Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:

Inhoudsindicatie:

Verzoeker wil een manifestatiie houden op het Plein in Den Haag. Doel van de manifestatie is de in Schinveld bestaande geluidsoverlast veroorzaakt door AWACS vliegtuigen onder de aandacht te brengen van politici en bezoekers van het Plein. Tijdens de manifestatie zal het geluid van AWACS vliegtuigen worden nagebootst door middel van een geluidsinstallatie. Verweerder heeft aan verzoeker de volgende beperking opgelegd: "het is niet toegestaan om tijdens uw manifestatie op het Plein excessieve geluidsoverlast te veroorzaken zoals beschreven in uw kennisgeving (het met geluidsapparatuur nabootsen van de geluidsoverlast van een AWACS vliegtuig)." De opgelegde beperking is naar het oordeel van de voorzieningenrechter onvoldoende concreet. Uit het advies van de door de rechtbank geraadpleegde deskundige is gebleken dat, uitgaande van het totale aantal geluidsfragmenten dat verzoeker aanvankelijk wilde laten horen, er een maximaal geluidsniveau van 88 LAmax ten gehore gebracht kan worden zonder vrees voor gezondheidsschade. De voorzieningenrechter neemt het advies van de geluidsdeskundige over.

Uitspraak



VOORZIENINGENRECHTER VAN DE RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector bestuursrecht

zaaknummer: AWB 12/514

uitspraak ingevolge artikel 8:84 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) op het verzoek om een voorlopige voorziening van

[verzoeker], te [woonplaats], verzoeker

(gemachtigde: mr. M.A.R. Schuckink Kool),

tegen

de Burgemeester van Den Haag, verweerder.

I Overwegingen

1.1 Ingevolge artikel 8:81 van de Awb kan, indien tegen een besluit bij de rechtbank beroep is ingesteld dan wel, voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank, bezwaar is gemaakt of administratief beroep is ingesteld, de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

1.2 Voor zover deze toetsing meebrengt dat het geschil in de bodemprocedure wordt beoordeeld, heeft het oordeel van de voorzieningenrechter daaromtrent een voorlopig karakter en is dat niet bindend voor de beslissing in die procedure.

2.1 Op 16 januari 2012 heeft verzoeker verweerder in kennis gesteld een manifestatie

te willen houden op 26 januari 2012 op het Plein. Doel van de manifestatie is de in Schinveld bestaande geluidsoverlast veroorzaakt door AWACS vliegtuigen onder de aandacht te brengen van politici en bezoekers van het Plein. Tijdens de manifestatie zal het geluid van AWACS vliegtuigen worden nagebootst door middel van een geluidsinstallatie. Er zal een standje worden geplaatst. Voorts zullen tien tot twintig deelnemers flyers en gehoorbescherming uitdelen.

2.2 Op 19 januari 2012 is een zienswijzegesprek gevoerd. Verweerder heeft tijdens dat gesprek aangegeven voornemens te zijn een beperking op te leggen voor wat betreft de excessieve geluidsoverlast.

2.3 Bij brief van 23 januari 2012 heeft verzoeker zijn zienswijze bij verweerder ingediend.

2.4 Bij besluit van 23 januari 2012 is aan verzoeker de volgende beperking opgelegd:

"het is niet toegestaan om tijdens uw manifestatie op het Plein excessieve geluidsoverlast te veroorzaken zoals beschreven in uw kennisgeving (het met geluidsapparatuur nabootsen van de geluidsoverlast van een AWACS vliegtuig)."

2.5 Bij brief gedateerd op 20 januari 2012, verzonden per fax op 24 januari 2012, heeft verzoeker een bezwaarschrift bij verweerder ingediend. Tevens heeft verzoeker de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

2.6 Het verzoek om voorlopige voorziening is op 25 januari 2012 ter zitting behandeld. Verzoeker is in persoon verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Namens verweerder zijn mr. [X] en [Y] verschenen.

2.7 Ter zitting is gebleken dat verzoeker zijn manifestatie niet op 26 januari 2012 wenst te houden, maar op 9 februari 2012.

2.8 Naar aanleiding van het verhandelde ter zitting zijn verzoeker en verweerder nog met elkaar in overleg getreden teneinde te onderzoeken of zij in onderling overleg tot overeenstemming konden komen. Bij brieven van respectievelijk 31 januari 2012 en 1 februari 2012 hebben partijen de voorzieningenrechter geïnformeerd wat betreft het geluidsvolume geen overeenstemming te hebben bereikt.

3.1 Op 2 februari 2012 heeft de voorzieningenrechter ING. J. Koedoot, senior adviseur geluid van de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke Ordening gevraagd om advies. Aan ING. J. Koedoot is de volgende vraag voorgelegd:

"Welke voorwaarden dient de burgemeester van Den Haag te stellen om buiten twijfel te stellen dat deze demonstratie geen gehoorschade bij omstanders zal veroorzaken?"

3.2 Op 3 februari 2012 heeft ING. J. Koedoot een advies uitgebracht. Dit advies is op 6 februari 2012 aan partijen verstuurd. Partijen zijn in gelegenheid gebracht op dit advies te reageren. Van deze mogelijkheid hebben beide partijen gebruik gemaakt.

3.3 Het advies van ING. J. Koedoot luidt, samengevat, als volgt: "Op grond van wetenschappelijk onderzoek door de World Health Organisation zouden de volgende voorwaarden gesteld moeten worden om buiten twijfel gehoorschade bij omstanders te voorkomen:

* LAeq = 70 dB(A), gemeten en beoordeeld gedurende 24 uur;

* LAmax = 110 dB(A), op enig moment.

De 24 uurs norm kan ook worden vertaald naar een vergelijkbare norm voor de tijdsduur dat de vliegtuigpassages met de luidsprekers worden afgespeeld. In dat geval zal de eerste voorwaarde moeten luiden:

* LAeq = 88 dB(A), gemeten en beoordeeld gedurende de totale tijd van 22,4 minuten.

De voorwaarden moeten gelden op enige locatie waar omstanders zich kunnen bevinden.

Uit het in opdracht van eiser uitgevoerde akoestisch onderzoek is niet met zekerheid af te leiden op welke afstanden vanaf de luidsprekers aan bovengenoemde voorwaarden voor het equivalente geluidsniveau (LAeq) kan worden voldaan, maar gedacht moet worden aan enkele tientallen meters. Hierbij wordt het geluid van de luidsprekers met name in de richting van de Lange Poten en de gebouwen van de Tweede Kamer en het ministerie van Defensie geprojecteerd. In de andere richtingen is het geluidsniveau aanzienlijk lager. De voorwaarde voor het maximale geluidsniveau (LAmax) kan op 1 meter afstand van de luidspreker al gehaald worden."

4.1 In artikel 9, eerste lid, van de Grondwet wordt het recht tot vergadering en betoging erkend, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de Wet.

4.2 Ingevolge artikel 2 van de Wet Openbare Manifestaties (hierna: WOM) kunnen de bij of krachtens de bepalingen uit deze paragraaf aan overheidsorganen gegeven bevoegdheden tot beperking van het recht tot het belijden van godsdienst of levensovertuiging en het recht tot vergadering en betoging, slechts worden aangewend ter bescherming van de gezondheid, in het belang van het verkeer en ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden.

4.3 Ingevolge artikel 5, eerste lid, van de WOM kan de burgemeester naar aanleiding van een kennisgeving voorschriften en beperkingen stellen of een verbod geven.

5.1 De voorzieningenrechter overweegt het volgende. Voorop wordt gesteld dat voor wat betreft de uitoefening van het grondrecht op betoging geen dwingende onnodige belemmeringen mogen worden gesteld. Anderzijds dient te allen tijde te worden voorkomen dat als gevolg van de wijze waarop een betoging plaatsvindt de gezondheid van omstanders in gevaar komt. Verzoeker heeft aangegeven tijdens zijn manifestatie meerdere malen het geluid van een overkomend AWACS vliegtuig te willen laten horen zoals dit dagelijks in Schinveld te horen is. De geluidopnames duren minimaal 47 seconden en maximaal 113 seconden met een maximaal geluidsniveau variërend tussen de 66.2 LAmax en 109.2 LAmax. In de onderhandelingen met verweerder heeft verzoeker aangegeven, teneinde aan de bezwaren van verweerder met betrekking tot de excessieve geluidsoverlast tegemoet te komen, het aantal geluidsfragmenten te willen beperken, maar niet het geluidsvolume.

5.2 De voorzieningenrechter is van oordeel dat juist nu de geluidsoverlast veroorzaakt door AWACS vliegtuigen in Schinveld de kern van verzoekers boodschap is hij deze boodschap dient te kunnen uitdragen. Echter hierbij mag de gezondheid van omstanders geen gevaar lopen en mag verweerder hieraan beperkingen opleggen. De voorzieningenrechter is van oordeel dat de door verweerder aan verzoeker opgelegde beperking onvoldoende concreet is. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt derhalve toegewezen in die zin dat de voorwaarde inzake geluidsoverlast wordt geconcretiseerd.

5.3 Uit het advies van de door de rechtbank geraadpleegde deskundige is gebleken dat, uitgaande van het totale aantal geluidsfragmenten dat verzoeker aanvankelijk wilde laten horen, er een maximaal geluidsniveau van 88 LAmax ten gehore gebracht kan worden zonder vrees voor gezondheidsschade. De voorzieningenrechter neemt het advies van de geluidsdeskundige over. Dat verzoeker heeft aangegeven eventueel minder geluidsfragmenten te willen laten horen doet niet af aan de zojuist vastgestelde norm. De voorzieningenrechter gaat er hierbij overigens vanuit dat verzoeker in overleg met verweerder en de politie maatregelen neemt om de kans op gehoorschade bij omstanders niet alleen door bijstelling van het maximale volume weg te nemen maar ook door andere maatregelen zoals door hem zelf voorgesteld.

5.4 Met betrekking tot verweerders stelling dat bij de beoordeling van de aanvraag niet alleen naar de kans op gehoorschade dient te worden gekeken maar ook naar aspecten van openbare orde is de voorzieningenrechter van oordeel dat verweerder onvoldoende concrete aanwijzingen heeft aangegeven op grond waarvan dient te worden gevreesd dat de wijze waarop verzoeker zijn manifestatie wenst vorm te geven tot wanordelijkheden zal leiden.

6 Verweerder wordt met toepassing van artikel 8:75, eerste lid van de Awb veroordeeld in de kosten die verzoeker in verband met de behandeling van het verzoek redelijkerwijs heeft moeten maken. Deze kosten zijn op voet van het bepaalde in het Besluit proceskosten bestuursrecht vastgesteld op € 874,- (1 punt voor het verzoekschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 437,-).

II Beslissing

De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage:

1 wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe, in die zin dat verzoeker een maximaal geluidsniveau van 88 LAmax ten gehore mag brengen;

2 veroordeelt verweerder in de proceskosten ad € 874,- welke kosten verweerder aan verzoeker dient te vergoeden;

3 bepaalt dat verweerder het door verzoeker betaalde griffierecht van € 156,- vergoedt.

De uitspraak is gedaan door mr. D. Allewijn, rechter, in aanwezigheid van

mr . drs. C.M.A. Demetriadis, griffier.

De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 6 februari 2012.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan geen hoger beroep worden ingesteld.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature