E-mail deze uitspraak

Uitspraak waar naar gelinkt wordt vanuit de e-mail die gestuurd zal worden:

ECLI:NL:CBB:2019:472
College van Beroep voor het bedrijfsleven, 18/2823

Inhoudsindicatie:

Fosfaatrechten. Grondgebondenheid. Artikel 1 EP. Appellante en de eenmanszaak zijn anders dan appellante aanvoert, twee van elkaar te onderscheiden en zelfstandige bedrijven met elk hun eigen bedrijfsvoering en elk hun eigen percelen landbouwgrond. Dat vennoot 2 van appellante tevens de eenmanszaak heeft, dat de eenmanszaak ten dienste staat van appellante en dat de meeste mest van appellante op het bedrijf van de eenmanszaak wordt afgezet, doet daaraan niet af. Appellante heeft voorts niet aannemelijk gemaakt dat de landbouwgrond van de eenmanszaak ten tijde hier van belang tot haar bedrijf behoorde. Dat de keuze van appellante en de eenmanszaak om twee gescheiden bedrijven te voeren voor appellante in het kader van het fosfaatrechtenstelsel negatief uitpakt omdat zij als niet-grondgebonden bedrijf wordt aangemerkt en bijgevolg op haar fosfaatrecht wordt gekort, bekent niet dat zij reeds om die reden onevenredig door het fosfaatrechtenstelsel wordt getroffen.

Van


Aan


Opmerkingen (optioneel)


E-mail

Terug

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie