Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:

Inhoudsindicatie:

Onrechtmatige concurrentie?

Uitspraak



vonnis

RECHTBANK ZWOLLE-LELYSTAD

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 128008 / KG ZA 06-554

Vonnis in kort geding van 31 januari 2007

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TTW-WITLOF B.V., gemeente Oostflakkee,

gevestigd te Oude-Tonge,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TTW-SYSTEEM B.V.,

gevestigd te Oude-Tonge,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TTW-ONIONS B.V.,

gevestigd te Oude-Tonge,

eiseressen,

procureur mr. R.K.E. Buysrogge,

advocaat mr. N. Meijer te Middelharnis,

tegen

[gedaagde],

wonende te [plaats]

gedaagde,

advocaat mr. R.W.A. Offermans te Zeewolde.

Eisers zullen hierna gezamenlijk in enkelvoud worden aangeduid als TTW. Gedaagde zal hierna worden aangeduid als [gedaagde].

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 5 januari 2007 met daarbij 9 producties

- de akte houdende producties, tevens houdende vermeerdering van eis van TTW

- de aktes overlegging producties van [gedaagde] van 16 en 17 januari 2007

- de mondelinge behandeling van 17 januari 2007

- de pleitnotities van partijen

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1 TTW exploiteert een onderneming die zich bezighoudt met de advisering en begeleiding bij de teelt en trek van agrarische producten, meer in het bijzonder van witlof en uien.

2.2 TTW hanteert een "TTW-Systeem". Dat systeem bestaat uit een centrale database met gegevens, waaraan een expertsysteem is gekoppeld. Het expertsysteem genereert een werkwijze en receptuur dat leidt tot een advies aan de klant en het vervolgens monitoren van de klant, opdat adviezen worden opgevolgd.

2.3 [gedaagde] is uit hoofde van een arbeidsovereenkomst met ingang van 1 september 1998 tot 1 september 2006 bij (de rechtsvoorganger van) eiseres sub 1 in dienst geweest, laatstelijk in de functie senior teeltbegeleider. Als teeltbegeleider legde [gedaagde] bedrijfsbezoeken af bij klanten van TTW op het gebied van de witlofteelt en witloftrek en adviseerde hij hen op basis van het TTW-Systeem. Feitelijk was [gedaagde] voor die klanten het gezicht van TTW.

2.4 Op 1 september 2006 is [gedaagde] een eigen onderneming begonnen op het gebied van de advisering van witlofteelt en trek. Een aantal klanten (ongeveer 8) die [gedaagde] destijds uit hoofde van zijn functie bij TTW bezocht en begeleidde, hebben in het najaar van 2006 het lidmaatschap bij TTW opgezegd. Zij laten zich thans begeleiden door [gedaagde].

2.5 TTW heeft [gedaagde] bij brief van 16 november 2006 aansprakelijk gesteld voor de schade die zij dientengevolge stelt te lijden.

3. Het geschil

3.1. De vordering van TTW strekt er na vermeerdering van eis toe dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

I Primair

a. [gedaagde] zal verbieden direct of indirect, in dienstverband of anderszins, tegen vergoeding of om niet, werkzaamheden te verrichten voor, opdrachten te aanvaarden van, diensten te verlenen of aanbiedingen te doen aan relaties van TTW, alsmede personeel van TTW direct of indirect te (doen) benaderen en contact met dit personeel te (doen) onderhouden, gedurende een periode van een jaar vanaf de datum van betekening van het te wijzen vonnis; en

b. [gedaagde] zal veroordelen alle relaties van TTW voor wie hij reeds werkzaamheden heeft verricht, aan wie hij reeds diensten heeft verleend of aanbiedingen heeft gedaan, dan wel van wie hij reeds opdrachten heeft aanvraard schriftelijk mededeling te doen van de staking van de hiervoor onder a genoemde handelingen;

alles op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,-- per overtreding, alsmede van EUR 5.000,-- voor iedere dag dat de overtreding voortduurt;

Subsidiair

[gedaagde] zal verbieden om gedurende een periode van een jaar vanaf de datum van betekening van dit vonnis relaties en/of personeel van TTW direct of indirect te (doen) benaderen en met die relaties en/of personeel contact te (doen) onderhouden, althans hem een zodanig verbod op te leggen als de voorzieningenrechter in goede justitie vermeent te behoren, op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,-- per overtreding, alsmede van

EUR 5.000,-- voor iedere dag dat de overtreding voortduurt;

II [gedaagde] zal veroordelen zich met onmiddellijke ingang na de datum van betekening van dit vonnis te onthouden van iedere inbreuk op de auteursrechten van TTW op het TTW-Systeem, en derhalve het gebruiken, openbaarmaken en/of verveelvoudigen van het TTW-Systeem en/of delen daarvan (waaronder tevens is te verstaan het (doen) vervaardigen, het (doen) invoeren, het (doen) verkopen, te koop (doen) aanbieden, (doen) verhuren, te huur (doen) aanbieden, ten toon te (doen) stellen, te (doen) leveren, te (doen) gebruiken, danwel het in voorraad te (doen) hebben voor een van deze doeleinden of anderszins te verhandelen van de inbreukmakende zaken), te staken en gestaakt te houden, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 25.000,--, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen dwangsom, per overtreding, waarbij elk aangetroffen exemplaar van de inbreukmakende zaken geldt als een afzonderlijke overtreding;

III [gedaagde] zal veroordelen om binnen uiterlijk twee dagen na betekening van dit vonnis alle digitale en/of schriftelijke orginelen en/of kopieën van het TTW-Systeem en/of delen daarvan die hij onder zich heeft aan TTW te retourneren, vergezeld van een door [gedaagde] ondertekende schriftelijke verklaring dat hij geen digitale en/of schrifteljke exemplaren en/of afschriften van het TTW-Systeem of delen daarvan meer onder zich heeft, zulks op straffe van een dwangsom van

EUR 25.000,--, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen dwangsom, voor iedere dag dat hij met de gehele of gedeeltelijke nakoming van dit bevel in gebreke blijft, waarbij elk aangetroffen exemplaar van de inbreukmakende zaken geldt als een afzonderlijke overtreding;

IV met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van deze procedure.

3.2 TTW stelt zich op het standpunt dat [gedaagde] op een onrechtmatige wijze met haar concurreert. Daartoe is het volgende aangevoerd. [gedaagde] is een onderneming begonnen op het gebied van advisering in de witlofsector en hij maakt daarbij gebruik van de kennis die hij uit hoofde van zijn dienstverband met TTW bezat, waaronder informatie uit het TTW-Systeem. Hij benadert actief relaties en personeel van TTW om hen te bewegen over te stappen naar zijn onderneming. Een aantal klanten die [gedaagde] uit hoofde van zijn functie bij TTW begeleidde, hebben kort na het vertrek van [gedaagde] bij TTW het lidmaatschap bij TTW opgezegd en laten zich thans begeleiden door [gedaagde]. [gedaagde] heeft voorts tevens werknemers van TTW benaderd en geprobeerd hen over te halen met hem mee te gaan. Een werknemer die via een uitzendbureau was gedetacheerd bij TTW, werkt momenteel voor [gedaagde]. Verder heeft [gedaagde] een computerprogramma laten ontwikkelen dat is gebaseerd op het door TTW ontwikkelde TTW-Systeem. In juni 2006, kort voor zijn ontslagname, heeft [gedaagde] vanaf zijn laptop zeer veel documenten uit het TTW-Systeem geprint. Het betreft documenten met teelttechnische informatie en formulieren die kunnen dienen als voorbeeld bij het schrijven van een programma. Kort daarvoor had een softwarebedrijf hem informatie toegezonden omtrent een mobiel, digitaal registratiesysteem. [gedaagde] maakt inbreuk op het auteursrecht van TTW op het TTW-Systeem door dit te doen en handelt hierdoor onrechtmatig.

3.3 [gedaagde] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1 De voorzieningenrechter is van oordeel dat voorshands onvoldoende is gebleken dat [gedaagde] jegens TTW op onrechtmatige wijze concurrerende activiteiten verricht. Partijen zijn geen rechtsgeldig concurrentiebeding overeengekomen. Dat betekent dat het [gedaagde] in beginsel vrij staat om na de beëindiging van zijn arbeidsverhouding met TTW zich als zelfstandig adviseur in de vrije concurrentie te begeven op de markt waar hij voor TTW werkzaam was en dus ook zakelijke relaties mag aangaan met klanten van TTW. [gedaagde] handelt niet onrechtmatig door daarbij gebruik te maken van normaal opgebouwde kennis en ervaring, die hij tijdens zijn dienstverband met TTW heeft opgedaan, ook niet door bij werknemers van TTW te peilen of zij bij hem in dienst zouden willen komen. Onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat sprake is geweest van het stelselmatig werven van personeelsleden van TTW, noch dat daarvan gerechtvaardigde vrees aanwezig is.

4.2 Wel zou er sprake kunnen zijn van onrechtmatige concurrentie indien [gedaagde] zonder toestemming van TTW zijn klanten zou adviseren op een wijze waarop hij dat voorheen voor TTW deed, namelijk met behulp van informatie uit het binnen het bedrijf van TTW ontwikkelde TTW-Systeem, omdat in dat geval op onrechtmatige wijze afbreuk wordt gedaan aan het bedrijfsdebiet van TTW. Het recht tot gebruik van het TTW-Systeem, waarvan voorshands aannemelijk is dat daarop geheel of gedeeltelijk auteursrechten rusten, is voorbehouden aan TTW en aan haar klanten met wie zij een licentieovereenkomst heeft afgesloten. Het staat [gedaagde] vanzelfsprekend dan ook niet vrij om zonder toestemming van TTW het TTW-Systeem te gebruiken, of om dat systeem of delen daarvan (voor zover die delen niet voor iedereen gratis via het publieke domein zoals internet toegankelijk zijn) aan derden ter beschikking te stellen. Dat zou in de gegeven omstandigheden onrechtmatige concurrentie opleveren jegens TTW.

4.3 Voorshands staat evenwel niet in voldoende mate vast dat [gedaagde] thans zonder toestemming van TTW gebruik maakt van het TTW-Systeem, of dat systeem of delen daarvan zonder toestemming van TTW aan derden ter beschikking heeft gesteld. Weliswaar blijkt uit de stukken dat het sofwarebedrijf [A] bij e-mailbericht van 9 mei 2006 informatie aan [gedaagde] heeft verstrekt omtrent een mobiel, digitaal registratiesysteem en dat [gedaagde] in juni 2006 tamelijk veel documenten uit het TTW-Systeem heeft geprint, kennelijk betrekking hebbend op teelttechnische informatie en daarbij te gebruiken formulieren, maar met deze twee gegevens staat niet reeds vast dat [gedaagde] thans feitelijk gebruik maakt van het TTW-Systeem, of dat systeem of delen daarvan reeds aan derden ter beschikking heeft gesteld. Er dient daarom voorshands uit te worden gegaan van de juistheid van de ter zitting gedane mededeling van [gedaagde] dat hij geen gebruik maakt van het TTW-Systeem en evenmin informatie uit het TTW-Systeem aan derden, waaronder zijn klanten en het sofwarebedrijf [A], ter beschikking heeft gesteld. Dat betekent dat er voorshands onvoldoende grond is om te concluderen dat sprake is van onrechtmatige concurrentie, noch dat daarvan gerechtvaardigd vrees aanwezig is.

4.4 De vordering sub I zal, gelet op het vorenstaande, worden afgewezen.

4.5 Nu op zichzelf niet in geschil is dat [gedaagde] in juni 2006, kort voor het eindigen van zijn dienstverband bij TTW, vanaf zijn laptop zeer veel documenten uit het TTW-Systeem heeft geprint, waarop kennelijk geheel of gedeeltelijk auteursrechten rusten, is er wel voldoende aanleiding om de vordering sub II toe te wijzen opdat [gedaagde], die naar hij stelt geen inbreuk maakt op de auteursrechten van TTW op het TTW-Systeem, daartoe ook niet (alsnog) overgaat.

4.6 De vordering sub II zal daarom worden toegewezen op de in het dictum te vermelden wijze. Deze veroordeling ziet overigens niet op het gebruik maken van informatie uit het TTW-systeem, voor zover die informatie voor een ieder vrij via het publieke domein (waaronder internet) toegankelijk is.

4.7 De voorzieningenrechter zal een termijn voor het aanhangig maken van de bodemprocedure bepalen als bedoeld in artikel 260 Rv en in artikel 50 lid 6 TRIP 's verdrag. Een termijn van zes maanden na het onherroepelijk worden van dit vonnis komt de voorzieningenrechter onder de gegeven omstandigheden redelijk voor.

4.8 De vordering sub III zal worden afgewezen. TTW heeft er op zichzelf recht op dat zij alle digitale en/of schriftelijke originelen en/of kopieën van het TTW-Systeem en /of delen daarvan, die [gedaagde] onder zich heeft, terugkrijgt, maar nu gesteld noch gebleken is dat zij voorafgaand aan dit kort geding aan [gedaagde] heeft verzocht om deze stukken te retourneren, bestaat er geen aanleiding om deze vordering toe te wijzen. Ter zitting heeft [gedaagde] meegedeeld dat hij bereid is om op eerste verzoek van TTW alle digitale en/of schriftelijke originele en/of kopieën van het TTW-Systeem en/of delen daarvan, voor zover hij die onder zich heeft, aan TTW af te geven.

4.9 De proceskosten zullen, nu partijen gedeeltelijk in het ongelijk zijn gesteld, aldus worden gecompenseerd dat iedere partij de eigen kosten draagt.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1 veroordeelt [gedaagde] om zich binnen 1 dag na betekening van dit vonnis te onthouden van iedere inbreuk op de auteursrechten van TTW op het TTW-Systeem, en derhalve het gebruiken, openbaarmaken en/of verveelvoudigen van het TTW-Systeem en/of delen daarvan (waaronder tevens is te verstaan het (doen) vervaardigen, het (doen) invoeren, het (doen) verkopen, te koop (doen) aanbieden, (doen) verhuren, te huur (doen) aanbieden, ten toon te (doen) stellen, te (doen) leveren, te (doen) gebruiken, danwel het in voorraad te (doen) hebben voor een van deze doeleinden of anderszins te verhandelen van de inbreukmakende zaken), te staken en gestaakt te houden, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 2.000,-- per overtreding, met een maximum van EUR 50.000,--, waarbij elk aangetroffen exemplaar van de inbreukmakende zaken geldt als een afzonderlijke overtreding en waarbij delen van het systeem die uitsluitend informatie bevatten die voor iedereen vrij via het publieke domein toegankelijk zijn, van het verbod zijn uitgezonderd;

5.2 bepaalt de termijn op grond van artikel 260 Rv en artikel 50 lid 6 Trips verdrag op zes maanden na het onherroepelijk worden van dit vonnis;

5.3 compenseert de proceskosten, in die zin dat ieder der partijen de eigen kosten draagt.

5.4 verklaart het vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

5.5 wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.B. Werkhoven en in het openbaar uitgesproken op 31 januari 2007.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature