Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Instantie:
Vindplaats:

Inhoudsindicatie:

Verzoeker verzoekt de adoptie uit te spreken van het meerderjarige kind van zijn echtgenote door hem. De biologische vader van het kind voert gemotiveerd verweer. De rechtbank stelt vast dat niet is voldaan aan de in artikel 1:228 lid 1 onder a BW gestelde voorwaarde. Het kind was meerderjarig op het moment dat verzoeker het verzoek tot adoptie bij de rechtbank heeft ingediend. Onder omstandigheden kan een weigering om een adoptie toe te staan een inbreuk op artikel 8 EVRM met zich brengen. In dat geval dient sprake te zijn van zeer bijzondere omstandigheden die een terzijdestelling van de dwingendrechtelijke bepaling van artikel 1:228 lid 1 onder a BW rechtvaardigen. De rechtbank is van oordeel dat de door verzoeker aangevoerde redenen niet zijn aan te merken als dergelijke zeer bijzondere omstandigheden. De rechtbank wijst het verzoek af.

Uitspraak



beschikking

RECHTBANK ARNHEM

Sector Familie en Jeugd

Zaakgegevens: [nummer]

Datum uitspraak: 7 september 2010

beschikking adoptie

in de zaak van

[verzoeker] (nader te noemen: verzoeker),

wonende te [woonplaats], gemeente [gemeente],

advocaat mr. drs. A.M. Slootweg te Veenendaal,

tegen

[verweerder] (nader te noemen: verweerder),

wonende te [woonplaats],

advocaat mr. L. de Groot te Leusden.

Het verloop van de procedure

Gezien de stukken, waaronder:

- het verzoekschrift, met bijlagen, ingekomen ter griffie op 31 december 2009;

- een brief, met bijlage, van mr. drs. A.M. Slootweg van 22 april 2010;

- het verweerschrift, met bijlagen, van 28 juli 2010.

- een brief, met bijlage, van 11 augustus 2010 van mr. N.P. Barské-Gelling, kantoorgenoot van mr. drs. A.M. Slootweg.

Gehoord ter zitting van 16 augustus 2010:

- verzoeker, bijgestaan door mr. N.P. Barské-Gelling;

- [moeder], echtgenote van verzoeker, (nader te noemen: de moeder);

- verweerder, bijgestaan door mr. L. de Groot;

- [dochter] (nader te noemen: [dochter]);

- mevrouw A. van der Veldt, als zittingsvertegenwoordigster van de Raad voor de

kinderbescherming (nader te noemen: de Raad).

De feiten

Verweerder en de moeder zijn op [datum] te [plaats] met elkaar gehuwd. Tijdens het huwelijk is bij de moeder een zwangerschap ontstaan.

Bij beschikking van de rechtbank Rotterdam van [datum] is onder meer de echtscheiding tussen verweerder en de moeder uitgesproken. De beschikking echtscheiding is op [datum] ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente [gemeente].

Uit de overgelegde uittreksels van de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens blijkt dat verzoeker en de moeder sinds [datum] samenleven. Op [datum] zijn zij met elkaar gehuwd.

Op [geboortedatum] is te [geboorteplaats] uit de moeder geboren [de dochter]. Verweerder is de juridische en biologische vader van [de dochter]. De moeder en verzoeker dragen sinds de geboorte gezamenlijk zorg voor de verzorging en opvoeding van [de dochter].

Bij Koninklijk Besluit van [datum] is de geslachtsnaam van [de dochter] gewijzigd van [achternaam verweerder] in [achternaam verzoeker].

Het verzoek

Verzoeker verzoekt de rechtbank de adoptie uit te spreken van [de dochter] door hem. Daarnaast verzoekt hij vermelding van de adoptie in de registers van de burgerlijke stand te gelasten.

Het verweer

Verweerder verzoekt de rechtbank verzoeker niet-ontvankelijk te verklaren, althans het verzoek af te wijzen.

Verweerder legt aan zijn verzoek ten grondslag dat aan drie voorwaarden die vereist zijn voor adoptie niet is voldaan. Verweerder stelt daartoe dat [de dochter] ten tijde van het indienen van het verzoek niet minderjarig was, waardoor niet is voldaan aan het vereiste van artikel 1:228 lid 1 onder a van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW). Daarnaast is niet voldaan aan de voorwaarde van artikel 1:228 lid 1 onder d BW, nu verweerder bezwaar heeft tegen de adoptie. Tenslotte is niet voldaan aan het vereiste van artikel 1:227 lid 3 BW dat vaststaat en voor de toekomst redelijkerwijs te voorzien is dat [de dochter] niets meer van hem in de hoedanigheid van ouder te verwachten heeft.

De beoordeling

Verzoeker is ontvankelijk in zijn verzoek, nu aan de in artikel 1:227 lid 2 BW gestelde samenlevingstermijn is voldaan.

Het verzoek tot adoptie kan ingevolge artikel 1:227 lid 3 BW alleen worden toegewezen indien de adoptie in het kennelijk belang van het kind is, op het tijdstip van het verzoek tot adoptie vaststaat en voor de toekomst redelijkerwijs te voorzien is dat het kind niets meer van zijn ouder of ouders in de hoedanigheid van ouder te verwachten heeft en aan de voorwaarden van artikel 1:228 BW wordt voldaan.

Uit artikel 1:228 lid 1 onder a BW volgt dat een van de voorwaarden voor adoptie is dat het kind op de dag van het eerste verzoek minderjarig is, en dat het kind, indien het op de dag van het verzoek twaalf jaren of ouder is, ter gelegenheid van zijn verhoor niet van bezwaren tegen toewijzing van het verzoek heeft doen blijken

De rechtbank stelt vast dat niet is voldaan aan de in artikel 1:228 lid 1 onder a BW gestelde voorwaarde. Vast staat dat [de dochter] meerderjarig was op [datum verzoek], het moment dat verzoeker het verzoek tot adoptie bij de rechtbank heeft ingediend.

Verzoeker voert aan dat sprake is van bijzondere omstandigheden die rechtvaardigen dat de adoptie, ondanks de meerderjarigheid van [de dochter], wordt uitgesproken en beroept zich op de bescherming van het recht op familieleven als bedoeld in artikel 8 van het Europees Verdrag van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM). Verzoeker verwijst in het bijzonder naar de uitspraak van het gerechtshof Amsterdam van 16 maart 2000 (LJN: AA5155). Daarnaast verwijst verzoeker naar de uitspraken van de rechtbank Groningen van 17 februari 2004 (FJR 2004/67), rechtbank Alkmaar van 18 februari 2004 (FJR 2004/82) en rechtbank Maastricht van 21 september 2007 (LJN: BB4623) waaruit blijkt dat adoptie van een minderjarige is toegestaan. Gesteld wordt dat er sociaal en emotioneel een ouder-kind relatie tot stand is gekomen en dat middels adoptie de juridische status van [de dochter] daarmee in overeenstemming dient te worden gebracht, zodat zij ook juridisch dezelfde positie inneemt als de twee kinderen die zijn geboren uit het huwelijk van verzoeker en de moeder. Een weigering adoptie toe staan zou een ongeoorloofde inmenging op het recht van verzoeker en [de dochter] op ongestoorde inrichting van hun familie- en gezinsleven opleveren.

Uit het verhandelde ter zitting is de rechtbank gebleken dat op het moment dat [de dochter] 16 jaar oud was verzoeker en de moeder met elkaar hebben gesproken over de mogelijkheid van adoptie van [de dochter] door verzoeker. [de dochter] is door hen niet bij dit gesprek betrokken en verzoeker en de moeder hebben daarover geen contact met verweerder opgenomen. De reden dat verzoeker toentertijd geen verzoek heeft ingediend, was gelegen in het feit dat hij en de moeder verwachtten dat verweerder niet zou kunnen instemmen met het verzoek en dat het te veel onrust zou geven. Verzoeker heeft thans het verzoek gedaan, omdat bij [de dochter] de wens is ontstaan door hem geadopteerd te worden. Deze wens is bij [de dochter] ontstaan nadat bij haar de mogelijkheid van adoptie bekend werd tijdens haar studie rechten.

De rechtbank stelt voorop dat het recht op adoptie als zodanig niet behoort tot één van de door het EVRM beschermde rechten. Onder omstandigheden kan een weigering om een adoptie toe te staan een inbreuk op artikel 8 EVRM met zich mee brengen. In dat geval dient sprake te zijn van zeer bijzondere omstandigheden die een terzijdestelling van de dwingendrechtelijke bepaling van artikel 1:228 lid 1 onder a BW rechtvaardigen.

De rechtbank is van oordeel dat de door verzoeker aangevoerde redenen niet zijn aan te merken als zeer bijzondere omstandigheden die een uitzondering op het vereiste van artikel 1:228 lid 1 onder a BW rechtvaardigen. Daarbij neemt de rechtbank met name in aanmerking dat verzoeker op de hoogte was van de mogelijkheid een adoptieverzoek in te dienen, maar om hem moverende redenen ervoor heeft gekozen dit niet eerder te doen. Niet is gebleken dat het niet mogelijk voor verzoeker is geweest om het verzoek tijdig, vóórdat [de dochter] meerderjarig werd, in te dienen. De inhoud van de door verzoeker aangehaalde jurisprudentie doet aan het voorgaande niet af, nu deze jurisprudentie, anders dan verzoeker stelt, betrekking heeft op situaties die in feitelijk opzicht van de onderhavige zaak verschillen.

Het zou de rechtsvormende taak van de rechter ver te buiten gaan indien de rechtbank in de onderhavige zaak het verzoek zou toewijzen en de adoptie van de meerderjarige [dochter] zou uitspreken. De wetgever heeft er uitdrukkelijk voor gekozen alleen adoptie van minderjarigen toe te staan, vanuit de gedachte dat adoptie een maatregel van kinderbescherming is. Bij de herziening van de wetgeving met betrekking tot adoptie op 1 januari 2009 heeft de wetgever er niet voor gekozen het uitgangspunt dat adoptie een kinderbeschermingsmaatregel is, los te laten.

Nu niet wordt voldaan aan de voorwaarde van artikel 1:228 lid 1 onder a BW komt de rechtbank niet toe aan de beoordeling van de andere voorwaarden die de wet aan adoptie stelt. Gelet op het voorgaande zal de rechtbank het verzoek afwijzen.

De beslissing

De rechtbank

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven door mr. I. de Waal-van Wessem, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. A.R. Moons als griffier en in het openbaar uitgesproken op 7 september 2010.

Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:

- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof te Arnhem.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature