Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Staking van met bestemmingsplan strijdige bedrijfsactiviteiten ondanks aanwezigheid milieuvergunning; verwijdering aanwezigheid milieuvergunning

Uitspraak



Rechtbank Arnhem

Sector civiel recht

Zaak-/rolnummer: 125274 / KG ZA 05-193

Datum vonnis: 4 mei 2005

Vonnis in kort geding

in de zaak van

1. [eiser 1],

wonende te [woonplaats],

2. [eiser 2],

wonende te [woonplaats],

3. [eiser 3],

wonende te [woonplaats],

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AANNEMINGSBEDRIJF [eiser 4] B.V.,

gevestigd te [woonplaats],

5. [eiser 5],

wonende te [woonplaats],

6. [eiser 6],

wonende te [woonplaats],

7. [eiser 7],

wonende te [woonplaats],

8. [eiser 8],

wonende te [woonplaats],

9. [eiser 9],

wonende te [woonplaats],

10. [eiser 10],

wonende te [woonplaats],

11. [eiser 11],

wonende te [woonplaats],

12. [eiser 12],

wonende te [woonplaats],

13. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

C.R.V. B.V.,

gevestigd te [woonplaats],

14. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

CONTAINER SERVICE MAASDRIEL B.V.,

gevestigd te [woonplaats],

eisers,

procureur mr. F.J. Boom,

advocaat mr. J.J.J. de Rooij te Tilburg,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AANNEMINGSBEDRIJF [gedaagde] B.V.,

gevestigd te Kerkdriel,

gedaagde,

juridisch adviseur mr. J.G.M. van Mierlo te Rosmalen.

Het verloop van de procedure

Eisers hebben gedaagde ter zitting in kort geding doen dagvaarden en gevorderd als weergegeven in de dagvaarding.

Gedaagde heeft geconcludeerd tot weigering van de gevorderde voorzieningen.

De advocaat van eisers en de juridisch adviseur van gedaagde hebben de zaak bepleit overeenkomstig de door hen overgelegde pleitnotities.

Daarbij hebben zij producties in het geding gebracht.

Ten slotte is vonnis bepaald.

De vaststaande feiten

1. Eisers zijn woonachtig dan wel gevestigd in het buitengebied van [woonplaats], nabij de Koestraat. Gedaagde is eigenaar van het perceel Koestraat 7. Op grond van het geldende bestemmingsplan is het toegestaan ter plaatse een functioneel aan het buitengebied gebonden niet-agrarisch bedrijf te voeren. In 1997 heeft gedaagde een milieuvergunning verkregen voor het voeren van een loonwerk- en champosthandelbedrijf. Voor de ten behoeve van deze activiteiten op te richten loods is bij besluit van 25 augustus 2000 een bouwvergunning afgegeven. Sedert 2003 exploiteert gedaagde ter plekke een inrichting, waarin onder meer bouw- en sloopafval wordt ingezameld en be- en verwerkt.

2. In januari 2003 heeft de gemeente Maasdriel geconstateerd dat gedaagde deze inrichting voert in strijd met de Wet ruimtelijke ordering, de Woningwet en de Wet milieubeheer. Bij besluit van 8, verzonden 11 september 2003 is aan gedaagde, althans aan [betrokkene 1] & Zonen VOF een last onder dwangsom opgelegd, strekkende tot beëindiging van de geconstateerde overtredingen. Het door gedaagde tegen dit besluit ingediende bezwaar is bij besluit van 17, verzonden 18 februari 2004, ongegrond verklaard. Het tegen dit besluit aangetekende beroep is door de bestuursrechter van de sector bestuursrecht van de Rechtbank Arnhem bij uitspraak van 25 oktober 2004 ongegrond verklaard. Op het ingestelde hoger beroep is nog niet beslist.

3. Ondanks de dwangsombeschikking heeft gedaagde zijn werkzaamheden voortgezet. Het gemeentebestuur heeft bij brief van 20 februari 2004 de dwangsommen verbeurd verklaard en bij dwangbevel ingevorderd. Tegen dit dwangbevel is verzet aangetekend. Bij uitspraak van 29 december 2004 heeft de rechtbank Arnhem dit verzet grotendeels ongegrond verklaard.

4. Bij brief van 13 januari 2005 hebben eisers gedaagde verzocht en gesommeerd de door hem ter plaatse uitgeoefende activiteiten, voor zover deze in strijd zijn met het bepaalde bij of krachtens de Wet ruimtelijke ordening, de Woningwet, het bestemmingsplan, de Wet milieubeheer en het Burgerlijk Wetboek met onmiddellijke ingang te staken en gestaakt te houden alsook het ter plaatse opgeslagen puin te (laten) verwijderen.

Gedaagde heeft aan deze sommatie geen gevolg gegeven.

5. Gedaagde heeft op 12 september 2002 een milieuvergunning aangevraagd bij het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland. Deze aanvraag heeft gedaagde verschillende keren gewijzigd, laatstelijk op 22 juni 2004. In oktober 2004 is de ontwerpbeschikking krachtens de Wet milieubeheer bekend gemaakt.

Eisers hebben hiertegen bedenkingen ingediend.

Op 2 februari 2005, verzonden 22 februari 2005, is een vergunning op grond van de Wet milieubeheer aan gedaagde verleend. De vergunning staat het inpandig breken van 100.000 ton puin per jaar toe, mits het bedrijf zich aan bepaalde voorschriften houdt. Deze voorschriften houden - samengevat - in:

- de berg ongebroken puin die op het achterterrein ligt moet volledig worden verwijderd,

- het achterterrein dat voor het bedrijf wordt gebruikt moet aanzienlijk worden verkleind,

- het gelegaliseerde achterterrein moet worden voorzien van een vloeistofdichte verharde vloer en moet worden omgeven met een vijf meter hoge, ingeplante, grondwal,

- het ongebroken puin mag slechts inpandig worden opgeslagen,

- het puin wordt inpandig gebroken en het granulaat mag op het voorterrein op een stofvrije wijze worden opgeslagen.

Door eisers is tegen deze vergunning beroep aangetekend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Hierop is nog niet beslist.

6. Eisers hebben - voorafgaande aan het verlenen van de milieuvergunning op 2 februari 2005 - het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland verzocht om handhaving ten aanzien van activiteiten in strijd met de Wet milieubeheer. Bij brief van 4, verzonden 7 januari 2005 heeft het College van Gedeputeerde Staten gedaagde een vooraanschrijving van een last onder dwangsom doen toekomen. Bij brief van 28 januari 2005 is een gewijzigde vooraanschrijving verzonden. De last betreft de verwijdering van illegale opslag van het ongebroken puin op het buitenterrein. Op 7 april 2005 is een beschikking tot het opleggen van een last onder dwangsom afgegeven, waarbij gedaagde een begunstigingstermijn van vier maanden is gegeven.

Het geschil

1. Eisers vorderen - kort weergegeven - dat gedaagde zal worden verboden met het bestemmingsplan strijdige activiteiten uit te oefenen, meer in het bijzonder het op- en overslaan van grond, zand, puin, ctc, bestratings- en andere civieltechnische materialen en ook het breken van puin, binnen de gehele inrichting aan de Koestraat 7 te [woonplaats], alsmede dat gedaagde zal worden veroordeeld de binnen de gehele inrichting aan de Koestraat 7 te [woonplaats] opgeslagen hoeveelheid zand, grond, puin etc. op een wijze als in het lichaam van de dagvaarding beschreven wijze, dus waarbij geen stof vrijkomt en conform het bepaalde in de NeR, verwijdert door afvoer naar een daartoe erkend legaal bedrijf en verwijdert houdt, een en ander op straffe van verbeurte van dwangsommen.

2. Eisers leggen aan hun vorderingen ten grondslag dat gedaagde handelt in strijd met het bestemmingsplan, de Woningwet en de Wet milieubeheer. Nu gedaagde geen gevolg geeft aan de aanschrijving van de gemeente van 8, verzonden 11 september 2003, stellen zij dat gedaagde onrechtmatig jegens hen handelt. Zij stellen daarvan al vanaf 2003 ernstige hinder te ondervinden. Eisers stellen voorts dat gedaagde voldoende tijd heeft gehad gevolg te geven aan de aanschrijving. Zij vinden het onaanvaardbaar dat gedaagde nog een termijn van vier maanden geboden zal worden om het puin te breken met alle stofvorming, hinderlijk lawaai en andere overlast van dien, en af te voeren.

3. Gedaagde voert gemotiveerd verweer, welk verweer hierna, voor zover nodig, zal worden besproken.

De beoordeling van het geschil

1. Vooropgesteld wordt dat gedaagde nog geen gevolg heeft gegeven aan de aanschrijving van de gemeente van 8, verzonden 11, september 2003 en daarmee nog steeds handelt in strijd met onder meer de bepalingen in het ter plaatse geldende bestemmingsplan. De inmiddels verleende milieuvergunning doet aan die overtreding door gedaagde niet af.

Daar komt bij dat tegen de milieuvergunning door eisers een schorsingsverzoek is ingediend bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, zodat de vergunning niet in werking is getreden.

Voorts is ter zitting niet gebleken dat gedaagde inmiddels enige actie heeft ondernomen de uitvoering van zijn bedrijfsactiviteiten in overeenstemming te brengen met het bestemmingsplan dan wel met de in de milieuvergunning genoemde voorwaarden.

2. Gedaagde stelt weliswaar dat de gemeente positief zal reageren op een verzoek om vrijstelling op grond van het bepaalde in artikel 19 Wet ruimtelijke ordening , maar nu gedaagde zich nog niet met een zodanig verzoek tot de gemeente heeft gericht, behoeft daarmee naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter in deze procedure geen rekening te worden gehouden. Los daarvan heeft gedaagde ter staving van zijn stelling slechts aangevoerd dat twee wethouders zich in een gesprek daarover positief uitgelaten hebben. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter heeft gedaagde daarmee zijn stelling onvoldoende onderbouwd om deze voldoende aannemelijk te achten, terwijl er ook overigens vooralsnog niet is gebleken van feiten en/of omstandigheden op grond waarvan enig zicht bestaat op legalisatie door de gemeente van de bedrijfsactiviteiten van gedaagde.

3. Nu eisers ter zitting voldoende gemotiveerd hebben gesteld hinder te ondervinden van de illegale bedrijfsactiviteiten van gedaagde, is de voorzieningenrechter voorshands van oordeel dat gedaagde met het laten voort bestaan van de illegale situatie onrechtmatig jegens eisers handelt. Gedaagde zal daarom worden veroordeeld die onrechtmatige situatie op te heffen.

4. Gedaagde stelt wel mee te willen werken aan het opheffen van die onrechtmatige situatie, maar om bedrijfseconomische redenen wil zij het puin in zijn eigen bedrijfshal breken, hetgeen een periode van vier maanden in beslag zal nemen. Nu de provincie Gelderland haar deze termijn heeft geboden om de situatie in overeenstemming te brengen met de verleende milieuvergunning, stelt gedaagde dat eisers ook daaraan hun medewerking dienen te verlenen. Gedaagde stelt voorts dat het enige belang van eisers om haar tot directe nakoming te dwingen is gelegen in het persoonlijk belang dat zij erbij hebben dat zij het puin bij een gelegaliseerd bedrijf zal laten breken, omdat dat dan noodzakelijkerwijs eiser 14 zal zijn, waarmee de overige eisers persoonlijke- dan wel zakelijke kontakten hebben.

5. Voorshands geoordeeld hebben eisers voldoende hun spoedeisend belang bij de gevorderde voorzieningen aannemelijk gemaakt. Hun belangen zijn erin gelegen dat zij niet hoeven te dulden dat hun woongenot wordt aangetast doordat gedaagde stelselmatig de illegale situatie in stand houdt. Zij hebben voldoende aannemelijk gemaakt dat zij voortdurend hinder ondervinden van het illegale handelen van gedaagde, terwijl gedaagde zelfs na de aanschrijving van de gemeente in september 2003 geen actie heeft ondernomen de hinder voor de omwoners te beperken.

Gedaagde komt voorts gelet op die gemeentelijke aanschrijving rechtens geen termijn van vier maanden meer toe om de illegale situatie aan de eisen van het bestemmingsplan aan te passen. Weliswaar stelt gedaagde economisch belang te hebben bij het alsnog inpandig kunnen breken van het puin, maar het is uitsluitend aan haar eigen handelen te wijten dat de illegale situatie thans nog bestaat. Dit kan eisers thans in alle redelijkheid niet meer worden tegengeworpen. Dat eisers, zoals gedaagde stelt, verbonden zijn aan een legaal puinverwerkingsbedrijf maakt dat niet anders. Het is om die reden dat vooralsnog de belangen van eisers bij het zo spoedig mogelijk opheffen van de illegale situatie geacht moeten worden zwaarder te wegen dan het belang van gedaagde bij het kunnen laten voortduren van die illegale situatie voor een periode van vier maanden. Omdat gedaagde wel de gelegenheid moet krijgen het puin op een verantwoorde manier af te voeren, zal haar een termijn van vier weken worden gegeven om aan de veroordeling dienaangaande tegemoet te komen. Voorts zal de gevorderde dwangsom worden gematigd en aan een maximum worden gebonden zoals hierna zal worden bepaald.

6. Als de in het ongelijk gestelde partij zal gedaagde worden veroordeeld in de kosten van deze procedure.

De beslissing

De voorzieningenrechter

1. veroordeelt gedaagde binnen vier weken na de betekening van dit vonnis zijn met het bestemmingsplan strijdige activiteiten, waaronder onder meer het op- en overslaan van grond, zand, puin, ctc, bestratings- en andere civieltechnische materialen en ook het breken van puin, binnen de gehele inrichting aan de Koestraat 7 te [woonplaats], te beëindigen, op straffe van een aan eisers te verbeuren dwangsom van € 5.000,00 per dag of dagdeel dat gedaagde dit verbod overtreedt, met een maximum van € 200.000,00,

2. veroordeelt gedaagde binnen vier weken na betekening van dit vonnis de binnen de gehele inrichting aan de Koestraat 7 te [woonplaats] opgeslagen hoeveelheid zand, grond, puin etc. te verwijderen, overeenkomstig het bepaalde in de NeR, door afvoer naar een daartoe erkend legaal bedrijf en verwijderd te houden, op straffe van een aan eisers te verbeuren dwangsom van € 5.000,00 per dag of dagdeel dat gedaagde dit verbod overtreedt, met een maximum van € 200.000,00,

3. veroordeelt gedaagde in de kosten van deze procedure, tot aan deze uitspraak aan de zijde van eisers bepaald op € 816,00 voor salaris en op € 329,60 voor verschotten, met de bepaling dat gedaagde de wettelijke rente over deze bedragen verschuldigd zal zijn na veertien dag na betekening van dit vonnis,

4. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5. weigert het anders of meer gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. C.A. Verkuijl en in het openbaar uitgesproken op 4 mei 2005 in tegenwoordigheid van de griffier.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde wetgeving

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature