E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:CRVB:2020:2672
Centrale Raad van Beroep, 18/4805 AW

Inhoudsindicatie:

De korpschef heeft terecht geweigerd de aansprakelijkheid voor de materiële en immateriële schade voortvloeiend uit de arbeidsongeschikt van appellant te erkennen.

Niet gebleken van structureel en doelbewust pesten, discrimineren en/of achterstellen van appellant door de korpschef. Geen sprake van buitensporige werkomstandigheden. De korpschef heeft jegens appellant geen onrechtmatige handelingen verricht en de korpschef is niet te kort geschoten in zijn zorgplicht jegens appellant. Ook heeft de korpschef ten aanzien van appellant geen onrechtmatige besluiten genomen. Dat zijn arbeidsongeschiktheid het gevolg is van onrechtmatig handelen van de korpschef heeft appellant dan ook niet aannemelijk gemaakt. Hetzelfde geldt voor de gestelde schending van de artikelen 2, 3, 6, 10 en 12 EVRM en de aanvullende bepalingen van het Eerste Protocol bij het EVRM. Geen sprake van schending van de redelijke termijn.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie