Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Vindplaats:

Inhoudsindicatie:

1. Het hof veroordeelt verdachte ter zake van art. 8, tweede lid, aanhef en onder a, WVW 1994 tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twee weken, een geldboete van € 750,- en een rijontzegging voor de duur van 10 maanden.

2. Artikel 9, tweede lid, WVW 1994 . Niet blijkt dat de kennisgeving met betrekking tot de ongeldigverklaring van het rijbewijs van verdachte aan het juiste woonadres van verdachte is verzonden, zodat niet kan worden bewezen dat verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat het op zijn naam gestelde rijbewijs ongeldig was verklaard, zodat verdachte moet worden vrijgesproken.

Uitspraak



Parketnummer: 24-000821-09

Parketnummer eerste aanleg: 17-756104-08

Arrest van 30 augustus 2010 van het gerechtshof te Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Leeuwarden van 30 januari 2009 in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren op [1964] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

niet ter terechtzitting verschenen.

Het vonnis waarvan beroep

De politierechter in de rechtbank Leeuwarden heeft de verdachte bij het vonnis wegens misdrijven veroordeeld tot een straf en een bijkomende straf, zoals in dat vonnis omschreven.

Gebruik van het rechtsmiddel

De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep

Het hof heeft verstek verleend tegen de niet verschenen verdachte.

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte ter zake van het onder 1 en 2 tenlastegelegde zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van vier weken en tot een onvoorwaardelijke rijontzegging voor de duur van tien maanden.

De beslissing op het hoger beroep

Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:

1. hij op of omstreeks 14 september 2008 te of bij [plaats], (althans) in de gemeente [gemeente], in elk geval in Nederland, als bestuurder van een voertuig, (personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte van zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994 , 525 microgram, in elk geval hoger dan 220 microgram, alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn;

2. hij op of omstreeks 14 september 2008 te of bij [plaats], (althans) in de gemeente [gemeente], in elk geval in Nederland, terwijl hij wist of redelijkerwijs moest weten dat een op zijn naam gesteld rijbewijs voor een of meer categorieën van motorrijtuigen, te weten categorie B, ongeldig was verklaard en aan hem daarna geen ander rijbewijs voor het besturen van een motorrijtuig van de betrokken categorie of categorieën was afgegeven, op de weg, [straat], als bestuurder een motorrijtuig, (personenauto), van die categorie of categorieën heeft bestuurd.

Vrijspraak

Nu uit de dossierstukken niet blijkt dat de kennisgeving van 11 augustus 2008 met betrekking tot de ongeldigverklaring van het rijbewijs van verdachte aan het juiste woonadres van verdachte is verzonden, acht het hof niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 14 september 2008 wist of redelijkerwijs moest weten dat het op zijn naam gestelde rijbewijs ongeldig was verklaard, zodat hij van hetgeen onder 2 is ten laste gelegd moet worden vrijgesproken.

Bewezenverklaring

Het hof acht bewezen dat:

1. hij omstreeks 14 september 2008 in de gemeente [gemeente], als bestuurder van een voertuig, (personenauto), dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte van zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994 , 525 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn.

Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.

Kwalificatie

Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:

1.overtreding van artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wegenverkeerswet 1994 .

Strafbaarheid

Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.

Strafmotivering

Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het rijden op de openbare weg in een motorrijtuig na het gebruik van alcoholhoudende drank. Het ademalcoholgehalte van de verdachte was op dat moment beduidend hoger dan de toegestane 220 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht, te weten 525 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht.

Door dit gedrag heeft de verdachte de verkeersveiligheid, daaronder begrepen de veiligheid van zijn medeweggebruikers, in gevaar gebracht en zijn verantwoordelijkheid als verkeersdeelnemer veronachtzaamd.

Het hof heeft bij de straftoemeting acht geslagen op de oriëntatiepunten voor straftoemeting art. 8 tweede lid, WWV 1994 en op het de verdachte betreffende uittreksel uit de justitiële documentatie van 20 januari 2010. Gelet hierop, is de oplegging van een onvoorwaardelijke geldboete van € 650,- en een onvoorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid in beginsel passend.

Het hof betrekt echter in de straftoemeting ook het feit dat verdachte in het jaar voorafgaand aan het in deze zaak bewezen verklaarde feit twee maal onherroepelijk is veroordeeld ter zake van rijden onder invloed. De laatste veroordeling is zelfs uitgesproken binnen vier weken voor de pleegdatum van het onderhavige feit. Daarnaast blijkt uit het voornoemde uittreksel dat verdachte ten tijde van het plegen van het onderhavige feit nog in een proeftijd liep van een aan hem eerder dat jaar onherroepelijk opgelegde voorwaardelijke rijontzegging. Verdachte laat zich aan dergelijke rechterlijke uitspraken blijkbaar niets gelegen liggen.

Het hof ziet hierin aanleiding verdachte de na te noemen straf op te leggen.

Toepassing van wetsartikelen

Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 8, 176 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994 , zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

De uitspraak

HET HOF,

RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP bij verstek:

vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:

verklaart het verdachte onder 2 ten laste gelegde niet bewezen en spreekt hem daarvan vrij;

verklaart het verdachte onder 1 ten laste gelegde bewezen, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld onder 1 meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;

veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van twee weken;

beveelt, dat de gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond, dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt;

een geldboete van zevenhonderdvijftig euro;

beveelt dat vervangende hechtenis voor de duur van vijftien dagen zal worden toegepast, indien noch volledige betaling noch volledig verhaal van het verschuldigde bedrag volgt;

ontzegt aan de veroordeelde ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde feit de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de tijd van tien maanden.

Dit arrest is aldus gewezen door mr. P.J.M. van den Bergh, voorzitter, mr. J. Hielkema en mr. P. Greve, in tegenwoordigheid van mr. M.J. Kuiper als griffier.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature