< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Zittingsplaats:
Vindplaatsen:

Inhoudsindicatie:

Arbeidsrecht. Tussentijdse beëindiging arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Werknemer mocht er redelijkerwijs van uitgaan dat hij, zoals hij stelt, ontslagen was door werkgever: hij kreeg na het gesprek een eindafrekening van het dienstverband en moest de scooter inleveren, werkgever riep hem niet meer op om te komen werken (ook al had werknemer zich daartoe bereid verklaard) en gaf hem tips om bij een andere werkgever aan de slag te gaan. Schadevergoeding wegens onregelmatige opzegging wordt gematigd. Transitievergoeding toegekend. Geen billijke vergoeding.

Uitspraak



GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.291.576

(zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats Nijmegen, team kanton 8770280)

beschikking van 2 augustus 2021

in de zaak van:

[appellant] ,

wonende te [woonplaats1] ,

appellant,

hierna: [de werknemer] ,

advocaat: mr. C.H. Bijvank,

tegen:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Jachthuis Gastronomie B.V.,

gevestigd te Malden,

geïntimeerde,

hierna: Groot Jachthuis,

niet verschenen.

1 De procedure bij de kantonrechter

Het verloop van de procedure in eerste aanleg blijkt uit de beschikking van

18 december 2020 van de kantonrechter in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Nijmegen.

2 De procedure in hoger beroep

[de werknemer] heeft de procedure bij het hof aanhangig gemaakt met een beroepschrift, dat is binnengekomen op 17 maart 2021. Groot Jachthuis heeft geen verweerschrift ingediend. Op 12 juli 2021 heeft [de werknemer] twee nadere producties overgelegd, waaronder een betekeningsexploit van 7 april 2021, waarbij het beroepschrift en de oproepbrief van het hof van 26 april 2021 voor de mondelinge behandeling aan Groot Jachthuis zijn betekend. Op 21 juli 2021 is de mondelinge behandeling gehouden. Groot Jachthuis is, hoewel op juiste wijze opgeroepen, niet verschenen. [de werknemer] heeft pleitnotities overgelegd. Van de mondelinge behandeling is een proces-verbaal opgemaakt. Hierna heeft het hof uitspraak bepaald.

3 De beoordeling van het hoger beroep

inleiding

3.1

[de werknemer] is op 6 juni 2020 voor de duur van zeven maanden in dienst getreden bij Groot Jachthuis als horeca medewerker. Op 10 juli 2020 heeft er een gesprek plaatsgevonden tussen de bestuurder van Groot Jachthuis, de heer [de werkgever] , en [de werknemer] . Daarna heeft [de werknemer] niet meer bij Groot Jachthuis gewerkt en heeft Groot Jachthuis het dienstverband afgerekend per 12 juli 2020. Na dit gesprek is er nog whatsapp-contact geweest tussen [de werknemer] en [de werkgever] . [de werknemer] zegt dat hij tijdens het gesprek van 10 juli 2020 is ontslagen. Groot Jachthuis vindt dat niet zij, maar [de werknemer] de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd.

3.2

In deze procedure stelt [de werknemer] zich allereerst (primair) op het standpunt dat hij onregelmatig is ontslagen en verzoekt hij om verschillende vergoedingen. De kantonrechter heeft de verzoeken van [de werknemer] afgewezen. [de werknemer] is het daar niet mee eens.

de beslissing van het hof

3.3

Het hof beslist dat de arbeidsovereenkomst door Groot Jachthuis is opgezegd en dat dat niet op correcte wijze is gebeurd. Daarom wijst het hof de verzoeken tot betaling van de transitievergoeding en de gefixeerde schadevergoeding wegens onregelmatige opzegging toe. De verzoeken om andere vergoedingen wijst het hof af. Het hof zal deze beslissing hierna toelichten.

de arbeidsovereenkomst is tussentijds geëindigd

3.4

Voor beantwoording van de vraag of de arbeidsovereenkomst door opzegging is geëindigd gaat het erom wat partijen tegen elkaar hebben gezegd, hoe zij zich hebben gedragen en wat zij daaruit redelijkerwijs mochten afleiden. Niet alleen het gesprek van 10 juli 2020 is daarbij van belang, maar ook de gedragingen van beide partijen na dat gesprek.

3.5

Het hof stelt voorop dat partijen er vanuit zijn gegaan dat de arbeidsovereenkomst per 10 juli 2020 is geëindigd. Dat dit het geval was blijkt ook uit hun gedragingen. Vaststaat dat er op 10 juli 2020 is gesproken over beëindiging van het dienstverband. Groot Jachthuis heeft daarna de eindafrekening van het dienstverband opgemaakt per 12 juli 2020. [de werknemer] heeft na 10 juli 2020 niet meer gewerkt, ondanks het feit dat hij nog was ingeroosterd in de maand juli. [de werknemer] heeft daarover gezegd dat hij zich niet meer voor werk heeft gemeld omdat hij was ontslagen. Hij heeft dat ook zo aan [de werkgever] geschreven: op 11 juli 2020 heeft [de werknemer] aan [de werkgever] gewhatsappt over de mogelijkheid van een UWV-uitkering “because of getting fired because of sickness”. Dat duidt erop dat [de werknemer] ervan uitging dat hij was ontslagen. [de werknemer] en [de werkgever] hebben ook nog whatsapp-contact gehad, maar daarin is namens Groot Jachthuis niet meer aangegeven dat [de werknemer] moest komen werken, ook niet nadat [de werknemer] op 31 juli 2020 per mail had laten weten dat hij bereid was om te werken en dat hij daarvoor beschikbaar was. Groot Jachthuis vroeg [de werknemer] om de door haar ter beschikking gestelde scooter terug te geven en Groot Jachthuis heeft [de werknemer] bovendien nog tips gegeven voor werk bij andere restaurants.

3.6

Dit alles duidt erop dat uit de beide partijen ervan uitgingen dat de arbeidsovereenkomst (tussentijds) is geëindigd. Partijen verschillen alleen van mening over de vraag op wiens initiatief dat is gebeurd, met andere woorden wie de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd: [de werknemer] of Groot Jachthuis.

3.7

Volgens Groot Jachthuis heeft [de werkgever] op 10 juli 2020 met [de werknemer] besproken dat het werk voor hem te zwaar was. [de werknemer] zou vervolgens gezegd hebben dat hij eigenlijk niet meer bij Groot Jachthuis wilde werken en dat hij ermee wilde stoppen. In een verklaring van mevrouw [naam1] , die bij het gesprek aanwezig was, staat dat besproken is wat Groot Jachthuis van [de werknemer] verwachtte, dat [de werknemer] aangaf dat hij het werk vanwege zijn rugklachten niet alleen kon uitvoeren, dat hij begreep dat het niet logisch was om twee personeelsleden in de bar te hebben en dat hij ook zelf merkte dat hij niet verder kon bij Groot Jachthuis. Daarop heeft [de werkgever] aan [de werknemer] aangeboden dat hij per direct zou stoppen, maar nog wel het weekend doorbetaald zou krijgen. [de werknemer] heeft deze gang van zaken betwist. [de werknemer] voert aan dat Groot Jachthuis hem op 10 juli 2020 heeft ontslagen. Op de mondelinge behandeling heeft hij verklaard dat [de werkgever] hem zei dat hij geen geld had om hem te betalen en dat [de werknemer] op zoek moest naar ander werk. Later heeft hij ook nog verklaard dat [de werkgever] hem heeft gezegd dat hij was ontslagen.

geen opzegging van de arbeidsovereenkomst door [de werknemer]

3.8

Wat Groot Jachthuis over het gesprek van 10 juli 2020 heeft gesteld is onvoldoende om te kunnen concluderen dat [de werknemer] de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd. De eisen die de rechtspraak aan een opzegging van de arbeidsovereenkomst door een werknemer stelt zijn streng: zo’n opzegging kan alleen worden aangenomen als sprake is van een duidelijke en ondubbelzinnige verklaring van de werknemer, die is gericht op beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Een werkgever mag ook niet te snel aannemen dat de werknemer de arbeidsovereenkomst wil beëindigen en moet onderzoeken of de werknemer dat werkelijk wil. Dezelfde eisen gelden voor een beëindiging van de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden (waarop Groot Jachthuis zich overigens niet beroept). Dat is om de werknemer te behoeden voor de ernstige gevolgen van de opzegging door de werknemer, zoals het verlies van ontslagbescherming en aanspraak op een werkloosheidsuitkering. De wet stelt om diezelfde reden voorwaarden aan de instemming van een werknemer met een opzegging door een werkgever: dat moet schriftelijk en de werknemer krijgt ook nog een bedenktermijn.

3.9

De uitlatingen die [de werknemer] volgens Groot Jachthuis heeft gedaan tijdens het gesprek van 10 juli 2020 zijn niet een “duidelijke en ondubbelzinnige” verklaring zoals hiervoor bedoeld. Daarnaast heeft Groot Jachthuis niet aangevoerd dat zij is nagegaan of [de werknemer] ook echt een einde van de arbeidsovereenkomst wilde, dat zij hem op de gevolgen heeft gewezen of dat zij een bedenktermijn heeft gegeven. Groot Jachthuis heeft evenmin om een schriftelijke bevestiging gevraagd. Ook als zou worden uitgegaan van hoe het gesprek volgens Groot Jachthuis is verlopen ( [de werknemer] heeft daar namelijk een hele andere visie op), kon Groot Jachthuis er niet gerechtvaardigd van uitgaan dat [de werknemer] zijn arbeidsovereenkomst had opgezegd.

opzegging van de arbeidsovereenkomst door Groot Jachthuis

3.10

Gelet op alle omstandigheden zoals hiervoor onder 3.5 opgesomd, en omdat een opzegging door [de werknemer] niet is komen vast te staan, mocht [de werknemer] er redelijkerwijs van uitgaan dat hij, zoals hij stelt, ontslagen was door Groot Jachthuis: hij kreeg na het gesprek een eindafrekening van het dienstverband en moest de scooter inleveren, Groot Jachthuis riep hem niet meer op om te komen werken (ook al had [de werknemer] zich daartoe bereid verklaard) en gaf hem tips om bij een andere werkgever aan de slag te gaan. Groot Jachthuis heeft ook niet op voormeld whatsapp bericht van 11 juli 2020 van [de werknemer] (“getting fired because of sickness”) gereageerd met de mededeling dat [de werknemer] (anders dan hij schreef) niet was ontslagen.

3.11

Het hof gaat er dus vanuit dat de arbeidsovereenkomst door Groot Jachthuis is opgezegd. [de werknemer] heeft daarmee niet schriftelijk ingestemd en er is ook geen ontslagvergunning verleend. Dat betekent dat de opzegging in strijd is met de wet. Omdat Groot Jachthuis onvoldoende gemotiveerd heeft betwist dat de arbeidsovereenkomst door haar is opgezegd, wordt niet toegekomen aan haar bewijsaanbiedingen.

vergoedingen

3.12

De tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd kent geen tussentijdse opzegmogelijkheid. Dat betekent dat artikel 7:677 lid 4 BW van toepassing is en dat de schadevergoeding wegens onregelmatige opzegging het loon over de resterende duur van de overeenkomst bedraagt. [de werknemer] stelt onbetwist dat dit een bedrag van € 11.041,92 bruto is. Het hof ziet in de korte duur van het dienstverband aanleiding deze vergoeding te matigen naar een bedrag van € 5.522,03 bruto, zijnde het loon inclusief vakantiegeld over de duur van drie maanden). Daarnaast is de transitievergoeding verschuldigd, berekend op € 331,40 bruto. Groot Jachthuis heeft dit bedrag niet betwist.

3.13

[de werknemer] verzoekt daarnaast een billijke vergoeding van twee maanden salaris. Tijdens de zitting is toegelicht dat dit verzoek is gebaseerd op artikel 7:681 BW . Het hof wijst dit verzoek af. De rechter kan een billijke vergoeding op grond van artikel 7:681 BW toekennen, maar hoeft dat niet te doen. Het hof gaat ervan uit dat de arbeidsovereenkomst zonder de opzegging was geëindigd op 6 januari 2021. Uit het overgelegde verzekeringsbericht UWV blijkt dat [de werknemer] na de opzegging heeft gewerkt en inkomsten via een uitzendbureau heeft ontvangen. Over de periode 17 juli 2020 tot en met 31 december 2020 gaat het om een bedrag van ongeveer € 5.200,-. Dat is meer dan de verzochte billijke vergoeding. Gezien de toewijzing van de onregelmatigheidsvergoeding lijdt [de werknemer] dus geen schade. Daarnaast heeft [de werknemer] maar kort bij Groot Jachthuis gewerkt. Het hof ziet om deze redenen geen aanleiding voor toekenning van een billijke vergoeding.

3.14

Het verzoek om toekenning van buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen, omdat door [de werknemer] niet voldoende is aangetoond dat hij kosten heeft moeten maken, anders dan ter voorbereiding van de procedure.

4 Slotsom

4.1

Het hoger beroep slaagt en de beschikking van de kantonrechter wordt vernietigd.

4.2

Groot Jachthuis is voor het grootste deel in het ongelijk gesteld en wordt veroordeeld in de kosten van de procedure bij de kantonrechter en van de procedure in hoger beroep. De kosten bij de kantonrechter worden vastgesteld op € 83,- aan griffierecht en € 450,- aan salaris voor de advocaat. Deze kosten in hoger beroep worden aan de kant van [de werknemer] vastgesteld op € 338,- aan griffierecht en € 2.228,- (2 punten tarief II) aan salaris voor de advocaat.

5 De beslissing

Het hof, beschikkende:

vernietigt de beschikking van 18 december 2020 van de kantonrechter in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Nijmegen,

en opnieuw recht doende:

veroordeelt Groot Jachthuis tot betaling aan van het netto equivalent van:

- de transitievergoeding van € 331,40 bruto en

- de vergoeding wegens onregelmatige opzegging van € 5.522,03 bruto,

beide bedragen vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment van opeisbaarheid;

veroordeelt Groot Jachthuis in de proceskosten in eerste aanleg, aan de zijde van [de werknemer] vastgesteld op € 83,- aan verschotten en € 450,- aan salaris advocaat, en in de proceskosten van het hoger beroep, tot aan deze uitspraak vastgesteld op € 338,- griffierecht en € 2.228,- aan salaris advocaat in hoger beroep;

veroordeelt Groot Jachthuis in de nakosten, begroot op € 163,-, met bepaling dat dit bedrag zal worden verhoogd met € 85,- in geval Groot Jachthuis niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan deze uitspraak heeft voldaan én betekening heeft plaatsgevonden en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf die termijn;

verklaart de veroordelingen in deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mrs. A.E.F. Hillen, L.R. van Harinxma thoe Slooten en G.A. Diebels en is in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 augustus 2021.


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature