Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Bij besluit van 22 januari 2010 heeft het hoofdstembureau voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad van de gemeente Ermelo (hierna: het hoofdstembureau) de op 19 januari 2010 ingediende kandidatenlijsten geldig verklaard en de daarop aangegeven namen gehandhaafd.

Uitspraak



201000820/1/H2.

Datum uitspraak: 1 februari 2010

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant], wonend te [woonplaats],

en

het hoofdstembureau voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad van de gemeente Ermelo,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 22 januari 2010 heeft het hoofdstembureau voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad van de gemeente Ermelo (hierna: het hoofdstembureau) de op 19 januari 2010 ingediende kandidatenlijsten geldig verklaard en de daarop aangegeven namen gehandhaafd.

Tegen dit besluit heeft [appellant] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 24 januari 2010, beroep ingesteld.

Het hoofdstembureau heeft een verweerschrift ingediend.

De Kiesraad heeft op de voet van artikel 8:45 van de Algemene wet bestuursrecht inlichtingen verschaft.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 28 januari 2010, waar [appellant], in persoon en bijgestaan door [gemachtigde], en het hoofdstembureau, vertegenwoordigd door mr. V.A. Textor, advocaat te Arnhem, zijn verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Ingevolge artikel H 1, eerste lid, van de Kieswet kunnen op de dag van de kandidaatstelling bij de voorzitter van het hoofdstembureau of bij het door deze aan te wijzen lid van dat bureau, op de secretarie van de gemeente waar dit bureau is gevestigd, van negen tot vijftien uur, kandidatenlijsten worden ingeleverd. Ten minste drie weken voor de kandidaatstelling brengt de burgemeester van elke gemeente dit ter openbare kennis.

Ingevolge het tweede lid, wordt bij algemene maatregel van bestuur geregeld waar en wanneer de formulieren voor de kandidatenlijsten, kosteloos, voor de kiezers verkrijgbaar zijn. Bij ministeriële regeling wordt voor het formulier een model vastgesteld.

Ingevolge artikel H 3, tweede lid, kan aan degene die de lijst inlevert door de gemachtigde, bedoeld in het derde lid van de artikelen G 1, G 2 of G 3, de bevoegdheid worden verleend boven de lijst de aanduiding van de desbetreffende groepering te plaatsen, zoals deze door het centraal stembureau is geregistreerd. Een verklaring van de gemachtigde waaruit deze bevoegdheid blijkt, wordt bij de lijst overgelegd.

Ingevolge artikel H 8 wordt de wijze waarop kandidaten op de lijst worden vermeld, geregeld bij algemene maatregel van bestuur.

Ingevolge artikel H 9 wordt bij de lijst een schriftelijke verklaring van iedere daarop voorkomende kandidaat dat hij instemt met zijn kandidaatstelling op deze lijst overgelegd.

Ingevolge artikel I 1, eerste lid, houdt het hoofdstembureau op de dag van de kandidaatstelling, om zestien uur, een zitting tot het onderzoeken van de kandidatenlijsten.

Ingevolge artikel I 2, eerste lid, aanhef en onder i, geeft het hoofdstembureau, indien bij het onderzoek blijkt van een of meer van de volgende verzuimen, onverwijld bij aangetekende brief of tegen gedagtekend ontvangstbewijs kennis aan degene die de lijst heeft ingeleverd:

[…]

i. dat een verklaring, bedoeld in het tweede of derde lid van artikel H 3, ontbreekt.

Ingevolge artikel I 4 beslist het hoofdstembureau op de derde dag na de kandidaatstelling in een openbare zitting die om zestien uur aanvangt, over de geldigheid van de lijsten en over het handhaven van de daarop voorkomende kandidaten, alsmede over het handhaven van de daarboven geplaatste aanduiding van een politieke groepering, en maakt deze beslissingen op de zitting bekend.

Ingevolge artikel I 5 is ongeldig de lijst:

a. die niet op de dag van de kandidaatstelling tussen negen en vijftien uur bij de voorzitter van het hoofdstembureau of het door deze aangewezen lid is ingeleverd;

b. waarbij, indien ten behoeve van de lijst een waarborgsom moet worden betaald, niet gevoegd is het bewijs dat deze betaling is verricht;

c. waarbij, indien bij de lijst verklaringen van ondersteuning moeten worden overgelegd, niet ten minste het aantal geldige verklaringen, genoemd in artikel H 4, eerste lid, is overgelegd;

d. die niet voldoet aan het bij ministeriële regeling vastgestelde model;

e. die niet persoonlijk is ingeleverd door een kiezer, bevoegd tot deelneming aan de verkiezing;

f. waarbij, voor zover vereist, niet is overgelegd de verklaring van burgemeester en wethouders dat de inleveraar als kiezer is geregistreerd in hun gemeente en bevoegd is aan de verkiezing deel te nemen;

g. waarop door toepassing van artikel I 6 alle kandidaten zijn geschrapt.

Ingevolge artikel I 6, aanhef en onder a, schrapt het hoofdstembureau, in de volgorde in dit lid aangewezen, van de lijst de naam van de kandidaat die niet is vermeld overeenkomstig het bepaalde krachtens artikel H 8.

Ingevolge artikel I 6, tweede lid, aanhef en onder a, schrapt het hoofdstembureau, in de volgorde in dit lid aangewezen, de aanduiding van een politieke groepering, indien een daarop betrekking hebbende verklaring als bedoeld in het tweede of derde lid van artikel H 3 ontbreekt.

Ingevolge artikel I 8, eerste lid, kan, indien beroep is ingesteld tegen een beschikking waarbij het hoofdstembureau een lijst ongeldig heeft verklaard of de naam van een kandidaat dan wel de aanduiding van een politieke groepering heeft geschrapt op grond van een of meer van de verzuimen, vermeld in artikel I 2, eerste lid, zonder dat het hoofdstembureau tevoren overeenkomstig het in dat artikel bepaalde kennis heeft gegeven van het bestaan daarvan aan degene die de lijst heeft ingeleverd, deze het verzuim of de verzuimen alsnog herstellen ter secretarie van de Raad van State. Artikel I 2, derde tot en met zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Ingevolge het tweede lid houdt Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, indien een verzuim overeenkomstig het eerste lid is hersteld, bij haar uitspraak daarmee rekening.

Ingevolge artikel H 2, eerste lid, van het Kiesbesluit , de in de artikelen H 1 en H 8 bedoelde algemene maatregel van bestuur, wordt een kandidaat op de kandidatenlijst vermeld met naam, voorletters, geboortedatum en woonplaats. Achter de voorletters kan tussen haakjes de roepnaam van de kandidaat worden vermeld. Tevens kan het adres van de kandidaat worden vermeld.

2.2. [appellant] betoogt dat het hoofdstembureau de kandidatenlijsten van de VVD, GDU, CDA ChristenUnie en Gemeentebelangen ten onrechte niet ongeldig heeft verklaard. Daartoe voert hij aan dat de met de ondersteunende software aangemaakte kandidatenlijsten van de VVD, de GDU en Gemeentebelangen door het stembureau met pen zijn gewijzigd nadat deze zijn ingeleverd en dat op de lijst van het CDA bij de kandidaat met nummer twintig een punt ontbreekt. Voorts voert hij aan dat de kandidatenlijst van de VVD niet geldig is, omdat na ondertekening van het machtigingsformulier tot het plaatsen van de aanduiding VVD boven de kandidatenlijst, de lijst met kandidaten boven de ondertekening is geplakt, zodat geen sprake is van een origineel formulier. Ten slotte voert hij aan dat een van de instemmingsverklaringen van een kandidaat van de ChristenUnie ongedateerd is en dat op een andere instemmingsverklaring de datum 13 februari 2010 is vermeld, zodat deze instemmingsverklaringen moeten worden geacht te ontbreken.

