Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Opheffing vereffening nalatenschap. Publicatie in Staatscourant en twee nieuwsbladen in verband met de hoge kosten niet voorgeschreven. Bekendmaking op internet geeft even goede, misschien zelfs betere, mogelijkheid iedere belanghebbende te informeren omtrent nalatenschap.

Uitspraak



RECHTBANK BREDA

team kanton Bergen op Zoom

zaak/rolnr.: 724720 OV VERZ 12-2540

beschikking d.d. 3 juli 2012 op een verzoek tot opheffing ex artikel 4:209 van het Burgerlijk Wetboek (BW)

ingediend door:

1. Edwin Godschalk, wonende te 4761 MK Zevenbergen, Arkelhof 171,

2. Remco Godschalk, wonende te 33328 CB Utrecht, Essenburg 29,

3. Martijn Godschalk, wonende te 3079 LJ Rotterdam, Nieuwenoord 227 en

4. Stephanie Godschalk, wonende te 3117 MJ Schiedam, Fabristraat 103,

in de nalatenschap van:

Bastianus Johannes Godschalk

laatstelijk gewoond hebbende te 4761 CG Zevenbergen, Doelstraat 34,

overleden te Moerdijk op 31 maart 2012,

nader te noemen erflater.

Het verzoekschrift is ingediend door tussenkomst van mr. A. de Vos, notaris, werkzaam bij De Vos & De Rooij Netwerk Notarissen, gevestigd te 4761 AB Zevenbergen, Postbus 64.

1. Het verloop van het geding

De procesgang blijkt uit het op 12 juni 2012 ter griffie ontvangen verzoekschrift, met bijlage, waarvan de inhoud hier als ingelast wordt beschouwd.

2. Het verzoek

2.1 Verzoekers, erfgenamen van erflater, zijn vereffenaar van de beneficiair aanvaarde nalatenschap van erflater en verzoeken op grond van het bepaalde in artikel 4:209 BW opheffing van de vereffening, vanwege de geringe waarde van de baten van de nalatenschap.

2.2 Ter onderbouwing van het verzoek is een vermogensbeschrijving overgelegd.

2.3 Verzoekers hebben afgezien van verhoor door de kantonrechter.

3. De beoordeling

3.1 De kantonrechter is van oordeel dat voldoende is komen vast te staan dat de waarde van

de baten van de nalatenschap zodanig gering is, dat er -gelet op de waarde van de schulden-

aanleiding is om de opheffing van de vereffening te bevelen.

3.2 De wet bepaalt dat deze opheffing dient te worden gepubliceerd. Nu er vrijwel geen baten zijn, wordt geoordeeld dat het in niemands belang is om daarvoor nog kosten te maken. Omdat de nalatenschap beneficiair aanvaard is zouden de kosten van publicatie voor rekening van het budget voor de rechtspraak komen, dus voor rekening van de Staat. Nu geen publicatie heeft plaatsgevonden van het vereffenaarschap en er ook verder geen dwingende noodzaak bestaat voor de -kostbare- wettelijk voorgeschreven wijze van bekendmaking (publicatie in de Staatscourant en advertentie in twee nieuwsbladen), zal deze niet worden voorgeschreven. De belanghebbenden kunnen immers ook op een andere wijze, namelijk via internet, worden geïnformeerd, hetgeen iedere belanghebbende een even goede, wellicht betere, mogelijkheid geeft om de financiële situatie van de nalatenschap te kunnen inzien. Dit brengt ook geen nieuwe kosten met zich mee. De bekendmaking van de beschikking zal plaatsvinden op rechtspraak.nl/uitspraken. Deze wijze van bekendmaking komt in de huidige tijd met internet beter tegemoet aan de bedoeling van de wetgever, dan met de publicatiemiddelen uit de tijd waarin het huidige erfrecht werd ontworpen, toen de toegang tot internet nog niet algemeen was. Verzoekers zullen daarom worden ontheven van de wettelijke publicatieplicht.

3.3 De reeds gemaakte vereffeningskosten worden vastgesteld op nihil.

3.4 De griffier zal zorg dragen voor inschrijving van de opheffing van de vereffening in het boedelregister.

4. De beslissing

De kantonrechter:

- beveelt de opheffing van de vereffening van de nalatenschap van erflater;

- stelt de reeds gemaakte vereffeningskosten vast op NIHIL;

- verstaat dat deze beschikking bekend gemaakt zal worden door plaatsing op rechtspraak.nl/uitspraken;

- wijst af hetgeen meer of anders is verzocht.

Deze beschikking is gegeven door mr. B.J.G.M. Ides Peeters, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 3 juli 2012, in tegenwoordigheid van de griffier.

Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld:

door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking is verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na de betekening van de beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.

Het beroepschrift moet door tussenkomst van een advocaat worden ingediend bij het gerechtshof te 's Hertogenbosch.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde wetgeving

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature