Jure.nl Rechtspraak, Jurisprudentie, Rechterlijke uitspraken online
Datum uitspraak:
Datum publicatie:
Zaaknummer:
Zittingsplaats:
Instantie:

Inhoudsindicatie:

Intellectuele eigendom. Gemeenschapsmodelrecht en auteursrecht op tafel. Inbreuk? Eerder verbod in kort geding. Vraag of dwangsommen zijn verbeurd. Accountantsverklaring

Uitspraak



vonnis

RECHTBANK DEN HAAG

Team handel

Zittingsplaats Den Haag

zaaknummer / rolnummer: C/09/505985 / HA ZA 16-228

Vonnis van 26 april 2017

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

EICHHOLTZ B.V.,

gevestigd te Noordwijkerhout,

eiseres,

advocaat: mr. N.D.R. Nefkens te Amsterdam,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[gedaagde] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

gedaagde,

advocaat: mr. H.A. van Beilen te Leeuwarden.

Partijen zullen hierna verder worden aangeduid als ‘Eichholtz’ en ‘ [gedaagde] ’.

1 Procesverloop

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit het procesdossier. Hierin bevinden zich de volgende stukken:

de inleidende dagvaarding van 12 februari 2016;

de akte overlegging producties aan zijde van Eichholtz van 24 februari 2016 met producties 1 tot en met 25;

de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 12;

het tussenvonnis van 25 mei 2016 waarbij een comparitie van partijen is gelast;

de brief van mr. Nefkens van 31 oktober 2016 met als bijlage productie 26 (proceskostenoverzicht);

de faxbrief van mr. Van Beilen van 1 november 2016 met als bijlage een overzicht van de proceskosten;

het proces-verbaal van de op 2 november 2016 gehouden comparitie van partijen;

de brief van mr. Nefkens van 1 december 2016 met opmerkingen naar aanleiding van dit proces-verbaal.

1.2

Vonnis is uiteindelijk bepaald op heden.

2 De feiten

2.1

Eichholtz exploiteert een meubelgroothandel, die zich onder meer bezighoudt met het ontwerpen en produceren van meubels en interieuraccessoires. Zij verkoopt haar meubels en accessoires onder meer in Europa.

2.2

In september 2014 heeft Eichholtz op de internationale meubelbeurs Maison et Objet (M&O) te Parijs een lage (glazen) koffietafel en een hogere (glazen) bijzettafel gepresenteerd onder de naam ‘Asscher coffee table’ en ‘Asscher side table’. Deze tafels zien er als volgt uit:

2.3

Beide tafels bestaan uit een achthoekig goud- of nikkelkleurig frame in de vorm van de zogenoemde Asscher-cut, een slijpvorm voor diamanten. De tafels hebben een bovenblad van glas en een bodemplaat van marmer. De koffietafel en de bijzettafel hebben verschillende afmetingen. De koffietafel is lager en heeft een groter blad. De bijzettafel is hoger en heeft een kleiner blad. De afmetingen (lxbxh) van de coffee table zijn 100x100x41 cm en van de side table 65x65x56 cm.

2.4

Op 4 februari 2015 heeft Eichholtz het uiterlijk van de beide Asscher-tafels onder de nummers 00262812-0008 en 00262812-0009 als model laten registreren. Voor elk model zijn de bij deze registraties behorende afbeeldingen hierna weergegeven:

2.5

Ook [gedaagde] exploiteert een groothandel in meubels en interieuraccessoires, die haar producten in onder meer heel Europa verkoopt. Zij maakt daartoe onder meer gebruik van een showroom, de website [de website] en een Facebookaccount. Evenals Eichholtz is [gedaagde] (prominent) aanwezig op diverse toonaangevende internationale meubelbeurzen, waaronder de M&O in Parijs.

2.6

Tijdens de M&O van januari 2015 heeft [gedaagde] een coffee table en een side table model ‘Kimberly’ gepresenteerd. Deze tafels zijn vervolgens ook in haar showroom en op haar website en Facebookaccount te zien geweest. Hieronder is een afbeelding van deze tafels opgenomen:

2.7

Op 16 maart 2015 heeft [gedaagde] een offerte uitgebracht aan een persoon te Amsterdam voor de coffee table Kimberly.

2.8

Bij brief van 28 mei 2015 heeft mr. Nefkens [gedaagde] namens Eichholtz bericht dat met het aanbieden van de Kimberly-tafels inbreuk wordt gemaakt op de auteurs- en modelrechten van Eichholtz met betrekking tot de Asscher tafels en dat dit aanbieden ook overigens onrechtmatig jegens Eichholtz is. Mr. Nefkens heeft [gedaagde] daarom gesommeerd de fabricage, verkoop en levering van de Kimberly tafels onmiddellijk te (doen) staken alsmede een onthoudingsverklaring te tekenen. [gedaagde] heeft geen gehoor gegeven aan deze sommatie.

2.9

Eichholtz heeft [gedaagde] hierop op 16 juni 2015 gedagvaard voor de voorzieningenrechter van deze rechtbank. In dit kort geding heeft zij kort samengevat gevorderd dat [gedaagde] wordt veroordeeld (1) iedere inbreuk op haar auteursrechten en modelrechten op de Asscher tafels dan wel het slaafs nabootsen van deze tafels te staken en gestaakt te houden, (2) opgave te doen van het aantal vervaardigde, ingekochte en verkochte Kimberly tafels en de daarbij gehanteerde prijzen, (3) de verkochte Kimberly tafels terug te halen, (4) de in voorraad aanwezige Kimberly tafels en promotiematerialen af te geven ter vernietiging en (5) de met de Kimberly tafels behaalde winst af te dragen.

2.10

Bij vonnis van 14 augustus 2015 heeft de voorzieningenrechter geoordeeld dat de verhandeling van de Kimberly tafels door [gedaagde] naar zijn voorlopig oordeel inbreuk maakt op de Gemeenschapsmodelrechten van Eichholtz. In het dictum van zijn vonnis heeft hij op deze grond onder meer de volgende voorzieningen opgelegd:

5.1.

veroordeelt [gedaagde] om binnen 24 uur na betekening van dit vonnis iedere inbreuk op de Gemeenschapsmodelrechten op de bijzettafel en koffietafel Asscher van Eichholtz te (doen) staken en gestaakt te (doen) houden, en verbiedt [gedaagde] in het bijzonder tafels die bij de geïnformeerde gebruiker geen andere algemene indruk wekken dan de in dit geding bedoelde Gemeenschapsmodellen te (doen) fabriceren en/of te (doen) aanbieden en/of te (doen) verhandelen en/of in voorraad te (doen) houden en/of te (doen) verkopen en/of te (doen) leveren en/of te (doen) exporteren en/of te (doen) verhuren en/of te (doen) lenen en/of onder welke titel dan ook in het verkeer te (doen) brengen, zulks in alle landen van de Europese Unie en op straffe van een dwangsom van € 10.000,- per overtreding of per dag, zulks ter keuze van Eichholtz, met een maximum van € 500.000,-;

De gevorderde afgifte tot vernietiging van de in voorraad gehouden of teruggehaalde tafels en promotiematerialen heeft de voorzieningenrechter afgewezen op de grond dat dit een onomkeerbare maatregel betreft en dat er geen specifieke omstandigheden zijn gesteld die een dergelijke maatregel noodzakelijk en spoedeisend maken. De termijn als bedoeld in artikel 1019i van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) heeft de voorzieningenrechter gesteld op zes maanden.

2.11

Tegen dit vonnis is geen hoger beroep ingesteld.

2.12

Op 17 augustus 2015 heeft Eichholtz voornoemd vonnis aan [gedaagde] laten betekenen. [gedaagde] heeft hierop de proceskosten aan Eichholtz voldaan en in een e-mail van 29 september 2015 opgave gedaan van de door haar ingekochte en verkochte Kimberly tafels. In deze e-mail heeft [gedaagde] bericht dat zij in totaal twaalf tafels heeft laten fabriceren en dat zij daarvan geen enkele heeft verkocht, zodat zij twaalf tafels in voorraad heeft.

2.13

Op de Facebookpagina en de website van [gedaagde] zijn tussen 15 en 22 september 2015 foto’s vindbaar geweest met daarop afbeeldingen van de Kimberly tafels. Screenshots van die pagina’s zijn hieronder weergegeven:

2.14

Van 4 tot en met 8 september 2015 heeft [gedaagde] in haar stand op de M&O-beurs twee nieuwe tafels tentoongesteld, te weten de ‘end table Emerald’ en de ‘coffee table Emerald’. Schematisch weergegeven, zien deze tafels er als volgt uit:

2.15

De afmetingen (lxbxh) van de end table Emerald zijn 65x65x45 cm en die van de coffee table Emerald 100x100x41 cm. Afbeeldingen van de door [gedaagde] op de M&O getoonde Emerald-tafels (met bruine marmeren bodemplaat en een rookkleurige glazen bovenplaat) zijn hierna weergegeven:

2.16

[gedaagde] heeft het model van de beide Emerald-tafels op 17 augustus 2015 gedeponeerd als Benelux-model. De modellen zijn vervolgens op 25 september 2015 ingeschreven onder de nummers 40500-01 (end table) en 40500-02 (coffee table).

2.17

Eichholtz heeft zich op het standpunt gesteld dat [gedaagde] met (i) het onder zich houden van (in elk geval) twaalf Kimberly-tafels, (ii) de in r.o. 2.13 genoemde foto’s op de website en Facebookpagina en (iii) het op de markt brengen van de Emerald-tafels het onder 5.1 van het kortgedingvonnis van 14 augustus 2015 opgelegde verbod heeft overtreden en daarmee dwangsommen heeft verbeurd. Bij exploit van 9 november 2015 heeft Eichholtz dit aan [gedaagde] laten aanzeggen en aanspraak gemaakt op betaling van een bedrag van € 430.000,- aan verbeurde dwangsommen.

2.18

[gedaagde] heeft zich hierop tot de voorzieningenrechter van deze rechtbank gewend en gevorderd – samengevat – de executie van het kortgedingvonnis van 14 augustus 2015 te schorsen totdat in een (op dat moment nog niet aanhangige) bodemprocedure over het al dan niet verbeurd zijn van dwangsommen zal zijn beslist.

2.19

Bij vonnis van 28 december 2015 heeft de voorzieningenrechter in dit executiegeschil kort gezegd geoordeeld dat een redelijke uitleg van het op 14 augustus 2015 opgelegde verbod meebrengt dat [gedaagde] met het onder zich houden van een aantal Kimberly-tafels en de foto’s op haar website en haar Facebookpagina geen dwangsommen heeft verbeurd. Ten aanzien van de Emerald-tafels heeft hij vooropgesteld dat de draagwijdte van een ruim geformuleerd verbod dient te worden beperkt tot handelingen waarvan in ernst niet kan worden betwijfeld dat deze inbreuk opleveren. Aangezien over de vraag of de Emerald-tafels geen andere algemene indruk wekken dan de modellen van Eichholtz een serieus debat mogelijk is, kan naar zijn voorlopig oordeel dan ook niet worden gezegd dat [gedaagde] met deze tafels het verbod heeft overtreden. Op deze gronden heeft de voorzieningenrechter vervolgens de incasso van dwangsommen op grond van de gestelde overtredingen ter zake van:

de foto’s van de Kimberly-tafels die tot 22 september 2015 op de website en Facebookpagina van [gedaagde] hebben gestaan;

het in voorraad hebben van Kimberly-tafels zonder dat sprake is van het oogmerk tot verhandeling; en

het aanbieden van de Emerald-tafels

geschorst.

2.20

Op 29 juli 2015 bood de firma Home & Lifestyle Landhuys (hierna: Landhuys) op de website www.hetlandhuys.nl de ‘ [gedaagde] Occassional Table Kimberly 65x65x56 cm stem/white marble’ te koop aan voor € 795,-.

2.21

In november 2015 heeft Eichholtz geconstateerd dat [gedaagde] foto’s van acht producten uit de collectie van Eichholtz op haar website [de website] had geplaatst. Het ging daarbij om foto’s (door Eichholtz aangeduid als ‘productfoto’s’) van de side tables Monte Carlo en St. Etienne, de column St. Etienne, de desk accessory Andante, de boxes Rocabar L en M en de hurricanes Merrick S en L, die door [gedaagde] werden aangeboden onder andere namen. Bedoelde productfoto’s waren gemaakt in opdracht van Eichholtz. Nadat Eichholtz tegen het gebruik van deze foto’s bezwaar had gemaakt, heeft [gedaagde] deze onmiddellijk van haar website verwijderd.

3 Het geschil

3.1

Eichholtz vordert in deze procedure (letterlijk weergegeven):

A. Voor recht te verklaren dat de Kimberly-tafels en de Emerald-tafels van [gedaagde] inbreuk maken op het auteursrecht en het gemeenschapsmodellenrecht, dan wel het niet-ingeschreven gemeenschapsmodellenrecht op de Asscher tafels, dan wel een slaafse nabootsing zijn van de Asscher tafels, en dat [gedaagde] door het commercieel gebruiken en/of het aanbieden en/of op de markt brengen en/of verhandelen en/of voor commercieel gebruik in voorraad houden van de Kimberly en Emerald-tafels inbreuk maakt op voornoemde rechten op de Asscher-tafels en onrechtmatig handelt jegens Eichholtz;

B. [gedaagde] te veroordelen om binnen 24 uur na betekening van het in deze te wijzen vonnis te (doen) staken en gestaakt te (doen) houden iedere inbreuk op de auteurs- en/of gemeenschapsmodellenrechten of het niet geregistreerde gemeenschapsmodellenrecht op de bijzettafel en koffietafel Asscher van Eichholtz, dan wel het slaafs (doen) nabootsen van de bijzettafel en koffietafel Asscher van Eichholtz, in het bijzonder [gedaagde] te verbieden de bijzettafel en koffietafel Asscher van Eichholtz openbaar te (doen) maken en/of te (doen) verveelvoudigen en tafels die identiek zijn aan of in overwegende mate lijken op de bijzettafel en koffietafel Asscher van Eichholtz te (doen) gebruiken en/of te (doen) fabriceren en/of te (doen)

aanbieden en/of te (doen) verhandelen en/of in voorraad te (doen) houden en/of te (doen) verkopen en/of te (doen) leveren en/of te (doen) importeren en/of te (doen) exporteren en/of te (doen) verhuren en/of uit te (doen) lenen en/of op welke titel dan ook te (doen) verhandelen en/of in het verkeer te (doen) brengenen/of te (doen) verspreiden via (direct)mailings en/of via emails, en/of via een catalogus en/of via een website of sociale media die vrij toegankelijk zijn voor het publiek dan wel op een andere wijze, in alle landen van de Europese Unie, dan wel subsidiair in Nederland, zulks op straffe van een direct opeisbare dwangsom van € 10.000,= voor elke overtreding en voor iedere dag dat deze overtreding voortduurt, met een maximum van € 500.000,=;

C. [gedaagde] te veroordelen om binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis aan mr. N.D.R. Nefkens, [adres] , [postcode+plaats] , onder overlegging van kopieën van offertes en/of facturen en/of bankafschriften en/of andere relevante documenten of bescheiden, een schriftelijke, door een onafhankelijk registeraccountant gecontroleerde en gewaarmerkte opgave te verstrekken van:

a. het aantal vervaardigde, ingekochte en verkochte inbreukmakende tafels;

b. de kostprijs, de inkoopprijs en de verkoopprijs van de inbreukmakende tafels, alsmede de door gedaagde met de verkoop van de inbreukmakende tafels gemaakte bruto en netto winst, berekend volgens de variabele kostprijsberekeningsmethode;

c. de namen, adressen, telefoon- en faxnummers, web- en e-mailadressen van de afnemers, niet zijnde particulieren, van de inbreukmakende tafels;

d. de namen, adressen, telefoon- en faxnummer(s), web- en emailadressen van de fabrikant(en), (mede)importeur(s), tussenperso(o)n(en), agent(en) en leverancier(s) van de inbreukmakende tafels;

e. de namen, adressen, telefoon- en faxnummers(s), web- en emailadressen van de media waarop ten behoeve van reclame of anderszins de inbreukmakende tafels door gedaagde is/zijn geplaatst;

f. de voorraad inbreukmakende tafels, brochures, prijslijsten en/of ander promotiemateriaal waarmee de inbreukmakende tafels aangeboden worden, op het moment van de betekening van de dagvaarding, het vonnis en de dag der algehele voldoening;

D. [gedaagde] te veroordelen om binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis alle inbreukmakende tafels terug te halen bij de afnemers, niet zijnde particulieren, en deze binnen dertig dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis aan Eichholtz af te staan, ter vernietiging op kosten van gedaagde, zonder dat Eichholtz daarvoor een vergoeding verschuldigd is;

E. [gedaagde] te veroordelen om binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis afgifte te doen aan Eichholtz van de aanwezige voorraad van inbreukmakende tafels, ter vernietiging door Eichholtz op kosten van gedaagde, zonder dat Eichholtz daarvoor een vergoeding verschuldigd is;

F. [gedaagde] te veroordelen om binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis afgifte te doen aan Eichholtz van de aanwezige voorraad van brochures, prijslijsten en/of ander promotiemateriaal waarmee de inbreukmakende tafels worden aangeboden, ter vernietiging door Eichholtz op kosten van gedaagde, zonder dat Eichholtz daarvoor een vergoeding verschuldigd is;

het gevorderde onder C, D, E en F op straffe van een direct opeisbare dwangsom van € 5.000,= voor elke overtreding en voor iedere dag dat deze overtreding voortduurt, met een maximum van €500.000,=;

G. [gedaagde] te veroordelen om binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis haar met de verkoop van de inbreukmakende tafels gemaakte winst af te dragen;

H. [gedaagde] te veroordelen tot vergoeding van de door Eichholtz geleden schade, indien de schade hoger is dan de door [gedaagde] af te dragen winst, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

I. [gedaagde] te veroordelen om binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis een bedrag van € 500.000, (vijfhonderdduizend euro) aan verbeurde dwangsommen te betalen, dan wel een bedrag dat uw rechtbank in goede justitie bepaalt;

J. De Benelux modelrechten van [gedaagde] ten aanzien van de Emerald tafels, inschrijvingsnummers 40500-01 en 40500-02 nietig te verklaren;

K. [gedaagde] te veroordelen om de kosten van deze procedure aan Eichholtz te betalen, meer in het bijzonder de volledige door Eichholtz gemaakte proces- en buitengerechtelijke kosten, ex artikel 1019h Rv ;

3.2

Aan deze vorderingen legt Eichholtz zakelijk weergegeven het volgende ten grondslag:

- De beide Asscher-tafels zijn ontworpen door de directeur van Eichholtz, de heer [A] . De tafels hebben een eigen, oorspronkelijk karakter en dragen het persoonlijk stempel van de maker, zodat zij auteursrechtelijk beschermd zijn. Bovendien zijn de tafels nieuw en hebben zij ook een eigen karakter in de zin van de GModVo, zodat zij ook modelrechtelijk worden beschermd.

- In de vormgeving van de Kimberly-tafels zijn nagenoeg alle kenmerkende elementen van de Asscher-tafels overgenomen, waardoor sprake is van dezelfde totaalindruk in de zin van de Auteurswet. Modelrechtelijk wekken de Kimberly-tafels bij de geïnformeerde gebruiker ook geen andere algemene indruk dan de Asscher-tafels. Met het aanbieden van de Kimberly-tafels maakt [gedaagde] dan ook inbreuk op het aan Eichholtz toekomende auteursrecht en Gemeenschapsmodelrecht op de Asscher-tafels. [gedaagde] heeft de Kimberly-tafels onmiskenbaar ontleend aan de Asscher-tafels.

- Het voorgaande geldt ook voor de Emerald-tafels. Deze tafels wijken slechts in zo geringe mate af van de Kimberly-tafels en de Asscher-tafels, dat deze eveneens zijn te beschouwen als inbreukmakend op het auteursrecht en Gemeenschapsmodelrecht van Eichholtz. Ook hier zijn bijna alle kenmerkende elementen overgenomen, waardoor de totaalindruk (nog steeds) overeenstemt en de Emerald-tafels bij de geïnformeerde gebruiker geen andere indruk zullen wekken. De Benelux-modelregistraties zijn dan ook nietig.

- Los daarvan zijn de Kimberly-tafels en de Emerald-tafels te beschouwen als slaafse nabootsingen van de Asscher-tafels. De Asscher-tafels hebben een eigen plaats in de markt. [gedaagde] is daar te dicht tegen aangekropen en heeft nagelaten te doen wat redelijkerwijs nodig en noodzakelijk is om verwarring te voorkomen. [gedaagde] heeft op het punt van de vormgeving geen andere weg ingeslagen, hoewel dat mogelijk was zonder afbreuk te doen aan de deugdelijkheid en bruikbaarheid van haar tafels.

- [gedaagde] was van het inbreukmakend karakter van haar tafels op de hoogte. In elk geval had zij dat als professionele partij moeten zijn. Daarmee heeft zij toerekenbaar onrechtmatig gehandeld, zodat zij aansprakelijk is voor de schade die Eichholtz dientengevolge heeft geleden. In dat kader dient [gedaagde] ook de onrechtmatig genoten winst af te dragen.

- Anders dan de voorzieningenrechter heeft geoordeeld, heeft [gedaagde] met de foto’s op haar website en Facebookpagina wel degelijk het in het kortgedingvonnis van 14 augustus 2015 opgelegde inbreukverbod overtreden. Deze foto’s moeten worden gezien als commerciële uitingen waarmee bij het publiek de indruk wordt gewekt dat de Kimberly-tafels nog steeds worden verhandeld. Ook het in voorraad houden van twaalf Kimberly-tafels en het aanbieden van de Emerald-tafels is in strijd met het inbreukverbod. [gedaagde] heeft op grond van deze drie overtredingen wel degelijk dwangsommen verbeurd, die inmiddels het gestelde maximum van € 500.000,- ruim overstijgen.

- [gedaagde] heeft zonder toestemming acht productfoto’s die in opdracht van Eichholtz zijn gemaakt, gekopieerd en op haar website geplaatst. Ook hiermee wordt inbreuk gemaakt op het auteursrecht van Eichholtz. De schade die hierdoor is geleden, kan forfaitair worden gesteld op € 350,- per foto.

3.3

[gedaagde] heeft verweer gevoerd. Hetgeen zij daartoe naar voren heeft gebracht, zal hierna, voor zover van belang, nader aan de orde komen.

4 De beoordeling

Bevoegdheid

4.1

[gedaagde] is gevestigd in Nederland. Voorzover de vorderingen zijn gegrond op de gestelde inbreuken op de Gemeenschapsmodelrechten is de rechtbank Den Haag daarmee op grond van de artikelen 80 lid 1 en 81 aanhef en onder a GModVo en artikel 3 Uitvoeringswet EG-verordening betreffende Gemeenschapsmodellen bij uitsluiting bevoegd daarvan kennis te nemen. Voor zover de vorderingen zijn gegrond op het ingeroepen auteursrecht, het gestelde onrechtmatig handelen en de gestelde overtredingen van het in het kortgedingvonnis van 14 augustus 2015 opgelegde verbod, volgt de bevoegdheid daarvan kennis te nemen uit de omstandigheid dat [gedaagde] is gevestigd binnen het arrondissement Den Haag. [gedaagde] heeft de bevoegdheid van deze rechtbank ook niet bestreden.

Inbreuk modelrechten en auteursrecht

4.2

Eichholtz heeft haar vorderingen onder A en B van het petitum aldus ingekleed dat zij vastgesteld wenst te zien (i) dat de Asscher-tafels niet alleen worden beschermd door de Gemeenschapsmodelrechten, maar ook door het auteursrecht en (ii) dat [gedaagde] zowel met de Kimberly-tafels als met de Emerald-tafels inbreuk op deze rechten maakt. De rechtbank zal beide grondslagen dan ook beoordelen. Vooraf wordt daarbij het volgende overwogen.

- Geldigheid modelrechten

4.3

[gedaagde] voert onder meer als verweer dat Eichholtz niet de ontwerper van de beide Asscher-tafels is en dat deze tafels in het licht van het hierna nader te bespreken ‘vormgevingserfgoed’ niet nieuw zijn en geen eigen karakter hebben. Voor zover zij daarmee de (rechtsgeldigheid van de) modelrechten van Eichholtz wil bestrijden, dienen deze verweren aanstonds te worden gepasseerd. Ingevolge artikel 85 lid 1 GModVo kan de rechtsgeldigheid van de modelrechten in een zaak als hier aan de orde immers alleen worden aangevochten door het instellen van een daartoe strekkende vordering in reconventie. Nu [gedaagde] een dergelijke vordering niet heeft ingesteld, dient de rechtbank in dit geding uit te gaan van de geldigheid van de beide modellen.

- Auteursrecht: maker

4.4

Voorzover [gedaagde] met haar stelling dat Eichholtz niet de ontwerper is, tevens heeft willen betwisten dat Eichholtz als ‘maker’ in de zin van de Auteurswet (en daarmee als auteursrechthebbende) van de beide Asscher-tafels kan worden aangemerkt, wordt dit als onvoldoende gemotiveerd verworpen. De overgelegde ontwerptekeningen vermelden als ontwerper de heer [A] , van wie onweersproken is komen vast te staan dat hij in loondienst is van Eichholtz. Los daarvan heeft Eichholtz de beide tafels in elk geval als van haar afkomstig openbaar gemaakt. Bij die stand van zaken lag het dan ook op de weg van [gedaagde] om gemotiveerd en specifiek aan te geven dat het ontwerp niettemin van een ander afkomstig was, dan wel dat de openbaarmaking door Eichholtz onrechtmatig is geweest. De enkele stelling dat Eichholtz volgens een ex-werknemer “nooit zelf ontwerpen maakt, maar altijd kopieert” en dat de datering van de ontwerptekeningen “niet geloofwaardig is” volstaat daartoe niet.

- Auteursrecht: eigen, oorspronkelijk karakter en persoonlijk stempel

4.5

De rechtbank begrijpt het verweer van [gedaagde] dat de Asscher-tafels niet nieuw zijn en geen eigen karakter hebben aldus, dat daarmee tevens wordt betwist dat op deze tafels auteursrecht zou rusten omdat deze in het licht van het door [gedaagde] aangedragen ‘vormgevingserfgoed’ niet voldoen aan de auteursrechtelijk werktoets, dat wil zeggen dat zij geen eigen, oorspronkelijk karakter hebben en niet het persoonlijk stempel van de maker dragen.

4.6

De rechtbank overweegt dienaangaande als volgt.

4.7

[gedaagde] heeft in het kader van het ‘vormgevingserfgoed’ in de eerste plaats gewezen op de Asscher-cut als zodanig, die al bestaat sinds 1902 en sindsdien niet alleen wordt gebruikt als slijpvorm voor diamanten, maar ook in vele gebruiksvoorwerpen, waaronder meubels. Van deze ‘vele gebruiksvoorwerpen’ heeft [gedaagde] echter geen enkel voorbeeld bijgebracht. Wel heeft zij als productie 4 een aantal afbeeldingen van enkele tafels overgelegd. Deze voorbeelden dienen echter buiten beschouwing te blijven nu [gedaagde] tegenover de stellige betwisting door Eichholtz niets heeft gesteld waaruit zou kunnen blijken dat deze tafels reeds voor september 2014 waren geopenbaard. Zij heeft daarvan ook geen bewijs aangeboden.

4.8

Daarnaast heeft [gedaagde] gewezen op een tafel die één van haar medewerkers in februari 2014 heeft gezien bij de meubelzaak Beymen in Istanbul (verder: de ‘Beymen-tafel’) en de ‘Sultana-tafels’ van de firma Hamliton Conte in Parijs. Deze tafels zien er als volgt uit (de Beymen-tafel links en de Sultana-tafels rechts):

Ten aanzien van deze tafels is wel genoegzaam gebleken dat zij al voor september 2014 op de markt waren, zodat de rechtbank deze in haar beoordeling zal kunnen betrekken.

4.9

Mede afgezet tegen dit vormgevingserfgoed is de rechtbank van oordeel dat Eichholtz op de beide Asscher-tafels auteursrecht kan doen gelden. Weliswaar zijn de Beymen-tafel en de Sultana-tafels eveneens achthoekig, maar de zijdes van zowel het frame als het blad van deze tafels zijn in tegenstelling tot die van de Asscher-tafels alle gelijk. Bovendien hebben de Beymen-tafel en de Sultana-tafels ten opzichte van de Asscher-tafels meer horizontale verbindingen, waardoor, van opzij gezien, aan alle zijdes drie vlakken ontstaan, in plaats van twee vlakken bij de Asscher-tafels. Tot slot springt meteen in het oog dat de Beymen-tafel en de Asscher-tafels geen bodemplaat hebben. Dit alles bij elkaar maakt dat de Asscher-tafels een geheel andere ruimtelijke indruk wekken en zich duidelijk onderscheiden van het door [gedaagde] gepresenteerde ‘Umfeld’. Dit onderscheid is, zoals door Eichholtz ook voldoende uiteen is gezet, terug te voeren op meerdere creatieve keuzes tijdens het ontwerpproces. De Asscher-tafels hebben daarmee een eigen, oorspronkelijk karakter en dragen het persoonlijk stempel van de maker.

- Kimberly: inbreuk modelrechten?

4.10

Aangenomen dat de modelrechten geldig zijn, heeft [gedaagde] zich ten aanzien van de vraag of beide Kimberly-tafels inbreuk maken op de modelrechten van Eichholtz gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Dit oordeel luidt als volgt.

4.11

Met de voorzieningenrechter is de rechtbank van oordeel dat de modellen van Eichholtz worden gekenmerkt door de combinatie van de volgende elementen:

Vormgeving op basis van de zogeheten Asscher-cut, een slijpvorm voor diamanten.

Een relatief kleine bodemplaat van een marmer- of steensoort;

Een relatief groot bovenblad van glas;

Een goud- of nikkelkleurig frame;

Een open (leeg) en licht karakter.

4.12

Al deze kenmerken keren terug in de Kimberly-tafels, die in feite een min of meer exacte kopie zijn van de beide modellen. De Kimberly-tafels zullen bij de relevante maatman, de geinformeerde gebruiker, dan ook geen andere algemene indruk wekken. Daarmee is de inbreuk gegeven.

- Kimberly: inbreuk auteursrecht?

4.13

Nu het hier gaat om een werk van toegepaste kunst dient de inbreukvraag te worden beantwoord aan de hand van het zogenoemde totaalindrukkencriterium. Onder toepassing van deze maatstaf is de rechtbank van oordeel dat in de beide Kimberly-tafels vrijwel alle auteursrechtelijk beschermde trekken van de Asscher-tafels zijn overgenomen, en wel zodanig dat de totaalindrukken van de tafels overeenkomen.

4.14

De mate van gelijkenis is bovendien van dien aard dat ook mag worden uitgegaan van de vereiste ontlening. Eichholtz heeft de Asscher-tafels immers reeds begin september 2014 geopenbaard op de M&O en [gedaagde] heeft niet weersproken dat zij vlak bij de stand van Eichholtz aanwezig was met een eigen stand en aldus meteen kennis heeft genomen van deze tafels. Weliswaar stelt [gedaagde] dat zij op dat moment in China al twaalf proefexemplaren van de beide Kimberly’s had besteld, maar zij heeft daarbij niet kunnen aangeven wanneer dat precies is gebeurd. Gedateerde tekeningen, opdrachten en/of instructies zijn niet overgelegd. Dat, zoals in de conclusie van antwoord besloten lijkt te liggen, de leverancier in China aan de slag is gegaan aan de hand van een foto van de Beymen-tafel is niet bepaald aannemelijk, nu de Kimberly-tafels daarvan aanzienlijk afwijken. Gelet hierop ziet de rechtbank ook geen aanleiding [gedaagde] op dit punt toe te laten tot (tegen)bewijslevering. [gedaagde] heeft dit overigens ook niet aangeboden.

- Emerald: inbreuk modelrechten?

4.15

Vergelijking van de beide Emerald-tafels met de door Eichholtz ingeroepen modelregistraties leert dat deze weliswaar een zekere gelijkenis vertonen, maar dat diverse kenmerken van de modellen niet zijn terug te vinden in de Emerald-tafels. Het meest in het oog springt daarbij dat de typische lijnen en vlakken van de Asscher-cut (kenmerk a) niet duidelijk in de Emerald-tafels zijn te zien, hetgeen, naar [gedaagde] afdoende heeft aangetoond, is terug te voeren op het feit dat de vormgeving is gebaseerd op een andere slijpvorm voor diamanten, de zogeheten ‘Emerald-cut’. Met name door de aanwezigheid van een aantal schuin lopende verbindingen in het onderstel ontstaat een duidelijk ander lijnenspel. Dit lijnenspel is goed zichtbaar een geeft de Emerald, ondanks de eveneens open constructie, een minder open en licht karakter (kenmerk e van de modellen). Het geheel komt ook ‘drukker’ en gedrongener over. Daar komt bij dat de bodemplaten van de beide Emerald-tafels zichtbaar anders van vorm zijn dan die van de modellen. Bij alle tafels is de bodemplaat weliswaar achthoekig, maar bij de modellen oogt deze rechthoekig terwijl deze bij de Emerald-tafels een ruitvormige indruk maakt. Tot slot heeft Eichholtz niet voldoende weersproken dat de beide Emerald-tafels uitsluitend worden aangeboden met een rosé-kleurig frame en een donker, rookglazen bovenblad, zodat ook de kenmerken c) en d) niet (meer) volledig in deze tafels zijn overgenomen.

4.16

Gelet op dit alles bij elkaar is de rechtbank van oordeel dat de beide Emerald-tafels meer zijn dan een variant op de (inbreukmakende) Kimberly-tafels met enkele ondergeschikte wijzigingen. De vormgeving van de Emerald-tafels is zodanig anders dat deze bij de geïnformeerde gebruiker een andere algemene indruk wekken dan de beide Gemeenschapsmodellen. Van inbreuk op de modelrechten van Eichholtz is daarmee geen sprake.

- Emerald: inbreuk auteursrecht?

4.17

Om dezelfde redenen als hiervoor vermeld, is de rechtbank van oordeel dat de Emerald-tafels evenmin inbreuk maken op het auteursrecht op de beide Asscher-tafels. Door de vormgeving van haar tafels te baseren op de Emerald-cut wijken deze tafels zodanig af, dat niet kan worden gezegd dat de totaalindrukken overeenkomen. [gedaagde] heeft daarmee voldoende afstand genomen van de Asscher-tafels.

Slaafse nabootsing

4.18

De rechtbank begrijpt de vorderingen onder A en B en hetgeen daaraan ten grondslag is gelegd aldus dat Eichholtz deze grondslag slechts subsidiair in stelling brengt. Hiervan uitgaande behoeft het beroep op slaafse nabootsing ten aanzien van de Kimberly-tafels dan ook geen bespreking, nu de rechtbank de primair ingeroepen modelrechtelijke en auteursrechtelijke grondslag reeds gegrond heeft bevonden.

4.19

Voor wat betreft de Emerald-tafels overweegt de rechtbank op dit punt het volgende. Gelet op de aard van de betrokken producten is voor een geslaagd beroep op het leerstuk van de slaafse nabootsing in elk geval vereist dat de Asscher-tafels onderscheidend vermogen hebben, hetgeen in dit verband inhoudt dat het uiterlijk van deze tafels zich zodanig onderscheidt dat deze tafels op de markt een eigen plaats innemen. Eichholtz heeft dit weliswaar gesteld, maar vervolgens nagelaten tegenover het verweer van [gedaagde] – dat mede een stellige betwisting van deze stelling inhoudt – nader uiteen te zetten waarom dit zou moeten worden aangenomen. Het beroep op slaafse nabootsing moet dan ook reeds om deze reden sneuvelen. De rechtbank merkt daarbij volledigheidshalve nog op dat aan nadere bewijslevering gezien het voorgaande niet wordt toegekomen, waarbij overigens ook hier geldt dat een voldoende concreet aanbod van die strekking ontbreekt.

Dwangsommen verbeurd?

4.20

Nu de beide Emerald-tafels geen inbreuk maken op de Gemeenschapsmodellen van Eichholtz heeft [gedaagde] met het aanbieden van deze tafels het in het kortgedingvonnis van 14 augustus 2015 aan haar opgelegde inbreukverbod niet overtreden. In zoverre heeft [gedaagde] dan ook geen dwangsommen verbeurd.

4.21

Naar het oordeel van de rechtbank heeft [gedaagde] evenmin dwangsommen verbeurd in verband met het feit dat op haar website en haar Facebookpagina nog enige tijd foto’s met daarop de Kimberly-tafel te zien zijn geweest en in verband met het feit dat zij een aantal Kimberly-tafels op voorraad zou hebben gehouden. Daartoe wordt het volgende overwogen.

4.22

De beantwoording van de vraag of behoorlijk uitvoering is gegeven aan een rechterlijk bevel en of, in het verlengde daarvan, al dan niet dwangsommen zijn verbeurd, dient volgens vaste jurisprudentie te worden beantwoord door hetgeen ter uitvoering van het vonnis is verricht te toetsen aan de inhoud van de veroordeling, zoals deze door uitleg moet worden vastgesteld. Gaat het, zoals hier, om een ruim geformuleerd verbod, dan geldt daarbij dat de draagwijdte daarvan dient te worden beperkt tot handelingen waarvan in ernst niet kan worden betwijfeld dat zij, mede gelet op de gronden waarop het verbod is gegeven, een overtreding daarvan opleveren.

4.23

In zijn kortgedingvonnis van 28 december 2015 heeft de voorzieningenrechter zijn eigen verbod aldus uitgelegd dat de strekking daarvan eerst en vooral was om de (dreigende) verhandeling van de Kimberly-tafels te stoppen, derhalve dat deze tafels niet meer ter verkoop aan het publiek zouden worden aangeboden. Tegen deze achtergrond is de rechtbank met de voorzieningenrechter van oordeel dat [gedaagde] met de gewraakte foto’s het verbod niet heeft overtreden en dus ook geen dwangsommen heeft verbeurd. Het gaat bij deze foto’s niet om foto’s waarop de Kimberly-tafels specifiek en prominent worden getoond, maar om sfeerfoto’s die als onderdeel van een carrousel een impressie geven van de showroom van [gedaagde] en de aard en stijl van haar collectie. Op de meeste foto’s zijn de Kimberly-tafels ook slechts gedeeltelijk zichtbaar en de naam en de prijs worden nergens genoemd. Eichholtz heeft bovendien niet, althans onvoldoende gemotiveerd weersproken dat [gedaagde] de Kimberly-tafels na het kortgedingvonnis van 14 augustus 2015 meteen uit het aanbod in haar webshop heeft verwijderd en bij die stand van zaken acht de rechtbank het ook genoegzaam aannemelijk dat het feit dat de gewraakte foto’s nog enige tijd op de website en de Facebookpagina zijn blijven staan, louter aan een vergissing te wijten is geweest. Van het in strijd met het verbod ‘aanbieden’ van de Kimberly-tafels is dan ook geen sprake geweest.

4.24

Ten aanzien van het in voorraad houden van een aantal Kimberly-tafels heeft [gedaagde] gesteld dat zij deze tafels na het kortgedingvonnis van 14 augustus 2015 heeft afgescheiden van haar reguliere handelsvoorraad en sindsdien in een loods elders in Nederland achter slot en grendel bewaart in afwachting van de uitkomst van deze bodemprocedure. Eichholtz heeft dit niet weersproken. Bovendien heeft Eichholtz, zoals hiervoor werd overwogen, niet, althans niet voldoende gemotiveerd weersproken dat [gedaagde] na het kortgedingvonnis de verkoop van de Kimberly-tafels onmiddellijk heeft gestaakt. Gelet op de strekking van het opgelegde verbod valt naar het oordeel van de rechtbank dan ook in redelijkheid niet vol te houden dat [gedaagde] zich daarmee schuldig heeft gemaakt aan het in voorraad houden van de Kimberly-tafels met het doel deze in het economisch verkeer te brengen. De rechtbank acht daarbij van belang dat de voorzieningenrechter de door Eichholtz gevorderde afgifte ter vernietiging van de in voorraad gehouden gehouden tafels heeft afgewezen en dat aan [gedaagde] ook niet de verplichting is opgelegd deze aan Eichholtz of een derde in bewaring te geven.

Productfoto’s

4.25

Op dit punt heeft [gedaagde] aangevoerd dat zij in het petitum geen op het gewraakte gebruik van de in r.o. 2.21 genoemde foto’s gerichte vordering heeft kunnen ontdekken, zodat zij ervan uitgaat dat Eichholtz dit gebruik uitsluitend naar voren heeft gebracht om haar (verder) zwart te maken. Naar de rechtbank begrijpt, stelt [gedaagde] zich op het standpunt dat dit verwijt daarom verder als niet relevant buiten beschouwing kan worden gelaten.

4.26

Dit standpunt moet worden verworpen. Lezing van de dagvaarding leert dat Eichholtz in nr. 27 uitdrukkelijk aanspraak maakt op vergoeding van de schade die zij stelt te hebben geleden als gevolg van de inbreuk op het auteursrecht op de foto’s. Ter comparitie heeft zij er daarbij desgevraagd op gewezen dat die aanspraak kan worden gebracht onder H van het petitum. Zo al niet kan worden gezegd dat [gedaagde] redelijkerwijs had moeten begrijpen dat het verwijt omtrent het gebruik van de productfoto’s meer on het lijf had dan louter met modder gooien, dan is haar dit in elk geval ter zitting duidelijk geworden. Het gebruik van de foto’s en de op grond daarvan geclaimde schade is vervolgens ter comparitie ook inhoudelijk besproken, zodat [gedaagde] zich daartegen ook afdoende heeft kunnen verweren.

4.27

Inhoudelijk heeft [gedaagde] niet besteden dat de foto’s kunnen worden aangemerkt als een werk in de zin van de Auteurswet, dat Eichholtz de auteursrechthebbende is en dat Eichholtz geen toestemming heeft gegeven voor het gebruik van die foto’s. Daarmee is de inbreuk in beginsel gegeven. Ter zitting heeft [gedaagde] nog wel naar voren gebracht dat zij de foto’s aangeleverd heeft gekregen van Decoline, de leverancier van de daarop afgebeelde producten. Indien zij daarmee heeft willen betogen dat deze inbreuk haar niet kan worden toegerekend omdat zij niet wist en ook niet behoefde te weten dat het auteursrecht bij Eichholtz berustte, kan haar dat niet baten. Als professionele partij in een branche waar rechten van intellectuele eigendom regelmatig aan de orde zijn, had [gedaagde] bedacht dienen te zijn op auteursrechtelijke kwesties rond de foto’s en daar tenminste bij Decoline naar dienen te vragen. Dat zij dit heeft gedaan, is niet gesteld en is ook niet anderszins gebleken. Daarmee kan [gedaagde] zich er in elk geval niet op beroepen dat zij niet behoefde te weten dat het auteursrecht niet bij een ander dan Decoline berustte en er vanuit mocht gaan dat het wel goed zat.

4.28

[gedaagde] heeft ook niet betwist dat Eichholtz schade heeft geleden. Volgens Eichholtz kan deze schade forfaitair worden begroot op een bedrag van € 2.800,-. Nu [gedaagde] ook hiertegen geen inhoudelijk verweer heeft gevoerd, zal de rechtbank Eichholtz hierin volgen.

De vorderingen

4.29

Op grond van al het voorgaande overweegt de rechtbank ten aanzien van de ingestelde vorderingen als volgt.

4.30

Nu hiervoor werd geoordeeld dat (alleen) de Kimberly-tafels inbreuk maken op de modelrechten en het auteursrecht van Eichholtz met betrekking tot de Asscher-tafels kan het onder B gevorderde verbod in de hierna te melden vorm worden toegewezen. Eichholtz heeft voldoende belang bij dit verbod. Uit het dossier komt immers naar voren dat partijen directe concurrenten zijn, die zich (over en weer) met enige regelmaat door elkaars producten laten ‘inspireren’ en daarbij de grenzen opzoeken.

4.31

Eichholtz heeft niet gemotiveerd welk afzonderlijk belang zij naast toewijzing van dit verbod en de hierna te bespreken nevenvorderingen nog heeft bij de onder A gevorderde verklaring voor recht. Deze vordering zal daarom bij gebrek aan belang worden afgewezen.

4.32

Zoals hiervoor werd overwogen, kan de inbreuk op de modelrechten en het auteursrecht aan [gedaagde] worden toegerekend. De onder G gevorderde winstafdracht en de onder H gevorderde schadevergoeding kunnen daarmee worden toegewezen. Ten aanzien van de onder H eveneens gevorderde schadevergoeding wegens het gebruik van de productfoto’s kan verwijzing naar de schadestaatprocedure achterwege blijven, nu deze, zoals hiervoor werd overwogen, bij gebrek aan inhoudelijk verweer aanstonds kan worden begroot op € 2.800,-. De rechtbank zal dit bedrag reeds nu toewijzen.

4.33

Gegeven de vastgestelde inbreuk en het recht op winstafdracht en/of schadevergoeding zijn ook de onder C tot en met F gevorderde nevenvoorzieningen toewijsbaar als nader in het dictum bepaald. Gelet op het feit dat één van de Kimberly-tafels in elk geval ook door het Landhuys (vgl. r.o. 2.20) te koop is aangeboden, heeft Eichholtz daarbij ook voldoende belang. Op dit moment valt immers niet volledig uit te sluiten dat er wellicht meer tafels in omloop zijn dan [gedaagde] stelt. De onder C gevorderde verklaring van een registeraccountant zal de rechtbank evenwel niet toewijzen. Dit deel van het gevorderde houdt in wezen een opdracht in voor het geven van een vorm van assurance door een registeraccountant. De rechtbank is er ambtshalve mee bekend dat een registeraccountant, zeker als dat de huisaccountant is van degene die opgave dient te doen, die zekerheid echter niet kan geven. Toewijzing zou dan ook al snel tot executieproblemen kunnen leiden. Een minder verstrekkende opdracht tot het maken een ‘rapport van feitelijke bevindingen’ biedt geen extra zekerheid omdat de accountant daarin volgens zijn gedragsregels geen conclusies mag trekken. Gelet op deze zeer beperkte zekerheid die een accountant aldus kan geven in aanvulling op de ter staving van de opgave te verstrekken bescheiden en naast de op te leggen dwangsom, rechtvaardigt dat niet de aanzienlijke kosten die met het inschakelen van een accountant gemoeid zullen zijn.

4.34

De gevorderde dwangsommen zullen worden gematigd en gemaximeerd als hierna vermeld.

4.35

Nu hiervoor werd overwogen en beslist dat [gedaagde] het in het kortgedingvonnis van 14 augustus 2015 niet heeft overtreden en bijgevolg ook geen dwangsommen heeft verbeurd, zal de vordering onder I worden afgewezen.

4.36

Hetzelfde geldt voor de onder J gevorderde nietigverklaring van de Benelux-modelrechten met betrekking tot de beide Emerald-tafels. Uit hetgeen hiervoor werd overwogen en beslist ten aanzien van de vraag of deze tafels inbreuk maken op de modelrechten en het auteursrecht van Eichholtz volgt immers dat de nietigheidsgronden van artikel 3.23 van het Benelux-verdrag inzake de intellectuele eigendom niet aan de orde zijn.

4.37

Gelet op de diverse beslissingen hebben partijen over en weer als de in het ongelijk gestelde partij te gelden. De rechtbank ziet daarom aanleiding de proceskosten te compenseren, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt.

5 Beslissing

De rechtbank:

5.1

veroordeelt [gedaagde] om binnen 24 uur na betekening van dit vonnis iedere inbreuk op de Gemeenschapsmodelrechten en het auteursrecht van Eichholtz op de coffee table Asscher en de side table Asscher te (doen) staken en gestaakt te (doen) houden, en verbiedt [gedaagde] in het bijzonder tafels die bij de geïnformeerde gebruiker geen andere algemene indruk wekken dan de in dit geding bedoelde Gemeenschapsmodellen en/of bij het publiek geen andere totaalindruk wekken dan voornoemde coffee table en side table te (doen) fabriceren en/of te (doen) aanbieden en/of te (doen) verhandelen en/of in voorraad te (doen) houden en/of te (doen) verkopen en/of te (doen) leveren en/of te (doen) exporteren en/of te (doen) verhuren en/of te (doen) lenen en/of onder welke titel dan ook in het verkeer te (doen) brengen, zulks in alle landen van de Europese Unie en op straffe van een dwangsom van € 5.000,- per overtreding of per dag, zulks ter keuze van Eichholtz, met een maximum van € 250.000,-;

5.2

Veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis aan mr. N.D.R. Nefkens, [adres] , [postcode+plaats] , onder overlegging van kopieën van offertes en/of facturen en/of bankafschriften en/of andere relevante documenten of bescheiden, een schriftelijke opgave te verstrekken van:

het aantal vervaardigde, ingekochte en verkochte inbreukmakende Kimberly-tafels;

de kostprijs, de inkoopprijs en de verkoopprijs van de inbreukmakende Kimberly-tafels, alsmede de door gedaagde met de verkoop van de inbreukmakende Kimberly-tafels gemaakte bruto en netto winst, berekend volgens de variabele kostprijsberekeningsmethode;

de namen, adressen, telefoon- en faxnummers, web- en e-mailadressen van de afnemers, niet zijnde particulieren, van de inbreukmakende Kimberly-tafels;

e namen, adressen, telefoon- en faxnummer(s), web- en emailadressen van de fabrikant(en), (mede)importeur(s), tussenperso(o)n(en), agent(en) en leverancier(s) van de inbreukmakende Kimberly-tafels;

de namen, adressen, telefoon- en faxnummers(s), web- en emailadressen van de media waarop ten behoeve van reclame of anderszins de inbreukmakende Kimberly-tafels door gedaagde is/zijn geplaatst;

de voorraad inbreukmakende Kimberly-tafels en de voorraad brochures, prijslijsten en/of ander promotiemateriaal waarin de inbreukmakende Kimberly-tafels aangeboden worden, op het moment van de betekening van de dagvaarding, en op de datum het vonnis en de dag der algehele voldoening;

5.3

Veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis alle inbreukmakende Kimberly-tafels terug te halen bij de afnemers, niet zijnde particulieren, en deze binnen dertig dagen na betekening van dit vonnis aan Eichholtz af te staan, ter vernietiging op kosten van [gedaagde] , zonder dat Eichholtz daarvoor een vergoeding verschuldigd is;

5.4

Veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis aan Eichholtz afgifte ter vernietiging te doen van de thans aanwezige voorraad inbreukmakende Kimberly-tafels, waarbij [gedaagde] de aan de vernietiging verbonden kosten zal dienen te voldoen;

5.5

Veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis aan Eichholtz afgifte ter vernietiging te doen van de aanwezige voorraad brochures, prijslijsten en/of ander promotiemateriaal waarmee de inbreukmakende Kimberly-tafels worden aangeboden, waarbij [gedaagde] de aan de vernietiging verboden kosten zal dienen te voldoen;

5.6

Verbindt aan de veroordelingen onder 5.2 tot en met 5.5 een direct opeisbare dwangsom van € 1.000,= voor elke overtreding en voor iedere dag dat deze overtreding voortduurt, met een maximum van € 100.000,=;

5.7

Veroordeelt [gedaagde] de met de inbreukmakende Kimberly-tafels behaalde winst aan Eichholtz af te dragen, nader op te maken bij staat;

5.8

Veroordeelt [gedaagde] aan Eichholtz te vergoeden de nader bij staat op te maken schade die Eichholtz heeft geleden als gevolg van de in r.o 5.1 bedoelde inbreuk(en), doch uitsluitend indien en voor zover deze schade groter is dan de in r.o. 5.7 bedoelde winst;

5.9

Veroordeelt [gedaagde] om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis aan Eichholtz tegen behoorlijk bewijs van kwijting te voldoen een bedrag van € 2.800,-;

5.10

Verklaart dit vonnis voor wat betreft de veroordelingen onder 5.1 tot en met 5.9 uitvoerbaar bij voorraad;

5.11

Wijst al het meer of anders gevorderde af;

5.12

Compenseert de proceskosten, in de zin dat partijen ieder hun eigen kosten zullen dragen;

Dit vonnis is gewezen door mr. J.A. van Dorp en in het openbaar uitgesproken op 26 april 2017.

Verordening (EG) nr. 6/2002 van de Raad van 12 december 2001 betreffende Gemeenschapsmodellen.

Vgl. Rechtbank Den Haag 20 juli 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:8293


Juridisch advies nodig?

Heeft u een juridisch probleem of een zaak die u wilt voorleggen aan een gespecialiseerde jurist of advocaat ?
Neemt u dan gerust contact met ons op en laat uw zaak vrijblijvend beoordelen.

Stel uw vraag


naar boven      |      zoeken      |      uitgebreid zoeken

Recente vacatures

Meer vacatures | Plaats vacature