2.2.1. Zoals ook de Kiesraad in zijn inlichtingen aangeeft, kunnen politieke groeperingen, hoofdstembureaus en centrale stembureaus voor het opmaken van de kandidaatstelling en de vaststelling van de uitslag gebruik maken van ondersteunende software, maar is het gebruik van software niet verplicht gesteld in de Kieswet en is de kandidatenlijst zoals deze op papier wordt ingediend bepalend voor de geldigheid ervan. De klacht van [appellant], dat in de kandidatenlijsten wijzigingen met pen zijn aangebracht kan op zichzelf niet leiden tot het oordeel dat deze lijsten ongeldig moeten worden verklaard of dat de kandidaten waarbij in de tenaamstelling verbeteringen van kennelijke schrijffouten met pen zijn aangebracht moeten worden geschrapt.

Het hoofdstembureau heeft toegelicht dat de desbetreffende politieke partijen bij controle van de kandidatenlijsten door ambtenaren van de gemeente Ermelo voorafgaand aan de dag van kandidaatstelling, de wijzigingen hebben aangebracht. Nu [appellant] het tegendeel niet aannemelijk heeft gemaakt en geen aanleiding bestaat aan deze gang van zaken te twijfelen, bestaat in zoverre geen grond voor het oordeel dat het hoofdstembureau de lijsten ongeldig had moeten verklaren, dan wel de desbetreffende kandidaten van de lijst had moeten schrappen.

2.2.2. Dat op de lijst van het CDA een kandidaat is vermeld met een initiaal zonder dat daarachter een punt is vermeld, maakt niet dat deze kandidaat daarmee niet overeenkomstig artikel H 8 van de Kieswet en artikel H 2 van het Kiesbesluit is vermeld, nu deze artikelen slechts voorschrijven dat de voorletters worden vermeld.

2.2.3. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 23 oktober 2006 in zaak nr. 200607603/1) heeft het vereiste van een instemmingsverklaring ten doel te voorkomen dat personen tegen hun wil op een kandidatenlijst worden geplaatst. Zoals ook de Kiesraad heeft aangegeven, leidt de enkele omstandigheid dat op een van de instemmingsverklaringen van een kandidaat van de ChristenUnie geen datum is vermeld en op een andere instellingsverklaring de datum 13 februari 2010 is ingevuld, niet tot het oordeel dat deze instemmingsverklaringen niet voldoen aan de vereisten van artikel H 9 en daarom moeten worden geacht te ontbreken.

2.2.4. De verklaring bedoeld artikel H 3, tweede lid, van de Kieswet strekt ertoe aan degene die de lijst inlevert de bevoegdheid te geven boven de lijst een aanduiding van een groepering te plaatsen, zoals deze door het centraal stembureau voor, in dit geval, de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal is geregistreerd. [Gemachtigde], die gemachtigde is als bedoeld in artikel G 1, van de Kieswet , heeft bij door hem ondertekend formulier "Model H 3-1" aan [inleveraar] van de kandidatenlijst voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad van de gemeente Ermelo op woensdag 3 maart 2010, de bevoegdheid verleend boven de lijst de aanduiding VVD te plaatsen. Dat op het moment van verlening van die bevoegdheid de namen van de kandidaten nog niet op het formulier waren ingevuld en die lijst met namen later is toegevoegd door deze op de daarvoor bestemde plaats op het formulier te plakken, maakt niet dat daarmee is gehandeld in strijd met artikel H 3, tweede lid, van de Kieswet . Deze bepaling schrijft slechts voor dat een verklaring van de gemachtigde waaruit deze bevoegdheid blijkt, bij de lijst wordt overgelegd.

2.2.5. Gelet hierop faalt het betoog dat de kandidatenlijsten van de VVD, GDU, CDA ChristenUnie en Gemeentebelangen ongeldig verklaard hadden moeten worden en evenmin bestaat grond voor het oordeel dat het hoofdstembureau ten onrechte de desbetreffende kandidaten en de aanduiding VVD heeft gehandhaafd.

2.3. Het beroep is ongegrond.

2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Lubberdink, voorzitter, en mr. T.M.A. Claessens en mr. A.W.M. Bijloos, leden, in tegenwoordigheid van mr. J. Wieland, ambtenaar van Staat.

w.g. Lubberdink w.g. Wieland

voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 1 februari 2010

362.


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature