E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:CRVB:2021:2138
Centrale Raad van Beroep, 19/2117 WIA

Inhoudsindicatie:

Op grond van de beschikbare gegevens wordt geoordeeld dat het onderdeel van [BV 3] waar werknemer werkzaam is geweest, te weten het onderdeel waar de interne logistieke werkzaamheden (FEN-activiteiten) voor – en op het bedrijfsterrein van – [BV 1] werden verricht, met ingang van 1 april 2015 in zijn geheel is overgenomen door [BV 2] Er zijn bij [BV 3] in het geheel geen activiteiten achter gebleven. Het betreft een volstrekt objectiveerbaar activiteitenpakket dat van [BV 3] is overgegaan naar [BV 2] De identiteit van de onderneming, zoals genoemd onder 4.3, is volledig in stand gebleven. Dit betekent dat is voldaan aan de criteria voor een overgang van activiteiten zoals die gelden bij de toepassing van artikel 7:662 van het BW en dat het Uwv ten onrechte het standpunt heeft ingenomen dat bij de in geding zijnde overgang sprake is geweest van de overgang van een deel van de onderneming als bedoeld in het vijfde lid van artikel 84 van de Wet WIA . De betrokken werknemers zijn gelet op artikel 7: 663 van het BW van rechtswege in dienst getreden bij [BV 2]. Hieruit volgt dat het Uwv ten onrechte heeft vastgesteld dat appellante eigenrisicodrager voor de WGA-uitkering van werknemer is. Het beroep van het Uwv op het rechtszekerheidsbeginsel kan evenmin slagen. Het hoger beroep slaagt. De aangevallen uitspraak moet worden vernietigd. Er bestaat aanleiding het Uwv te veroordelen in de kosten van appellante voor verleende rechtsbijstand.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie