E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:CRVB:2021:2147
Centrale Raad van Beroep, 18/5348 BBZ

Inhoudsindicatie:

Afgewezen verzoek tot afkoop van schuld. Bbz 2004. Ontbreken individuele belangenafweging. De afwijzing van het verzoek om de restantvordering af te kopen is aan te merken als een besluit tot weigering om gedeeltelijk af te zien van verdere terugvordering. Dit geschil dient te worden beoordeeld aan de hand van de bepalingen van het Bbz 2004 zoals deze ten tijde van het bestreden besluit golden. Op grond van artikel 40, eerste lid, van het Bbz 2004, wordt het geleende bedrag teruggevorderd indien de zelfstandige ook na aanmaning niet aan zijn rente- en aflossingsverplichtingen voldoet. Op grond van artikel 44, tweede lid, van het Bbz 2004 kan het college besluiten geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien, indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn. Het college diende een individuele, op de situatie van betrokkene toegespitste belangenafweging te maken, waarbij alle door betrokkene aangevoerde omstandigheden dienen te worden meegewogen. Nu een belangenafweging in het bestreden besluit ontbreekt, heeft de rechtbank terecht het bestreden besluit vernietigd en het college opgedragen om een nieuw besluit op het bezwaar te nemen met inachtneming van de aangevallen uitspraak. Het college dient in de belangenafweging in het nieuw te nemen besluit te betrekken dat per 1 januari 2020 niet langer de verplichting bestaat een lening terug te vorderen maar dat sprake is van een bevoegdheid. Het college dient daarom af te wegen of het thans mogelijkheden ziet om in te stemmen met het afkoopverzoek, waarbij ook de perspectiefloze en uitzichtloze situatie waarin betrokkene en zijn in Nederland wonende echtgenote verkeren in aanmerking dient te worden genomen.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie