Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Rechtsgebied:
Soort procedure:
Zaaknummer:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Irak, Turkmeens, relaas ongeloofwaardig, kwetsbare minderheidsgroep, individualiseringsvereiste

Uitspraak



RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

Zaaknummers: AWB 17/7229 en AWB 17/7227

V-nummers: [nummer], [nummer] en [nummer]

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 mei 2017 in de zaak tussen

[naam], eiser,[naam], eiseres,gezamenlijk te noemen eisers,

mede namens hun minderjarige kind, geboren op [geboortedatum],

gemachtigde mr. L.J. Meijering,

en

de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder,

gemachtigde mr. N.H.T. Jansen.

Procesverloop

Bij twee afzonderlijke besluiten van 3 april 2017 (de bestreden besluiten), genomen in de algemene asielprocedure, heeft verweerder de aanvragen van eisers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ongegrond verklaard.

Eisers hebben beroep ingesteld tegen de bestreden besluiten.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 20 april 2017. Eisers zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Tevens was ter zitting aanwezig N. Alkhalidi, registertolk Arabisch. Ter zitting is het onderzoek gesloten.

Overwegingen

Eisers hebben op 30 december 2015 een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Eisers zijn van Iraakse nationaliteit en geboren op [geboortedatum], respectievelijk op [geboortedatum]. Zij hebben aan hun aanvraag ten grondslag gelegd dat zij in 2015 door de ex-verloofde van eiseres, [naam 1], een Koerd, zijn mishandeld en bedreigd. Uit vrees voor eerwraak zijn ze gevlucht.

Bij de bestreden besluiten heeft verweerder de aanvragen afgewezen als ongegrond op grond van artikel 31 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). Verweerder heeft de gestelde nationaliteit, identiteit en herkomst van eisers geloofwaardig geacht. De door eisers gestelde problemen die zij ondervonden van de zijde van [naam 1] vanwege het door eiseres verbreken van de verloving alsmede de verloving op zich, acht verweerder ongeloofwaardig. Verder behoort eiseres als Turkmeense tot een kwetsbare minderheidsgroep zoals neergelegd in hoofdstuk C2/3.3 van de Vreemdelingencirculaire 2000 (Vc) maar komt zij niet voor internationale bescherming in aanmerking omdat er geen sprake is van ‘beperkte indicaties’, die aannemelijk maken dat zij een reëel risico loopt op ernstige schade als bedoeld in artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vw . Voorts stelt verweerder zich op het standpunt dat volgens de brief van verweerder aan de Tweede Kamer van 22 februari 2017 (TK 19 637, nr. 2305) voor de provincie Ta’mim (Kirkuk) geldt dat het gebied waar sprake is van een uitzonderlijke geweldsituatie, beperkt wordt tot het district Hawija. Voor eisers, die afkomstig zijn uit de stad Kirkuk, is deze situatie niet van toepassing.

3. Eisers hebben in beroep aangevoerd dat het asielrelaas ten onrechte als ongeloofwaardig is aangemerkt. Eiseres benadrukt voorts dat zij als Turkmeense behoort tot een kwetsbare minderheidsgroep. Eiseres heeft in dit verband verklaard over enkele recente gebeurtenissen in Kirkuk, waarbij Turkmenen betrokken waren, die aan te merken zijn als beperkte indicaties, op grond waarvan aannemelijk is dat zij bij terugkeer een reëel risico loopt als bedoeld in artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vw . Eisers zijn voorts van mening dat in Kirkuk sprake is van een uitzonderlijke situatie als bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van Richtlijn 2011 /95/EU (de Definitierichtlijn). Verweerder is volgens eisers ten onrechte overgegaan tot een beleidswijziging op dit gebied zonder dat sprake is van enige verbetering in de veiligheidssituatie.

De rechtbank oordeelt als volgt.

4. Allereerst wordt vastgesteld dat eisers ter zitting desgevraagd hebben verklaard de beroepsgrond dat eiser als soennitische Arabier eveneens tot een kwetsbare minderheidsgroep zou behoren, niet te handhaven.

5. Ter beoordeling staat vervolgens of verweerder het asielrelaas van eisers als ongeloofwaardig kon aanmerken.

6. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder de gestelde relatie met [naam 1] en de daaruit voortvloeiende problemen niet ten onrechte als ongeloofwaardig aangemerkt. Daartoe wordt het volgende overwogen.

Ten eerste stelde eiseres de achternaam van [naam 1] niet te kennen, hoewel zij een maand lang verloofd waren en hij elke drie dagen op bezoek kwam. Verder heeft eiseres verklaard dat [naam 1] een Koerd was, terwijl eiseres van Turkmeense afkomst is. Eiseres wees er in haar verklaringen op dat in Kirkuk alleen Koerden rechten hebben, maar dat er geen bescherming was voor Turkmenen; hun positie was nul (rapport nader gehoor, p. 11 en 15). Dit impliceert dat een gemengd huwelijk tussen de beide bevolkingsgroepen niet vanzelfsprekend is en een weloverwogen, bewuste keuze van betrokkenen in dat geval aangewezen lijkt te zijn. Desondanks heeft eiseres verklaard dat zij instemde met de verloving met [naam 1] toen hij haar hand kwam vragen zonder dat zij hem kende en zonder bedenktijd te vragen, hoewel dit niet gebruikelijk is in het land van herkomst, aldus eiseres. Vervolgens beledigde [naam 1] eiseres en haar oma omdat hij Koerd was en zij Turkmeense en stelde hij dat Turkmenen geen rechten hebben in Irak (rapport nader gehoor, p. 4). Omdat eiseres zich slecht door [naam 1] behandeld voelde, verbrak zij na een maand de verloving waarmee [naam 1] probleemloos mee ingestemd heeft (rapport nader gehoor, p. 8). Eiseres heeft verklaard dat zij door haar alleenstaande grootmoeder is opgevoed. Op geen enkele wijze blijkt uit haar verklaringen dat zij de annulering van de verloving uitgebreid besproken heeft met haar oma. Gegeven de kwetsbare positie van alleenstaande vrouwen die geen bescherming hebben van mannelijke familieleden in Irak en de schade die de verbreking van de verloving mogelijk voor de reputatie van eiseres zou kunnen betekenen, komt dit de rechtbank weinig aannemelijk voor.

Eiseres is vervolgens twee maanden later, op 10 april 2014, getrouwd met haar huidige echtgenoot. Eisers hebben verklaard dat [naam 1] ruim een jaar later op 19 september 2015 en 6 december 2015 bij hen thuis een inval heeft gedaan en hen heeft mishandeld en bedreigd. Dat [naam 1] ten tijde van de verbreking van de verloving daar zonder meer mee instemt, maar vervolgens pas ruim een jaar later eisers mishandelt in het kader van eerwraak, terwijl er tussentijds geen enkel contact meer is geweest tussen [naam 1] en eiseres, komt de rechtbank evenmin aannemelijk voor.

Ten slotte is er ook sprake van tegenstrijdigheden in de relazen van eisers. Eiseres verklaart in eerste instantie dat [naam 1] een hoge ambtenaar bij de Asayish (veiligheidsdienst) is (rapport nader gehoor, p.4), maar vervolgens verklaart ze dat ze niet weet welke functie hij heeft bij de Asayish (rapport nader gehoor, p. 11). Eiser verklaart echter dat [naam 1] zonder rang is (rapport nader gehoor, p.14). Ook ten aanzien van de inval verklaren eisers verschillend. Eiseres heeft verklaard dat zij de deur open deed voor haar ex-verloofde (rapport nader gehoor, p. 10), terwijl eiser verklaart dat hij degene was die de deur open deed (rapport nader gehoor, p.16). Verweerder heeft deze tegenstrijdigheden terecht tegengeworpen.

7. Volgens het beleid van verweerder, neergelegd in hoofdstuk C2/3.3 van de Vc, kan de vreemdeling die behoort tot een bevolkingsgroep die in het landgebonden beleid is aangewezen als een kwetsbare minderheidsgroep, indien er sprake is van geloofwaardige en individualiseerbare verklaringen, met beperkte indicaties aannemelijk maken dat hij vreest voor ernstige schade als gevolg van daden als hier bedoeld.

8. Eiseres heeft een beroep gedaan op het beleid van verweerder neergelegd in het Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire 2017/2 alsook de IND Werkinstructie 2013/14 (hierna WI). Eiseres behoort als Turkmeense tot een kwetsbare minderheidsgroep. Eiseres heeft in beroep als geringe indicaties aangevoerd dat in maart 2017 een Turkmeense kapper, familie van de tante van eiseres en wonend in haar wijk, is vermoord. Daarnaast zijn tijdens het IS offensief in oktober 2016 vier Turkmenen uit Kirkuk vermoord. Tot slot heeft enkele weken geleden de oma van eiseres haar telefonisch verteld dat de Turkmeense buurman en zijn zoon zijn ontvoerd. Verweerder heeft op verzoek van de rechtbank ter zitting een reactie gegeven als bedoeld in artikel 83, vijfde lid, van de Vw . Verweerder bevestigt dat eiseres behoort tot een kwetsbare minderheidsgroep, maar is van mening dat, mede gelet op voornoemde WI, in het geval van eiseres niet aan het individualiseringsvereiste is voldaan.

9. De rechtbank overweegt dat uit de WI blijkt dat ook sprake kan zijn van een beperkte indicatie als mensenrechtenschendingen in de naaste omgeving van de asielzoeker hebben plaatsgevonden. Het is niet vereist dat de asielzoeker persoonlijk een behandeling heeft ondervonden die voldoet aan de omschrijving van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vw . Wat onder naaste omgeving wordt verstaan is niet vast omschreven, omdat dit per geval verschillend kan zijn. Een grote stad of provincie, waar een groot aantal personen behorend tot een minderheidsgroep woont, kan anders beoordeeld worden dan een kleine woonplaats. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich terecht op het standpunt gesteld dat de door eiseres aangevoerde beperkte indicaties wat betreft de gestelde verwantschap van eiseres met de Turkmeense kapper en de ontvoering van de buurman en zijn zoon, niet met enig bewijs onderbouwd zijn. Voor alle overige genoemde incidenten geldt dat zij niet in de nabijheid van eiseres, die afkomstig is uit Kirkuk, een grote stad, te situeren zijn. Eiseres beroept zich verder op incidenten die beschreven zijn in de algemene ambtsberichten over Irak en andere bronnen. Deze informatie bevestigt dat Turkmenen terecht als kwetsbare minderheidsgroep zijn aangemerkt, maar de incidenten kunnen niet worden aangemerkt als beperkte indicaties, omdat deze onvoldoende tot de persoon van eisers kunnen worden herleid.

10. Ten slotte hebben eisers aangevoerd dat in Kirkuk sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van de Definitierichtlijn en dat verweerder ten onrechte is overgegaan tot een beleidswijziging in die zin, dat alleen het district Hawija in Ta’mim (Kirkuk) nog is aangemerkt als 15c-gebied. De rechtbank overweegt dat uit de brief van verweerder van 22 februari 2017 aan de Voorzitter van de Tweede Kamer (TK 2016-2017, 19 637, nr. 2305) blijkt dat erkend wordt dat het overige gebied van de provincie Kirkuk niet als helemaal veilig wordt beschouwd, maar dat de mate van willekeurig geweld niet meer dermate hoog is dat burgers door hun enkele aanwezigheid in die gebieden een reëel risico lopen op ernstige schade. Verder blijkt uit het algemeen ambtsbericht van de minister van Buitenlandse Zaken over Irak van november 2016 dat de stad Kirkuk en het noordelijk en oostelijk deel van de provincie onder controle staan van de Koerden en het overige deel van de provincie onder controle staat van de federale Iraakse autoriteiten. In Hawija en aan de grenzen van de provincie wordt tegen ISIS gestreden. Naar het oordeel van de rechtbank is hiermee voldoende onderbouwd dat verweerder geen uitzonderlijke situatie meer aanneemt voor – onder meer – de stad Kirkuk. De stelling van eisers dat verweerder ten onrechte zijn beleid heeft gewijzigd, treft geen doel.

11. Gelet op het hiervoor overwogene zijn de aanvragen terecht afgewezen. De beroepen zijn ongegrond.

12. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart de beroepen ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. M.Ch. Grazell, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 1 mei 2017.

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen één week na de dag van verzending hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Afschrift verzonden aan partijen op:


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Gerelateerde advocaten

Gerelateerde advocatenkantoren

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature