< Terug naar de zoekresultaten

Opties voor deze uitspraak



Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Zaaknummer:
Soort procedure:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

De kantonrechter is van oordeel dat beroep en bezwaar openstaat tegen de door het OM opgelegde administratiekosten, nu het opleggen van die kosten gezien kan worden als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Het beroep van de betrokkene is dan ook ontvankelijk, maar slaagt niet. Niet kan worden gezegd dat sprake is van disproportionaliteit van de administratiekosten.

Uitspraak



uitspraak

RECHTBANK ARNHEM

Sector kanton

Locatie Wageningen

zaakgegevens 675051 \ BR VERZ 10-19034 \ SB/45/ ds

cjib-nr / registratienr 134260255 / F23921

zitting van 20 mei 2010

Uitspraak

in de zaak van

[naam appellant], wonende te [woonplaats en adres]

appellant

procederend in persoon

tegen

de beslissing van de officier van justitie te Arnhem

De procedure

Op de openbare zitting van 20 mei 2010 is het door appellant ingediende beroep, als bedoelt in artikel 9 van de Wet administratieve handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) behandeld. Appellant en de officier van justitie hebben daar het woord gevoerd. Het proces-verbaal van de zitting van 20 mei 2010 wordt hierbij ingelast.

Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie.

De gronden

Aan appellant is een administratieve sanctie ad € 67,00 opgelegd wegens: “Overschrijding maximumsnelheid op autosnelwegen, met 15 km/h”.

De gedraging zou zijn verricht op 9 september 2009 om 21.02 uur op de Rijksweg A1 te Stroe, gemeente Barneveld, met een personenauto, voorzien van het kenteken [kenteken]

Het betreft hier een constatering op kenteken.

De beoordeling

De voorgeschreven formaliteiten zijn in acht genomen, zodat appellant kan worden ontvangen in zijn beroep.

Het beroep valt binnen de in artikel 9 van de Wahv genoemde beroepsgronden.

De kantonrechter ziet zich gesteld voor de vraag of de beslissing tot het opleggen van de administratiekosten gezien moet worden als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, hierna te noemen Awb, zodat daartegen op grond van de Awb – die in beginsel op de beslissing van de officier van justitie in dit kader van toepassing is – bezwaar en beroep openstaat. De kantonrechter is van oordeel dat dat het geval is. Aan de voorwaarden die art. 1:3 Awb stelt aan een besluit is voldaan: het gaat om een beslissing waarbij een bestuursorgaan een publiekrechtelijke rechtshandeling tot stand heeft gebracht. Het feit dat de administratiekosten automatisch voortvloeien uit het opleggen van een sanctie maakt dat niet anders. De kantonrechter is dan ook van oordeel dat bezwaar en beroep openstaat tegen deze administratiekosten. Niet is gebleken dat deze bezwaar- en beroepsmogelijkheid bij wet in formele zin, of krachtens een bevoegdheid op grond van een wet in formele zin, is uitgesloten.

Appellant kan dan ook ontvangen worden in zijn beroep. De beslissing op bezwaar van de officier van justitie is om de hiervoor genoemde reden onjuist en dient te worden vernietigd. De overige verweren van appellant, onder meer met een beroep op art. 6 en 7 EVRM en de Grondwet, kunnen dan ook onbesproken blijven.

De beroepsgronden van appellant zijn slechts gericht tegen het feit dat geen bezwaar en beroep openstaat tegen de administratiekosten en niet tegen de gedraging op grond waarvan de sanctie is opgelegd. De kantonrechter stelt vast dat deze terecht is opgelegd. Tegen de administratiekosten zelf is nog het verweer gevoerd dat deze disproportioneel zijn. De kantonrechter is evenwel van oordeel dat, gelet op de hoogte van de boete, niet gezegd kan worden dat de kosten disproportioneel zijn, nu de administratiekosten forfaitair zijn, niet gerelateerd zijn aan (de hoogte van) de sanctie en worden verantwoord als kosten van behandeling door het overheidsorgaan. Niet gezegd kan worden dat de in aanmerking genomen behandelingskosten exorbitant zijn. De kantonrechter zal het besluit van de officier van justitie over de sanctie en de administratiekosten daarom in stand laten.

De beslissing

De kantonrechter:

verklaart het beroep gegrond;

bepaalt dat de beslissing op bezwaar over de sanctie en de administratiekosten in stand blijft.

Deze beschikking is gegeven door de kantonrechter mr. S.H. Bokx-Boom en in het openbaar uitgesproken op 10 juni 2010, om organisatorische redenen verzonden op 24 augustus 2010. Van de zitting is dit proces-verbaal opgemaakt.

De griffier, De kantonrechter,

Rechtsmiddel:

Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzending van een afschrift hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Leeuwarden, doch alleen indien:

a. de bij deze beslissing opgelegde sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of

b. het beroepschrift niet-ontvankelijk is verklaard op grond van artikel 11, derde lid van de Wahv omdat niet (tijdig) zekerheid is gesteld.

Het beroepschrift dient te worden ingediend bij de Rechtbank Arnhem, sector kanton, locatie Wageningen.

De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting wordt gevraagd waarbij u uw standpunt mondeling wilt toelichten.

De sector kanton is gevestigd te Wageningen aan het Bowlespark 1

Correspondentieadres: Postbus 9030, 6800 EM Arnhem

Telefoonnummer: 026 - 3592000

Faxnummer: 026 - 3592799


» Juridisch advies nodig? « advertorial

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?

Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.



naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Snel uitspraken zoeken en filteren

> per rechtsgebied > op datum > op instantie

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature