E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:GHDHA:2019:3763
Gerechtshof Den Haag, BK-19/00431

Inhoudsindicatie:

Belanghebbende heeft bezwaar aangetekend tegen een aanslag erfbelasting wegens verwerping van het legaat. De Inspecteur heeft belanghebbende per brief medegedeeld de aanslag te vernietigen en bij aparte brief medegedeeld voornemens te zijn een proceskostenvergoeding aan belanghebbende uit te keren. Nadat nog een hoorgesprek heeft plaatsgevonden, heeft de Inspecteur bij uitspraak op bezwaar de aanslag vernietigd en is vervolgens overgegaan tot uitbetaling van de proceskostenvergoeding. Drie weken na de uitbetaling heeft belanghebbende beroep ingesteld omdat in de uitspraak op bezwaar geen beslissing omtrent de proceskostenvergoeding was opgenomen. De rechtbank heeft dit beroep ongegrond verklaard. Belanghebbende heeft vervolgens hoger beroep aangetekend omdat de rechtbank geen proceskostenvergoeding voor het beroep heeft toegekend. Het Hof beslist dat de rechtbank terecht geen proceskostenvergoeding heeft toegekend. De brief waarin werd medegedeeld dat een proceskostenvergoeding zou worden uitgekeerd kan, in lijn met een arrest van de Hoge Raad, worden gezien als een beslissing op het verzoek om proceskostenvergoeding die de uitspraak op bezwaar completeert.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie