Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Art. 4:157 BW. Benoeming testamentair bewindvoerder onder de opschortende voorwaarde van defungeren huidige bewindvoerder is niet mogelijk

Uitspraak



RECHTBANK BREDA

team kanton Tilburg

zaak/rolnr.: 716827 OV VERZ 12-2736

beschikking op een verzoek ex artikel 4:157 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek

op een verzoek ingediend door:

1. [verzoeker 1]

wonende te [woonplaats]. (Canada),

2. [verzoeker 2],

wonende te [woonplaats],

3. [verzoeker 3],

wonende te [woonplaats],

gemachtigde: mr. D.I. Laureij, notaris te Tilburg.

1. Het verzoek en de beoordeling

1.1. Ter griffie van de rechtbank Breda, sector kanton, locatie Tilburg werd op 24 april 2012 een verzoekschrift met 1 bijlage ontvangen waarin wordt gevraagd om [naam bewindvoerder] te benoemen tot opvolgend bewindvoerder over het erfdeel dat door de hierna te noemen erflaatster werd nagelaten aan haar dochter, de rechthebbende [rechthebbende].

Op schriftelijke vragen van de griffier heeft de gemachtigde van verzoekers bij brief van 14 augustus 2012 het verzoek aangevuld.

1.2. Verzoekers hebben medegedeeld dat zijzelf geen behoefte hebben aan een mondelinge behandeling van het verzoek, terwijl de rechthebbende tengevolge van haar geest-vermogens onbekwaam is om zich over het verzoek uit te laten en de voorgestelde bewindvoerder woonachtig is in de Verenigde Staten, zodat een verhoor van haar niet is geïndiceerd. Derhalve zal op de stukken worden beslist.

1.3. Uit het verzoekschrift en het daarbij gevoegde testament blijkt het volgende.

Op 6 december 1990 is overleden de erflaatster mevrouw [erflaatster], geboren te [geboorteplaats en -datum]. Erflaatster heeft bij testament het erfdeel van de rechthebbende onder bewind gesteld. Daarbij heeft zij haar stiefzoon, verzoeker [1], benoemd tot bewindvoerder. Die heeft deze benoeming aanvaard. Voor het geval van diens ontstentenis of defungeren dan wel diens weigering om deze functie te aanvaarden heeft erflaatster achtereenvolgens verzoekster sub 2 en, bij ontstentenis of defungeren van haar dan wel weigering om de functie te aanvaarden, verzoekster sub 3, beiden zussen van erflaatster, aangewezen om het erfdeel van de rechthebbende te beheren.

Verzoeksters 2 en 3 hebben beiden kenbaar gemaakt dat zij bij ontstentenis of defungeren van de huidige bewindvoerder de benoeming in die hoedanigheid niet zullen aanvaarden, onder de voorwaarde dat in hun plaats wordt benoemd [naam bewindvoerder], dochter van de bewindvoerder. Die heeft schriftelijk verklaard een benoeming te aanvaarden en voorts dat ten aanzien van haar geen van de in artikel 4:157 lid 2 BW genoemde beletselen gelden.

1.4. In aanvulling op het verzoekschrift hebben verzoekers betoogd dat in het testament van erflaatster aan de bewindvoerder niet het recht van assumptie en substitutie is toegekend, zodat de kantonrechter bevoegd is om een opvolgend bewindvoerder te benoemen. Verzocht wordt om “nu voor alsdan” [naam bewindvoerder] tot bewindvoerder te benoemen. De kantonrechter begrijpt daaruit dat wordt verzocht om [naam bewindvoerder] thans in die functie te benoemen, waarbij die benoeming pas werking heeft vanaf het moment van defungeren van de huidige bewindvoerder.

1.5. Overwogen wordt het volgende.

1.6. Ingevolge artikel 4:157 lid 1 BW wijst de kantonrechter op het verzoek van de rechthebbende, een erfgenaam, legataris of andere belanghebbende dan wel op het verzoek van de executeur, een of meer bewindvoerders aan wanneer de uiterste wil van de erflater niet voorziet in de regeling van de benoeming van een bewindvoerder. Dit wetsartikel gaat uit van de omstandigheid dat de erflater niet heeft bepaald wie het beheer van het onder bewind gestelde erfdeel voert dan wel de door erflater daartoe aangewezen persoon of personen het beheer niet op zich kunnen of willen nemen. In dat geval kan de kantonrechter een bewindvoerder benoemen op het verzoek van een of meer van de genoemde personen. De fungerend bewindvoerder, in diens hoedanigheid, is niet een van die personen.

1.7. In het onderhavige geval heeft erflaatster bij testament verzoeker [1] tot bewindvoerder benoemd. Die heeft deze benoeming aanvaard. Niet is gesteld of gebleken dat hij op korte termijn, althans tegen een door verzoekers genoemde datum zal defungeren. Zijn opvolging overeenkomstig de in het testament neergelegde wens van erflaatster of, bij weigering door verzoeksters 2 en 3, door aanwijzing van een derde door de kantonrechter, is daarom thans niet aan de orde.

1.8. Zoals verzoekers terecht hebben opgemerkt volgt uit het testament niet dat tegelijkertijd meer dan een bewindvoerder die functie bekleedt. Dit betekent dat het verzoek niet op basis van dat testament kan worden toegewezen. Artikel 4:157 lid 1 BW laat echter gegeven de hiervoor vermelde uitleg evenmin ruimte voor een benoeming van [naam bewindvoerder], naast de huidige bewindvoerder.

1.9. Het betoog van verzoekers dat bij gebreke aan een door erflaatster gegeven recht van substitutie de kantonrechter bevoegd is om [naam bewindvoerder] reeds nu tot bewindvoerder te benoemen onder de opschortende voorwaarde van ontstentenis of defungeren van de huidige bewindvoerder, wordt niet gevolgd. Dit kan uit artikel 4:157 lid 1 BW niet worden afgeleid. Dit zou alleen anders kunnen zijn wanneer in het verzoekschrift kenbaar was gemaakt dat de huidige bewindvoerder op korte termijn, althans tegen een bepaalde datum zijn functie neerlegt, als gevolg waarvan een bewindvoerder komt te ontbreken.

1.10. De conclusie moet daarom luiden dat het verzoek niet voldoet aan de het bepaalde in artikel 4:157 lid 1 BW zodat het dient te worden afgewezen. Beslist wordt daarom als volgt.

3. De beslissing

De kantonrechter:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.G.M.H. Bennenbroek en is uitgesproken ter terechtzitting van 11 oktober 2012 in tegenwoordigheid van mr. B.A.I.M. Steenbergen als griffier.

Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld:

a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking is verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

b. door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na de betekening van de beschikking of nadat deze hen op andere wijze bekend is geworden.

Het beroepschrift moet door tussenkomst van een advocaat worden ingediend bij het gerechtshof te 's Hertogenbosch.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature