Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:

Inhoudsindicatie:

Onrechtmatige geluidshinder.

Uitspraak



vonnis

RECHTBANK ZWOLLE-LELYSTAD

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 128535 / KG ZA 07-16

Vonnis in kort geding van 7 februari 2007

in de zaak van

1. [eiser A],

wonende te [plaats],

2. [eiseres B],

wonende te [plaats],

eisers,

procureur mr. M.D. Withaar,

tegen

1. [gedaagde A],

gevestigd te [plaats],

2. [gedaagde B],

wonende te [plaats],

gedaagden,

procureur mr. R.K.E. Buysrogge.

Partijen zullen hierna [eisers c.s.] en de [gedaagden c.s.] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van [eisers c.s.]

- de pleitnota van de [gedaagden c.s.].

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [eisers c.s.], wonen aan de [adres] te [plaats]. In het naast hun woning gelegen pand is sedert lange tijd het café "[gedaagde A]" gevestigd. Nadat in april 2005 de toenmalige uitbater van voormeld café is overleden, is [gedaagde B], overigens geen familie van [eisers c.s.], het café gaan uitbaten. Sinds die tijd wordt er in het café muziek gedraaid. [eisers c.s.], die stellen daarvan geluidshinder te ondervinden, hebben vele malen [gedaagde B] daarop aangesproken, en later ook de [gedaagde A]. Zulks heeft echter niet tot overeenstemming geleid. In juni 2006 heeft de stichting DeltaWonen het pand aan de [adres ] in eigendom verworven. DeltaWonen heeft het pand verhuurd aan de [gedaagde A], die het café exploiteert. [gedaagde B] is in dienst getreden bij de [gedaagde A] en is in het café werkzaam en regelt daar ook de muziekinstallatie.

2.2. Aan [gedaagde B] is op 27 juli 2006 een horeca-exploitatievergunning en een vergunning om het horecabedrijf uit te oefenen verleend. Op grond van artikel 6 van de horeca-exploitatievergunning is zij verplicht "om elke vorm van overlast en hinder door geluidsinstallaties of levende muziek, conform de voorschriften van de Wet Milieubeheer (besluit Horeca- sport- en Recreatieinrichtingen milieubeheer en de eventueel opgelegde nadere eisen) en de Algemene plaatselijke verordening Zwolle, voor de omgeving te voorkomen.

3. Het geschil

3.1. De vordering van [eisers c.s.] strekt ertoe dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

Primair:

1. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om maatregelen te treffen die nodig zijn om te voorkomen dat de toegestane geluidsnormen uit het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer (07.00-19.00 uur 35 dB(A), 19.00-23.00 uur 30 dB(A), 23.00-07.00 uur 25 dB(A)) worden overschreden;

2. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om na het treffen van de onder 1 bedoelde maatregelen voor eigen rekening een deugdelijke geluidsmeting te laten verrichten, welke geluidsmeting dient te worden uitgevoerd door een daartoe gecertificeerd onderzoeksbureau dan wel door de deskundige die [eisers c.s.] hebben ingeschakeld, genaamd Stroop raadgevende ingenieurs B.V. te Leek;

3. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om na de onder 2 bedoelde geluidsmeting voor eigen rekening een rapport hiervan aan [eisers c.s.] c.q. [eisers c.s.] advocaat te verstrekken, uit welk rapport moet volgen dat de toegestane geluidsnormen niet langer zullen en/of kunnen worden overschreden;

4. de [gedaagden c.s.] zal verbieden met onmiddellijke ingang en zolang door de [gedaagden c.s.] niet is voldaan aan het onder 1, 2 en 3 verzochte, het pand aan de [adres ] te [plaats] ten behoeve van horeca c.q. horecabedrijf te gebruiken en/of te doen gebruiken en de [gedaagden c.s.] te veroordelen om gedurende die periode het pand (voor publiek) te sluiten en gesloten te houden, een en ander onder verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,= per dag of gedeelte daarvan;

Subsidiair:

5. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om binnen zeven dagen na dit vonnis althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, maatregelen te treffen die nodig zijn om te voorkomen dat de toegestane geluidsnormen uit het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer (07.00-19.00 uur 35 dB(A), 19.00-23.00 uur 30 dB(A), 23.00-07.00 uur 25 dB(A)) worden overschreden;

6. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om binnen negen dagen na dit vonnis althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, voor eigen rekening een deugdelijke geluidsmeting te laten verrichten, welke geluidsmeting dient te worden uitgevoerd door een daartoe gecertificeerd onderzoeksbureau dan wel door de deskundige die [eisers c.s.] hebben ingeschakeld, genaamd Stroop raadgevende ingenieurs B.V. te Leek;

7. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om binnen tien dagen na dit vonnis althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, voor eigen rekening een rapport van de geluidsmeting aan [eisers c.s.] c.q. [eisers c.s.] advocaat te verstrekken, uit welk rapport moet volgen dat de toegestane geluidsnormen niet langer zullen en/of kunnen worden overschreden;

8. de [gedaagden c.s.] zal verbieden, zodra door de [gedaagden c.s.] niet is voldaan aan het onder 5, 6 en 7 verzochte, het pand aan de [adres ] te [plaats] met onmiddellijke ingang ten behoeve van horeca c.q. horecabedrijf te gebruiken en/of te doen gebruiken en de [gedaagden c.s.] te veroordelen om vervolgens gedurende de periode dat door de [gedaagden c.s.] nog niet aan het verzochte onder 5, 6 en 7 is voldaan, het pand (voor publiek) te sluiten en gesloten te houden, een en ander onder verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,= per dag of gedeelte daarvan;

Meer subsidiair:

9. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om binnen zeven dagen na dit vonnis althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, maatregelen te treffen die nodig zijn om te voorkomen dat de toegestane geluidsnormen uit het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer (07.00-19.00 uur 35 dB(A), 19.00-23.00 uur 30 dB(A), 23.00-07.00 uur 25 dB(A)) worden overschreden, een en ander onder verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,= per dag of gedeelte daarvan;

10. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om binnen negen dagen na dit vonnis althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, voor eigen rekening een deugdelijke geluidsmeting te laten verrichten, welke geluidsmeting dient te worden uitgevoerd door een daartoe gecertificeerd onderzoeksbureau dan wel door de deskundige die [eisers c.s.] hebben ingeschakeld, genaamd Stroop raadgevende ingenieurs B.V. te Leek, een en ander onder verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,= per dag of gedeelte daarvan;

11. de [gedaagden c.s.] zal veroordelen om binnen tien dagen na dit vonnis althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, voor eigen rekening een rapport van de geluidsmeting aan [eisers c.s.] c.q. [eisers c.s.] advocaat te verstrekken, uit welk rapport moet volgen dat de toegestane geluidsnormen niet langer zullen en/of kunnen worden overschreden, een en ander onder verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,= per dag of gedeelte daarvan;

Uiterst subsidiair:

12 de [gedaagden c.s.] zal verbieden de toegestane geluidsnormen uit het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer (07.00-19.00 uur 35 dB(A), 19.00-23.00 uur 30 dB(A), 23.00-07.00 uur 25 dB(A)) te overschrijden dan wel te doen overschrijden onder verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,= per dag of gedeelte daarvan dat de [gedaagden c.s.] hiermee in gebreke blijven;

Zowel primair, subsidiair, meer subsidiair als uiterst subsidiair:

13 de [gedaagden c.s.] hoofdelijk zal veroordelen, des dat de een betalende de ander zij gekweten, tot betaling van EUR 2.332,40, zijnde een voorschot op de door [eisers c.s.] geleden schade;

14 de [gedaagden c.s.] hoofdelijk zal veroordelen in de kosten van het geding.

3.2. De [gedaagden c.s.] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Van een spoedeisend belang van [eisers c.s.] bij de vordering is in voldoende mate gebleken.

4.2. Kernvraag van dit geschil is of sprake is van een concrete dreiging van onrechtmatig handelen van de [gedaagden c.s.] jegens [eisers c.s.] die enige, door [eisers c.s.] gevorderde maatregel rechtvaardigt.

[eisers c.s.] hebben daartoe gesteld dat zij in hun woning in ernstige mate geconfronteerd worden met geluidsoverlast van de in het café afgespeelde muziek en van slaande deuren. Ter onderbouwing van hun stellingen hebben zij een tweetal rapportages van geluidsmetingen op 12 augustus 2006 ("de eerste rapportage") respectievelijk 7 oktober 2006 ("de tweede rapportage") in het geding gebracht.

4.3. Uitgangspunt bij geschillen als de onderhavige is dat in beginsel in ieder geval van onrechtmatige geluidshinder sprake is indien de geluidsbelasting het door overheid gehanteerde maximum geluidsniveau, zoals neergelegd in de bijlage behorende bij het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen milieubeheer (20 mei 1998, Stb. 322. Iwtr: 1 oktober 1998) overschrijdt.

De eerste raportage concludeert - voor zover van belang - dat:

"voor wat betreft het equivalente geluidsniveau (LAeq), in de woonkamer niet kan worden voldaan aan de norm van 30 dB(A) die geldt in de maatgevende avondperiode voor in- of aanpandige woningen. De norm wordt met ten hoogste 7 dB overschreden in de woonkamer van de familie Bouwmeester".

De tweede raportage concludeert - voor zover van belang - dat:

"voor wat betreft het equivalente geluidsniveau (LAeq), in de woonkamer niet kan worden voldaan aan de norm van 30 dB(A) die geldt in de maatgevende avondperiode voor in- of aanpandige woningen. De overschrijding van de geluidsnormen varieert van 15 tot 24 dB."

4.4. De [gedaagden c.s.] hebben tegen deze conclusies ingebracht dat de metingen niet representatief zijn, omdat gedurende te korte meetperiodes, namelijk van 10 en van 13 seconden is gemeten.

Het verweer van de [gedaagden c.s.] wordt gepasseerd, reeds omdat moet worden aangenomen dat het feitelijke grondslag ontbeert. Uit de eerste rapportage kan worden afgeleid dat is gemeten over een periode van 1 minuut en 14 seconden. Uit de tweede rapportage kan worden afgeleid dat is gemeten over periodes van respectievelijk 13, 10, 37 en 39 seconden. Daarbij komt dat de [gedaagden c.s.] weliswaar stelt dat over te korte periodes is gemeten, maar nalaat te stellen over welke minimumperiode in hun visie had dienen te worden gemeten. Doch ook overigens acht de voorzieningenrechter, reeds gezien voormelde geluidsrapportages, voldoende aannemelijk dat door het draaien van muziek [eisers c.s.] onrechtmatige geluidshinder ondervinden.

4.5. Gelet op het voorgaande acht de voorzieningenrechter voldoende aannemelijk geworden dat de [gedaagden c.s.] jegens [eisers c.s.] onrechtmatig hebben gehandeld en jegens hen onrechtmatig dreigen te handelen. Zulks geldt ook voor [gedaagde B], nu zij immers de feitelijke handelingen die tot onrechtmatige geluidshinder leiden, uitvoert. Mede gezien het ter zitting gedane aanbod tot een minnelijke schikking van de [gedaagden c.s.] leidt dat echter niet tot toewijzing van de meest verstrekkende vorderingen van [eisers c.s.] - de vordering onder 1. en 4. - maar zal aan de [gedaagden c.s.] het minder vergaande gebod worden opgelegd geen muziek meer te draaien in het café totdat er wettelijk afdoende geluidwerende bouwkundige maatregelen zijn getroffen, zoals in het dictum is omschreven.

4.6. Het onder 2. en 3. gevorderde zal eveneens worden toegewezen, doch enkel tegen de [gedaagde A]. [gedaagde B] is immers niet verantwoordelijk voor de te treffen bouwkundige maatregelen, terwijl het gebod onder 5.1 een voldoende maatregel betreft ter voorkoming van het feitelijk onrechtmatig handelen van deze gedaagde.

4.7. De gevorderde voorziening onder 13. strekt tot betaling van een geldsom. Voor toewijzing van een dergelijke vordering in kort geding is slechts dan plaats, als het bestaan en de omvang van de vordering in hoge mate aannemelijk zijn, terwijl voorts uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening vereist is en het risico van onmogelijkheid van terugbetaling bij afweging van de belangen van partijen - aan toewijzing niet in de weg staat.

4.8. Nu, zoals onder ?4.5 is overwogen, moet worden aangenomen dat de [gedaagden c.s.] jegens [eisers c.s.] onrechtmatig hebben gehandeld, dienen de kosten ter vaststelling van dit onrechtmatig handelen, op de voet van artikel 6:96, lid twee aanhef en onder b BW, voor rekening van de [gedaagden c.s.] te komen. Tussen partijen is niet in geschil dat de kosten van de twee rapportages, EUR 2.332,40 bedragen, zodat de vordering zal worden toegewezen. Enig restitutierisico is niet gesteld noch gebleken.

4.9. De [gedaagden c.s.] zullen als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eisers c.s.] worden begroot op:

- dagvaarding EUR 70,85

- vast recht 248,00

- salaris procureur 904,00

Totaal EUR 1.222,85

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. gebiedt de [gedaagden c.s.] geen muziek te draaien in het café totdat er wettelijk afdoende geluidwerende maatregelen zijn genomen en door de [gedaagde A] is voldaan aan het onder 5.2 en 5.3 bepaalde, op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 1.000,- per dag met een maximum van EUR 25.000,-;

5.2. veroordeelt de [gedaagde A] om na het treffen van de onder 5.1 bedoelde maatregelen voor eigen rekening een deugdelijke geluidsmeting te laten verrichten, welke geluidsmeting dient te worden uitgevoerd door een daartoe gecertificeerd onderzoeksbureau dan wel door de deskundige die [eisers c.s.] hebben ingeschakeld, genaamd Stroop raadgevende ingenieurs B.V. te Leek;

5.3. veroordeelt de [gedaagde A] om na de onder 5.2 bedoelde geluidsmeting voor eigen rekening een rapport hiervan aan [eisers c.s.] c.q. [eisers c.s.] advocaat te verstrekken, uit welk rapport moet volgen dat de toegestane geluidsnormen niet langer zullen en/of kunnen worden overschreden;

5.4. veroordeelt de de [gedaagden c.s.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, om aan [eisers c.s.] te betalen een bedrag van EUR 2.332,40;

5.5. veroordeelt de [gedaagden c.s.] hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, in de proceskosten, aan de zijde van [eisers c.s.] tot op heden begroot op EUR 1.222,85;

5.6. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

5.7. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.B. Werkhoven en in het openbaar uitgesproken op 7 februari 2007.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature