zijn leeftijd, 5% van de pensioengrondslag. Het betreffende pensioenreglement bevat onder meer de volgende bepalingen:

“(…)

Artikel 6

1. “Op basis van de beschikbaar gestelde premie sluit de deelnemer een winstdelende kapitaalverzekering bij de verzekeraar, welke polis dient te zijn een verzekeringsovereenkomst als bedoeld in artikel 2, vierde lid, onder C. van de Pensioen- en spaarfondsenwet.

(…)

6. Door de deelnemer in staat te stellen tot het sluiten en instandhouden van de verzekeringen heeft de werkgever aan zijn verplichtingen voldaan en kan terzake van de pensioenregeling niets meer van de werkgever worden gevorderd.

(…)

Artikel 10

1. In geval van ontslag van de deelnemer voor de pensioendatum wordt de op zijn/haar gesloten kapitaalverzekering op de ontslagdatum premievrij gemaakt.

(…)”

2.3. In het kader van voormeld reglement heeft [werknemer] - als verzekeringnemer - bij Aegon Levensverzekering N.V. (hierna: Aegon) onder polisnummer [nummer] een verzekering afgesloten. De voorwaarden van deze verzekering bevatten onder meer de volgende bepaling:

"Beëindiging dienstverband

Bij beëindiging van het dienstverband voor de pensioendatum anders dan door overlijden van verzekerde (…). Tenzij anders overeengekomen wordt de verzekering premievrij gemaakt per de datum van ontslag, mits deze premievrije waarde heeft en de premies tot laatstgenoemde datum zijn betaald."

2.4. In de brief van Aegon aan [werknemer] van 14 september 2000 is onder meer vermeld:

"Deze verzekering is een overeenkomst voor de lange termijn. Indien deze verzekering voortijdig wordt beëindigd, vooral gedurende de eerste jaren, kunt u beduidend minder ontvangen dan er aan premies is betaald."

2.5. In het door Aegon aan [werknemer] met begeleidende brief van 9 maart 2001 toegezonden jaaroverzicht is onder meer als volgt vermeld:

"De overdrachtswaarde en het premievrije kapitaal van uw verzekering

Het is mogelijk om de verzekering, onder bepaalde voorwaarden bij wisseling van dienstbetrekking, over te dragen aan een andere verzekeraar. De overdrachtswaarde is gelijk aan de opgebouwde waarde in de fondsen verminderd met nog te verrekenen kosten voor het sluiten van de verzekering.

Daarnaast kunt u de verzekering zonder verdere premiebetaling, tegen een verlaagd pensioenkapitaal, in stand laten. De tot nu toe opgebouwde waarde profiteert tot het einde van de looptijd van de toekomstige beleggingsresultaten. Het kapitaal dat op deze wijze wordt opgebouwd, dus zonder verder premiestortingen, heet het premievrije kapitaal.

U kunt bij Aegon of uw verzekeringsadviseur het premievrije kapitaal van uw pensioen opvragen."

2.6. Met begeleidende brief van 17 april 2003 heeft Aegon aan [werknemer] een waardeoverzicht van voormelde polis toegezonden. Daarin is bij "Datum overzicht" vermeld "15-04-2003". Onder het kopje "Belegde waarde" is onder meer vermeld:

"*Deze belegde waarde is niet het bedrag dat bij tussentijdse beëindiging van de verzekering wordt uitgekeerd. De kosten die bij het sluiten van de verzekering door AEGON gemaakt worden, worden met de te betalen premies verrekend. Bij tussentijdse beëindiging van de verzekering worden de nog niet in rekening gebrachte kosten verrekend met de belegde waarde."

2.7. Het met begeleidende brief van 20 februari 2004 van Aegon aan [werknemer] toegezonden waardeoverzicht - waarin bij "Datum overzicht" is vermeld "15-02-2004" - is de hierboven sub 2.6. geciteerde passage evenzo opgenomen.

2.8. Met ingang van 1 januari 2005 heeft Unit 4 Agresso haar pensioenregeling met instemming van de Ondernemingsraad gewijzigd. Vanaf dat moment geldt een middelloonregeling die is ondergebracht bij Nationale Nederlanden Levensverzekering Maatschappij N.V. (hierna: NN). Deze regeling voorziet onder meer in een jaarlijks opbouwpercentage van het ouderdomspensioen van 2%, een jaarlijkse werknemersbijdrage van 6,5% van de pensioengrondslag, alsmede een jaarlijkse indexering van de aanspraken op ouderdomspensioen door aanwending van de overrente die krachtens de verzekeringsovereenkomst daarvoor beschikbaar komt.

2.9. [werknemer] is per 1 januari 2005 aan laatstgenoemde regeling gaan deelnemen en heeft uit dien hoofde - vanaf dat moment - rechten jegens NN opgebouwd.

Zijn hierboven sub 2.3. bedoelde polis is per genoemde datum premievrij gemaakt. In het kader daarvan is door Aegon € 3.984,= op het opgebouwde kapitaal van deze polis in mindering gebracht.

2.10. [werknemer] is op eigen verzoek op 1 juni 2006 uit dient getreden.

2.11. Bij de werkgever waar [werknemer] hierna is gaan werken is hij gaan deelnemen in de pensioenregeling bij PGGM.

2.12. In eerste aanleg vorderde [werknemer], kort gezegd, betaling van € 7.411,14 - zijnde het door hem geschatte bedrag van € 3.984,= dat Aegon bij de premievrijmaking eind 2005 aan kosten op het opgebouwde kapitaal van zijn polis in mindering heeft gebracht, vermeerderd met 3% gemist rendement daarover gedurende de resterende 20 jaar tot aan zijn pensioendatum - wegens geleden pensioenschade, met wettelijke rente en proceskosten.

2.13. De kantonrechter heeft € 3.984,= met rente toegewezen en Unit 4 Agresso veroordeeld in de proceskosten.

2.14. In het proces-verbaal van de comparitie van partijen bij het hof van 4 februari 2010 is onder meer als volgt opgenomen:

"(…) Zonder daarmee enig ingenomen standpunt prijs te geven zal dhr. [werknemer] - dit naar aanleiding van een daartoe strekkende vraag van de raadsheer-commissaris - nagaan in hoeverre door Aegon kosten in rekening zouden zijn gebracht indien de regeling aldaar zou zijn voortgezet tot het moment waarop hij bij Unit 4 Agresso uit dienst trad. Voor zover mogelijk zal Unit 4 Agresso op verzoek van [werknemer] bij Aegon aandringen op spoedige beantwoording van het betreffende informatieverzoek van [werknemer] aan Aegon".

3. Het hof zal de met de grieven en de toelichting daarop aan de orde gesteld vragen hieronder behandelen en overweegt als volgt.

4. Unit 4 Agresso heeft bij wijze van verweer - zakelijk weergegeven - gewezen op het navolgende.

4.1. Het door Aegon op het opgebouwde kapitaal van de polis van [werknemer] bij de premievrijmaking in het kader van de wijziging van haar pensioenregeling in mindering gebrachte bedrag aan kosten, is niet zozeer het gevolg van die wijziging van de pensioenregeling als wel van de inhoud van de door [werknemer] bij Aegon afgesloten polis.

4.2. Die polis brengt mee dat de kosten in verband met het afsluiten van de polis in beginsel worden uitgesmeerd over de gehele looptijd doordat steeds een gedeelte daarvan op de betaalde bijdragen in mindering wordt gebracht. Bij premievrijmaking vóór het einde van de looptijd wordt het resterende, nog niet aldus verrekende, bedrag ineens op het kapitaal van de polis in mindering gebracht. Het betrof derhalve kosten die hoe dan ook ten laste van [werknemer] zouden komen.

4.3. Bij premievrijmaking van de polis bij beëindiging van het dienstverband van [werknemer] zou - de wijziging van de pensioenregeling weggedacht - een dergelijke vermindering van het opgebouwde kapitaal ook hebben plaatsgevonden, zij het dat er dan iets minder aan resterende kosten zou zijn omdat de polis nog 17 maanden langer zou hebben doorgelopen en dus navenant meer aan kosten uit betaalde bijdragen - dus ten laste van [werknemer] - zou zijn voldaan. Unit 4 Agresso becijfert dat verschil op circa € 295,=.

4.4. Unit 4 Agresso onderbouwt het voorgaande onder meer met de hierboven sub 2.2. t/m 2.7. geciteerde passages. Voorts heeft zij aangevoerd dat er tijdens informatiebijeenkomsten met het personeel in het kader van de wijziging van het reglement - naar het hof uit haar stellingen afleidt: in algemene bewoordingen - op is gewezen dat een eventuele wissel niet kosteloos zou zijn voor de deelnemers maar dat de kosten ruim zouden opwegen tegen de voordelen (en vooral de zekerheid) van de nieuwe regeling.

5. Na voormelde gemotiveerde betwisting - zowel van de grondslag van de vordering van [werknemer] als de schade als zodanig - had het op de weg gelegen van [werknemer] om zijn vordering nader te onderbouwen. Dat geldt eens te meer in het licht van de afspraak zoals hierboven sub 2.14 geciteerd. Nu hij dat heeft nagelaten - betwisting van hetgeen Unit 4 Agresso aan haar verweer ten grondslag heeft gelegd zonder de sub 2.14. bedoelde onderbouwing is daartoe onvoldoende - staat dat aan toewijzing van zijn vordering in de weg. Om die reden komt het hof aan bewijslevering niet toe.

6. Het voorgaande wordt niet anders indien daarbij wordt betrokken het beroep op de verplichting van Unit 4 Agresso om zich als goed werkgever te gedragen, zoals [werknemer] - voor het eerst bij memorie van antwoord in hoger beroep - heeft gedaan. [werknemer] heeft onvoldoende gesteld om te oordelen dat Unit 4 Agresso met die verplichting in strijd heeft gehandeld door de oorspronkelijke pensioenregeling te treffen en/of deze te vervangen door de nieuwe regeling zoals zij heeft gedaan.

7. Bij hetgeen in dit arrest is overwogen is in aanmerking genomen dat [werknemer] - die zich op het standpunt stelt dat hij met de wijzing van de pensioenregeling niet (in alle opzichten) heeft ingestemd - niet de nakoming van de oorspronkelijke regeling vordert maar schadevergoeding ter zake.

Voorts is in aanmerking genomen dat [werknemer] zich weliswaar op het standpunt stelt dat Aegon de betreffende kosten zonder enige rechtsgrond op het pensioenkapitaal in mindering heeft gebracht, maar niet heeft aangevoerd, laat staan onderbouwd, dat hij bijstand van Unit 4 Agresso heeft gevraagd bij een actie zijnerzijds ter zake jegens zijn (rechtstreekse) contractspartij Aegon en dat Unit 4 Agresso die bijstand heeft geweigerd. Dat dit in mindering brengen zonder rechtsgrond geschiedde heeft [werknemer] evenmin onderbouwd.

8. Gelet op het bovenstaande slaagt het principaal hoger beroep en zal het vonnis van de kantonrechter worden vernietigd. Daarbij past het om [werknemer] te veroordelen in de kosten van dat hoger beroep.

9. Het bovenstaande brengt voorts mee dat de vermeerdering van eis in het incidenteel hoger beroep (buitengerechtelijke kosten) niet voor toewijzing in aanmerking komt. Nu Unit 4 Agresso geen incidentele conclusie van antwoord heeft genomen en dus geen kosten heeft gemaakt zal een kostenveroordeling in het incidenteel hoger beroep achterweg blijven.

Beslissing

Het hof:

in het principaal en incidenteel hoger beroep

- vernietigt het vonnis waarvan beroep;

- wijst de vorderingen af;

- veroordeelt [werknemer] in de kosten van het geding in eerste aanleg, aan de zijde van Unit 4 Agresso begroot op nihil aan verschotten en € 500,= aan salaris advocaat;

- veroordeelt [werknemer] in de kosten van het geding in het principaal hoger beroep, tot op dit arrest aan de zijde van Unit 4 Agresso begroot op € 334,25 aan verschotten en € 1.264,= aan salaris advocaat;

- verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad.

Dit arrest is gewezen door mrs. M.H. van Coeverden, S.R. Mellema en R.S. van Coevorden en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 maart 2011 in aanwezigheid van de griffier.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature