Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Soort procedure:
Zaaknummer:

Inhoudsindicatie:

Verzoek tot (stiefouder)adoptie afgewezen, ondanks instemming van alle belanghebbenden, onder wie de beide minderjarige kinderen (13 en 11 jaar). De rechtbank oordeelt dat niet is komen vast te staan dat de beide kinderen niets meer van hun vader te verwachten hebben. Daarnaast oordeelt de rechtbank dat adoptie niet in het belang van de kinderen is. Ten slotte overweegt de rechtbank dat adoptie niet het enige middel is om te komen tot geslachtsnaamwijziging en gezamenlijk gezag.

Uitspraak



RECHTBANK MAASTRICHT

Sector Civiel

Datum uitspraak: 8 maart 2011

Zaaknummer: 140442 / FA RK 09-707

De meervoudige kamer, belast met de behandeling van burgerlijke zaken, heeft de navolgende beschikking gegeven inzake:

[verzoeker],

verzoeker, verder te noemen: de stiefvader,

wonende te [adres],

advocaat mr. J.J.H.S. Thomassen

Belanghebbenden:

-[de moeder], wonende te [adres], hierna te noemen de moeder

-[de vader], wonende te [adres], hierna te noemen de vader

Betrokken minderjarigen:

- [minderjarige 1], geboren te [geboortegegevens]

- [minderjarige 2], geboren te [geboortegegevens].

Wederom gezien de stukken, waaronder thans ook de beschikking van 20 november 2009 van deze rechtbank.

1. Het verder verloop van de procedure

De raad voor de kinderbescherming, hierna de raad, heeft op 30 september 2010 een rapport uitgebracht.

De minderjarige [minderjarige 1] heeft zijn mening nog schriftelijk kenbaar gemaakt bij schrijven van 12 december 2010.

De behandeling is door de enkelvoudige kamer voortgezet ter zitting van 18 januari 2011.

De rechtbank heeft na afloop van de mondelinge behandeling de zaak verwezen naar de meervoudige kamer.

2. Het verzoek

Ter zitting van 18 januari 2011 heeft de stiefvader gepersisteerd bij zijn verzoek tot adoptie. De stiefvader en de moeder hebben aangegeven in te stemmen met het rapport van de raad. Zij stellen dat de kinderen weten waarover zij het hebben; de kinderen willen niet alleen gevoelsmatig maar ook feitelijk onderdeel uitmaken van het gezin.

De vader heeft nogmaals aangegeven dat hij akkoord gaat met de gevraagde adoptie.

Met betrekking tot de in het rapport van de raad verwoorde mening van de kinderen stelt de vader dat van de kinderen niet anders verwacht kan worden; hij heeft de kinderen al zes jaar niet gezien.

In zijn voornoemd rapport stelt de raad dat de beide kinderen zich leeftijdsadequaat ontwikkelen. De stiefvader is geleidelijk onderdeel gaan uitmaken van het gezin; de kinderen zien hem als hun vaderfiguur en zij hebben geen behoefte aan contact met hun vader.

De kinderen hanteren in de praktijk de naam [K.], maar zij ondervinden incidenteel hinder van het feit dat zij officieel [M.] heten. In de beleving van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] maken zij pas echt onderdeel van het gezin uit als zij allemaal dezelfde achternaam hebben.

De raad heeft geadviseerd dat het in het belang van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] is, voor hun gevoel van saamhorigheid, dat het verzoek tot adoptie wordt ingewilligd.

3. Beoordeling:

Bij tussenbeschikking van 20 november 2009 heeft de rechtbank, gelet op artikel 1:227 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek (BW) overwogen dat vooralsnog niet is komen vast te staan dat de adoptie in het kennelijk belang van de kinderen is. Evenmin, zo heeft de rechtbank overwogen, staat vast noch is voor de toekomst redelijkerwijs te voorzien dat de kinderen niets meer van hun vader te verwachten hebben. Daarom heeft de rechtbank advies van de raad gevraagd.

In zijn rapport concludeert de raad dat de adoptie in het belang van de kinderen is.

De raad laat zich niet uit over de vraag of de kinderen nog iets van hun vader te verwachten hebben.

Ten aanzien van die vraag of de kinderen nu en in de toekomst nog iets van hun vader te verwachten hebben overweegt de rechtbank als volgt:

Dit criterium is als grond voor toewijzing van een adoptieverzoek aan artikel 1:227 lid 3 BW toegevoegd bij de wetswijziging van 21 december 2000. In de memorie van toelichting wordt hierover gezegd: “ in alle gevallen dienen de gevolgen van adoptie slechts in te treden als het kind van zijn oorspronkelijke ouders niets meer te verwachten heeft. Uitgangspunt is derhalve dat de familieband met de oorspronkelijke ouders in zoveel mogelijk gevallen blijft bestaan. Dit criterium is passend gelet op de voorzichtigheid waarmee adoptie dient te worden benaderd.”

Verder wordt in de memorie van toelichting aangegeven dat het niet gaat om de vraag of het kind met zijn oorspronkelijke ouders in het geheel geen feitelijke contacten meer heeft of zal krijgen. Van belang is of het kind wel of niet kan verwachten dat de ouders nog inhoud kunnen geven aan het ouderschap. Slechts indien vaststaat dat het kind ten aanzien van zijn oorspronkelijke ouders niets te verwachten heeft, zal aan het nieuwe criterium voor adoptie zijn voldaan.

Uit het rapport van de raad blijkt dat de vader ten tijde van het huwelijk en in de jaren na de echtscheiding aan alcohol verslaafd was en dat dit de belangrijkste reden van de scheiding maar ook van het stopzetten van de omgangsregeling was.

Uit het rapport begrijpt de rechtbank dat de kinderen nooit uit de gedachten van de vader zijn geweest, maar dat de vader omwille van de rust van de kinderen ervoor gekozen heeft om geen (juridische) strijd over omgang te voeren en om zich neer te leggen bij de nieuwe gezinssituatie van de kinderen.

De raad beschrijft verder: “vanuit vader voelt het feit dat hij zijn kinderen niet van kortbij heeft kunnen zien opgroeien als een situatie ontstaan uit onmacht en zeker niet uit onwil vanuit zijn kant.”

Ten slotte heeft de vader aangegeven dat hij de tijd niet kan terugdraaien, maar dat hij is afgekickt en dat hij [minderjarige 1] en [minderjarige 2] nu wel iets te bieden heeft.

Op grond van dit alles en mede in aanmerking genomen de door de rechtbank als oprecht waargenomen emoties die vader ter zitting van 23 oktober 2009 toonde, oordeelt de rechtbank dat niet is komen vast te staan dat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] niets meer van hun vader te verwachten hebben.

Dit oordeel doet niets af aan de mening van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] dat hun vader genoeg kansen heeft gehad.

Ten aanzien van de vraag of adoptie in het kennelijk belang van de kinderen is, zoals bedoeld in artikel 1:227 lid 3 BW , overweegt de rechtbank als volgt:

Het gegeven dat alle belanghebbenden instemmen met adoptie is op zich geen grond voor toewijzing van het verzoek.

Door adoptie worden de bloedbanden van de kinderen met hun vader definitief doorgesneden. Daarom acht de rechtbank het nodig om niet alleen de actuele situatie maar ook de toekomstige situatie te beschouwen. Niet alleen dient gelet te worden op de positie die de kinderen door adoptie verkrijgen, maar ook op datgene wat de kinderen door adoptie verliezen.

De wens van de beide kinderen om volledig bij het gezin te horen waarin zij opgroeien is zeker begrijpelijk. Uit de raadsrapportage blijkt dat de kinderen weinig positieve herinneringen aan hun vader hebben en dat zij teleurgesteld zijn in hun vader. In hun beleving is er, zo stelt de raad, in deze fase van hun leven, geen ruimte voor contactherstel met hun vader.

De rechtbank leidt uit de verklaringen van de kinderen en uit de rapportage van de raad af dat de adoptiewens van de kinderen wordt ingegeven enerzijds door boosheid en teleurstelling over de vader en anderzijds door het graag officieel willen horen bij het huidige gezin.

Deze gevoelens zijn naar het oordeel van de rechtbank passend bij de huidige leeftijd van de kinderen. De rechtbank vraagt zich echter af of [minderjarige 1] en [minderjarige 2] ook op 16-17 jarige of latere leeftijd, als het gezin een minder belangrijke rol in die fase van hun leven gaat spelen, als contacten buiten het gezin voor hen een grotere rol gaan spelen en als zij meer levenservaring krijgen, nog steeds diezelfde mening hebben.

Door adoptie verliezen de kinderen feitelijk de mogelijkheid om die mening te herzien en dat acht de rechtbank niet in hun belang. Door adoptie verliezen zij de familierechtelijke betrekking met hun vader, terwijl die vader aangeeft dat hij de kinderen wel iets te bieden heeft.

Tenslotte overweegt de rechtbank dat in de memorie van toelichting bij de wet van 21 december 2000 wordt gesteld dat adoptie in veel gevallen niet meer strikt noodzakelijk is omdat er een adequaat alternatief beschikbaar is om het gezinsleven van het kind met zijn feitelijke verzorgers te beschermen.

Uit de verklaringen van de kinderen, uit de raadsrapportage en uit de brief van [minderjarige 1] leidt de rechtbank af dat het vormen van een gezin en het voeren van de geslachtsnaam [K.] voor de kinderen erg belangrijk is. Adoptie is niet het enige middel om tot dit doel te komen. Gezamenlijk gezag van de moeder en de stiefvader behoort tot de mogelijkheden en ook is geslachtsnaamwijziging mogelijk. Dat deze mogelijkheden tot nog toe niet zijn benut en dat wellicht op dit moment nog niet aan de voorwaarden daarvoor kan worden voldaan, kan niet tot de conclusie leiden dat daarom adoptie moet worden uitgesproken.

Derhalve komt de rechtbank tot het oordeel dat de gronden voor adoptie niet aanwezig zijn en dat het verzoek dient te worden afgewezen.

5. Beslissing

De rechtbank:

Wijst het verzoek tot adoptie af.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.E. Salemans, voorzitter, mr. W.M.A.E. Cornuit en mr. L.M.I.A. Bregonje, kinderrechters, en in het openbaar uitgesproken op 8 maart 2011 door mr. M.E. Salemans voornoemd, in tegenwoordigheid van de griffier.

Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:

a. door de verzoekende partij en degenen aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden, binnen 3 maanden na de dag van de uitspraak;

b. door andere belanghebbenden binnen 3 maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature