Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:

Inhoudsindicatie:

Bouwrecht: besparingen bij eerdere beëindiging van de aannemingsovereenkomst

Uitspraak



Vonnis van 3 november 2015

Zaaknummer: AR 2015/65

Vonnisnr.

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN SINT MAARTEN

Vonnis

in de zaak van

de naamloze vennootschap

[eiseres] N.V.,

gevestigd op Sint Maarten,

eiseres,

gemachtigde: mr. R.E. Duncan,

tegen

de publiekrechtelijke rechtspersoon

DE CENTRALE BANK VAN CURACAO EN SINT MAARTEN,

(mede) gevestigd op Sint Maarten,

gedaagde,

gemachtigde: mr. R.F. van den Heuvel.

Eiseres wordt aangeduid als “[eiseres]”. Gedaagde wordt aangeduid als “de Bank”. Een en ander tenzij anders is vermeld.

1 De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

het verzoekschrift spoedeisende bodemzaak met producties d.d. 26 mei 2015,

het bezwaar tegen verzoek spoedeisende bodemzaak,

de rolbeschikking d.d. 11 augustus 2015,

de conclusie van antwoord met producties,

de akte houdende producties van de Bank,

pleitnota namens [eiseres],

pleitnota namens de Bank.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 17 september 2015 in aanwezigheid van partijen en hun gemachtigden. De griffier heeft van het verhandelde aantekening gehouden.

Hierna is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Krachtens een overeenkomst van aanneming, die op 28 november 2014 door de Bank en op 4 december 2014 door [eiseres] is ondertekend, heeft [eiseres] als aannemer op zich genomen om de bouwkundige werkzaamheden ten behoeve van de renovatie van het bijkantoor van de Bank op Sint Maarten uit te voeren. De contractsom bedraagt Nafl 5.600.399,55. De Bank heeft totaal aan [eiseres] betaald Nafl 1.106.445,83, waarvan Nafl 508.038,98 kort na 15 mei 2015.

2.2.

Bij brief van 17 april 2015 heeft de Bank de overeenkomst van aanneming opgezegd. Hieraan ging correspondentie vooraf waaruit blijkt dat zij had besloten de samenwerking te beëindigen wegens mogelijke integriteitskwesties zijdens [eiseres]. Op 21 maart 2015 heeft [eiseres] het werk neergelegd.

3 Het geschil

3.1. [

eiseres] vordert, na vermindering van eis, dat het Gerecht, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, de Bank veroordeelt om aan haar te betalen Nafl 3.068.739,30, te vermeerderen met de wettelijke rente, buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten.

3.2.

De Bank concludeert dat het Gerecht, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, de vorderingen van [eiseres] zal afwijzen en haar in de kosten zal veroordelen, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover als niet binnen twee weken de proceskosten aan haar zijn betaald.

3.3.

Op de argumenten van partijen gaat het Gerecht hierna in, voor zo ver zij relevant blijken voor de uitkomst van de procedure.

4 De beoordeling

4.1.

Deze spoedeisende bodemprocedure ziet op de afrekening die tussen partijen op grond van artikel 7:764 lid 2 BW dient plaats te vinden. Dit artikel bepaalt dat in geval van opzegging van de aannemingsovereenkomst door de opdrachtgever hij de voor het gehele werk geldende prijs moet betalen, verminderd met de besparingen die voor de aannemer uit de opzegging voortvloeien, tegen aflevering door de aannemer van het reeds voltooide werk. De tweede volzin van dit artikellid is niet relevant voor deze zaak. De discussie gaat evenmin over de aflevering. Het gaat in deze zaak uitsluitend over de besparingen en het meerwerk. In de voormelde rolbeschikking, waarin het protest van de Bank tegen het spoedeisende karakter is afgewezen, heeft het Gerecht verwezen naar het arrest van de Hoge Raad van 12 april 2013 (ECLI:NL:HR:2013:BY8728). Daaruit volgt dat het uitgangspunt is dat de stelplicht en de bewijslast van de besparingen bij de opdrachtgever liggen maar dat op de aannemer “een belangrijke mededelingsplicht” rust.

4.2.

Door [eiseres] zijn ter onderbouwing van het haar toekomende bedrag de volgende bescheiden overgelegd:

een specificatie van het gevorderde bedrag,

een overzicht “Breakdown Savings”,

een viertal facturen van 21 april 2015,

een opgave met daarin haar 6 onderaannemers,

de factuur van onderaannemer Windward Roads d.d. 22 mei 2015 voor USD 23.896,81 met bijbehorende offerte en een opgave van minderwerk.

4.3.

Door de Bank zijn de volgende financiële stukken ingebracht:

haar brief van 11 mei 2015 met bijlage bestaande uit een specificatie van het door haar betaalde bedrag van Nafl 508.038,98,

“State of Affair March 21, 2015”,

bewerking van de finale begroting met daarin aangegeven welke werkzaamheden niet door [eiseres] zijn verricht,

al deze niet verrichte werkzaamheden zijn door de Bank weergegeven in een overzicht “Savings Overall materials US $”,

een overzicht van de arbeidsposten in de begroting,

een mandagenoverzicht,

een overzicht meerwerk van [eiseres] en haar commentaar daarop,

de integrale planning van de werkzaamheden,

de betaalstaat.

4.4.

Kort en zakelijk weergegeven voert [eiseres] het volgend aan. Haar besparingen zijn zeer beperkt. De Bank gaat ten onrechte slechts uit van gemiste winst, in plaats van de voor het hele werk geldende prijs, verminderd met de besparingen. De overige door [eiseres] gemaakte en te maken kosten jegens werknemers, afnemers en onderaannemers maken deel uit van de geldende prijs en zijn dus ook verschuldigd. Zij heeft aan haar onderaannemers de finale facturering en afrekening opgevraagd. De enige onderaannemer die deze heeft toegezonden is Windward Roads. De eindfacturen van de andere onderaannemers zullen, zodra ontvangen, in het geding worden gebracht. Met deze onderaannemers heeft de Bank in haar berekening geen rekening gehouden. Evenmin heeft de Bank rekening gehouden met loon- en arbeidskosten. Daar geldt namelijk in het geheel geen besparing voor vanwege de beëindiging van de opdracht. Ondanks het einde van de aannemingsovereenkomst lopen de arbeidsovereenkomsten natuurlijk gewoon door en het kost geld om deze te beëindigen. Er is geen sprake van dat dit los/vast werknemers zijn en evenmin dat alle werknemers de volgende dag elders voor [eiseres] aan de slag zijn gegaan, met name niet op Juliana Airport, zoals de Bank beweert. Zou het al zo zijn dat dit waar is, dan nog geldt niet dat [eiseres] daarvan profijt heeft getrokken omdat zij deze loonkosten niet zomaar kan inbrengen in deze andere projecten. De calculatie van de loonkosten door de Bank klopt niet: dit moet zijn 41.909,89 manuren. Ook de besparingen op materiaal die de Bank heeft opgegeven kloppen niet. Verschillende posten zijn onder de kostprijs opgegeven omdat zij geen rekening heeft gehouden met de algemene kosten. [eiseres] doet bij pleidooi aan de Bank en het Gerecht het verzoek om een comparitie van partijen te plannen waarin partijen met behulp van deskundigen een en ander kunnen uiteenzetten en uitleggen.

4.5.

Hiertegenover stelt de Bank, kort en zakelijk weergegeven, het volgende. [eiseres] voldoet in het geheel niet aan haar stelplicht, laat staan voormelde mededelingsplicht. Zij brengt een aantal producties in het geding maar de toelichting daarop ontbreekt. Verder stelt zij in het verzoekschrift het nodige qua bedragen maar daarbij ontbreken dan weer juist producties, zoals bijvoorbeeld met de manuren. Zij voldoet dus niet aan haar stelplicht. Daarbij komt dat dit een spoedeisende bodemprocedure is, op verzoek van [eiseres] en ondanks protest van de Bank, zodat van haar mag worden verwacht dat zij haar stellingen correct en met bewijzen inkleedt. De Bank kan het verzoek om een comparitie dan ook niet plaatsen omdat zij volledig geëquipeerd, zie haar inzichtelijke en uitvoerige producties, was om tijdens het pleidooi alles door te nemen maar dat kan niet vanwege deze gebrekkige stellingen van [eiseres]. Verder zijn de berekeningen van [eiseres] onbetrouwbaar, is het zeer onwaarschijnlijk dat op arbeid en onderaanneming niet respectievelijk nauwelijks is bespaard nu werknemers en onderaannemers op uurbasis werden beloond. Zie ook Windward Roads. Ten aanzien van deze onderaannemer blijkt immers van een geprognotiseerde eindfactuur van USD 42.509,70 terwijl Windward Road vanwege de beëindiging slechts USD 23.896,81 factureert maar het verschil wordt door [eiseres] ten onrechte niet als besparing aangemerkt. Dat is dus wel een aanzienlijke besparing en het ontkracht de stelling van [eiseres] dat het gaat om beperkte besparingen. De Bank constateert dat slechts van Windward Roads een opstelling is ontvangen en van de vijf andere onderaannemers niet zodat [eiseres] ten onrechte de gehele factuursom van de onderaannemers stelt te moeten betalen, terwijl zij feitelijk besparingen moet kunnen realiseren. In haar conclusie van antwoord legt de Bank vervolgens aan de hand van haar producties gestructureerd uit hoe zij tot het inmiddels aan [eiseres] uitbetaalde bedrag is gekomen en zij constateert dat, bij nader inzien, zij Nafl 9.429,69 te veel heeft betaald. Indien het Gerecht van oordeel is dat de Bank nog een bedrag aan [eiseres] is verschuldigd dient dit bedrag te worden verrekend. Zij stelt ten aanzien van het meerwerk dat zij het geaccordeerde gedeelte reeds heeft betaald. De Bank constateert dat artikel 18c Rv door [eiseres] niet wordt nageleefd en als gevolg daarvan moet worden uitgegaan van de juistheid van haar stellingen.

4.6.

Het Gerecht overweegt het volgende. De Bank heeft voldaan aan haar stelplicht wat betreft de besparingen. Zij heeft daartoe inzichtelijke berekeningen en onderliggende bescheiden in het geding gebracht. [eiseres] heeft deze stellingen en specificaties overwegend onbesproken gelaten bij pleidooi terwijl dat, gelet op de door haar aangevraagde spoedeisende bodemzaak, zeker van haar had kunnen worden verwacht. Zij had op de stellingen en specificaties van de Bank kunnen reageren met eigen stukken en berekeningen zodat bij gelegenheid van het pleidooi partijen daarover hadden kunnen argumenteren en vragen van het Gerecht hadden kunnen beantwoorden. Daar komt verder bij dat [eiseres] niet dan wel onvoldoende uitvoering heeft gegeven aan de op haar rustende “belangrijke mededelingsplicht” zoals hiervoor weergegeven. Van haar had mogen worden verwacht dat zij van al haar onderaannemers opgaven beschikbaar had van al dan niet gerealiseerde besparingen, onderbouwd met specificaties zodat dit verder zou kunnen worden onderzocht. Ook had van haar mogen worden verwacht dat zij, aan de hand van de berekeningen en specificaties van de Bank, had uitgelegd waarom er geen besparingen op materialen konden worden gerealiseerd. Haar mededelingsplicht brengt zonder meer met zich mee dat zij een lijst van haar werknemers in het geding had gebracht waarbij per werknemer is vermeld wat de kosten van voortijdige beëindiging van het dienstverband zijn. Deze stukken ontbreken volledig en zij volstaat met algemene verweren dat de arbeidsovereenkomsten niet eindigen door de opzegging van de aannemingsovereenkomst door de Bank. Door [eiseres] is niet dan wel onvoldoende uitgelegd hoe het nu kan dat met de besparing inzake Windward Roads in haar vordering geen rekening is gehouden. Evenmin heeft [eiseres] inhoudelijk gereageerd op het verweer van de Bank betreffende het meerwerk.

4.7.

Het Gerecht is dan ook van oordeel dat [eiseres] onvoldoende uitvoering heeft gegeven aan haar stelplichten, in het bijzonder de op haar rustende belangrijke mededelingsplicht. Dit betekent dat het Gerecht niet toekomt aan verder onderzoek in de vorm van een comparitie of bewijsopdracht, al dan niet in de vorm van een deskundigenbericht.

4.8.

De vorderingen van [eiseres] worden dan ook afgewezen en zij wordt als in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten.

5 De beslissing

Het Gerecht in Eerste Aanleg:

wijst de vorderingen af,

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, aan de zijde van de Bank begroot op nihil aan verschotten en op Nafl 12.200,00 aan salaris gemachtigde, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover indien de proceskosten niet binnen twee weken na heden aan de Bank zijn betaald,

verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.J. van Rijen, rechter in dit gerecht en in het openbaar uitgesproken op 3 november 2015 in aanwezigheid van de griffier.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature